• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

GOD, DE ONUITSPREKELIJKE EN HEILIGE DRIE-EENHEID

De Kerk belijdt haar geloof in de enige God, die tegelijk de heilige en onuitsprekelijke Drie-eenheid van Personen is: Vader, Zoon en Heilige Geest. En de Kerk beleeft die waarheid voortdurend in de alleroudste belijdenissen van het geloof. Paulus VI heeft ons daaraan herinnerd ter gelegenheid van de 1900e verjaardag van het martelaarschap van Petrus en Paulus (1968) in het Symbolon dat hijzelf ons heeft aangeboden en dat universeel bekend is onder de naam "H. Paus Paulus VI - Motu Proprio
Credo van het Volk van God
Sollemnis Professio Fidei - Ter afsluiting van het jaar van het geloof
(30 juni 1968)
":

Alleen Hij "die zich aan ons kenbaar heeft willen maken en die, wonend in een ontoegankelijk licht" Vgl. 1 Tim. 6, 16 , boven alle dingen en alle geschapen wezens staat... kan ons een juist en volledig inzicht in Hem geven, door zich te openbaren als Vader, Zoon en Heilige Geest; door zijn genade zijn wij geroepen tot deelgenootschap aan hun eeuwig leven: hier op aarde in het duister van het geloof en na de dood in het onvergankelijke licht...". H. Paus Paulus VI, Motu Proprio, Sollemnis Professio Fidei - Ter afsluiting van het jaar van het geloof, Credo van het Volk van God (30 juni 1968), 3

God, die voor ons niet te begrijpen is, heeft zich niet alleen willen openbaren als enige Schepper en almachtige Vader, maar ook als Vader, Zoon en Heilige Geest. In die openbaring wordt de waarheid over God, die Liefde is, geopenbaard in zijn wezenlijke kern: God is liefde in het innerlijke leven zelf van de enige Godheid. Die liefde openbaart zich als een onuitsprekelijke communio van Personen.

Dit mysterie - het intiemste mysterie van het leven van God - werd ons geopenbaard door Jezus Christus: "De Eniggeboren Zoon, die in de schoot van de Vader is, Hij heeft Hem doen kennen" (Joh. 1, 18). Volgens het evangelie van Matteus waren de laatste woorden die Christus vóór zijn hemelvaart tot zijn apostelen sprak: "Ga dus en maak alle volkeren tot mijn leerlingen en doopt hen in naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest" (Mt. 28, 19). Met die woorden kreeg de Kerk haar zending: ze verwezen te-gelijk naar haar fundamentele en essentiële opdracht. De eerste taak van de Kerk bestaat hierin: te leren en te dopen. Dopen wil zeggen: onderdompelen (daarom doopt men met water) in het trinitaire leven van God.

Drie-eenheid in het Nieuwe Testament

In zijn laatste woorden vatte Jezus alles samen wat Hij eerder over God had gezegd: over de Vader, over de Zoon en over de Heilige Geest. Want, in overeenstemming met de traditie van Israël, had Hij vanaf het begin de waarheid over de enige God verkondigd. Op de vraag: "Wat is het allereerste gebod?", had Jezus geantwoord: "Het eerste is: Hoor, Israël! De Heer onze God is de enige Heer" (Mc. 12, 29). En tegelijk was Jezus voortdurend gericht op God als tot "zijn Vader" en verklaarde Hij zelfs: "Ik en de Vader, Wij zijn één" (Joh. 10, 30). Zo had Hij ook de "Geest der waarheid" geopenbaard, "die - zo beloofde Hij - Ik u van de Vader zal zenden" (Joh. 15, 29).

De woorden van het doopsel: "In de naam van de Vader en van de Zoon en van de Heilige Geest", die Jezus op het einde van zijn aardse zending aan de apostelen toevertrouwde, hebben een bijzondere betekenis, omdat zij de waarheid over de Heilige Drie-eenheid definitief bevestigen door ze tot grondslag te maken van het sacramentele leven van de Kerk. Het geloofsleven van de christenen begint met het doopsel, met de onderdompeling in het mysterie van de levende God. Daarvan getuigen de apostolische brieven en vooral die van Paulus. De meest bekende trinitaire formule, die voortdurend gebruikt wordt in de liturgie, vindt men in de tweede brief aan de Korintiërs: "De genade van de Heer Jezus Christus, de liefde van God en de gemeenschap van de heilige Geest zij met u allen" (2 Kor. 13, 13). We vinden er nog in de eerste brief aan de Korintiërs en in die aan de Efeziërs en in de eerste brief van Petrus Vgl. 1 Pt. 1, 1-12 .

Zo heeft het geloof in de drie-ene God vanaf het begin deel uitgemaakt van de Traditie en van het leven van de Kerk en de christenen.

Vandaar dat heel de liturgie, als uitdrukking van de goddelijke heilseconomie, door haar wezen zelf trinitair geweest is en nog is. We moeten er hier de nadruk op leggen, dat het inzicht in het mysterie van de Heilige Drie-eenheid heeft bijgedragen tot het geloof in de Verlossing, met name het geloof in het heilswerk van Christus. Een beter inzicht in de zending van de Zoon en de Heilige Geest, die uitgaan van de schoot van de eeuwige Drie-eenheid, openbaart de "trinitaire heilseconomie" die werkt in de verlossing en de heiliging. De Heilige Drie-eenheid wordt vóór alles kenbaar gemaakt door de soteriologie, d.w.z. door de kennis van de heilseconomie, die Christus verkondigt en verwerkelijkt in zijn messiaanse zending. Die kennis is het vertrekpunt dat leidt naar de kennis van de 'immanente' Drie-eenheid, van het mysterie van het intieme leven van God.

Alzo bevat het Nieuwe Testament de volheid van de trinitaire openbaring. God, die zich openbaart in Jezus Christus, openbaart enerzijds wat God betekent voor de mens en anderzijds ontsluiert Hij wie God is in zichzelf, namelijk in zijn intieme leven. De waarheid "God is Liefde", die we lezen in de eerste brief van Johannes (1 Joh. 4, 16), is als het ware het sluitstuk. Als daardoor geopenbaard wordt wat God betekent voor de mens, dan openbaart dat eveneens wat Hij is in zichzelf (voor zover het voor de menselijke geest mogelijk is dat te begrijpen en het in woorden uit te drukken). Hij is Eén, d.w.z. Communio van de Vader, van de Zoon en van de Heilige Geest.

Het Oude Testament heeft die waarheid niet zo expliciet geopenbaard, maar ze wel voorbereid door te wijzen op het Vaderschap van God, door blijk te geven van zijn werking in de wereld door de Wijsheid, het Woord en de Geest. Vgl. Wijsh. 7, 22-30 Vgl. Spr. 8, 22-30 Vgl. Ps. 33, 4-6 Vgl. Ps. 147, 15 Vgl. Jes. 55, 11 Vgl. Wijsh. 12, 1 Vgl. Jes. 11, 2 Vgl. Sir. 48, 12

Het Oude Testament heeft de waarheid over de éne God, het scharnierpunt van de monotheïstische religie, allereerst bevestigd in en daarna buiten Israël. We komen dus tot de conclusie dat het Nieuwe Testament de volheid van de openbaring over de Heilige Drie-eenheid heeft gebracht en dat de trinitaire waarheid van het begin af de basis is geweest van het levende geloof van de christelijke gemeenschap, door het doopsel en de liturgie. De geloofsbelijdenissen die we in overvloed vinden in de apostolische brieven gaan samen met het getuigenis van het kerygma, de catechese en het gebed van de Kerk.

Het ontstaan van het trinitaire dogma, in de context van de geloofsverdediging tegen de ketterijen van de eerste eeuwen, is een onderwerp apart. De waarheid over God, Eén en Drievoudig, is het diepste mysterie van het geloof, dat ook het moeilijkst te begrijpen is: de kansen voor verkeerde interpretaties lagen voor de hand, vooral toen het christendom in aanraking kwam met de Griekse cultuur en filosofie. Het kwam erop aan, het mysterie van de Drie-ene God juist "in te passen" in de terminologie van het "zijn", om de concepten die ondubbelzinnig zowel de eenheid als de drie-eenheid van de God van onze Openbaring definiëren, juist uit te drukken in de filosofische taal van die tijd.

Dat geschiedde vooral in de twee grote concilies van Nicea (325) en Constantinopel (381). Het leerstellig resultaat van die concilies is het 1e Concilie van Constantinopel
Credo van Nicea - Constantinopel
(31 juli 381)
, waarin de Kerk sindsdien haar geloof in de Drie-ene God: Vader, Zoon en Heilige Geest, uitdrukt. Hier moeten we enkele zeer verdienstelijke theologen onder de kerkvaders vernoemen. Voor de pre-niceaanse periode verwijzen we naar Tertullianus, Cyprianus, Origenes, Ireneüs; voor de tijd van het concilie van Nicea zelf: Athanasius en Ephrem de Syriër; tussen Nicea en Contantinopel: Basilius de Grote, Gregorius van Nazianze en Gregorius van Nyssa; later Hilarius, Ambrosius, Augustinus en Leo de Grote.

 

Zie ook:

Zie voor een overzicht van het grotere geheel waarin deze audiëntie-catechese is gehouden:
Catecheses van de Paus tijdens de wekelijkse Algemene Audienties

Document

Naam: GOD, DE ONUITSPREKELIJKE EN HEILIGE DRIE-EENHEID
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Audiƫntie
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 9 oktober 1985
Copyrights: © 2004, Christusrex.be
Bewerkt: 26 maart 2015

Referenties naar dit document

 
Geen documenten gevonden!
 
Geen berichten gevonden!

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam