• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
Opvoeden tot de wezenlijke waarden van het menselijke leven
Ondanks de moeilijkheden bij het onderricht, die tegenwoordig vaak zwaar zijn, moeten de ouders hun kinderen met vertrouwen en moed onderwijzen in de wezenlijke waarden van het menselijke leven. De kinderen moeten opgroeien in een juiste vrijheid tegenover het gebruik van de stoffelijke goederen en zich een eenvoudige en sobere levensstijl eigen maken, in de vaste overtuiging dat "de mens meer waard is door wat hij is dan door wat hij heeft". 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk in de wereld van deze tijd, Gaudium et Spes (7 dec 1965), 35

In een maatschappij die geschokt en uiteengevallen is door de spanningen en conflicten wegens de hevige botsingen tussen de verschillende vormen van individualisme en egoïsme, moeten de kinderen zich verrijken niet alleen met de zin voor ware gerechtigheid die als enige de mensen leidt tot respect voor ieders persoonlijke waardigheid, maar ook en vooral met de zin voor de echte liefde die oprechte zorg betekent en belangeloze dienst jegens de anderen, in het bijzonder de armsten en meest behoeftigen. Het gezin is de eerste en fundamentele school voor sociale deugden: als liefdesgemeenschap vindt het in de zelfgave de wet die het leidt en doet groeien. De zelfgave die de onderlinge liefde van de echtgenoten bezielt, vormt het model en de norm voor de zelfgave die er moet zijn in de relaties tussen broers en zusters en tussen de verschillende generaties die in het gezin samenleven. De omgang en gemeenschap waarin men dagelijks thuis leeft, in de ogenblikken van vreugde en van moeilijkheden, zijn de meest waarachtige en werkdadige pedagogie om de kinderen actief, bewust en vruchtbaar in te voegen in de wijdere wereld van de maatschappij.

De opvoeding tot liefde als zelfgave vormt ook de onmisbare vooronderstelling voor de ouders, die geroepen zijn aan de kinderen een duidelijke en verstandige seksuele opvoeding te geven. Tegenover een cultuur die de menselijke seksualiteit grotendeels "banaliseert", omdat zij haar interpreteert en beleeft op gereduceerde en verarmde wijze, door haar alleen te verbinden met het lichaam en met het egoïstisch genot, moet de opvoedende dienst van de ouders zich standvastig richten op een seksuele cultuur die werkelijk en volledig persoonlijk is: de seksualiteit is immers een rijkdom van heel de persoon - lichaam, gevoel en ziel - en openbaart haar innerlijke betekenis, als zij de persoon brengt tot zelfgave in de liefde.

Het seksuele onderricht, fundamenteel recht en plicht van de ouders, moet steeds plaatsvinden onder hun zorgzame leiding, hetzij thuis, hetzij in de opvoedingscentra die door hen gekozen zijn en gecontroleerd worden. In deze zin bevestigt de Kerk de wet van de subsidiariteit, waaraan de school zich moet houden, wanneer zij meewerkt aan de seksuele opvoeding: zij moet zich opstellen in de geest die de ouders bezielt.

Hierbij is de opvoeding tot kuisheid onmisbaar, als deugd die de waarachtige rijpheid van de persoon ontwikkelt en hem bekwaam maakt om de betekenis van het lichaam voor het huwelijk te respecteren en te bevorderen. De tekenen van de roeping door God onderkennend, moeten de christelijke ouders zelfs speciale aandacht en zorg besteden aan de opvoeding tot maagdelijkheid, als hoogste vorm van de zelfgave die de eigen zin vormt van de menselijke seksualitieit.

Wegens de nauwe banden tussen de seksuele dimensie van de persoon en zijn ethische waarden moet de opvoeding de kinderen ertoe brengen de zedelijke normen te erkennen en te waarderen als noodzakelijke en kostbare garantie voor een verantwoorde persoonlijke groei in de menselijke seksualiteit.

Daarom verzet de Kerk zich voortdurend tegen een bepaalde, vaak gepropageerde vorm van seksuele voorlichting die is losgemaakt van de zedelijke beginselen en niets anders is dan een inleiding op de ervaring van het genot en een prikkel die voert tot het verlies van de gemoedsrust - reeds in de jaren van onschuld - en de weg naar de ondeugd opent.

Betrekking met andere opvoedkundige krachten
Het gezin is wel de eerste maar niet de enige en exclusieve opvoedende gemeenschap: de sociale dimensie van de mens - burgerlijk en kerkelijk - vereist en leidt tot een meer omvangrijke en meer geregelde activiteit, die de vrucht moet zijn van de geordende actieve hulp van de verschillende opvoedkundige krachten. Deze zijn alle nodig, ook al kan en moet elkeen deelnemen met zijn eigen bevoegdheid en zijn eigen bijdrage. Vgl. 2e Vaticaans Concilie, Verklaring, Over de Christelijke opvoeding, Gravissimum Educationis (28 okt 1965), 3

De opvoedende taak van het christelijk gezin heeft daarom een zeer belangrijke plaats in de organische pastorale activiteit; dit houdt een nieuwe vorm van samenwerking in tussen de ouders en de christelijke gemeenschap, tussen de verschillende opvoedingsorganen en de herders. In deze zin moet de vernieuwing van de Katholieke school een bijzondere plaats toekennen aan de ouders van de leerlingen en aan de vorming van een uitstekende opvoedende gemeenschap.

Het recht van ouders op de keuze van een opvoeding die in overeenstemming is met hun godsdienstig geloof, moet absoluut verzekerd worden.

Staat en de Kerk hebben de verplichting aan de gezinnen alle mogelijke hulp te bieden, opdat zij hun taken van opvoeding passend kunnen vervullen. Kerk en de Staat moeten derhalve die instellingen en activiteiten scheppen en bevorderen waarom de gezinnen terecht vragen en deze hulp moet in verhouding staan tot de noden van de gezinnen. Al degenen die in de maatschappij aan het hoofd van scholen staan, moeten dus nooit vergeten dat de ouders door God zijn aangesteld als eerste en voornaamste opvoeders van de kinderen en dat hun recht volstrekt onvervreemdbaar is.

Naast dit recht staat de ernstige plicht van de ouders zich te allen tijde grondig in te spannen voor een hartelijke en doeltreffende relatie met het onderwijzend personeel en met de besturen van de scholen.

Als in de scholen ideologieën onderwezen worden die in strijd zijn met het christelijke geloof, moet het gezin, samen met andere gezinnen, waar mogelijk door middel van ouderverenigingen en dergelijke, de jongeren met alle kracht en met wijsheid helpen niet van het geloof af te dwalen. In dit geval heeft het gezin bijzondere hulp nodig van de kant van de zielenherders, die niet moeten vergeten dat de ouders het onschendbaar recht hebben hun eigen kinderen toe te vertrouwen aan de kerkelijke gemeenschap.

Document

Naam: FAMILIARIS CONSORTIO
Over de taken van het christelijk gezin in de wereld van deze tijd
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Postsynodale Apostolische Exhortatie
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 22 november 1981
Copyrights: © 1982, Stg. Verkondiging, Roermond
Bewerkt: 1 oktober 2020

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2021, Stg. InterKerk, Schiedam