• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

Een dispensatie, dit wil zeggen de vrijstelling van een louter kerkelijke wet in een bijzonder geval, kan verleend worden door hen die de uitvoerende macht bezitten binnen de grenzen van hun bevoegdheid, alsook door hen aan wie de macht om te dispenseren expliciet of impliciet toekomt, hetzij van rechtswege hetzij krachtens wettige delegatie.

Niet vatbaar voor dispensatie zijn de wetten voor zover de datgene bepalen wat wezenlijk constituerend is voor rechtsinstituten of rechtshandelingen.
§ 1 De diocesane Bisschop kan gelovigen, zo dikwijls hij dat voor hun geestelijk welzijn bevorderlijk acht, dispenseren van disciplinaire wetten, zowel universele als particuliere, door de hoogste overheid van de Kerk voor zijn ambtsgebied of zijn onderdanen uitgevaardigd, maar niet van wetten van proces- of strafrecht, noch van die waarvan de dispensatie aan de Apostolische Stoel of een andere overheid speciaal voorbehouden is.

§ 2 Als beroep op de Heilige Stoel moeilijk is en tevens bij uitstel gevaar voor ernstige schade aanwezig is, kan iedere Ordinaris dispenseren van deze zelfde wetten, ook als de dispensatie voorbehouden is aan de Heilige Stoel, mits het over een dispensatie gaat die deze zelf in dezelfde omstandigheden pleegt te verlenen, onverminderd het voorschrift van can. 291.

De plaatselijke Ordinaris kan dispenseren van diocesane wetten en, zo dikwijls hij dat voor het welzijn van de gelovigen bevorderlijk acht, van wetten uitgevaardigd door een plenair of provinciaal Concilie of door de bisschoppenconferentie.
De pastoor en andere priesters of de diakens kunnen niet dispenseren van een universele en particuliere wet, tenzij deze macht hun uitdrukkelijk verleend is.
§ 1 Van een kerkelijk wet mag niet gedispenseerd worden zonder een goede en verantwoorde reden, rekening houdend met de omstandigheden van het geval en het gewicht van de wet waarvan gedispenseerd wordt; anders is de dispensatie ongeoorloofd en, tenzij ze door de wetgever zelf of diens overheid verleend is, ook ongeldig.

§ 2 Bij twijfel over de toereikendheid van de reden wordt de dispensatie geldig en geoorloofd verleend.

Wie macht bezit om te dispenseren kan die uitoefenen, ook wanneer hij zich buiten zijn ambtsgebied bevindt, ten aanzien van onderdanen, ook als die uit het ambtsgebied afwezig zijn en, tenzij het tegendeel uitdrukkelijk bepaald wordt, ook ten aanzien van vreemdelingen die daadwerkelijk in zijn ambtsgebied verblijven, alsook ten aanzien van zichzelf.
Aan strikte interpretatie is niet alleen een dispensatie volgens can. 36 §1 onderworpen, maar ook de voor een bepaald geval gegeven macht zelf om te dispenseren.
Een dispensatie die zich over een tijdsverloop uitstrekt, houdt op te bestaan op dezelfde wijzen als een privilege, alsook door het zeker en volledig ophouden van de doorslaggevende reden.

Document

Naam: CODEX IURIS CANONICI
Codex van het Canonieke recht
Soort: Wetboek
Auteur: Aucturitate Ioannis Pauli PP. II
Datum: 25 januari 1983
Copyrights: © www.kerkrecht.nl
Aan de hier gepubliceerde versie kunnen geen rechten ontleend worden
Bewerkt: 13 september 2019

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
Trefwoordenlijst voor dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam