• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
Als medewerkers van de bisschop zijn de priesters, krachtens het sacrament van de wijding geroepen de zorg voor de missie met hem te delen. “De geestelijke gave die de priesters bij de wijding hebben ontvangen, rust hen niet uit voor een begrensde of beperkte zending, maar voor een zeer ruime en universele heilszending ‘tot het uiteinde der aarde’ (...). Want iedere priesterlijke bediening deelt in de universele en wereldomspannende zending die door Christus aan zijn apostelen is toevertrouwd” 2e Vaticaans Concilie, Decreet, Over het leven en dienst van de priester, Presbyterorum Ordinis (7 dec 1965), 10 Vgl. 2e Vaticaans Concilie, Decreet, Over de missie-activiteit van de Kerk, Ad Gentes Divinitus (7 dec 1965), 39. Om deze reden moet de vorming zelf van de kandidaten voor het priesterschap ernaar streven hun “die waarlijk katholieke geest” te geven “waardoor zij zich eraan wennen de grenzen van hun eigen bisdom, volk of ritus te overschrijden en de noden van de gehele Kerk bij te staan, in hun hart bereid om het evangelie overal te prediken” Vgl. 2e Vaticaans Concilie, Decreet, Over de priesteropleiding, Optatam Totius Ecclesiae (28 okt 1965), 20 Vgl. Congregatie voor de Evangelisatie van de Volkeren, Voor diocesane priesters van kerken afhankelijk van de Congregatie voor de Evangelisatie van de Volkeren, Pastorale Gids (1 okt 1989). Alle priesters moeten hart hebben voor de missie, openstaan voor de noden van de Kerk en van de wereld en aandacht hebben voor de verst verwijderden en vooral de niet-christelijke groeperingen in hun eigen omgeving. In het gebed en vooral in het eucharistisch offer moeten zij de zorg van heel de Kerk voor de gehele mensheid voelen.

Speciaal de priesters in streken met een christelijke minderheid moeten gedreven worden door een bijzondere ijver en inzet voor de zending. De Heer vertrouwt hun niet alleen de zielzorg van de christelijke gemeenschap toe, maar ook en vooral de evangelisatie van hun landgenoten die geen deel uitmaken van zijn kudde. Zij “zullen niet nalaten zich concreet ter beschikking van de Heilige Geest en de bisschop te stellen om uitgezonden te worden voor de prediking van het evangelie buiten de grenzen van hun eigen land. Dat zal niet slechts rijpheid van roeping in hen vragen, maar ook een buitengewoon vermogen om zich los te maken van het eigen vaderland, het eigen volk en de eigen familie, en een bijzondere geschiktheid om zich met intelligentie en respect in te passen in de andere culturen” H. Paus Johannes Paulus II, Toespraak, Tot de deelnemers aan de plenaire vergadering van de Congregatie voor de Evangelisatie van de Volkeren (1989) (14 apr 1989), 4.

Document

Naam: REDEMPTORIS MISSIO
Over de blijvende geldigheid van de missie-opdracht
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Encycliek
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 7 december 1990
Copyrights: © 1991 - Stichting R.K. Voorlichting
Bewerkt: 29 november 2017

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam