• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
In deze context wordt het nu mogelijk het begrip “privé openbaring” juist te verstaan, dat betrekking heeft op alle visioenen en alle openbaringen die plaats hebben na de afsluiting van het Nieuwe Testament; het betreft dus de categorie waarbinnen wij de boodschap van Fatima moeten plaatsen. Beginnen wij met wat de Catechismus-Compendium
Catechismus van de Katholieke Kerk
(15 augustus 1997)
hierover zegt: “In de loop der eeuwen zijn er zogenaamde ‘bijzondere of privé openbaringen geweest, waarvan er sommige door het gezag van de kerk erkend zijn. (...) Hun rol is het niet de definitieve openbaring van Christus (...) ‘aan te vullen’, maar te helpen deze voller te beleven in een bepaald tijdperk van de geschiedenis” Catechismus-Compendium, Catechismus van de Katholieke Kerk (15 aug 1997), 67. Twee elementen worden aldus verhelderd:
  1. Het gezag van privé openbaringen verschilt wezenlijk van het gezag van de ene publieke openbaring: deze laatste vereist ons geloof; inderdaad, door bemiddeling van menselijke woorden en van de levende gemeenschap van de Kerk spreekt God zelf daarin tot ons. Het geloof in God en in Zijn woord onderscheidt zich van ieder ander geloof, overtuiging of menselijke opinie. De zekerheid dat God spreekt geeft mij de zekerheid dat ik de waarheid zelf ontmoet, en aldus een zekerheid die door geen enkele menselijke vorm van kennis kan geverifieerd worden. Het is de zekerheid waarop ik mijn leven bouw en waaraan ik mij bij mijn sterven toevertrouw.
  2. De privé openbaring is een hulp voor het geloof en zij toont zich geloofwaardig juist omdat zij verwijst naar de ene publieke openbaring. Kardinaal Prospero Lambertini, de toekomstige Paus Benedictus XIV, zegt hierover in zijn klassieke uiteenzetting, die nadien bepalend geworden is voor zaligverklaringen en heiligverklaringen: “Een instemming van het katholieke geloof komt niet door openbaringen die op die manier goedgekeurd worden; dat is zelfs niet mogelijk. Deze openbaringen vereisen eerder een instemming van menselijk geloof dat overeenstemt met de regels van de voorzichtigheid, die ze ons voorstellen als waarschijnlijk en geloofwaardig in een geest van vroomheid”. De Vlaamse theoloog E. Dhanis, eminent kenner van deze kwestie, zegt samenvattend dat de goedkeuring van een privé openbaring door de Kerk drie elementen bevat: de betreffende boodschap bevat niets dat tegengesteld is aan het geloof en de goede zeden; het is geoorloofd ze publiek te maken en de geloven hebben de toelating er op voorzichtige manier mee in te stemmen E. Dhanis, Regard sur Fatima et bilan d’une discussion, La Civiltà cattolica 104 (1953, II), pp. 392-406, bijzonder p. 397. Een dergelijke boodschap kan een waardevolle hulp zijn om het Evangelie op het actuele ogenblik te begrijpen en beter te beleven; om die reden moet ze niet verwaarloosd worden. Ze is een hulp die aangeboden wordt, maar waarvan men niet verplicht is gebruik te maken.

Document

Naam: THEOLOGISCH COMMENTAAR OP DE VERSCHIJNINGEN VAN FATIMA
Soort: Congregatie voor de Geloofsleer
Auteur: Joseph Kardinaal Ratzinger
Datum: 13 mei 2000
Copyrights: © 2003, Libreria Editrice Vaticana
© 2010 Vert.: Sorores Christi; alineaverdeling en -nummering: redactie
Bewerkt: 29 november 2017

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam