• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

Al is het in onze moderne beschaving vaak moeilijk om tot stilte, inkeer en meditatie te komen, ook als men er de noodzaak van aanvoelt, toch bestaat er bij veel christenen in onze tijd een vurig verlangen om op een echte en degelijke manier te leren bidden.

De belangstelling voor vormen van meditatie in bepaalde oosterse godsdiensten en hun bijzondere manieren van bidden, is de afgelopen jaren ook bij christenen gewekt; ze is onmiskenbaar een teken van die behoefte aan geestelijke bezinning en aan een diep contact met het goddelijk mysterie. Geconfronteerd met dit verschijnsel heeft men echter ook her en der aangevoeld dat men moet kunnen beschikken over betrouwbare criteria op leerstellig en pastoraal vlak. Hierdoor wordt in een veelvoud van verschijningsvormen een gebedsopvoeding mogelijk, waarbij men dank zij de authentieke traditie van de Kerk blijft bij het licht van de waarheid die in Jezus geopenbaard is. Dit schrijven wil aan die dringende eis tegemoet komen, opdat in de verschillende particuliere Kerken door de verscheidenheid van gebedsvormen, inclusief de nieuwere, niet de ware aard noch het persoonlijke en gemeenschappelijke van het gebed uit het oog verloren wordt. Deze richtlijnen zijn met name bedoeld voor de Bisschoppen, opdat zij in de pastorale zorg die zij hebben voor de Kerken die hun zijn toevertrouwd, ook hieraan aandacht besteden; dat zal uitnodigend zijn voor het hele volk van God - priesters, religieuzen en leken - om met nieuw elan te bidden tot God onze Vader in de Geest van Christus onze Heer.

Het steeds frequenter contact met andere godsdiensten en hun stijl en methode van bidden, heeft de laatste tientallen jaren vele gelovigen voor de vraag gesteld: welke waarde kunnen die niet-christelijke vormen van gebed voor de Christenen hebben. De kwestie betreft vooral de oosterse methoden Met de uitdrukking 'oosterse methoden' doelen we op methoden die qua inspiratie afkomstig zijn uit het Hindoeïsme en het Boeddhisme, zoals Zen of Transcendentale Meditatie en ook Yoga. Het gaat dus over meditatiemethoden uit het niet-christelijke Verre Oosten die tegenwoordig ook door bepaalde Christenen vaak gebruikt worden, als ze mediteren. De principiële en methodische richtlijnen die u in dit document vindt, willen een oriëntatiepunt zijn, niet alleen met betrekking tot dit probleem, maar ook - meer in het algemeen - voor de verschillende vormen van gebed zoals die tegenwoordig beoefend worden in het kerkelijk gebeuren, met name bij Genootschappen, Bewegingen en groepen. Sommigen nemen tegenwoordig om therapeutische redenen hun toevlucht tot deze methoden: door een geestelijk onstabiel leven dat onderworpen is aan het bezeten ritme van een technisch ver ontwikkelde maatschappij, wordt ook een aantal Christenen ertoe gedreven om zo te komen tot innerlijke rust en psychisch evenwicht. Dit psychologische aspect zal in deze brief buiten beschouwing blijven; we willen daarentegen de theologische en geestelijke implicaties van het probleem duidelijk laten zien. Daarnaast in het spoor van de beweging naar openheid en uitwisseling met verschillende godsdiensten en culturen, bestaan er ook Christenen die menen dat hun gebed er veel bij kan winnen als ze zich door die methoden laten inspireren. Gezien het feit dat in de laatste tijd veel specifiek christelijke meditatiemethoden in onbruik zijn geraakt, vragen deze Christenen zich af: zou het dan niet mogelijk zijn via een nieuwe gebedsopvoeding ons erfgoed te verrijken, door daarin op te nemen wat er tot dusver vreemd aan was?

Om die vraag te beantwoorden moet men eerst, al was het maar in grote trekken, onder ogen zien wat de innerlijke aard is van het christelijk gebed; om vervolgens na te gaan of, en hoe, dat gebed verrijkt kan worden met meditatiemethoden die ontstaan zijn in de context van andere godsdiensten en culturen. We moeten daartoe een fundamentele vooropmerking maken.

De structuur van het christelijk geloof waarin de waarheid over God en schepsel oplicht, is bepalend voor het christelijk gebed. Daarom verschijnt het ook in de vorm van een persoonlijk, vertrouwelijk en diepgaand gesprek tussen God en mens. Het is dus een uiting van de deelname van de verloste schepselen aan het innerlijke leven van de Personen der Drievuldigheid. In die gemeenschap, die zijn grondslag heeft in doop en eucharistie, bron en hoogtepunt van het leven der Kerk, ligt besloten een houding van bekering, het verlaten van het 'ik' om te komen tot het goddelijke 'Gij'. Het christelijk gebed is dus altijd én echt persoonlijk én echt op gemeenschap gericht. Het staat afwijzend tegenover technieken die of het eigen ik uitschakelen of teveel ik-gericht zijn; want hierdoor kunnen automatismen ontstaan, waarbij de bidder de gevangene blijft van een introvert spiritualisme en het hem onmogelijk wordt zich nog in alle vrijheid open te stellen voor de transcendente God. Binnen de Kerk zal het legitieme zoeken naar nieuwe meditatiemethoden altijd in de overweging mee moeten nemen, wat voor een waarlijk christelijk gebed wezenlijk en noodzakelijk is: de ontmoeting van twee vrijheden, de onbeperkte vrijheid van God en de beperkte vrijheid van de mens.

Document

Naam: ORATIONIS FORMAS
Enige aspecten van de christelijke meditatie - Brief aan de Bisschoppen van de R.K. Kerk
Soort: Congregatie voor de Geloofsleer
Datum: 15 oktober 1989
Copyrights: © 1990, Kerkelijke Documentatie nr. 3, p. 10-23
Bewerkt: 29 november 2017

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam