• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

H. FRANCISCUS VAN ASSISI

Geliefde broeders en zusters,
In een Paus Benedictus XVI - Audiëntie
De bedelordes (Franciscanen en Dominicanen)
(13 januari 2010)
heb ik reeds de providentiële rol geïllustreerd die de Orde der Minderbroeders en de Orde der Predikheren, respectievelijk gesticht door de heilige Franciscus van Assisi en de Paus Benedictus XVI - Audiëntie
H. Dominicus Guzman
(3 februari 2010)
, hadden voor de vernieuwing van de Kerk in hun tijd. Ik zou u vandaag de figuur willen voorstellen van Franciscus, een ware “reus” in heiligheid die zeer vele mensen van alle leeftijden en godsdiensten blijft fascineren.
“Aan de hemel verscheen een zon.” Met deze woorden haalt de uitzonderlijke Italiaanse dichter Dante Alighieri in zijn “Dante Alighieri
Divina Commedia
De Goddelijke Comedie ()
Dante Alighieri, De Goddelijke Comedie, Divina Commedia. Paradijs, Lied XI de geboorte van Franciscus voor de geest, die plaatshad in Assisi, einde 1181 of begin 1182. Hij behoorde tot een rijke familie – zijn vader was lakenhandelaar – en bracht zijn adolescentie en jeugd in zorgeloosheid door, vol van de ridderidealen van zijn tijd. Op de leeftijd van twintig nam hij deel aan een militair gevecht en werd gevangen genomen. Hij werd ziek en werd vrijgelaten. Eens terug in Assisi, begon in hem een langzaam proces van geestelijke ommekeer die hem er geleidelijk toe bracht de wereldse levensstijl achterwege te laten die hij tot dan geleid had. Van die periode dateren bekende gebeurtenissen zoals de ontmoeting met de melaatse aan wie Franciscus, die van zijn paard afgestegen was, een vredeskus gaf; en van de boodschap van de Gekruisigde in het kerkje van San Damiano. Tot drie keer toe werd de Christus op het kruis levend en zei hem: “Ga, Franciscus, en herstel Mijn kerk in verval”. Dit simpele gebeuren, het woord van de Heer horen in de kerk van San Damiano, bevat een diepe symboliek. De heilige Franciscus wordt geroepen dit kerkje onmiddellijk te herstellen, maar de bouwvallige staat van dit gebouw is het symbool van de dramatische en zorgwekkende situatie van de Kerk zelf in die tijd, met een oppervlakkig geloof dat het leven niet vormt noch omvormt, met een geestelijkheid die weinig ijver aan de dag legt, met een verkilling van de liefde; een innerlijke vernieling van de Kerk die ook het uiteenvallen van de eenheid met zich meebracht, met het ontstaan van ketterse bewegingen. Niettemin staat in het midden van die Kerk in verval, de Gekruisigde, en Hij spreekt: Hij roept op tot vernieuwing, Hij roept Franciscus op tot handenarbeid om de kleine kerk van San Damiano op een concrete manier te herstellen, symbool van de diepere roeping om de Kerk zelf van Christus te vernieuwen met de radicaliteit van zijn geloof en de begeestering van zijn liefde voor Christus. Dit gebeuren dat waarschijnlijk plaatshad in 1205, doet denken aan een ander gelijkaardig gebeuren uit 1207: de droom van Paus Innocentius III. Deze ziet in een droom dat de basiliek van Sint-Jan-in-Lateranen, de moederkerk van alle kerken, inzakt en een kleine en onbelangrijke religieus ondersteunt de kerk met zijn schouders zodat zij niet valt. Het is interessant enerzijds te noteren dat niet de Paus hulp brengt zodat de kerk niet instort, maar een kleine en onbelangrijke religieus in wie de Paus Franciscus herkent als deze hem bezoekt. Innocentius III was een machtige Paus, met een brede theologische cultuur en grote politieke macht, nochtans is hij het niet die de Kerk vernieuwt, maar de kleine en onbelangrijke religieus: de heilige Franciscus, door God geroepen. Het is anderzijds interessant te noteren dat de heilige Franciscus de Kerk niet vernieuwt zonder of tegen de Paus in, maar alleen in gemeenschap met hem. De twee realiteiten gaan samen: de opvolger van Petrus, de bisschoppen, de Kerk gesticht op de opvolging van de apostelen enerzijds en anderzijds het nieuwe charisma dat de Heilige Geest op dit moment schept om de Kerk te vernieuwen. Ware vernieuwing gebeurt door de twee samen.
Laat ons terugkeren naar het leven van de heilige Franciscus. Terwijl zijn vader Bernardone hem zijn overdreven edelmoedigheid voor de armen verwijt, ontdoet Franciscus zich tegenover de bisschop van Assisi met een symbolisch gebaar van zijn kleren, en toont zo zijn plan afstand te doen van het vaderlijk erfgoed: zoals op het ogenblik van de schepping, heeft Franciscus niets, alleen het leven dat God hem gegeven heeft, in wiens handen hij zich overgeeft. Daarna leeft hij als kluizenaar tot in 1208 een ander fundamenteel gebeuren op de weg van zijn bekering plaatsheeft. Luisterend naar een passage uit het Evangelie van Mattheüs – Jezus’ redevoering tot de apostelen die uitgezonden worden – voelt Franciscus zich geroepen om in armoede te leven en zich aan verkondiging te wijden. Andere gezellen sluiten zich bij hem aan; en in 1209 begeeft hij zich op weg naar Rome om het plan van een nieuwe vorm van christelijk leven voor te leggen aan Paus Innocentius III. Hij werd door deze grote Pontifex vaderlijk onthaald, die door de Heer verlicht, de Goddelijke oorsprong opmerkt van de beweging die door Franciscus in het leven was geroepen. De “Poverello” van Assisi had begrepen dat ieder charisma dat gegeven is door de Heilige Geest, ten dienste moet staan van het Lichaam van Christus, de Kerk; daarom handelt hij altijd in volle gemeenschap met het kerkelijk gezag. In het leven van de heiligen is geen tegenstelling tussen het charisma van profetie en het charisma van bestuur en wanneer zich spanningen voordoen, weten zij de tijd van de Heilige Geest geduldig af te wachten.

In werkelijkheid hebben bepaalde historici van de XIXe en zelfs van de laatste eeuw geprobeerd om achter de Franciscus van de traditie een zogenaamde historische Franciscus te creëren, zoals men achter de Jezus van de Evangelies een zogenaamde historische Jezus probeert te creëren. Deze historische Franciscus zou geen man van de Kerk geweest zijn, maar een man die rechtstreeks en uitsluitend met Christus verbonden was, een man die het volk Gods wou vernieuwen zonder canonieke vormen en zonder hiërarchie. De waarheid is dat de heilige Franciscus werkelijk een zeer directe band had met Jezus en het woord Gods dat hij “sine glossa”, zoals het is, in heel zijn radicaliteit en waarheid wou volgen. En het is ook waar dat hij aanvankelijk niet de bedoeling had een Orde in het leven te roepen met de nodige canonieke vormen, hij wou het volk Gods gewoon vernieuwen met Gods woord en de aanwezigheid van de Heer, hij wou het opnieuw oproepen om te luisteren naar het woord en Christus te gehoorzamen. Hij wist bovendien dat Christus nooit “van mij” is, maar dat Hij altijd “van ons” is, dat niet “ik” Christus kan hebben en ik “mij” niet kan opbouwen tegen de Kerk in, tegen haar wil en leer, doch uitsluitend binnen de gemeenschap van de Kerk die gebouwd is op de opvolging van de apostelen en die zich ook vernieuwt door gehoorzaamheid aan het woord van God.

En het is eveneens waar dat hij niet de bedoeling had een nieuwe orde in het leven te roepen, doch alleen het volk van God te vernieuwen voor de Heer die komt. Maar hij begreep met pijn en leed dat alles zijn ordening moet hebben, dat het recht van de Kerk ook voor hem noodzakelijk is om aan de vernieuwing vorm te geven en zo voegde hij zich werkelijk totaal, met zijn hart, in de gemeenschap van de Kerk, met de Paus en de bisschoppen. Hij heeft altijd geweten dat het centrum van de Kerk de Eucharistie is, waar het Lichaam van Christus en zijn Bloed aanwezig komen. Door het priesterschap is de Eucharistie de Kerk. Daar waar het priesterschap, Christus en de gemeenschap van de Kerk samengaan, alleen daar woont ook Gods woord. De ware historische Franciscus is de Franciscus van de Kerk en juist zo spreekt hij ook ongelovigen aan, gelovigen van andere belijdenissen en godsdiensten.
Franciscus en zijn broeders, die steeds talrijker werden, vestigden zich in Portiuncula of de kerk van Onze-Lieve-Vrouw van de Engelen, sacrale plaats bij uitstek van Franciscaanse spiritualiteit. Ook Clara, een jonge vrouw uit Assisi, uit een adellijke familie, ging bij Franciscus in de leer. Zo zag de tweede Franciscaanse orde het levenslicht, die van de Clarissen, een andere ervaring bestemd om opmerkelijke vruchten van heiligheid voor te brengen in de Kerk.

Ook de opvolger van Innocentius III, Paus Honorius III, steunde met zijn bulle “Paus Honorius III - Bul
Cum dilecti (11 juni 1218)
” van 1218 de bijzondere ontwikkeling van de eerste Minderbroeders die hun zending in verschillende landen van Europa begonnen waren, en tot in Marokko. In 1219 kreeg Franciscus de toelating in Egypte met de islamitische sultan, Melek-el-Kâmel te gaan spreken om ook daar het Evangelie van Jezus te verkondigen. Ik wens deze gebeurtenis uit het leven van de heilige Franciscus, die zeer actueel is, te benadrukken. In een periode van conflict tussen Christendom en islam, ging Franciscus die zich vrijwillig uitsluitend wapende met zijn geloof en persoonlijke zachtmoedigheid, de weg van de dialoog. De kronieken spreken ons van een welwillend en hartelijk onthaal door de islamitische sultan. Het is een model waaraan de relaties tussen Christenen en moslims zich vandaag nog zouden moeten inspireren: dialoog in waarheid, wederzijds respect en wederzijds begrip bevorderen. Vgl. 2e Vaticaans Concilie, Verklaring, Over de houding van de Kerk tegenover niet-christelijke godsdiensten, Nostra Aetate (28 okt 1965), 3 Het lijkt vervolgens dat Franciscus het Heilig Land bezocht heeft, waarmee hij zo een zaadje gestrooid heeft dat veel vrucht zou dragen: zijn geestelijke zonen waren namelijk de plaatsen waar Jezus een bevoorrechte context van hun zending beleefde. Ik denk vandaag met dankbaarheid aan de grote verdiensten van de Franciscaanse Custodie van het Heilig Land.

Terug in Italië, droeg Franciscus het bestuur van de Orde over aan zijn vicaris, broeder Pietro Cattani, terwijl de Paus de Orde die steeds meer leden kreeg, toevertrouwde aan de bescherming van kardinaal Ugolino, de toekomstige Paus Gregorius IX. De stichter die zich volledig en met groot succes aan de verkondiging wijdde, stelde van zijn kant een Regel op, die nadien door de Paus werd goedgekeurd.

In 1224 ziet Franciscus in de kluis van La Verna de Gekruisigde in de vorm van een serafijn; door deze ontmoeting met de gekruisigde serafijn kreeg hij de stigmata; zo werd hij één met de gekruisigde Christus: een gave die dus zijn intieme identificatie met de Heer uitdrukt.

De dood van Franciscus – zijn “transitus” – had plaats op de avond van 3 oktober 1226 in Portiuncula. Na zijn geestelijke zonen gezegend te hebben, stierf hij, uitgestrekt op de blote grond. Twee jaar later schreef Paus Gregorius IX hem in het boek van de heiligen. Weinige tijd later werd in Assisi een grote basiliek te zijner eer opgericht, die tot op vandaag een bestemming is voor vele pelgrims die het graf van de heilige kunnen vereren en kunnen genieten van de fresco’s van Giotto, de schilder die het leven van Francisus op een prachtige manier uitgebeeld heeft.
Van Franciscus werd gezegd dat hij een “alter Christus” is, dat hij werkelijk een levende icoon van Christus was. Hij werd ook “de broeder van Jezus” genoemd. Dat was inderdaad zijn ideaal: zijn zoals Jezus; de Christus van het Evangelie schouwen, Hem innig beminnen door Zijn deugden na te volgen. Hij heeft in het bijzonder fundamentele waarde willen hechten aan de inwendige en uitwendige armoede en leerde ze aan zijn geestelijke zonen. De eerste zaligspreking van de Bergrede – zalig de armen van geest want aan hen behoort het rijk der hemelen (Mt. 5, 3) – heeft in het leven en de woorden van de heilige Franciscus een stralende verwezenlijking gevonden. Geliefde vrienden, de heiligen zijn werkelijk de beste interpretators van de Bijbel; zij belichamen Gods woord in hun leven, zij maken het meer dan ooit aantrekkelijk, zodat het ons persoonlijk aanspreekt. Het getuigenis van Franciscus, die van de armoede hield om Christus met totale toewijding en vrijheid te volgen, blijft ook voor ons een uitnodiging om de inwendige armoede te ontwikkelen ten einde in Godsvertrouwen te groeien, door een sobere levensstijl en onthechting aan stoffelijke goederen met elkaar te verenigen.

Bij Franciscus drukte de liefde voor Christus zich op bijzondere wijze uit in de aanbidding van het Allerheiligste Sacrament van de Eucharistie. In de ”Franciscaanse Bronnen” leest men ontroerende uitspraken als deze: “Heel de mensheid heeft angst, heel het universum heeft angst en de hemel jubelt wanneer Christus, de Zoon van de levende God zich op het altaar bevindt, in de hand van de priester. O heerlijke gunst! O subliem en nederig feit dat de Heer van het heelal, God en Zoon van God, zich zo vernedert dat Hij zich voor ons heil verbergt in de bescheiden gedaante van brood” H. Franciscus van Assisi, Geschriften. Franciscaanse uitgave, Padua 2002, 401.

In dit Jaar van de Priester is het ook mijn genoegen te herinneren aan een aanbeveling van Franciscus tot de priesters: “Wanneer zij de Mis zullen willen vieren, zuiver op een zuivere manier, dat zij dan het ware offer van het Allerheiligste Lichaam en Bloed van onze Heer Jezus Christus waardig aanbieden” H. Franciscus van Assisi, Geschriften. Franciscaanse uitgave, Padua 2002, 399. Franciscus gaf steeds blijk van groot respect voor priesters en hij gaf de aanbeveling hen altijd te respecteren, zelfs in het geval dat zij zelf weinig waardigheid aan de dag leggen. Hij gaf als reden van dit diepe respect het feit dat zij de gave gekregen hadden de Eucharistie te consacreren. Geliefde broeders in het priesterschap, vergeten wij deze les nooit: de heiligheid van de Eucharistie vraagt van ons zuiver te zijn, op een manier te leven die coherent is met het Mysterie dat wij vieren.

Uit de liefde voor Christus ontstaat de liefde voor de mensen en ook voor alle schepselen Gods. Ziedaar een andere karakteristiek van de spiritualiteit van Franciscus: zin voor universele broederlijkheid en liefde voor de schepping die hem het bekende H. Franciscus van Assisi
Cantico della creature - Cantico di frate sole
Zonnelied
()
ingaf. Het is een heel actuele boodschap. Zoals ik in mijn recente encycliek “Paus Benedictus XVI - Encycliek
Caritas in Veritate
Liefde in Waarheid - Over de integrale ontwikkeling van de mens in liefde en waarheid
(29 juni 2009)
” in herinnering bracht, alleen een ontwikkeling die de schepping respecteert en het milieu niet beschadigt Vgl. Paus Benedictus XVI, Encycliek, Liefde in Waarheid - Over de integrale ontwikkeling van de mens in liefde en waarheid, Caritas in Veritate (29 juni 2009), 48-52 zal duurzaam kunnen zijn en in de Boodschap voor de Paus Benedictus XVI - Boodschap
Als u de vrede wilt bevorderen, bescherm dan de schepping
Wereld Vredes Dag 2010
(8 december 2009)
, heb ik benadrukt dat de opbouw van een solide vrede ook verbonden is met respect voor de schepping. Franciscus herinnert ons eraan dat zich in de schepping de wijsheid en welwillendheid van de Schepper ontvouwt. Hij begrijpt de natuur juist als een taal waarin God met ons spreekt, waarin de werkelijkheid transparant wordt en waar wij over God en met God kunnen spreken.

Geliefde vrienden, Franciscus is een grote heilige en blije mens geweest. Zijn eenvoud, nederigheid, zijn geloof, zijn liefde voor Christus, zijn goedheid voor elke man en vrouw maakten hem in iedere situatie gelukkig. Inderdaad, tussen heiligheid en vreugde bestaat een innige en onlosmakelijke band. Een Franse schrijver zei dat er slechts één droefheid in de wereld bestaat: die van niet heilig te zijn, dat wil zeggen niet dicht bij God te zijn. Als wij het getuigenis van de heilige Franciscus bekijken, begrijpen wij dat dit het geheim van waar geluk is: heilig worden, dicht bij God!

Moge de Maagd Maria, van wie Franciscus met tederheid hield, deze gave voor ons verkrijgen. Wij vertrouwen ons aan Haar toe met de woorden van de Poverello van Assisi:

“Heilige Maagd Maria, er bestaat geen enkele vrouw die in deze wereld geboren werd, die op U gelijkt, dochter en dienstmaagd van de Allerhoogste Koning en Hemelse Vader, Moeder van onze Allerheiligste Heer Jezus Christus, bruid van de Heilige Geest: bid voor ons ... bij uw veelgeliefde Zoon, Heer en Meester”. H. Franciscus van Assisi, Geschriften. Franciscaanse uitgave, Padua 2002, 163

Document

Naam: H. FRANCISCUS VAN ASSISI
Soort: Paus Benedictus XVI - Audiëntie
Auteur: Paus Benedictus XVI
Datum: 27 januari 2010
Copyrights: © 2010, Libreria Editrice Vaticana
Vert.: Sorores Christi; alineaverdeling en -nummering: redactie
Bewerkt: 18 oktober 2016

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam