• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

§ 1 Opdat iemand geldig tot pastoor benoemd kan worden, moet hij de heilige priesterwijding ontvangen hebben.
§ 2 Bovendien dient hij uit te munten in de gezonde leer en door een rechtschapen levenswijze, te beschikken over zieleijver en andere deugden, en daarbij de eigenschappen te bezitten die, hetzij door het universeel hetzij door het particulier recht vereist zijn om zorg te dragen voor de parochie waarover het gaat.

§ 3 Om aan iemand het pastoorsambt te kunnen toewijzen, behoort met zekerheid vast te staan, op de door de diocesane Bisschop bepaalde wijze, ook door een examen, dat hij daarvoor geschikt is.

Alinea's in de marge van alinea 521

De priesters aan wie hoofdelijk, volgens can. 517, § 1, de pastorale zorg over een parochie of verschillende parochies tegelijk toevertrouwd wordt:

  1. 1. moeten de eigenschappen bezitten waarover in can. 521;
  2. 2. dienen benoemd of aangesteld te worden volgens de voorschriften van de canones 522 en 524;
  3. 3. ontvangen de pastorale zorg eerst vanaf het ogenblik van de inbezitneming; hun moderator wordt in het bezit gesteld volgens de voorschriften van can. 527, § 2; voor de overig priesters evenwel neemt het wettig afleggen van de geloofsbelijdenis de plaats in van de inbezitneming.

Document

Naam: CODEX IURIS CANONICI
Codex van het Canonieke recht
Soort: Wetboek
Auteur: Aucturitate Ioannis Pauli PP. II
Datum: 25 januari 1983
Copyrights: © www.kerkrecht.nl
Aan de hier gepubliceerde versie kunnen geen rechten ontleend worden
Bewerkt: 5 november 2020

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
Trefwoordenlijst voor dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2020, Stg. InterKerk, Schiedam