• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

Leo XIII besefte dat een gezonde theorie over de staat noodzakelijk is om de normale ontwikkeling van de menselijke activiteiten te verzekeren: zowel van de geestelijke als van de materiële activiteiten die beide onmisbaar zijn. Vgl. Paus Leo XIII, Encycliek, Over kapitaal en arbeid, Rerum Novarum (15 mei 1891), 28 Daarom geeft hij in een passage van de encycliek Paus Leo XIII - Encycliek
Rerum Novarum
Over kapitaal en arbeid
(15 mei 1891)
de organisatie van de staat volgens de drie machten, de wetgevende, de uitvoerende en de rechterlijke macht, wat in die tijd een noviteit was in het onderricht van de Kerk. Vgl. Paus Leo XIII, Encycliek, Over kapitaal en arbeid, Rerum Novarum (15 mei 1891), 26 Deze ordening geeft blijk van een realistische kijk op de sociale natuur van de mens, welke een wetgeving vraagt die geschikt is om de vrijheid van allen te beschermen. Daarom heeft het de voorkeur dat iedere macht in evenwicht gehouden wordt door andere machten en door andere sferen van bevoegdheid, welke haar binnen de juiste grenzen houden. Dat is het beginsel van de “rechtsstaat”, waarin de wet soeverein is en niet de willekeur van de mensen.

Tegenover deze opvatting heeft zich in de moderne tijd het totalitarisme gesteld, dat in zijn marxistisch-leninistische vorm gelooft dat sommige mensen van dwaling gevrijwaard zijn en zich dus de uitoefening van een absolute macht kunnen aanmatigen krachtens een diepere kennis van de wetten van de ontwikkeling van de maatschappij of door een bijzondere klassenpositie of door contact met de diepste bronnen van het collectieve bewustzijn. Hieraan moet toegevoegd worden dat het totalitarisme voortkomt uit de ontkenning van de waarheid in objectieve zin. Als er geen transcendente waarheid bestaat, in gehoorzaamheid waaraan de mens volledig zijn identiteit verwerft, dan bestaat er geen enkel zeker beginsel dat rechtvaardige betrekkingen tussen de mensen garandeert. Het belang van hun klasse, groep of natie stelt hen onvermijdelijk tegenover elkaar. Als men de transcendente waarheid niet erkent, dan overwint de kracht van de macht en probeert ieder de middelen waarover hij beschikt volledig te gebruiken om zijn eigen belang of zijn eigen mening op te leggen zonder rekening te houden met de rechten van de ander. Dan wordt de mens alleen gerespecteerd voor zover het mogelijk is hem te gebruiken als middel voor egoïstische zelfbevestiging. De wortel van het moderne totalitarisme moet dus gezocht worden in de ontkenning van de transcendente waardigheid van de mens, die zichtbaar beeld is van de onzichtbare God en juist hierom, vanwege zijn natuur zelf, subject van rechten is die niemand mag schenden, noch het individu noch de groep noch de klasse noch de natie of de staat. Ook de meerderheid van een sociaal lichaam mag dit niet doen en zij mag zich niet tegenover de minderheid stellen en deze marginaliseren, onderdrukken, uitbuiten of proberen te vernietigen Vgl. Paus Leo XIII, Encycliek, Over de menselijke vrijheid, Libertas praestantissimum (20 juni 1888)

Document

Naam: CENTESIMUS ANNUS
Ter gelegenheid van de honderdste verjaardag van de encycliek Rerum Novarum
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Encycliek
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 1 mei 1991
Copyrights: © 1991, Stichting R.K. Voorlichting, Oegstgeest
Bewerkt: 11 januari 2021

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
Trefwoordenlijst voor dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2021, Stg. InterKerk, Schiedam