• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
Heeft de mens een aparte plaats in de schepping?

Ja. De mens is het hoogtepunt van de schepping, omdat God hem naar zijn beeld (Gen. 1, 27) geschapen heeft. Catechismus-Compendium, Catechismus van de Katholieke Kerk (15 aug 1997), 343-344.353

De schepping van de mens is duidelijk onderscheiden van de schepping van andere levende wezens. De mens is persoon, dat wil zeggen, hij kan met wil en verstand voor of tegen de liefde kiezen.

Hoe moet de mens zich gedragen tegenover dieren en andere medeschepselen?

De mens moet in de schepselen de Schepper eren en zorgzaam en betrouwbaar met hen omgaan. Mensen, dieren en planten hebben eenzelfde Schepper, die hen uit liefde in het leven geroepen heeft. Daarom is liefde voor dieren heel diep menselijk. Catechismus-Compendium, Catechismus van de Katholieke Kerk (15 aug 1997), 344.354

De mens mag weliswaar planten en dieren benutten en eten, maar het is hem niet toegestaan dieren te kwellen of ze op oneigenlijke manier te houden. Dat is in tegenspraak met de waardigheid van de schepping, net zo goed als uitbuiting van de aarde uit blinde hebzucht dat is.

Wat betekent dat wij mensen als ‘evenbeeld van God’ geschapen zijn?

Anders dan de levenloze materie, de planten en de dieren is de mens een persoon die met geest is toegerust. Deze eigenschap verbindt hem meer met God dan met zijn zichtbare medeschepselen. Catechismus-Compendium, Catechismus van de Katholieke Kerk (15 aug 1997), 355-357.380

De mens is niet ‘iets’, maar ‘iemand’. Zoals wij zeggen dat God persoon is, zo zeggen wij dat ook over de mens. Een mens kan verder denken dan zijn eigen horizon, hij kan het bestaan in volle breedte overzien; hij kan ook kritisch afstand nemen van zichzelf en aan zichzelf werken; hij kan anderen zien als persoon, hen als zodanig in hun waarde erkennen en hen liefhebben. Van alle zichtbare schepselen is alleen de mens in staat ‘zijn Schepper te erkennen en lief te hebben’ 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk in de wereld van deze tijd, Gaudium et Spes (7 dec 1965), 12. 3. Het is de bestemming van de mens in vriendschap met zijn Schepper te leven (Joh. 15, 15).

Waartoe heeft God de mens geschapen?

God heeft alles met het oog op de mens gemaakt. Maar de mens zelf, ‘het enige schepsel dat God omwille van zichzelf gewild heeft’ 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk in de wereld van deze tijd, Gaudium et Spes (7 dec 1965), 24, heeft Hij geschapen opdat hij zalig zou worden. Dat gebeurt doordat hij God erkent, Hem liefheeft, Hem dient en dankbaar tegenover zijn Schepper leeft. Catechismus-Compendium, Catechismus van de Katholieke Kerk (15 aug 1997), 358

Dankbaarheid is blij zijn met liefde. Wie dankbaar is, wendt zich in vrijheid tot Degene die de oorsprong is van het goede en verbindt zich in een nieuwe, diepere relatie met Hem. God wil graag dat wij zijn liefde erkennen en in dit leven al geheel op Hem betrokken zijn. Die verbondenheid met Hem houdt eeuwig stand.

Waarom is Jezus het grootste voorbeeld dat wij hebben?

Jezus Christus is uniek, omdat Hij ons niet alleen Gods ware aard toont, maar ook de mens in zijn ideale gedaante. Catechismus-Compendium, Catechismus van de Katholieke Kerk (15 aug 1997), 358-359.381

Jezus was meer dan een ideale mens. Zelfs ogenschijnlijk ideale mensen zijn zondaars. Daarom kun je aan geen enkel mens afmeten wat een mens moet zijn. Maar Jezus was zonder zonde. Wat mens zijn betekent en waarom een mens uiteindelijk iemand is om oneindig veel van te houden, kun je pas zien in Jezus Christus, die ‘net als wij, in elk opzicht op de proef is gesteld, met dit verschil dat Hij niet vervallen is tot zonde’ (Heb. 4, 15, b). Jezus, de Zoon van God, is de mens zoals hij ten diepste is. Aan Hem zien wij hoe God de mens gewild heeft.

Wat is het dat alle mensen aan elkaar gelijk maakt?

Alle mensen zijn gelijk omdat zij dezelfde oorsprong hebben in de ene, scheppende liefde van God. Alle mensen worden gered door Jezus Christus. Alle mensen zijn voorbestemd voor het geluk en de eeuwige heerlijkheid in God. Catechismus-Compendium, Catechismus van de Katholieke Kerk (15 aug 1997), 360-361

Daarom zijn alle mensen broeders en zusters van elkaar. Christenen moeten proberen, niet alleen in solidariteit met andere christenen, maar met alle mensen, de racistische, seksistische en economische verdeeldheid van de ene mensenfamilie met kracht tegen te gaan.

Wat is de ziel?

De ziel is dat wat elk van ons tot mens maakt: zijn geestelijke levensbeginsel, zijn innerlijk. De ziel maakt dat het stoffelijke lichaam een levend, menselijk lichaam is. Door zijn ziel is de mens een wezen dat ‘ik’ kan zeggen, hij staat daardoor als een uniek individu voor Gods aangezicht. Catechismus-Compendium, Catechismus van de Katholieke Kerk (15 aug 1997), 362-365.382

Mensen zijn wezens met een lichaam en een geest. De menselijke geest is meer dan een functie van het lichaam en kan niet verklaard worden uit de materiële conditie van de mens. Het verstand zegt ons: er moet een geestelijk beginsel zijn, dat weliswaar aan dit lichaam gebonden is, maar er niet mee samenvalt. Dat noemen wij ‘ziel’. Hoewel de ziel langs natuurwetenschappelijke weg niet bewezen kan worden, kun je de mens niet als geestelijk wezen begrijpen, als je niet zo een geestelijk beginsel aanvaardt dat de materie overstijgt.

Van wie heeft de mens zijn ziel ontvangen?

De menselijke ziel wordt rechtstreeks door God geschapen en niet door ouders ‘voortgebracht’. Catechismus-Compendium, Catechismus van de Katholieke Kerk (15 aug 1997), 366-368.382

De menselijke ziel kan niet het product zijn van een evolutionaire ontwikkeling uit de materie, en ook niet het gevolg van een genetische verbinding tussen vader en moeder. Het mysterie dat er met ieder mens telkens weer een unieke, geestelijke persoon in de wereld komt, drukt de Kerk als volgt uit: God geeft hem een ziel die niet sterft, ook als de mens zijn lichaam in de dood verliest, om het bij de verrijzenis terug te vinden. Als je zegt: ik heb een ziel, betekent dat: God heeft mij niet alleen als wezen geschapen, maar als persoon die geroepen is om in een nooit meer eindigende relatie met Hem te staan.

Waarom heeft God de mens als man en vrouw geschapen?

God, die liefde is en het oerbeeld van gemeenschap, heeft de mens als man en vrouw geschapen opdat zij tezamen zijn beeld en gelijkenis vormen. Catechismus-Compendium, Catechismus van de Katholieke Kerk (15 aug 1997), 369-373.383

God heeft de mens zo gemaakt dat hij als man en vrouw verlangt naar vervulling en eenheid in de ontmoeting met het andere geslacht. Mannen en vrouwen zijn absoluut gelijkwaardig, maar brengen door de creatieve ontvouwing van hun man- en vrouw-zijn verschillende aspecten tot uitdrukking van Gods volmaakte wezen. God is geen man en ook geen vrouw, maar Hij heeft zich wel vaderlijk (Lc. 6, 36) en moederlijk (Jes. 66, 13) getoond. In de liefde tussen man en vrouw, met name in de huwelijksgemeenschap, waarin man en vrouw ‘één van lichaam’ (Gen. 2, 24) worden, mogen mensen iets ervaren van het geluk van de definitieve volheid die de vereniging met God meebrengt. Net zoals Gods liefde trouw is, zo probeert ook hun liefde trouw te zijn; en die liefde is scheppend zoals bij God, want uit hun huwelijk ontstaat nieuw leven.

Document

Naam: YOUCAT
Jongerencatechismus van de Katholieke Kerk - met een woord vooraf door Paus Benedictus XVI
Soort: Catechismus-Compendium
Datum: 29 november 2010
Copyrights: © 2011-2013, 3e Druk - Uitgeverij Lannoo nv (voor de Nederlandse vertaling)
Bewerkt: 4 augustus 2020

Opties

Internetadres
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2021, Stg. InterKerk, Schiedam