• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

DE GEMEENSCHAP IN HET GEBED LEIDT ONS TOT DE VOLLE GEMEENSCHAP IN DE EUCHARISTIE
Tijdens de Eucharistie in de kathedraal van de Heilige Geest in Istanboel

Zeergeliefde broeders in de Heer,

'Vrede voor u, liefde en geloof in God de Vader en in onze Heer Jezus Christus' Vgl. Ef. 6, 23 .

Moge deze wens van de apostel Paulus aan de christenen van Efeze ook de wens zijn die ik tot u richt.

Allereerst richt ik mij tot de oecumenische patriarch, zijne heiligheid Demetrios I, en tot de Armeense patriarch, zijne zaligheid Shnork Kalustyan, geëerde broeders die zich bij deze viering hebben willen voegen en zo ons hebben willen eren, ons en heel onze plaatselijke gemeenschap. Ik spreek mijn diepe dankbaarheid tegenover hen uit.

Ik groet u hartelijk, broeders en zonen van de katho­lieke kerk, bisschoppen, priesters, religieuzen, leken­gelovigen, die behoort tot de verschillende katholieke gemeenschappen van de stad en tot de verschillende riten en ik groet ook, door u, alle katholieken in dit grote land. Ik dank u voor uw hartelijke en kinderlijke welkom alsook voor de vreugde die u me bereidt. Ik zou even­eens mijn hartelijke dank willen uitspreken tegenover allen die deze reis mogelijk hebben gemaakt en in het bijzonder tegenover de gezagsdragers van dit land die me met zoveel hoffelijkheid hebben ontvangen. Mijn ontmoeting met u, broeders en zusters in de Heer, ver­vult mij met onmetelijke vreugde. Ik heb waardering voor uw actieve aanwezigheid in deze schitterende his­torische stad, rijk aan zoveel bewonderenswaardige christelijke getuigenissen. En hoe zouden wij vergeten dat de wezenlijke punten van ons geloof hun dogmati­sche formulering hebben gekregen op de oecumenische concilies die in deze stad zijn gehouden of in de omlig­gende steden en die sindsdien de naam dragen van Nicea, Constantinopel, Efeze, Chalcedon? Hoe zouden wij niet met ontroering de kerkvaders uit het Oosten vermelden, herders en leraren, die in deze streek geboren zijn of er een apostolaat zonder weerga hebben uitgeoefend, en ons heldere geschriften hebben nagelaten die vandaag een voedsel en een verwijzing zijn voor heel de kerk, in het Westen zowel als in het Oosten? Ik denk met name aan de heilige Johannes Chrysostomos, bisschop van Constantinopel, wiens moed, duidelijkheid, diepgang en welsprekendheid hem tot het model van de herder en de verkondiger hebben gemaakt. Ik denk aan heel dat contemplatieve leven dat hier in de loop der eeuwen ge­bloeid heeft, aan de school van de geestelijke meesters, ik denk aan de trouw aan het geloof door veel beproe­vingen heen.

Dierbare broeders en zusters, vandaag erft u in zekere zin deze schat en deze voorbeelden die in uw zielen vrucht moeten dragen. Ik ben blij u dit geloof met overtuiging, volharding en in offergeest te zien belijden. Op verschillende gebieden en verschillende wijzen be­wijst u de kerk en dit land een gewaardeerde dienst. Of u nu rechtstreeks handelt op kerkelijk gebied of zich bezighoudt met meer algemene culturele activiteiten, of met de opvoeding van de jongeren, of met liefdewerken, u wilt uw geloof uitdrukken door altijd de mens te die­nen, die geschapen is naar het beeld en gelijkenis van God Vgl. Gen. 1, 26-27 , en bij te dragen aan de opbouw van de Kerk van God, gebouwd op het fundament van de apostelen en op de hoeksteen die Christus is Vgl. Ef. 2, 20 .

Broeders en zusters, ik heb met u deze heilige liturgie willen vieren, bijzonder in deze gelukkige omstandigheid van het feest van de heilige apostel Andreas. Andreas was de eerste die geroepen werd om Jezus te volgen. 'Gaat mee om het te zien' had de Heer gezegd (Joh. 1, 39). En Andreas ging mee en volgde hem en 'bleef die dag bij Hem'. En niet alleen 'die dag'; hij volgde Hem gedurende heel zijn leven; hij zag Hem wonderen ver­richten, de zieken genezen, de zonden vergeven, het ge­zicht teruggeven aan de blinden, doden doen opstaan; hij heeft zijn smartelijk lijden en zijn dood meegemaakt, hij heeft Hem verrezen gezien. En hij bleef in Hem ge­loven tot aan het uiteindelijke getuigenis van de marte­laar.

De viering van het feest van een heilige herinnert ons aan onze eigen roeping tot heiligheid. De heilige Petrus, de broer van Andreas, herinnert ons daaraan op zeer stimulerende wijze in zijn Brief die hij juist aan de chris­tenen van Klein-Azië schreef: 'Weest heilig zoals Hij, in heel uw gedrag' (1 Pt. 1, 15).

De christelijke roeping is verheven en veeleisend, en zij zou voor ons niet te verwezenlijken zijn indien de Geest van God ons niet het licht schonk om te begrijpen en de nodige kracht om te handelen. Maar Christus heeft ons ook verzekerd van zijn hulp: 'Ziet, Ik ben met u alle da­gen tot aan de voleinding der wereld' (Mt. 28, 20). Ja, de christelijke roeping is een roeping tot de vol­maaktheid, om het lichaam van Christus op te bouwen 'totdat wij allen tesamen komen tot de eenheid in het geloof en de kennis van Gods Zoon, tot de volmaakte Man, tot de gehele omvang van de volheid van de Chris­tus' (Ef. 4, 13). Volhardend in het geloof mogen wij op alle manieren groeien 'door de waarheid te spreken in liefde' (Ef. 4, 15).

Laten we nu onze overdenking uitbreiden tot het mys­terie van de Kerk. De heilige Andreas, de eerstgeroepene, patroon van de kerk van Constantinopel, is de broer van de heilige Petrus, de coryfee van de apostelen, met de heilige Paulus stichter van de kerk van Rome en haar eerste bisschop. Enerzijds herinnert dit feit ons aan een drama van het christendom, de scheiding tussen Oost en West, maar het herinnert ons ook aan de diepe wer­kelijkheid van de gemeenschap die bestaat ondanks alle meningsverschillen tussen de twee Kerken.

Hoe moeten wij de Heer danken omdat hij de laatste decennia verlichte pioniers heeft doen opstaan en on­vermoeibare werkers voor de eenheid zoals patriarch Athenagoras zaliger gedachtenis en mijn grote voor­gangers, Paus Johannes XXIII - aan wie deze stad en deze Kerk met eer de herinnering bewaart - en Paus Paulus VI die voor mij u kwam ontmoeten! Hun daad is vruchtbaar geweest voor het leven van de Kerk en voor het zoeken naar de volle eenheid tussen onze Kerken die steunen op de enige hoeksteen die Christus is en ge­bouwd zijn op het fundament van de apostelen.

De steeds intensievere contacten van de laatste jaren hebben de broederschap tussen onze twee Kerken doen herontdekken en de werkelijkheid van een gemeenschap onder hen, ook al is die niet volmaakt. De Geest van God heeft ons eveneens steeds duidelijker aangetoond hoe dringend de eis is de volle eenheid te verwezenlij­ken om een doeltreffender getuigenis af te leggen voor onze tijd.

Mijn bezoek aan de oecumenische patriarch en mijn pelgrimstocht naar Efeze waar Maria werd uitgeroepen tot 'Theotokos', moeder van God, heeft tot doel - in de mate dat ik het kan en inzover de Heer het zal toe­staan - deze heilige zaak te dienen. Ik dank de voor­zienigheid mijn schreden tot aan deze plaatsen te hebben geleid.

We staan aan de vooravond van de opening van de theo­logische dialoog tussen de katholieke Kerk en de ortho­doxe Kerk in haar geheel. Het gaat hier om een andere belangrijke fase van het proces naar de eenheid. Deze dialoog zal zijn geroepen om, uitgaande van wat wij ge­meenschappelijk hebben, alle moeilijkheden vast te stel­len, onder ogen te zien en op te lossen die ons de volle eenheid nog ontzeggen. Morgen zal ik deelnemen aan de viering van het feest van de heilige Andreas in de kerk van het oecumenische patriarchaat. We zullen niet kun­nen concelebreren. Dat is het smartelijkste teken van het ongeluk dat de scheiding binnengebracht heeft in de ene Kerk van Christus. Maar God zij dank vieren wij van nu af aan samen, sinds enkele jaren, het feest van de be­schermers van onze kerken, als onderpand en daadwer­kelijke wil tot volledige concelebratie; in Rome vieren wij het feest van de heilige Petrus en Paulus in aanwezig­heid van een orthodoxe afvaardiging en in het oecume­nische patriarchaat wordt het feest van de heilige An­dreas gevierd met een katholieke aanwezigheid.

De gemeenschap in het gebed zal ons leiden tot de volle gemeenschap in de eucharistie. Ik durf te hopen dat die dag nabij is. Persoonlijk zou ik wensen heel dichtbij. Hebben wij, niet reeds hetzelfde eucharistische geloof gemeenschappelijk en de ware sacramenten, krachtens de apostolische opvolging? Laten wij wensen dat de vol­ledige gemeenschap in het geloof, met name op ecclesio­logisch gebied, spoedig deze volle 'communicatio in sacris' zal toestaan. Mijn vereerde voorganger, Paus Paulus VI, had die dag willen zien, evenals patriarch Athenagoras I; over deze laatste sprekend onmiddellijk na diens dood drukte Paus Paulus VI zich aldus uit: 'altijd vatte hij zijn gevoelens samen in een enkele en hoogste verwachting, om met ons te kunnen 'drinken uit dezelfde kelk', dat wil zeggen om samen het eucharistisch offer te kunnen vieren, samenvatting en bekroning van onze-ge­meenschappelijke eenwording als kerken met Christus. Ook wij hebben daàr vurig naar verlangd! Nu moet dit onvervulde verlangen blijven voortleven als zijn erfenis en onze opdracht' H. Paus Paulus VI, Angelus/Regina Caeli, Naar aanleiding van het overlijden van Patriarch Athenagoras I (9 juli 1972). Bij het opnemen van die erfenis deel ik, voor wat mij betreft, vurig dit verlangen, dat door de tijd en de voortgang in de eenheid alleen maar levendiger wordt gemaakt.

Ik weet dat ook u, katholieken van deze stad en van heel Turkije, zich bewust bent van het belang dat het streven naar volledige eenheid tussen de christenen be­tekent. Ik weet dat u voor dit doel bidt en werkt en dat u broederlijke contacten onderhoudt met de orthodoxe Kerk en met de andere christenen van uw stad en uw land. Ik ben u daar zeer dankbaar voor.

Ik weet ook dat u streeft naar vriendschappelijke betrek­kingen met de andere gelovigen die de naam van de ene God aanroepen en dat u actieve en oprechte burgers bent van dit land, waarin u een minderheid vormt. Ik bemoe­dig u van gans er harte hierbij.

Moge God u zegenen! Moge Hij uw gemeenschappen zegenen, uw gezinnen, uw personen, in het bijzonder hen die lijden en voor wie ik een bijzondere intentie zal heb­ben. Moge Hij u altijd geven waaraan u behoefte hebt om in uw leven een altijd trouwer getuigenis van Hem af te leggen.

En nu nodig ik u, dierbare broeders en zusters, uit met vurigheid te bidden tijdens dit eucharistisch offer voor de volle gemeenschap van onze Kerken. De vooruit­gang in de eenheid zal steunen op onze inspanningen, onze theologische werkzaamheden, onze herhaalde stap­pen en vooral op onze wederzijdse liefde; maar tegelijk is het een genade van de Heer. Laten wij Hem smeken de hindernissen uit de weg te ruimen die tot nu toe de weg naar de volle eenheid hebben vertraagd. Laten we Hem smeken aan al degenen die medewerken aan de toe­nadering zijn Heilige Geest te schenken die hen naar de volle waarheid zal leiden, hun liefde zal vermeerderen, hen ongeduldig zal maken naar eenheid. Smeekt Hem opdat wijzelf, herders van deze Zusterkerken, de beste werktuigen zijn van zijn plan, wij die door de voorzienig­heid zijn gekozen om deze kerken in dit uur van de ge­schiedenis te leiden, dat wil zeggen, hen te dienen zoals de Heer het wil en zo de enige Kerk te dienen die zijn lichaam is. Gedurende het tweede millennium waren onze Kerken als verstard in hun scheiding. Maar zie, nu staat het derde millennium van het christendom voor onze deuren. Moge de dageraad van dit nieuwe millen­nium kunnen opgaan over een Kerk die haar volle een­heid heeft teruggevonden om temidden van de verbitter­de spanningen van deze wereld beter getuigenis af te leg­gen van de transcendente liefde van God, getoond in zijn Zoon Jezus Christus.

Alleen God kent de tijden en momenten. Wat ons be­treft, laten' we waken en bidden in hoop, met de maagd Maria, de moeder van God die niet ophoudt te waken over de Kerk van haar Zoon, zoals ze heeft gewaakt over de apostelen. Amen.

Document

Naam: DE GEMEENSCHAP IN HET GEBED LEIDT ONS TOT DE VOLLE GEMEENSCHAP IN DE EUCHARISTIE
Tijdens de Eucharistie in de kathedraal van de Heilige Geest in Istanboel
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Homilie
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 29 november 1979
Copyrights: © 1980, Archief van Kerken pag 255-258
Bewerkt: 26 maart 2015

Referenties naar dit document

 
Geen berichten gevonden!

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam