• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

DECREET OVER HET TABERNAKEL, VOOR HET BEWAREN VAN DE HEILIGE EUCHARISTIE

De Heilige Eucharistie met de grootste luister te bewaren, is steeds een nauwgezette en waakzame zorg van de heilige Moederkerk geweest. Deze bezorgdheid nu is in de loop der tijden op verschillende wijzen in praktijk gebracht. Sindsdien heeft de steeds groeiende devotie van de gelovigen voor de Eucharistie de plaats, waar het Lichaam des Heren wordt bewaard, tot het middelpunt gemaakt van een bloeiend christelijk leven. Om echter misbruiken te voorkomen en opdat alles volgens de regels geschiede, heeft het bevoegde Gezag meermalen verschillende documenten, decreten en wetten uitgevaardigd, waarin de plaats, vorm en gewoonte van het bewaren van de Eucharistie werden vastgelegd. Deze alle vat de Wetboek
Codex Iuris Canonici (1917) (27 mei 1917)
samen in de volgende woorden in Wetboek
Codex Iuris Canonici (1917) (27 mei 1917)
: "De allerheiligste Eucharistie moet bewaard worden op de verhevenste en edelste plaats van de Kerk, en daarom als regel op het hoofdaltaar". En in Wetboek
Codex Iuris Canonici (1917) (27 mei 1917)
: "De allerheiligste Eucharistie moet bewaard worden in een onverplaatsbaar tabernakel dat midden op het altaar geplaatst is".

Onlangs echter heeft Onze Heilige Vader Paus Pius XII in zijn Paus Pius XII - Toespraak
Vous nous avons demandé
Tot de Kardinalen, prelaten en priesters, die hebben deelgenomen aan het Internationaal Congres voor pastorale liturgie te Assisi
(22 september 1956)
hebben bijgewoond, op 22 september 1956 gehouden, enige meer op de voorgrond tredende punten van de leer en praktijk van de Kerk omtrent de werkelijke tegenwoordigheid van Christus de Heer in het tabernakel helder uiteengezet, bepaalde moderne dwalingen verworpen en de oefeningen van godsvrucht jegens het Eucharistisch Sacrament, in de tabernakels bewaard, volgens de beproefde traditie van de Kerk, ten zeerste aanbevolen.

Met dit alles voor ogen heeft deze Heilige Ritencongregatie, krachtens de volmachten hem door onze Heer, door de Goddelijke Voorzienigheid Paus, Pius XII verleend, de volgende besluiten genomen:

De normen door de Wetboek
Codex Iuris Canonici (1917) (27 mei 1917)
omtrent het bewaren van de Heilige Eucharistie vastgesteld, moeten met zorg en eerbied worden onderhouden; en de plaatselijke Ordinarissen mogen niet nalaten hierop nauwlettend toe te zien.
Het tabernakel moet zo hecht met het Altaar verbonden zijn, dat het onverplaatsbaar wordt. Als regel worde het geplaatst op het hoofdaltaar, tenzij een ander altaar voor de verering van dit heilig sacrament gemakkelijker en passender schijnt te zijn, wat gewoonlijk het geval is in kathedrale, collegiale en conventuele kerken, waarin het koorgebed pleegt gebeden te worden; of soms in grotere heiligdommen opdat niet vanwege een bijzondere devotie van de gelovigen jegens het vereerde voorwerp, de allerhoogste eredienst aan het Allerheiligste Sacrament verschuldigd, in de schaduw komt te staan.
Op het altaar, waarop de Allerheiligste Eucharistie wordt bewaard, moet op gezette tijden het Misoffer worden opgedragen.
In de kerken, waarin slechts een altaar is, mag dit niet zo gebouwd worden, dat de priester moet celebreren met het gezicht naar het volk; wel moet op dit altaar in het midden het tabernakel geplaatst worden om de Allerheiligste Eucharistie te bewaren, gebouwd volgens de liturgische wetten, en in vorm en afmeting een zulk verheven Sacrament waardig.
Het tabernakel moet van alle kanten volledig gesloten zijn en zo zeer beveiligd, dat ieder gevaar voor ontheiliging geweerd wordt.
Het tabernakel moet ten tijde dat de heilige gedaanten er in worden bewaard, met een conopeum overdekt zijn en, volgens de aloude traditie van de Kerk, moet er een eeuwig licht voor branden.
Het tabernakel moet wat de vorm betreft overeenkomen met de stijl van altaar en kerk; het mag niet te veel afwijken van de vormen die tot nu toe gebruikelijk zijn geweest; het mag niet vereenvoudigd worden tot de vorm van een simpele bus, maar het moet op de een of andere manier een echte verblijfplaats van God bij de mensen voorstellen; het mag niet versierd worden met ongebruikelijke symbolen en figuren, of zulke welke de verwondering van de gelovigen opwekken, of verkeerd kunnen worden verstaan of die geen verband houden met het Allerheiligst Sacrament.
Streng verboden worden eucharistische tabernakels buiten het altaar zelf geplaatst, b.v. in de wand, of ter zijde, of achter het altaar of in huisjes of kolommen van het altaar verwijderd.
Een tegenstrijdige gewoonte, hetzij wat betreft de wijze van bewaren van de Eucharistie, hetzij wat betreft de vorm van het tabernakel, mag niet worden verondersteld, tenzij het gaat over een honderdjarige of immemorabile gewoonte Vgl. Wetboek, Codex Iuris Canonici (1917) (27 mei 1917), 62. canon 62, par. 2, zoals b.v, in het geval van sommige tabernakels die als een toren of een huisje zijn gebouwd. Deze vormen mogen echter niet worden nagemaakt.
Besluit

Alle hiermede strijdige bepalingen hebben geen kracht van wet.

Rome, 1 juni 1957.

C. Kardinaal Cicognani, prefect

A. Carinci, secretaris

Document

Naam: DECREET OVER HET TABERNAKEL, VOOR HET BEWAREN VAN DE HEILIGE EUCHARISTIE
Soort: Congregatie voor de Riten
Auteur: Gaetano Kard. Cicognani
Datum: 1 juni 1957
Copyrights: © 1957, Katholiek Archief jrg. 12, n. 35, pag. 837-838
Bewerkt: 21 januari 2015

Referenties naar dit document

 
Geen documenten gevonden!
 
Geen berichten gevonden!

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam