• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
§ 1 Onverminderd de voorschriften van de statuten stellen beheerders ongeldig daden die de grenzen en de wijze van gewoon beheer overschrijden, tenzij zij vooraf een schriftelijk gegeven bevoegdheid van de Ordinaris gekregen hebben.

§ 2 In de statuten dienen de daden bepaald te worden die de grenzen en de wijze van gewoon beheer overschrijden; als echter de statuten hierover zwijgen, komt het de diocesane Bisschop toe om, na de raad voor economische zaken gehoord te hebben, deze daden voor de hem onderworpen rechtspersonen te bepalen.

§ 3 Tenzij wanneer en voor zover het tot eigen voordeel geweest is, is een rechtspersoon niet gehouden verantwoordelijk te zijn voor daden die door de beheerders ongeldig gesteld zijn; voor daden echter die door de beheerders onwettig maar geldig gesteld zijn, zal de rechtspersoon zelf verantwoordelijk zijn, behoudens zijn rechtsvordering of beroep tegen de beheerders die hem schade berokkend hebben.

Allen, hetzij clerici hetzij leken, die op grond van een wettige titel deelhebben in het beheer van kerkelijke goederen, zijn gehouden hun taken te vervullen in naam van de Kerk volgens het recht.
Voordat beheerders hun taak aanvangen:
  1. moeten zij tegenover de Ordinaris of diens gedelegeerde onder ede beloven dat zij goed en trouw beheer zullen voeren;
  2. dient een nauwkeurig en gespecificeerde, door hen zelf te ondertekenen inventaris opgemaakt te worden van de onroerende goederen, van de roerende goederen, hetzij kostbaar hetzij hoe dan ook tot het cultuurgoed behorend, en van de andere goederen, samen met een beschrijving en waardeschatting ervan, en, eenmaal opgemaakt, dient de inventaris nagezien te worden;
  3. dient het ene exemplaar van deze inventaris bewaard te worden in het archief van het beheer, het andere in het archief van de curie; en in beiden dient elke verandering die het vermogen eventueel ondergaat, geregistreerd te worden.
§ 1 Alle beheerders zijn gehouden hun taak met de zorgvuldigheid van een goed huisvader te vervullen.

§ 2 Daarom moeten zij:

  1. waken dat de aan hun zorg toevertrouwde goederen op geen enkele manier verloren gaan of schade ondervinden, door tot dit doel voor zover nodig verzekeringscontracten af te sluiten;
  2. ervoor zorgen dat de eigendom van kerkelijke goederen op burgerrechtelijk geldige wijzen veilig gesteld wordt;
  3. de voorschriften onderhouden zowel van het canoniek recht als van het burgerlijk recht, of die door de stichter of schenker of door het wettig gezag opgelegd zijn, en vooral waken dat de Kerk geen schade lijdt door het niet-onderhouden van de burgerlijke wetten;
  4. nauwgezet en op de juiste tijd de inkomsten en opbrengsten van de goederen innen, en ze, eenmaal geïnd, veilig bewaren en besteden naar de geest van de stichter of volgens wettige normen;
  5. de te betalen rente vanwege ofwel een lening ofwel een hypotheek op de vastgestelde tijd voldoen, en ervoor zorgen dat het verschuldigde kapitaal te gepasten tijde terugbetaald wordt;
  6. het geld dat na aftrek van de uitgaven overblijft en nuttig belegd kan worden, met toestemming van de Ordinaris voor de doeleinden van de rechtspersoon beleggen;
  7. de boeken van inkomsten en uitgaven goed bijhouden;
  8. aan het einde van elk jaar een verantwoording van het beheer opstellen;
  9. documenten en stukken waarop de rechten van de Kerk of van een instituut ten aanzien van goederen steunen, goed ordenen en in een passend en geschikt archief bewaren; authentieke exemplaren ervan, waar het geschikt kan, in het archief van de curie deponeren.
§ 3 Ten zeerste wordt aanbevolen dat de beheerders elk jaar een begroting opmaken van inkomsten en uitgaven; het wordt echter aan het particulier recht overgelaten deze voor te schrijven en de wijzen waarop deze voorgelegd moet worden, nader te bepalen.
Alleen binnen de grenzen van het gewone beheer mogen beheerders uit de roerende goederen die niet tot het vaste vermogen behoren, schenkingen doen voor doeleinden van vroomheid of christelijke caritas.
Beheerders van goederen dienen:
  1. bij aanbesteding van werken ook de burgerlijke wetten die betrekking hebben op de arbeid en het sociale leven, nauwgezet te onderhouden volgens de beginselen door de Kerk gegeven;
  2. hun die bij overeenkomst arbeid verrichten, een rechtvaardig en behoorlijk loon uit te keren, zó dat dezen op passende wijze kunnen voorzien in hun eigen behoeften en in de behoeften van die bij hen horen.
§ 1 Met verwerping van elke tegenstrijdige gewoonte zijn beheerders, zowel clerici als leken, van gelijk welke kerkelijke goederen die niet op wettige wijze zijn onttrokken aan de bestuursmacht van de diocesane Bisschop, gehouden elk jaar rekenschap af te leggen aan de plaatselijke Ordinaris, die deze ter onderzoek aan de raad voor economische zaken dient toe te vertrouwen.

§ 2 Over goederen die door de gelovigen aan de Kerk aangeboden worden, dienen de beheerders rekenschap af te leggen aan de gelovigen volgens de normen door het particulier recht vast te stellen.

Beheerders mogen namens een publieke rechtspersoon noch voor een burgerlijke rechtbank een rechtsgeding beginnen noch er zich tegen verweren, tenzij zij schriftelijk gegeven verlof van de eigen Ordinaris verkregen hebben.

Document

Naam: CODEX IURIS CANONICI
Codex van het Canonieke recht
Soort: Wetboek
Auteur: Aucturitate Ioannis Pauli PP. II
Datum: 25 januari 1983
Copyrights: © www.kerkrecht.nl
Aan de hier gepubliceerde versie kunnen geen rechten ontleend worden
Bewerkt: 5 november 2020

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
Trefwoordenlijst voor dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2020, Stg. InterKerk, Schiedam