• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
Sta mij tenslotte toe, eerbiedwaardige en dierbare broeders, dat ik deze overdenkingen die bedoeld waren om slechts een paar vraagstukken nader uit te diepen, nu afsluit. Bij het uitwerken van deze gedachten, heeft mij heel het werk voor ogen gestaan dat het Tweede Vaticaans Concilie verricht heeft, en heb ik tevens nauwkeurig aandacht besteed aan de encycliek H. Paus Paulus VI - Encycliek
Mysterium Fidei
Over de leer en de verering van de Heilige Eucharistie
(3 september 1965)
die Paulus VI nog tijdens het Concilie heeft uitgevaardigd, evenals aan alle documenten die na dit Concilie zijn uitgegeven ter doorvoering van de na-conciliaire liturgische vernieuwing. Er bestaat immers een zeer nauwe en organische samenhang tussen de vernieuwing van de liturgie en het herstel van heel het kerkelijk leven.

De kerk is immers in de liturgie niet slechts handelend bezig, maar zij drukt zichzelf in de liturgie uit, zij leeft vanuit de liturgie en put uit de liturgie haar levenskracht. Daarom is een liturgische vernieuwing die op een juiste manier en in de geest van het Tweede Vaticaans Concilie wordt doorgevoerd, in zekere zin zowel de maatstaf als de voorwaarde voor het in praktijk brengen van de leer van deze Algemene Synode. Deze leer willen wij met een diep geloof aanvaarden, overtuigd als wij zijn dat de Heilige Geest door dit Concilie 'tot de kerk' waarheden 'gesproken heeft' en aanwijzingen heeft gegeven die haar zouden kunnen helpen bij haar zending onder de mensen van vandaag en morgen.

Wij zullen dan ook in de toekomst met bijzondere zorg de vernieuwing van de kerk blijven bevorderen en volgen, volgens de leer van het Tweede Vaticaans Concilie en in de geest van een altijd levende traditie. Want tot het wezen van een juist begrepen traditie hoort evenzeer een juiste herlezing van de 'tekenen van de tijd', wat van ons vraagt dat wij uit de rijke schat van de openbaring 'oud en nieuw tevoorschijn halen'. (Mt. 13, 52) Door in deze geest en volgens deze raad van het Evangelie te werk te gaan, heeft het Tweede Vaticaans Concilie met wijze voorzichtigheid zich ervoor ingespannen om het gelaat van de kerk in de heilige liturgie te herstellen. Meermaals is zij daarbij immers teruggegaan naar wat 'oud en eerbiedwaardig' is, naar wat uit de erfenis van de vaderen stamt en de uitdrukking vormt van het geloof en de leer van de kerk die al zoveel eeuwen één is gebleven. Om ook in de toekomst de voorschriften van het Concilie op het terrein van de liturgie ten uitvoer te kunnen brengen, in het bijzonder wat de eucharistische eredienst betreft, is ten zeerste een ijverige en behulpzame samenwerking nodig tussen het dicasterie van de Apostolische Stoel waaronder de liturgie valt en de afzonderlijke bisschoppenconferenties: een samenwerking die tegelijk waakzaam en creatief dient te zijn. Onze aandacht dient daarbij nu eens op de verhevenheid van dit allerheiligst mysterie gericht te zijn, en dan weer op de geestelijke stromingen en sociale veranderingen die voor onze tijd zo belangrijk zijn, want deze laatste zijn niet enkel af en toe een bron van moeilijkheden, maar zij bereiden de mensen er ook op voor om op een nieuwe manier aan dit verheven geheim van het geloof deel te nemen.

Wat ik echter vóór alles wil onderstrepen, dat is dat de problemen met betrekking tot de liturgie, en met name in verband met de liturgie van de Eucharistie, op geen enkele wijze aanleiding mogen zijn tot verdeeldheid onder de Katholieken en tot een ondermijning van de eenheid van de Kerk. Een dergelijke eis vloeit zelfs al voort uit een elementaire kennis van dit sacrament dat Christus ons heeft nagelaten als een bron van geestelijke eenheid. Hoe zou de Eucharistie, die in de kerk toch juist 'het sacrament van de godsvrucht, het teken van de eenheid en de band van de liefde' H. Augustinus, In Iohannis Evangelium Tractatus. 26, 13: PL 35 1612f in deze tijd een muur van verdeeldheid tussen ons kunnen oprichten, en stof kunnen verschaffen tot onenigheid in denken en doen, terwijl zij het allereerste en grondleggende middelpunt zou moeten zijn voor de eenheid van de kerk zelf, wat zij krachtens haar wezen ook echt is?

Wij allemaal staan in gelijke mate als schuldenaars tegenover onze Verlosser. Allemaal dienen wij dan ook te luisteren naar die Geest van waarheid en liefde die Hij aan zijn kerk beloofd beeft en die ook metterdaad in haar werkt. Omwille van deze waarheid en liefde, en tevens uit naam van de gekruisigde Christus zelf en van zijn Moeder, smeek en bezweer ik u: laten wij, met achterlating van alle twist en verdeeldheid, ons gezamenlijk aaneensluiten voor deze verheven en heilbrengende, zending, die zowel de prijs is als de vrucht van onze verlossing. De Apostolische Stoel zal van haar kant alles doen wat haar mogelijk is om ook in de toekomst naar middelen te zoeken om de hier besproken eenheid te dienen. Laat echter ieder van zijn kant vermijden door zijn handelwijze 'de Heilige Geest te bedroeven'. (Ef. 4, 30)

Opdat tenslotte deze eenheid, en de aanhoudende en geordende samenwerking die tot die eenheid voert, met volharding mogen worden voortgezet, smeek ik voor ieder van ons op mijn knieën om het licht van de Heilige Geest, op voorspraak van Maria, zijn heilige bruid en moeder van de Kerk. En terwijl ik u allen uit het diepst van mijn hart zegen, richt ik mij nog een keer met een broederlijke groet en vol vertrouwen tot u, eerbiedwaardige en dierbare broeders in het bisschopsambt. Laten wij, verbonden door die collegiale eenheid waaraan wij deelhebben, alles in het werk stellen opdat de Eucharistie meer en meer een bron van leven en licht mag worden voor de gewetens van onze broeders en zusters in elke gemeenschap binnen de universele eenheid van de kerk van Christus op aarde.

Door broederlijke liefde aangespoord verleen ik u en al uw broeders in het priesterschap tenslotte van harte mijn apostolische zegen.

Vanuit het Vaticaan, 24 februari 1980, de eerste zondag van de Veertigdagentijd, het tweede jaar van mijn pontificaat.

Paus Johannes Paulus II

Document

Naam: DOMINICAE CENAE
Het Mysterie en de Eredienst van de Heilige Eucharistie - Brief aan de Bisschoppen bij gelegenheid van Witte Donderdag 1980
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Brief
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 24 februari 1980
Copyrights: © 1980, Libreria Editrice Vaticana / Stichting Verkondiging, Roermond
Vert.: Past. Chr. v. Buijtenen, pr.
Bewerkt: 7 november 2019

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2020, Stg. InterKerk, Schiedam