• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
De Kerk kan tijdelijke goederen verwerven op alle rechtvaardige wijzen hetzij van natuurrecht hetzij van positief recht, waarop het aan anderen geoorloofd is.
De Kerk heeft krachtens haar wezen het recht van de gelovigen te vragen wat nodig is voor de haar eigen doelstellingen.
§ 1 De christengelovigen komt het onverminderd toe tijdelijke goederen ten gunste van de Kerk te bestemmen.

§ 2 De diocesane Bisschop is gehouden de gelovigen de verplichting waarover in can. 222, § 1, in herinnering te brengen en deze op een geschikte wijze te urgeren.

De gelovigen dienen de Kerk te steunen door middel van bijdragen die gevraagd worden en volgens de door de bisschoppenconferentie uitgevaardigde normen.
De diocesane Bisschop heeft het recht om, na de raad voor economische zaken en de priesterraad gehoord te hebben, voor de noden van het bisdom publieke rechtspersonen die onder zijn bestuur vallen, een bescheiden belasting op te leggen evenredig aan hun inkomsten; de andere fysieke personen en rechtspersonen mag hij alleen in geval van ernstige nood en onder dezelfde voorwaarden een buitengewone en bescheiden heffing opleggen, behoudens particuliere wetten en gewoonten die hem verdergaande rechten toekennen.
Tenzij iets anders door het recht bepaald is, komt het aan de vergadering van de Bisschoppen van een kerkprovincie toe:
  1. vooraf de taksen vast te stellen voor handelingen van de uitvoerende gunstverlenende macht of voor de uitvoering van rescripten van de Apostolische Stoel, die door de Apostolische Stoel zelf goedgekeurd moeten worden;
  2. de bijdragen vast te stellen bij gelegenheid van de bediening van sacramenten en sacramentaliën.
§ 1 Behoudens het recht van religieuzen-mendicanten is het iedere private persoon, hetzij een fysieke persoon hetzij een rechtspersoon, verboden zonder schriftelijk gegeven verlof van de eigen Ordinaris en van de plaatselijke Ordinaris geld in te zamelen ten bate van welk vroom of kerkelijk instituut of doel ook.

§ 2 De bisschoppenconferentie kan normen vaststellen inzake geldinzameling, die door allen in acht genomen moeten worden, niet uitgesloten degenen die krachtens instelling mendicanten genoemd worden en zijn.

In alle kerken en kapellen, ook die welke toebehoren aan religieuze instituten, die in feite habitueel openstaan voor de christengelovigen, kan de plaatselijke Ordinaris voorschrijven dat voor bepaalde parochiële, diocesane, nationale of universele initiatieven een speciale geldelijke bijdrage ingezameld wordt, die daarna stipt aan de diocesane curie afgedragen moet worden.
§ 1 Tenzij het tegendeel vaststaat, worden bijdragen, geschonken aan Oversten of bestuurders van gelijk welke kerkelijke rechtspersoon, ook een private, gepresumeerd geschonken te zijn aan de rechtspersoon zelf.

§ 2 Bijdragen waarover in § 1, kunnen niet geweigerd worden tenzij om een goede reden en, bij zaken van groter belang, met verlof van de Ordinaris als het gaat om een publieke rechtspersoon; het verlof van dezelfde Ordinaris is vereist voor de aanvaarding van bijdragen die bezwaard worden met een belastende modaliteit of met een voorwaarde, onverminderd het voorschrift van can. 1295.

§ 3 Bijdragen door de gelovigen geschonken voor een bepaald doel, kunnen alleen tot dit doel bestemd worden.

Verjaring als wijze van verwerven en van zich vrij maken neemt de Kerk voor tijdelijke goederen over volgens de canones 197-199.
Wanneer gewijde voorwerpen eigendom zijn van privé-personen, kunnen zij door verjaring door privé-personen verworven worden, maar ze mogen niet voor profaan gebruik aangewend worden tenzij ze hun wijding of zegening verloren hebben; als zij echter aan een publieke kerkelijke rechtspersoon toebehoren, kunnen ze slechts door een andere publieke kerkelijke rechtspersoon verworven worden.
Onroerende goederen, kostbare roerende goederen, rechten en rechtsvorderingen, hetzij persoonlijke hetzij zakelijke, die aan de Apostolische Stoel toebehoren, verjaren door een tijdsduur van honderd jaar; die welke aan een andere kerkelijke publieke rechtspersoon toebehoren, door een tijdsduur van dertig jaar.
Bisschoppen dienen op grond van de band van eenheid en liefde, naargelang van de mogelijkheden van hun bisdom, ertoe bij te dragen om voor middelen te zorgen waaraan de Apostolische Stoel volgens de tijdsomstandigheden behoefte heeft om zijn dienst tegenover de gehele Kerk op de juiste wijze te kunnen vervullen.
In gebieden waar beneficies in eigenlijke zin nog bestaan, komt het de bisschoppenconferentie toe om door geschikte normen, met de Apostolische Stoel overeengekomen en door deze goedgekeurd, het beheer van deze beneficies zó te regelen dat de opbrengst, zelfs voor zover mogelijk het vermogen zelf van de beneficies, geleidelijk overgebracht wordt naar het instituut waarover in can. 1274, § 1.

Document

Naam: CODEX IURIS CANONICI
Codex van het Canonieke recht
Soort: Wetboek
Auteur: Aucturitate Ioannis Pauli PP. II
Datum: 25 januari 1983
Copyrights: © www.kerkrecht.nl
Aan de hier gepubliceerde versie kunnen geen rechten ontleend worden
Bewerkt: 21 oktober 2020

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
Trefwoordenlijst voor dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2020, Stg. InterKerk, Schiedam