• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
Gericht op het eeuwige leven
“Wat moet ik doen om het eeuwig leven te verwerven?” Deze vraag van de jongeling uit het evangelie lijkt veraf te staan van de aangelegenheden van veel hedendaagse jongeren, want, zoals mijn voorganger opmerkte “zijn wij niet de generatie waarvan de bestaanshorizon geheel gevuld wordt door de wereld en de tijdelijke vooruitgang?” H. Paus Johannes Paulus II, Apostolische Brief, Aan de jongeren in de wereld ter gelegenheid van het Internationale Jaar van de Jeugd, Dilecti amici - Bereid tot verantwoording (31 mrt 1985), 5. Maar de vraag aangaande het “eeuwige leven” komt in bijzondere pijnlijke ogenblikken van het bestaan naar boven, wanneer we te maken krijgen met het verlies van een naaste of mislukking ervaren.

Maar wat is het “eeuwige leven” waarnaar de rijke jongeling verwijst? Jezus illustreert dit voor ons, wanneer Hij tot zijn leerlingen zegt: “Wanneer Ik u zal weerzien, zal uw hart zich verheugen en uw vreugde zal niemand u kunnen ontnemen” (Joh. 16, 22). Het zijn woorden die wijzen op het opwindende aanbod van een geluk zonder einde, de vreugde van eeuwig overstelpt te worden met de goddelijke liefde.

Vragen naar de uiteindelijke toekomst die ieder van ons wacht, geeft een volle betekenis aan het bestaan, omdat het ons levensplan richt op horizonten die niet beperkt en van voorbijgaande aard zijn, maar groots en diepgaand, die ertoe leiden de door God zo beminde wereld te beminnen, ons aan de ontwikkeling ervan te wijden, maar altijd met de vrijheid en de vreugde die voortkomen uit geloof en hoop. Het zijn horizonten die helpen de aardse werkelijkheden niet te verabsoluteren, omdat men voelt dat God ons een ruimer perspectief biedt, en met St. Augustinus te zeggen: “Samen zoeken wij het hemelse vaderland, verlangen wij naar het hemelse vaderland, voelen wij ons hier pelgrims” H. Augustinus, In Iohannis Evangelium Tractatus. 35, 9. Met zijn blik gericht op het eeuwig leven, zei de zalige Pier Giorgio Frassati, die in 1925 op 24-jarige leeftijd stierf: “Ik wil leven en me niet erdoorheen slaan!”, en op een foto van een bergbeklimming, die hij naar een vriend stuurde, schreef hij: “naar boven”, een toespeling makend op de christelijke volmaaktheid, maar ook op het eeuwige leven.

Beste jongeren, ik spoor jullie aan om dit perspectief niet te vergeten in jullie levensplan: wij zijn geroepen tot de eeuwigheid. God heeft ons geschapen om eeuwig bij Hem te zijn. Dit zal jullie helpen een volle betekenis te geven aan jullie keuzes en kwaliteit aan jullie bestaan.

Document

Naam: GOEDE MEESTER, WAT MOET IK DOEN OM DEEL TE KRIJGEN AAN HET EEUWIG LEVEN? (MC. 10, 17)
25e Wereldjongerendag
Soort: Paus Benedictus XVI - Boodschap
Auteur: Paus Benedictus XVI
Datum: 22 februari 2010
Copyrights: © 2010, Libreria Editrice Vaticana
Vert.: Jongkatholiek.nl
Bewerkt: 7 november 2019

Opties

Internetadres
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2020, Stg. InterKerk, Schiedam