• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
De Bisschoppen en de priesters
Naast het gezin - dat zelf niet alleen voorwerp maar voorat onderwerp is van de gezinspastoraal -, moeten ook anderen vermeld worden, en vooral diegenen die in deze speciale sector werkzaam zijn.
De Bisschop is de eerst verantwoordelijke voor de gezinspastoraal in het bisdom. Als vader en herder moet hij bijzondere zorg hebben voor deze zonder meer primaire sector van het pastorale dienstwerk. Hij moet daaraan zonder ophouden aandacht, zorg, tijd, personeel en geldmiddelen besteden, maar vooral persoonlijke steun aan de gezinnen en aan allen die hem in de verschillende diocesane structuren helpen in de gezinspastoraal. Hij moet zich vooral van harte voornemen ervoor te werken dat het eigen bisdom steeds meer een echt "diocesaan gezin" wordt, model en bron van hoop voor alle gezinnen die tot het bisdom behoren. De oprichting van de Pauselijke Raad voor het Gezin moet men zien in deze context: een teken te zijn van het belang dat ik hecht aan de gezinspastoraal in de wereld, en tegelijk een krachtdadig middel om haar op alle niveaus hulp te bieden.

De Bisschoppen moeten in het bijzonder gebruik maken van de diensten van de priesters, wier taak een wezenlijk onderdeel vormt van de bediening van de Kerk ten bate van huwelijk en gezin, zoals de synode uitdrukkelijk heeft onderstreept. Hetzelfde moet gezegd worden van de diakens aan wie eventueel de zorg voor deze pastorale sector wordt toevertrouwd.

Hun verantwoordelijkheid strekt zich niet alleen uit tot de problemen van moraal en liturgie maar ook tot die van persoonlijke en maatschappelijke aard. Zij moeten het gezin ondersteunen in zijn problemen en moeilijkheden, de gezinsleden bijstaan en hen helpen hun eigen leven te zien in het licht van het Evangelie. Het is niet overbodig op te merken dat, als deze zending wordt uitgeoefend met het nodige onderscheidingsvermogen en met een echte apostolische geest, de bedienaar van de Kerk daaruit nieuwe stimulansen en geestelijke energie put, ook voor zijn eigen roeping en voor de uitoefening van zijn bediening.

Als de priester of diaken tijdig en door intensieve studie is voorbereid op dit apostolaat, moet hij zich voortdurend ten opzichte van de gezinnen gedragen als vader, broeder, herder en leraar en hen helpen met de genademiddelen en verlichten met het licht van de waarheid. Het onderricht en de raad van de priester of de diaken moeten steeds geheel in overeenstemming zijn met het ware leergezag van de Kerk, zodat het volk Gods geholpen wordt zich een juiste geloofszin te verwerven, die vervolgens toegepast kan worden op het concrete leven. Deze trouw aan het leergezag zal het de priesters ook mogelijk maken met alle ijver te zorgen voor eenheid in hun oordelen, teneinde aan de gelovigen gewetensangst te besparen.

Herders en leken hebben in de Kerk deel aan de profetische zending van Christus: de leken door van het geloof te getuigen met woorden en met hun christelijk leven; de herders door in dat getuigenis datgene wat uitdrukking van het echte geloof is, te onderscheiden van datgene wat minder beantwoordt aan het geloofslicht; het gezin, als christelijke gemeenschap, door zijn eigen speciale deelname aan het geloof en zijn geloofsgetuigenis. Zo ontstaat ook een dialoog tussen de herders en de gezinnen. De theologen en de deskundigen in gezinsproblemen kunnen van veel nut zijn voor zo'n dialoog, door nauwkeurig de inhoud van het leergezag van de Kerk uiteen te zetten alsmede de inhoud van de ervaring van het gezinsleven. Op deze manier wordt de leer van het leergezag beter begrepen en wordt de weg ontsloten voor de geleidelijke ontwikkeling ervan. Toch past het eraan te herinneren dat de naaste en verplichtende norm voor de geloofsleer - ook met betrekking tot de problemen van het gezin - behoort tot de competentie van het hiërarchisch leergezag. Duidelijke betrekkingen tussen de theologen, de deskundigen in gezinsproblemen en het leergezag dragen niet weinig bij tot het juiste begrip van het geloof en tot de bevordering - binnen de grenzen van het geloof - van een gewettigd pluralisme.

Religieuzen
De bijdrage die mannelijke en vrouwelijke religieuzen, en godgewijde gelovigen in het algemeen, kunnen leveren aan het apostolaat van het gezin, vindt haar eerste, fundamentele en speciale uitdrukking juist in hun toewijding aan God, die hen "voor alle gelovigen" tot getuigen maakt van "dat wonderlijk ... huwelijk dat door God is gesticht en in de toekomstige wereld tot volledige openbaring moet komen, het huwelijk namelijk waardoor de Kerk Christus als haar enige bruidegom heeft" 2e Vaticaans Concilie, Decreet, Over de vernieuwing en aanpassing van het religieuze leven, Perfectae Caritatis (28 okt 1965), 12. Zij getuigen van die universele liefde die, door middel van de kuisheid welke zij omhelsd hebben omwille van het Rijk der hemelen, hen steeds meer beschikbaar doet zijn voor de edelmoedige toewijding aan de dienst van God en aan de werken van apostolaat.

Vandaar de mogelijkheid dat de religieuzen, de leden van seculiere instituten of van andere instituten van volmaaktheid, afzonderlijk of tezamen, vaak een eigen dienst aan de gezinnen ontplooien,

  • door bijzondere zorg voor de kleine kinderen, vooral als zij aan hun lot zijn overgelaten, voor de ongewenste kinderen, voor de wezen, de armen of gehandicapten;
  • door de gezinnen te bezoeken en de zieken te verzorgen;
  • door respectvolle en liefdevolle relaties op te bouwen met onvolledige gezinnen of met gezinnen die in moeilijkheden verkeren of uiteengevallen zijn;
  • door hun eigen activiteit van onderricht en raadgeving te besteden aan voorbereiding van jongeren op het huwelijk en aan hulp aan de echtparen ten bate van een werkelijk verantwoorde voortplanting;
  • door hun eigen huizen open te stellen voor een eenvoudige en hartelijke gastvrijheid, opdat de gezinnen er gevoelig voor God kunnen worden en er geestelijke smaak voor het gebed kunnen krijgen, tot inkeer kunnen komen en er het echte voorbeeld vinden van een leven van liefde en broederlijke blijdschap als leden van het grote gezin van God.
Ik zou er de meest dringende aansporing aan de oversten van de instituten van godgewijd leven aan willen toevoegen om, steeds met wezenlijk respect voor hun eigen en oorspronkelijke charisma, het apostolaat voor de gezinnen te willen zien als een van hun primaire taken, nog dringender geworden door de huidige stand van zaken.
Deskundige leken
Van niet weinig voordeel voor de gezinnen kunnen de deskundige leken (artsen, juristen, psychologen, maatschappelijke werkers, consulenten enz.) zijn die, hetzij individueel hetzij betrokken in diverse verenigingen en initiatieven, hun dienst van voorlichting, raad, oriëntatie of steun verlenen. Op hen kunnen goed de aansporingen toegepast worden die ik bij gelegenheid heb gericht tot de Bond van gezinsconsulenten die zich door de christelijke leer laten inspireren:
"De doeleinden die uw taak nastreeft, zijn zo edel en de resultaten die zij oplevert, zo beslissend voor het welzijn van de maatschappij en van de christelijke gemeenschap dat zij met recht gekenschetst mag worden als een zending ... Alles wat gij zult weten te doen ter ondersteuning van het gezin, zal een uitwerking hebben die haar eigen bereik overschrijdt en ook andere personen bereikt en die inwerkt op de samenleving. De toekomst van de wereld en van de Kerk loopt via het gezin". H. Paus Johannes Paulus II, Toespraak, Tot de Confederatie van christelijke raden voor het gezin (29 nov 1980), 3-4
Massamedia: journalisten en hun publiek
Een apart woord moet besteed worden aan de mensen die de maatschappelijke communicatie op zich nemen en verzorgen, die zo belangrijk is in het moderne leven. Het is algemeen bekend dat de massamedia "dikwijls zeer diep doordringen, zowel in gevoelsmatig en verstandelijk als in moreel en godsdienstig opzicht, in degenen die er gebruik van maken", vooral als zij jong zijn H. Paus Paulus VI, Boodschap, 3e Wereld Communicatie Dag, Sociale Communicatie en het gezin (7 apr 1969). Zij kunnen daarom een weldadige invloed uitoefenen op het leven en de zeden van het gezin en op de opvoeding van de kinderen, maar zij bergen ook "niet te verwaarlozen valstrikken en gevaren" H. Paus Johannes Paulus II, Boodschap, 14 Wereld Communicatie Dag, Sociale communicatie en de gezinnen (1 mei 1980) in zich en kunnen kanalen worden - listig, handig en systematisch gemanipuleerd, zoals helaas in verschillende landen van de wereld gebeurt - van ideologieën die de mensen van elkaar scheiden en van schandelijke visies op het leven, het gezin, de godsdienst en de zedelijkheid, omdat zij de echte waardigheid en bestemming van de mens niet eerbiedigen.

Een gevaar dat des te meer dreigt naarmate "de hedendaagse levenswijze - speciaal in de meer geïndustrialiseerde landen - de gezinnen er zeer vaak toe brengt zich van hun opvoedende verantwoordelijkheid te ontdoen en in gemakkelijke vluchtmiddelen (die thuis vooral geboden worden door de televisie en bepaalde publicaties) de manier vinden om de tijd en de vrije tijd van de kleine en grotere kinderen te vullen" H. Paus Johannes Paulus II, Boodschap, 15e Wereld Communicatie Dag, Sociale communicatie en verantwoordelijke menselijke vrijheid (10 mei 1981), 5. Vandaar "de plicht ... vooral de kleine en grotere kinderen te beschermen tegen de agressie die zij ondergaan van de kant van de massamedia", en om ervoor te zorgen dat hun gebruik in het gezin nauwgezet geregeld wordt. Zo moet het ook het gezin aan het hart liggen voor de kinderen andere, meer gezonde en nuttige ontspanningsmiddelen te zoeken die, fysiek, moreel en geestelijk, meer vormend zijn, "teneinde de vrije tijd van de jongens en meisjes vruchtbaar en waardevol te maken en hun energie in goede banen te leiden". H. Paus Johannes Paulus II, Boodschap, 15e Wereld Communicatie Dag, Sociale communicatie en verantwoordelijke menselijke vrijheid (10 mei 1981), 5

Aangezien de massamedia - evenals de school en het milieu - dikwijls ook in aanzienlijke mate invloed uitoefenen op de vorming van de kinderen, moeten de ouders, als gebruikers van deze media, een actieve rol spelen in hun gematigd, kritisch, waakzaam en verstandig gebruik, door na te gaan welke invloed ze uitoefenen op de kinderen en door een oriënterende bemiddeling die het mogelijk maakt "het geweten van de kinderen op te voeden tot het vormen van rustige en objectieve oordelen, die hun geweten brengen tot het kiezen of afwijzen van de programma's die vertoond worden". H. Paus Paulus VI, Boodschap, 3e Wereld Communicatie Dag, Sociale Communicatie en het gezin (7 apr 1969)

Met eenzelfde inzet moeten de ouders proberen bij de keuze en de voorbereiding van de programma's zelf, met passende initiatieven contacten op te nemen met degenen die verantwoordelijk zijn voor de verschillende onderdelen van productie en uitzending van deze programma's, teneinde te bereiken dat de fundamentele menselijke waarden die tot het echte algemene welzijn behoren, niet verwaarloosd of met opzet verworpen worden, maar dat integendeel programma's uitgezonden worden die geëigend zijn de problemen van het gezin en hun juiste oplossing op passende wijze te vertonen. Mijn voorganger Paulus VI schreef hierover:

"De programmamakers moeten de aanspraken van de gezinnen kennen en eerbiedigen; dit veronderstelt in hen soms echte moed en altijd een sterk gevoel voor verantwoordelijkheid. Zij zijn inderdaad verplicht alles te vermijden wat het gezin kan schaden in zijn bestaan, bestendigheid, evenwicht en geluk. Iedere aantasting van de fundamentele waarden van het gezin - of het nu gaat om erotiek of gewelddadigheid, om verdediging van echtscheiding of asociale gedragingen van jongeren - is een aantasting van het echte welzijn van de mens". H. Paus Paulus VI, Boodschap, 3e Wereld Communicatie Dag, Sociale Communicatie en het gezin (7 apr 1969)

En bij een soortgelijke gelegenheid heb ik zelf naar voren gebracht dat de gezinnen

"in niet geringe mate moeten kunnen rekenen op de goede wil, op de rechtschapenheid en op het verantwoordelijkheidsgevoel van de mensen in de mediawereld: uitgevers, schrijvers, producers, directeuren, toneelschrijvers, verslaggevers, commentatoren en acteurs". H. Paus Johannes Paulus II, Boodschap, 14 Wereld Communicatie Dag, Sociale communicatie en de gezinnen (1 mei 1980)

Daarom is het terecht dat men ook van de kant van de Kerk doorgaat met alle zorg te besteden aan deze categorie mensen en tegelijkertijd de katholieken aanmoedigt en steun die zich geroepen voelen, en er ook de gaven voor hebben, zich vol ijver in te zetten op dit terrein, dat grote kennis van zaken vereist.

Document

Naam: FAMILIARIS CONSORTIO
Over de taken van het christelijk gezin in de wereld van deze tijd
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Postsynodale Apostolische Exhortatie
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 22 november 1981
Copyrights: © 1982, Stg. Verkondiging, Roermond
Bewerkt: 1 oktober 2020

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2021, Stg. InterKerk, Schiedam