• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

OMNIUM IN MENTEM
Over de aanpassing van enige artikelen uit de Codex Iuris Canonici (1983)

De Apostolische Constitutie H. Paus Johannes Paulus II - Apostolische Constitutie
Sacrae Disciplinae Leges
Promulgatie van de Codes Iuris Canonici
(25 januari 1983)
, gepromulgeerd op 25 januari 1983, heeft iedereen in herinnering geroepen Red.: Omnium in mentem dat de Kerk, als een gemeenschap dat aan de ene kant spiritueel en zichtbaar is, maar ook hiërarchisch gestructureerd, juridische normen vereist, "opdat bij de uitoefening van de taken, die door God haar toevertrouwd zijn, vooral in de uitoefening van het heilig gezag en de toediening van de Sacramenten, zij op de juiste wijze is georganiseerd." De normen dienen aan de ene kant weer te geven, de eenheid tussen het theologisch leergezag en het canonieke recht en, aan de andere kant, de pastorale toepasbaarheid van de voorschriften waarbij de kerkelijke ordening is ingericht ten behoeve van het welzijn van de zielen.

Om meer effectief de noodzaak tot doctrinaire eenheid te waarborgen en de pastorale toepassing heeft de hoogste kerkelijke leiding, na zorgvuldige beraadslagingen, besloten om waar nodig de geschikte aanpassingen te maken of extra canonieke normen toe te voegen. Dat is de reden dat geleid heeft om de huidige brief, die twee onderwerpen heeft, te promulgeren.

Allereerst wordt in de canones Wetboek
Codex Iuris Canonici
Codex van het Canonieke recht
(25 januari 1983)
en Wetboek
Codex Iuris Canonici
Codex van het Canonieke recht
(25 januari 1983)
van Wetboek
Codex Iuris Canonici
Codex van het Canonieke recht
(25 januari 1983)
, over het Sacrament van de Heilige Wijding het wezenlijke onderscheid bevestigd tussen het algemeen priesterschap van de gelovigen en het ministerieel priesterschap en tevens wordt het verschil aangegeven tussen het episcopaat, presbyteraat en diaconaat. Eerder heeft onze vereerde voorganger Johannes Paulus II, na de vaders van de Congregatie voor de Geloofsleer gehoord te hebben, besloten dat de tekst van nummer Catechismus-Compendium
Catechismus van de Katholieke Kerk
(15 augustus 1997)
Noot van de redactie: in de door de NRL gepubliceerde vertaling staat '1581', hier gecorrigeerd naar de Latijnse versie in de AAS 102 (2010), p. 8 van de Catechismus-Compendium
Catechismus van de Katholieke Kerk
(15 augustus 1997)
veranderd moest worden met de bedoeling dat de leer over de diakens van de dogmatische constitutie 2e Vaticaans Concilie - Constitutie
Lumen Gentium
Over de Kerk
(21 november 1964)
(2e Vaticaans Concilie - Constitutie
Lumen Gentium
Over de Kerk
(21 november 1964)
) van het Tweede Vaticaans Concilie beter tot zijn recht zou komen. Nu hebben wij geoordeeld dat ook de canonieke norm die hierop betrekking heeft, verbeterd moet worden. Daarom besluiten wij nu, na de mening van de Pauselijke Raad voor de Interpretatie van Wetsteksten te hebben gehoord, dat de woorden van de betreffende Wetboek
Codex Iuris Canonici
Codex van het Canonieke recht
(25 januari 1983)
veranderd worden zoals hieronder aangegeven.

Omdat daarenboven de Sacramenten dezelfde zijn voor de gehele Kerk, komt het alleen het hoogste gezag toe goed te keuren en te bepalen wat voor hun geldigheid vereist is, en te beslissen wat de ordening betreft bij de viering ervan in acht genomen moet worden. Vgl. Wetboek, Codex van het Canonieke recht, Codex Iuris Canonici (25 jan 1983), 841 Dit alles geldt natuurlijk ook voor de vorm die bij de viering van een huwelijk in acht genomen moet worden als ten minste één van de partners in de Katholieke Kerk gedoopt is. Vgl. Wetboek, Codex van het Canonieke recht, Codex Iuris Canonici (25 jan 1983), 11.1108

De Wetboek
Codex Iuris Canonici
Codex van het Canonieke recht
(25 januari 1983)
echter schrijft voor dat de gelovigen, die de Kerk hebben verlaten "Pauselijke Raad voor Wetsteksten
Actus formalis defectionis ab Ecclesia Catholica
Bij formele akt verlaten van de Katholieke Kerk (13 maart 2006)
", niet gebonden zijn aan de kerkelijke wetten met betrekking tot de canonieke vorm van het huwelijk Vgl. Wetboek, Codex van het Canonieke recht, Codex Iuris Canonici (25 jan 1983), 1117, dispensatie van de ongelijkheid van cultus Vgl. Wetboek, Codex van het Canonieke recht, Codex Iuris Canonici (25 jan 1983), 1086 evenals de noodzaak van toestemming in het geval van een gemengd huwelijk Vgl. Wetboek, Codex van het Canonieke recht, Codex Iuris Canonici (25 jan 1983), 1124. De onderliggende reden van de uitzondering van de algemene norm van Wetboek
Codex Iuris Canonici
Codex van het Canonieke recht
(25 januari 1983)
was om te waarborgen dat huwelijken aangegaan door die leden van de gelovigen nietig zouden zijn tengevolge van een gebrek in de vorm of door de belemmering tengevolge van de ongelijkheid van cultus.

De ervaring heeft echter geleerd dat deze nieuwe wet aanleiding was tot tal van pastorale problemen. Allereerst in individuele gevallen bleek de definitie en praktische vaststelling van deze Pauselijke Raad voor Wetsteksten
Actus formalis defectionis ab Ecclesia Catholica
Bij formele akt verlaten van de Katholieke Kerk (13 maart 2006)
door de Kerk moeilijk zowel vanuit een theologisch als vanuit een canoniek standpunt. Inderdaad leek het alsof de nieuwe wet, op zijn minst indirect, apostasie mogelijk te maken of zelfs aan te moedigen in die gebieden waar het aantal Katholieken niet zo talrijk zijn of waar onrechtvaardige huwelijkswetten onderscheid maken tussen burgers op basis van hun geloof. De nieuwe wet maakt het ook moeilijk voor de gedoopte personen terug te keren die, na het mislukken van een eerder huwelijk, een grote wens hebben om een nieuwe canoniek huwelijk aan te gaan. Tenslotte, naast andere zaken, werden veel van deze huwelijken feitelijk voor de Kerk "clandestiene" huwelijken.

In het kader van het bovenstaande en na zorgvuldige overweging van de inzichten van de vaders van de Congregatie voor de Geloofsleer en de Pauselijke Raad voor de Interpretatie van Wetsteksten, alsmede van die Bisschoppenconferenties die geconsulteerd werden met betrekking tot de pastorale voordelen over het behoud of de weglating van de uitzonderingen van de algemene norm van Wetboek
Codex Iuris Canonici
Codex van het Canonieke recht
(25 januari 1983)
, bleek het noodzakelijk om deze norm weg te laten, die ingebracht is in de corpus van het canoniek recht dat nu van kracht is.

Daarom besluit ik dat de woorden van Wetboek
Codex Iuris Canonici
Codex van het Canonieke recht
(25 januari 1983)
in dit zelfde Wetboek
Codex Iuris Canonici
Codex van het Canonieke recht
(25 januari 1983)
worden weggelaten: “en haar niet bij formele akt verlaten heeft”, evenals de woorden van Wetboek
Codex Iuris Canonici
Codex van het Canonieke recht
(25 januari 1983)
: “en haar niet bij formele akt verlaten heeft” en eveneens de woorden van Wetboek
Codex Iuris Canonici
Codex van het Canonieke recht
(25 januari 1983)
: “en haar niet bij formele akt verlaten heeft”.

Op dezelfde wijze, gehoord hebbende Congregatie voor de Geloofsleer en de Pauselijke Raad voor de Interpretatie van Wetsteksten, en na navraag gedaan te hebben onder mijn vereerde broeders, de Kardinalen van de Heilige Roomse Kerk die aan de leiding staan van de dicasterieën van Romeinse Curie besluit ik het volgende:

Art. 1
De tekst van Wetboek
Codex Iuris Canonici
Codex van het Canonieke recht
(25 januari 1983)
van het Wetboek
Codex Iuris Canonici
Codex van het Canonieke recht
(25 januari 1983)
wordt aangepast zodat het in het vervolg zal luiden:
"Door het Wijdingssacrament worden krachtens goddelijke instelling sommigen onder de christengelovigen, door een onuitwisbaar merkteken waarmee ze getekend worden, aangesteld als gewijde bedienaren; zij worden namelijk gewijd en bestemd om, ieder volgens zijn graad, het Volk van God mogen dienen volgens een nieuwe specifieke titel."
Art. 2

Wetboek
Codex Iuris Canonici
Codex van het Canonieke recht
(25 januari 1983)
van het Wetboek
Codex Iuris Canonici
Codex van het Canonieke recht
(25 januari 1983)
uzal voortaan drie paragrafen tellen waarvan de eerste en de tweede reeds in de vigerende tekst van de canon voorkomen. De derde paragraaf echter is een nieuwe tekst die zo is samengesteld dat Wetboek
Codex Iuris Canonici
Codex van het Canonieke recht
(25 januari 1983)
eenvoudigweg als volgt luidt:

Wie de Wijding tot bisschop of priester heeft ontvangen, ontvangt de zending en de bevoegdheid om te handelen “in personae Christi Capitis” - "in de persoon van Christus het Hoofd"; de diakens echter ontvangen de kracht om het volk van God te dienen in de diaconie van de liturgie, van het woord en van de naastenliefde.
Art. 3

De tekst van Wetboek
Codex Iuris Canonici
Codex van het Canonieke recht
(25 januari 1983)
van de Wetboek
Codex Iuris Canonici
Codex van het Canonieke recht
(25 januari 1983)
wordt aldus veranderd:

Het huwelijk tussen twee personen van wie de ene gedoopt is in de katholieke Kerk of in haar opgenomen, en van wie de andere niet gedoopt is, is ongeldig.
Art. 4

De tekst van Wetboek
Codex Iuris Canonici
Codex van het Canonieke recht
(25 januari 1983)
van de Wetboek
Codex Iuris Canonici
Codex van het Canonieke recht
(25 januari 1983)
wordt aldus veranderd:

De boven vastgestelde norm moet in acht genomen worden, indien ten minste één van beide partijen die het huwelijk sluiten in de katholieke Kerk gedoopt is of hierin opgenomen, behoudens de voorschriften van Wetboek
Codex Iuris Canonici
Codex van het Canonieke recht
(25 januari 1983)
.
Art. 5

De tekst van Wetboek
Codex Iuris Canonici
Codex van het Canonieke recht
(25 januari 1983)
van de Wetboek
Codex Iuris Canonici
Codex van het Canonieke recht
(25 januari 1983)
wordt aldus veranderd:

Het huwelijk tussen twee gedoopte personen, van wie de ene in de katholieke Kerk gedoopt of hierin na het Doopsel opgenomen is en van wie de andere ingeschreven is in een Kerk of kerkelijke gemeenschap die niet in volledige gemeenschap leeft met de katholieke Kerk, is zonder uitdrukkelijk verlof van de bevoegde overheid verboden.
Afsluiting
Wat wij ook met dit Apostolisch Schrijven in de vorm van een Motu Proprio hebben bepaald, is naar onze aanwijzing zeker en geldig, ook wanneer iets tegengesteld aan is en zelfs wanneer dit een bijzondere vermelding waard zou zijn. Wij bevelen dat dit door de officiële publicatie in de Acta Apostolicae Sedis gepromulgeerd wordt.
Gegeven te Rome, bij de Heilige Petrus, op 26 oktober 2009,
in het vijfde jaar van mijn pontificaat.

Paus Benedictus XVI.

Document

Naam: OMNIUM IN MENTEM
Over de aanpassing van enige artikelen uit de Codex Iuris Canonici (1983)
Soort: Paus Benedictus XVI - Motu Proprio
Auteur: Paus Benedictus XVI
Datum: 26 oktober 2009
Copyrights: © 2010, Beleidssector liturgie van de Nederlandse Bisschoppenconferentie / Nationale Raad voor Liturgie
Liturgische Documentatie, dl. 6
Bewerkt: 29 augustus 2016

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam