• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

AFLATEN VERBONDEN AAN DE GODSDIENSTIGE OEFENINGEN TER ERE VAN DE GODDELIJKE BARMHARTIGHEID

“Uw barmhartigheid, o God, kent geen grenzen en de schat van uw goedheid is oneindig.. “(Gebed na het Te Deum) en “0 God, die uw almacht in het bijzonder openbaart door uw barmhartigheid en vergevingsgezindheid...” (Gebed van de XXVIste Zondag door het jaar), zingt nederig en getrouw onze Heilige Moeder de Kerk. Inderdaad: de oneindige welwillendheid van God, hetzij ten opzichte van de hele mensheid, hetzij ten opzichte van elke mens afzonderlijk, schittert op een bijzondere wijze wanneer diezelfde almachtige God de zonden en morele fouten vergeeft en wanneer de schuldigen opnieuw vaderlijk worden genoemd in zijn vriendschap, die ze terecht hadden verloren.

De gelovigen, wier ziel een diepe genegenheid mag ervaren, worden er om deze redenen toe opgeroepen de mysteries van de goddelijke vergeving te herdenken en ze voluit te vieren. Zij begrijpen duidelijk de grote nood, of liever de plicht om, als Godsvolk, de Goddelijke Barmhartigheid te loven met bijzondere gebedsformules en om tezelfdertijd, nadat ze met een dankbare ziel de gevraagde oefeningen hebben volbracht en aan de gestelde voorwaarden voldaan, de geestelijke voordelen te bekomen die voortvloeien uit de Schatkamer van de Kerk. “Het Paasmysterie is het hoogtepunt van deze openbaring en van de toepassing van de barmhartigheid, die in staat is de mens te rechtvaardigen, gerechtigheid te herstellen als uiting van de heilsorde die God van bij de aanvang in de mens had gewild en, via de mens, in de hele wereld.” H. Paus Johannes Paulus II, Encycliek, Over de Goddelijke Barmhartigheid, Dives in Misericordia (30 nov 1980), 7

In werkelijkheid kan de Goddelijke Barmhartigheid zelfs de zwaarste zonden vergeven, maar daartoe nodigt ze de gelovigen uit tot het voelen van een bovennatuurlijke, dus niet enkel zuiver psychologische pijn over hun eigen zonden, zodat ze, steeds met de hulp van de goddelijke genade, het sterke voornemen maken om niet meer te zondigen. Deze zielsgesteltenis laat inderdaad het vergeven van doodzonden mogelijk wanneer de gelovige op vruchtbare wijze het Boetesacrament ontvangt of berouw over zijn zonden toont door een akte van volmaakte liefde met de intentie om zo vlug mogelijk het Boetesacrament te ontvangen. Inderdaad: de parabel van de verloren zoon leert dat de zondaar zijn spijt aan God moet belijden met de woorden: Vader, ik heb misdaan tegen de Hemel en tegen u; ik ben niet meer waard uw zoon te heten (Lc. 15, 18-19), terwijl hij aanvoelt dat dit het werk van God is: (Hij) was dood en is levend geworden; hij was verloren en is teruggevonden (Lc. 15, 32)

Het is daarom dat onze Opperherder Paus Johannes Paulus II met een vooruitziende pastorale gevoeligheid en met de bedoeling om de voorschriften en leerstellingen van het christelijk geloof diep in de harten van de gelovigen te planten en, gedreven door de tedere eerbied voor de Vader van de Barmhartigheid, heeft gewild dat de Tweede Zondag van Pasen zou zijn gewijd aan de herdenking, met bijzondere aandacht voor deze gaven van genade en “Zondag van de Goddelijke Barmhartigheid” zou worden genoemd. Congregatie voor de Eredienst en de Sacramenten, Decreet over de aflaten verbonden aan de devotie met betrekking tot de Goddelijke Barmhartigheid, Misericors et miserator (5 mei 2000)

Het Evangelie van de Eerste Zondag na Pasen verhaalt wonderbare dingen die door Christus werden gedaan op de dag zelf van de Verrijzenis, tijdens zijn eerste verschijning in het openbaar: in de avond van die eerste dag van de week, toen de deuren van de verblijfplaats van de leerlingen gesloten waren uit vrees voor de Joden, kwam Jezus binnen, ging in hun midden staan en zei: ‘Vrede zij u’. Na dit gezegd te hebben toonde hij hun zijn handen en zijn zijde. De leerlingen waren vervuld van vreugde toen zij de Heer zagen. Nogmaals zei Jezus tot hen: ‘Vrede zij u. Zoals de Vader mij gezonden heeft zo zend ik u.’ Na deze woorden blies Hij over hen en zei: ‘Ontvangt de heilige Geest. Aan wie ge de zonden vergeeft, zijn ze vergeven en aan wie ge ze niet vergeeft, zijn ze niet vergeven. (Joh. 20, 19-23)

Opdat de gelovigen die viering met een intense godsvrucht zouden beleven, heeft de Opperherder zelf beslist dat die zou worden verrijkt met een volle aflaat, zoals hierna zal worden omschreven, opdat de gelovigen nog voller de gave van de troost van de Heilige Geest zouden kunnen ontvangen en aldus voedsel geven aan hun groeiende liefde voor God en hun naaste, en opdat deze laatsten, na vergeving van God te hebben bekomen, op hun beurt de drang zouden voelen om hun broeders dadelijk vergeving te schenken.

Aldus zullen de gelovigen op nog volmaakter wijze de Geest van het Evangelie volgen, door in hun binnenste de vernieuwing van het Tweede Vaticaans Concilie te aanvaarden en zich het woord van de Heer herinneren: “Hieruit zullen allen kunnen opmaken dat gij mijn leerlingen zijt: als gij de liefde onder elkaar bewaart” (Joh. 13, 35), zullen de christenen geen vuriger wens hebben dan dienst te bewijzen. aan de mensen van hun tijd... “Want het is de wil van de Vader dat wij in elke mens Christus, onze broeder herkennen en dat we iedereen beminnen, in woord en daad”. 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk in de wereld van deze tijd, Gaudium et Spes (7 dec 1965), 39

Tijdens de audiëntie van 13 juni 2002 voor de verantwoordelijken van de Apostolische Penitentiarie, hierna genoemd, heeft de Opperherder, bezield door het vurige verlangen om deze gevoelens van Godsvrucht tegenover de Goddelijke Barmhartigheid zoveel mogelijk te bevorderen bij het Christenvolk en omwille van de zeer rijke spirituele vruchten die men ervan mag verwachten, aflaten willen toekennen volgens de hiernavolgende voorschriften:

Een Volle Aflaat wordt verleend, volgens de gewone voorwaarden (Sacramentele Biecht, Eucharistische Communie en gebed voor de intenties van de Opperherder) aan de gelovige die op de Tweede Zondag van Pasen, dat wil zeggen de zondag van de “Goddelijke Barmhartigheid”, in elke kerk of kapel, met een ziel die vrij is van zonden, zelfs dagelijkse zonden, deelneemt aan de godvruchtige praktijken ter ere van de Goddelijke Barmhartigheid, of die tenminste, in aanwezigheid van het Allerheiligste Sacrament van de Eucharistie, openbaar uitgestald of in het tabernakel aanwezig, het Onze Vader en het Credo uitspreekt, en daar een godvruchtige aanroeping tot de Barmhartige Heer Jezus aan toevoegt (bijvoorbeeld “Barmhartige Jezus, ik heb vertrouwen in U”).
Een Gedeeltelijke Aflaat wordt verleend aan de gelovige die met een berouwvol hart tot de Barmhartige Heer Jezus één van de godvruchtige aanroepingen richt die wettelijk werden bekrachtigd.

Bovendien wordt op de zondag van de Goddelijke Barmhartigheid een Volle Aflaat verleend aan personen die op zee werken en hun plicht doen op haar oneindige uitgestrektheid; aan onze ontelbare broeders die van hun vaderland zijn verwijderd door de rampen van de oorlog, politieke gebeurtenissen, onherbergzaamheid van de streek, of andere dergelijke oorzaken; aan de zieken en de personen die hen bijstaan, en allen die voor de goede zaak hun huis niet kunnen verlaten of die ten voordele van de maatschappij een taak uitoefenen die niet kan worden uitgesteld, als ze elke vorm van zonde weigeren, zoals hoger omschreven, en met de intentie om zo snel als ze dat kunnen de drie gewone voorwaarden te vervullen, en als ze tegenover een godvruchtige beeltenis van onze Barmhartige Heer Jezus het Onze Vader en het Credo uitspreken en er een godvruchtige aan roeping tot de Barmhartige Heer Jezus aan toevoegen (bijvoorbeeld “Barmhartige Jezus, ik heb vertrouwen in U”).

Als ook dat niet zou kunnen gebeuren zal het mogelijk zijn om op diezelfde zondag een Volle Aflaat te verdienen voor al wie zich in de geest verenigt met hen die op de gewone wijze de oefeningen doen die nodig zijn voor het bekomen van de aflaat, en die tot de Barmhartige God een gebed richten en tezelfdertijd het lijden van hun ziekte en de moeilijkheden van hun leven opofferen, waarbij ook zij de intentie moeten hebben om zo spoedig mogelijk de drie voorgeschreven voorwaarden voor het bekomen van een volle aflaat te vervullen.
De priesters die hun pastorale dienst uitoefenen, in het bijzonder de pastoors, moeten hun gelovigen op een passende wijze op de hoogte brengen van dit heilzame besluit van de Kerk, zij moeten met een beschikbare en grootmoedige ziel hun biecht horen en op de zondag van de Goddelijke barmhartigheid moeten zij, na de viering van de Mis of de Vespers, met de eerbied die daartoe is vereist, het opzeggen van de bovengenoemde gebeden leiden; met name Zalig de barmhartigen, want zij zullen barmhartigheid ondervinden (Mt 5, 7); bij het uitoefenen van hun geloofsonderricht moeten zij de gelovigen met zachtheid aansporen om zo vaak mogelijk goede werken of werken van barmhartigheid te verrichten, daarbij het voorbeeld en het mandaat van Jezus Christus volgend, zoals het staat aangeduid in de tweede generale concessie van het “Apostolische Penitentiarie
Enchiridion Indulgentiarum
Decreet (16 juli 1999)
”. (Handboek der aflaten)
Het huidige decreet heeft eeuwigheidswaarde, zelfs ondanks tegengestelde beschikkingen.
Rome, bij de zetel van de apostolische Penitentiarie, op 29 juni 2002, op het Hoogfeest van de HH. Apostelen Petrus en Paulus

Mgr. Luigi De Magistris,
Titulair aartsbisschop.

P. Gianfranco Girotti, o.f.m. conv.,
Regent.

Document

Naam: AFLATEN VERBONDEN AAN DE GODSDIENSTIGE OEFENINGEN TER ERE VAN DE GODDELIJKE BARMHARTIGHEID
Soort: Apostolische Penitentiarie
Auteur: Mgr. Luigi De Magistris
Datum: 29 juni 2002
Copyrights: © 2002, Libreria Editrice Vaticana
Vert.: Positief, apr. 2003, nr. 331; alineaverdeling en -nummering: redactie
Bewerkt: 30 augustus 2013

Referenties naar dit document

 
Geen documenten gevonden!
 
Geen berichten gevonden!

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam