• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

NAAR DE GELIJKENIS MET GOD - ALTIJD? GEESTELIJKE GESTOORDHEID BIJ MENSEN

Het is mij een vreugde met u hier vandaag bijeen te komen, zodat ik alle deelnemers van dit Internationale Congres zelf kan begroeten. Dit Congres wordt door de Pauselijke Raad voor het Pastoraat in de Gezondheidszorg georganiseerd. Zij behandelt het probleem van de geestelijke handicap onder de belangwekkende titel: "Naar de gelijkenis met God - altijd? Geestelijke gestoordheid bij mensen"

In het bijzonder begroet ik Fiorenzo Kardinal Angelini, die ik voor de hartelijke woorden dank, die hij tot mij gericht heeft. Hem en al zijn medewerkers gelden mijn woorden van bijzondere waardering voor het engagement bij de voorbereiding van dit symposium, waar specialisten vanuit de gehele wereld bij elkaar zijn gekomen.

Onder hen bevinden zich mannen en vrouwen van rang en naam, onderzoekers, wetenschappers en experten uit het bereik van de biomedische wetenschap, de theologie, de ethiek, de rechtspraak, de psychologie, de sociologie en de gezondheidszorg. Gemeenschappelijk zet het zich in om de erfenis van de mensheid en de kennis op dit terrein uit te breiden. Wetenschap en ervaring zijn behulpzaam in die zin dat ze aanwijzingen kunnen geven voor het begrip, de verzorging en de hulp die aan geestelijk gehandicapten gegegeven kunnen worden. Om deze mensen, zowel als om alle andere mensen heeft de Kerk bij voorkeur zorg. Door de woorden van de Goddelijke Meester zelf "gelooft u dat de mens naar het beeld van de Schepper is geschapen, door het bloed van Christus is verlost en door de tegenwoordigheid van de H. Geest geheiligd, dat het uiteindelijke doel van ieder mensenleven is "de heerlijkheid van God te loven, voorzover hij in ieder van zijn handelingen deze heerlijkheid weerspiegelt. H. Paus Johannes Paulus II, Encycliek, Over kerkelijke moraalleer, Veritatis Splendor (6 aug 1993), 10. Geschapen zijn naar het evenbeeld van God geldt ook voor de zieke. De Kerk is daarvan ten diepste overtuigd! Ook wanneer de intellectuele mogelijkheden van de mens - welke toch de edelste zijn, omdat deze zijn geestelijke natuur aantoont - in sterke mate beperkt zijn of door een pathologische proces totaal ontbreken. Daarom herinnert de Kerk de politieke gemeenschap aan de plicht het beeld van God in de mens te erkennen door hen te helpen en te verzorgen en te eren, datgene dat aan al diegenen ten goede komt, die zich in een toestand sterke geestelijke beperkingen bevinden.

Het gaat om een engagement dat verwerkelijkt moet worden door wetenschap en geloof, door medische zorg en zielzorg, door professionele competentie en loyale broederlijkheid gemeenschappelijk met de investeringen van gepaste menselijke, wetenschappelijke en sociaalwetenschappelijke bronnen.

De titel van het congres nodigt ons uit om de tot nu slechts vage benaderingen te verdiepen. Want enerzijds leidt het inderdaad tot een geloofwaardige bevestiging van de bijbel, maar anderzijds roept het verontrustende vragen op. Een van de zuilen van de christelijke antropologie is de overtuiging dat de mens naar het beeld van God geschapen is, zoals het beschreven staat in het eerste hoofdstuk van het Boek Genesis (Gen. 1, 26). De filosofische en theologische reflecties heeft de intellectuele mogelijkheden van de mens, dat is zijn rede en zijn wil, die gezien kunnen worden als teken van affiniteit tot God. Deze kwaliteit maken het hem mogelijk de Heer te kennen en met Hem een relatie in dialoog aan te gaan. Het zijn deze voorrechten die een menselijk wezen überhaupt tot een persoon maken. De H. Thomas heeft deze dingen reflecteert en beschreven: "Persoon betekent dat, wat in het universum als het meest volmaakt wordt beschouw, dat is de met rede begiftigde natuur." H. Thomas van Aquino, Summa Theologiae. I, q. 29, a.3 Menswaardig is niet deelbaar. Het moet dus preciezer vastgesteld worden, dat de héle mens, dus niet alleen zijn geestelijke natuur, dat is niet alleen met zijn intellect en zijn vrije wil, maar ook met zijn lichaam, dat deelneemt aan de waardigheid van het 'beeld van God'. Inderdaad is het menselijk lichaam dáárom 'menselijk lichaam' omdat het door de geest bezield wordt. De menselijke persoon is er in zijn totaliteit toe bestemd om in het lichaam van Christus tot tempel van de Geest te worden". Catechismus-Compendium, Catechismus van de Katholieke Kerk (15 aug 1997), 364 "Weet u dan niet, schrijft de Apostel "dat u leden zijn van het Lichaam van Christus...U behoort niet aan u zelf....verheerlijkt dus God in uw lichaam." (1 Kor. 6, 15.19-20). Vandaar komt ook de eis om respect te hebben voor het eigen lichaam en dat van anderen, vooral als die lijden. Vgl. Catechismus-Compendium, Catechismus van de Katholieke Kerk (15 aug 1997), 1004
Juist omdat de mens een persóón is, is hij onder alle schepselen uitverkoren. Iedere individuele mens heeft zijn betekenis en zijn doel in zich zelf en kan nooit benut worden als een eenvoudig middel om andere doelen te bereiken, ook niet in naam van de welstand en de vooruitgang van de hele gemeenschap. God wilde door de schepping van de mens naar zijn gelijkenis, deze aan zijn heerschappij en glorie laten deelhebben. Toen Hij hem de taak toevertrouwde zich om de gehele schepping te bekommeren, had hij zijn creatieve intelligentie en zijn verantwoordelijkheidsbesef wèloverwogen. Het Tweede Vaticaans Concilie heeft het mysterie van de mens verder onderzocht en in verband met de woorden van Christus Vgl. Joh. 17, 21-22 nieuwe horizonten aangetoond, die menselijke rede unbereikbaar zijn. In de Constitutie 2e Vaticaans Concilie - Constitutie
Gaudium et Spes
Over de Kerk in de wereld van deze tijd
(7 december 1965)
zegt het andrukkelijk: "er een zekere overeenkomst is tuusen de eenheid van de Goddelijke Personen en de eenheid van de kinderen Gods in waarheid en liefde" 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk in de wereld van deze tijd, Gaudium et Spes (7 dec 1965), 24

Wanneer God zijn blik op de mens richt, is het eerste dat Hij aan hem ziet en waarvan Hij houdt, niet de door mensen verrichtte werkzaamheden, maar het beeld van Zichzelf; dit beeld geeft de mens de mogelijkheid de eigen Schepper te kennen en lief te hebben, alle aardse zaken aan hem te onderwerpen en te gebruiken om eer te brengen aan God. 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk in de wereld van deze tijd, Gaudium et Spes (7 dec 1965), 12 Dat is de reden waarom de Kerk van alle mensen de gelijkwaardigheid erkent en wel zonder reserves ten aanzien van de omstandigheden waarin die mens verkeert. Daarbij blijft buiten beschouwing of de mens intellectueel in staat is om de Schepper te erkennen en lief te hebben, alle aardse schepselen tot onderdaad te maken en er zich ter ere Gods van te bedienen.

Deze opvatting van de mens als een beeld van God wordt in het boek Openbaring van het Nieuwe Testament niet alleen bevestigd, maar ook optimaal verrijkt. De H. Paulus zegt: "Maar toen de volheid van de tijd gekomen was, heeft God zijn Zoon gezonden, geboren uit een vrouw, geboren onder de wet, opdat Hij hen die onder de wet stonden zou bevrijden, opdat wij de rang van zonen zouden verkrijgen" (Gal. 4, 4-5). De mens heeft dus uit kracht van God werkelijk aan deze goddelijke zoonschap, omdat hij in de Zoon van God een kind van God wordt. Het leert: Christus die het beeld is van de onzichtbare God (Kol. 1, 15), is tegelijk de volmaakte mens, die de zonen van Adam hun gelijkenis als beeld van God teruggaf, die vanaf het eerste ogenblik ongeschonden is gebleven. Omdat in Hem de menselijke natuur aangenomen is, zonder er in op te gaan, heeft Hij ons alleen al daardoor onze een hogere waarde gegeven. Want Hij, de Zoon van God, heeft zich door de menswording in zekere zin met de mens verenigt. 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk in de wereld van deze tijd, Gaudium et Spes (7 dec 1965), 22
Zieken zijn deelgenoot aan het Lijden van Christus
Nu wordt het gehele gewicht van de onrust naar aanleiding van de vraag "altijd?", die onderdeel is van het thema van het Congres, ons bewust. Het is een provocerende vraag, die niet zozeer op ontologisch maar eerder op déontologisch niveau ligt, want hier staan geloof en verstand tegenover elkaar, als het erom gaat de geesteszieken de volle menselijke waardigheid toe te kennen. Men mag zich inderdaad afvragen of de betekenis van de - zij het geesteszieke - mens in Gods heilsplan en de manier waarop hij door zijn medemensen in het dagelijks leven wordt behandeld, wel met elkaar in overeenstemming zijn. De vraag "altijd?" moet zowel het persoonlijke als het collectieve geweten ertoe brengen eerlijk na te denken over ons gedrag ten aanzien van de medemens die aan een geestelijke handicap lijdt, want: "Is het in werkelijkheid dan níét zo dat deze mensen vaak het slachtoffer worden van onverschilligheid en verwaarlozing, uitbuiting en geweld?"

Maar er zit - godzijdank - ook een andere kant aan de medaille. Dat heb ik in de encycliek H. Paus Johannes Paulus II - Encycliek
Evangelium Vitae
Over de waarde en de onaantastbaarheid van het menselijk leven
(25 maart 1995)
al onderstreept toen ik 'aan al die dagelijkse gebaren van acceptatie, offerbereidheid en onzelfzuchtige zorg' herinnerde 'die een onschatbaar aantal mensen liefdevol opbrengt in de gezinnen, de ziekenhuizen, in de weeshuizen, in de bejaardenoorden en in andere centra en gemeenschappen'.{{Nr. 27}} Desondanks mogen we de ogen niet sluiten voor de houding van velen die de waardigheid van de mens loochenen en hun onvervreemdbare rechten met voeten treden.

Vooral christenen mogen dat niet. Daarover is het evangelie heel duidelijk. Christus heeft niet alleen medelijden met de zieken, maar genéést ook velen van hen. Hij geeft hen zowel hun lichamelijke als geestelijke gezondheid terug. Zijn medelijden gaat zelfs zover dat Hij zich met hen identificeert als Hij zegt: "Ik was ziek en gij hebt Mij bezocht" (Mt. 25, 36). De leerlingen van de Heer hebben juist omdat zij in alle, door ziekte getekende, mensen het beeld van de "lijdende" Christus mochten zien, hun tegenover het hart geopend en zich voor hen op diverse manieren voortreffelijk opgeofferd. Anders gezegd, Christus heeft al het menselijke lijden op zich genomen en daarbij zijn de geestelijk gehandicapten inbegrepen. Ja, ook deze vorm van lijden, die ons wellicht de meest absurde en minst te begrijpen vorm van lijden lijkt, maakt de lijdenden aan Christus gelijk en laat hen deelnemen aan zijn verlossende passie.
Het antwoord op de vraag uit het congresthema is dan ook duidelijk: Wie aan een geestelijke handicap lijdt, draagt zoals iedere mens, 'altijd!' de gelijkenis met God in zich. Ja, hij heeft bovendien 'altijd!' het onvervreemdbare recht, niet alleen als beeld van God, en daarom als persoon gezien te worden, maar om als zodanig behandeld te worden! Ieder heeft de opdracht dit antwoord in de daad om te zetten. Door daden moet men bewijzen dat de geestelijke handicap noch onoverwindbare kloven mag slaan, noch beperkingen opleggen aan de christelijke naastenliefde jegens hen die aan deze ziekten lijden. Integendeel: deze zieken moeten oproepen tot een bijzondere aandacht voor hen die met het volste recht behoren tot de categorie der armen aan wie het rijk der hemelen behoort. vgl. Mt. 5, 3

Geachte dames en heren, ik heb aan deze belangrijke en troostende waarheid herinnert, zeker wetend dat ik tot mensen spreek die precies weten, waar het om gaat. Graag neem ik de gelegenheid te baat om u allen mijn waardering uit te spreken voor de kostbare arbeid en ook om u te bemoedigen uw dienst voort te zetten, dat zo'n hoge humanitaire betekenis heeft.

De Heer moge uw therapeutische inzet zegenen en bekronen met resultaten, die uw patienten sterken, die ik gaarne mijn innigste wensen tot genezing overbreng. Moge u weten dat u verzekert bent van mijn gebed.

Document

Naam: NAAR DE GELIJKENIS MET GOD - ALTIJD? GEESTELIJKE GESTOORDHEID BIJ MENSEN
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Toespraak
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 30 oktober 1996
Copyrights: © 1997, Waarheid en Leven
Bewerkt: 29 augustus 2016

Referenties naar dit document

 
Geen documenten gevonden!
 
Geen berichten gevonden!

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam