• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
Er zijn mensen die zeggen dat de morele leer van de Kerk te veel verboden omvat. In werkelijkheid echter is haar leer gebaseerd op de erkenning en bevordering van alle gaven die de Schepper aan de mens geschonken heeft, zoals leven, kennis, vrijheid en liefde. Niet alleen aan de intellectuele activiteiten van de mens komt bijzondere waardering toe, maar ook aan de praktische, zoals werk en technologische activiteiten. Hiermee neemt hij in feite deel aan de scheppende macht van God en is hij geroepen de schepping om te vormen door de vele hulpbronnen te ordenen op de waardigheid en het welzijn van alle mensen en van de menselijke persoon in zijn geheel. Zo handelt de mens als rentmeester van de waarde en de intrinsieke schoonheid van de schepping.

De menselijke geschiedenis toont echter aan dat de mens de macht en de vermogens die God aan hem heeft toevertrouwd misbruikt heeft en kan blijven misbruiken, waardoor verschillende vormen van onrechtvaardige discriminatie en onderdrukking van de meest zwakken en weerlozen ontstaan: de dagelijks aanvallen op menselijk leven; het bestaan van hele landstreken waar op grote schaal armoede heerst, waar mensen sterven aan honger en ziekten, uitgesloten van de intellectuele en praktische hulpbronnen die in veel landen overvloedig beschikbaar zijn; technologische en industriële ontwikkeling waardoor het reële gevaar bestaat dat het ecosysteem in elkaar stort; het gebruik van wetenschappelijk onderzoek op het gebied van natuurkunde, scheikunde en biologie in dienst van oorlogvoering; de vele conflicten die mensen en culturen nog steeds scheiden; dit zijn helaas slechts enkele van de meest duidelijke tekenen hoe de mens slecht gebruik kan maken van zijn talenten en zijn eigen ergste vijand kan worden, door het besef te verliezen van zijn verheven en bijzondere roeping mee te werken in Gods scheppende werk.

Tegelijkertijd heeft de menselijke geschiedenis ook werkelijke vooruitgang en erkenning van de waarde en de waardigheid van iedere persoon getoond, als de grondslag van de rechten en ethische verplichtingen waardoor de menselijke samenleving gestructureerd is en nog steeds gestructureerd wordt. Juist in de naam van het bevorderen van de menselijke waardigheid zijn daarom bepaalde praktijken en vormen van gedrag verboden, die schadelijk zijn voor die waardigheid. Zo is er bijvoorbeeld een wettelijk en politiek – en niet alleen een ethisch – verbod op racisme, op slavernij, op onrechtvaardige discriminatie en marginalisatie van vrouwen, kinderen, zieken en gehandicapten. Zulke verboden getuigen van de onvervreemdbare waarde en intrinsieke waardigheid van iedere mens en zijn een teken van waarachtige vooruitgang in de menselijke geschiedenis. Met andere woorden, de rechtmatigheid van ieder verbod is gebaseerd op de noodzaak een authentiek moreel goed te beschermen.
Oorspronkelijk werd menselijke en sociale vooruitgang op de eerste plaats gekenmerkt door industriële ontwikkeling en de productie van consumptiegoederen. Vandaag de dag wordt die vooruitgang gekarakteriseerd door ontwikkelingen in de informatietechnologie, onderzoek naar genetica, geneeskunde en biotechnologie ten behoeve van de mens, allemaal gebieden van groot belang voor de toekomst van de mensheid, waar zich echter tevens duidelijke en onaanvaardbare misbruiken voordoen. “Precies een eeuw geleden waren het de arbeidersklassen die werden onderdrukt in hun fundamentele rechten, en de Kerk verdedigde hen moedig, door de onschendbare rechten van de arbeider als persoon te verkondigen. Nu een andere categorie personen wordt onderdrukt wat betreft het fundamentele recht op leven, voelt de Kerk het als haar plicht met dezelfde moed haar stem te verheffen namens degenen die geen stem hebben. Zij herhaalt altijd de evangelische uitroep ter verdediging van de armen van de wereld, die worden bedreigd en geminacht en wiens mensenrechten worden geschonden”. H. Paus Johannes Paulus II, Brief, Aan alle Bisschoppen over de principes van de onschendbaarheid van het menselijk leven (19 mei 1991)

Krachtens de leerstellige en pastorale missie van de Kerk, heeft de Congregatie voor de Geloofsleer zich verplicht gevoeld zowel de waardigheid als de fundamentele en onvervreemdbare rechten van iedere mens, ook van hen in de beginstadia van hun bestaan, krachtig te herhalen, en expliciet de noodzaak tot bescherming en respect uiteen te zetten, die deze waardigheid van iedereen vereist.

De vervulling van deze plicht impliceert moedig verzet tegen alle praktijken die leiden tot ernstige en onrechtvaardige discriminatie tegen ongeboren mensen, die de waardigheid van een persoon hebben, net zoals alle anderen die geschapen zijn naar Gods beeld. Achter iedere “nee” in de moeilijke taak onderscheid te maken tussen goed en kwaad, schittert een groot “ja” voor de erkenning van de waardigheid en de onvervreemdbare waarde van iedere unieke mens die tot leven is geroepen.

De christelijke gelovigen moeten zich toewijden aan het actief bevorderen van een nieuwe cultuur van het leven door met de inhoud van deze Instructie met een godsdienstige geest in te stemmen, in de wetenschap dat God altijd de noodzakelijke genade schenkt om Zijn geboden te onderhouden en dat men in iedere mens, bovenal in de minsten onder ons, Christus Zelf ontmoet Vgl. Mt. 25, 40 . Bovendien zullen alle mensen van goede wil, in het bijzonder artsen en onderzoekers die open staan voor dialoog en verlangen de waarheid te kennen, deze principes en oordelen begrijpen en ermee instemmen; ze zijn bedoeld om de kwetsbare toestand van mensen in de eerste stadia van het leven te beschermen en een menselijkere beschaving te bevorderen.

Paus Benedictus XVI heeft op 20 juni 2008, tijdens de audiëntie verleend aan de ondergetekende Kardinaal-Prefect, deze Instructie, die reeds was aangenomen in de Gewone Vergadering van deze Congregatie, goedgekeurd en de publicatie ervan bevolen.

Rome, vanuit de Zetel van de Congregatie voor de Geloofsleer, 8 september 2008, het Feest van de Geboorte van de Heilige Maagd Maria.

William kardinaal Levada
Prefect

+ Luis Ladaria, S.I.
Titulair Aartsbisschop van Thibica
Secretaris

Document

Naam: DIGNITAS PERSONAE
Instructie betreffende zekere bio-ethische vraagstukken
Soort: Congregatie voor de Geloofsleer
Auteur: William Kardinaal Levada
Datum: 8 september 2008
Copyrights: © 2008, Libreria Editrice Vaticana / SRKK
Voorlopige vert.: N. Stienstra
Bewerkt: 7 november 2019

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2020, Stg. InterKerk, Schiedam