• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
Criteria omtrent beoordeling, op zijn minst waarschijnlijkheid en karakter van vermoedelijke verschijningen en openbaringen
  1. Positieve criteria:
    1. morele zekerheid of tenminste grote waarschijnlijkheid betreffende het bestaan van de feiten en verworven na een ernstig onderzoek
    2. bijzondere omstandigheden betreffende het bestaan en de aard van het feit
      1. persoonlijke eigenschappen van de persoon(onen), namelijk het psychisch evenwicht, de eerlijkheid en de rechtschapenheid van het morele leven, de! oprechtheid, de gewone volgzaamheid jegens het geestelijk gezag, de bekwaamheid het geloofsleven normaal te beleven, enz.
      2. wat de openbaringen betreft, hun eenvormigheid met de theologische leer en hun spirituele waarachtigheid, hun vrijstelling van enige dwaling
      3. een gezonde godsvrucht en steeds voortschrijdende spirituele vruchten (namelijk geest van gebed, bekeringen, het bewijs van naastenliefde, enz.)
  2. Negatieve criteria
    1. een kennelijke vergissing wat de feiten betreft
    2. doctrinale vergissingen die men aan God zelf zou toeschrijven, of aan de Heilige Maagd Maria of aan de H. Geest in hun openbaringen (evenwel rekening houdend met de mogelijkheid dat de persoon op eigen initiatief, weze het onbewust, aan een authentieke bovennatuurlijke openbaring zuiver menselijke elementen toevoegt die niettemin vrij van elke vergissing in de natuurlijke orde moeten blijven. Vgl. H. Ignatius van Loyola, Geestelijke Oefeningen. n.336
    3. een duidelijk streven naar winst i.v.m. de feiten
    4. zwaar immorele feiten gepleegd door de persoon of zijn intimi tijdens of in verband met de feiten
    5. psychische stoornissen of psychopathische neigingen van de persoon, dewelke een zekere invloed zouden kunnen hebben op het beweerd bovennatuurlijk feit of nog de psychose, de collectieve hysterie of andere factoren van dezelfde aard.

Het gaat erom de criteria, of ze nu positief of negatief zijn, te beschouwen als indicatieve normen en niet als definitieve argumenten en ze te bestuderen in hun veelheid en onderlinge betrokkenheid.

Document

Naam: NORMAE DE MODO PROCEDENDI IN DIUDICANDIS PRAESUMPTIS APPARITIONIBUS AC REVELATIONIBUS
Normen ter onderscheiding van echte of false verschijningen en openbaringen
Soort: Congregatie voor de Geloofsleer
Auteur: Franjo Kardinaal Seper
Datum: 25 februari 1978
Copyrights: © 2002, Werkvert.: Stichting VAAK
Bewerkt: 7 november 2019

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2020, Stg. InterKerk, Schiedam