• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

AAN DE DEELNEMERS AAN HET INTERNATIONAAL THOMISTISCH CONGRES, 21-25 SEPTEMBER 2003
Castel Gandolfo (29 sept 2003 gepubliceerd)

Het is met vreugde dat ik aan jullie, illustere theologen, filosofen en experten, deelnemers aan het internationaal thomistisch congres dat in dezer dagen in Rome plaatsvindt, deze boodschap toezend. Ik ben vervuld van dankbaarheid jegens de Pauselijke Academie van Sint Thomas van Aquino en het Internationale Gezelschap Thomas van Aquino (SITA) omwille van de organisatie van deze ontmoeting en de dienst die zij aan de Kerk leveren door het bevorderen van een diepere kennis van de leer van de Engelachtige Leraar.

Ik groet ook van harte alle aanwezigen en in het bijzonder Kardinaal Paul Poupard, de president van de Pauselijke Raad voor de Cultuur, pater Abelardo Lobato, president van de Academie en de SITA en de secretaris, Mgr. Marcelo Sánchez Sorondo. Aan allen, hartelijk welkom.

Het thema “Het christelijk humanisme in het derde millenium” herneemt het onderzoeksthema dat begonnen is met de twee vorige congressen. Volgens het perspectief van de grote theoloog Sint-Thomas, ook wel Doctor Humanitatis genoemd, is de menselijke natuur in zichzelf open en goed. De mens is van nature capax Dei, H. Thomas van Aquino, Summa Theologiae. I-II, 113, 10 H. Augustinus, Over de Drie-eenheid, De Trinitate. XIV, 8; PL 42, 1044 geschapen om in gemeenschap te leven met zijn Schepper; een intelligent en vrij individu in een gemeenschap met zijn eigen plichten en rechten; verbindende schakel tussen de twee grote sectoren van de werkelijkheid, deze van de materie en deze van de geest, die ten volle zowel tot het éne als tot het andere gebied behoort. De ziel is de vorm die aan zijn bestaan eenheid verleent en hem tot persoon constitueert. In de mens -zo bemerkt Sint-Thomas- vernietigt de genade niet de natuur, maar brengt de mogelijkheden van de natuur tot voltooiing: “gratia non tollit naturam, sed perficit”. H. Thomas van Aquino, Summa Theologiae. I, 1, 8 ad 2
Het Tweede Vaticaans Concilie heeft in haar documenten ruimte gemaakt voor het christelijk humanisme, vertrekkende vanuit het fundamentele principe: “Lichamelijk en geestelijk, niettemin één wezen, recapituleert de mens in zich, juist op grond van zijn lichamelijkheid, de elementen van de materiële wereld, zodat deze via hem hun topniveau bereiken en hun stem kunnen verheffen tot een vrije lofprijzing van de Schepper 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk in de wereld van deze tijd, Gaudium et Spes (7 dec 1965), 14. Ook die andere schitterende intuïtie stamt van Vaticanum II: “In werkelijkheid licht het mysterie van de mens alleen op in het mysterie van het mens geworden Woord.” 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk in de wereld van deze tijd, Gaudium et Spes (7 dec 1965), 22.

De Aquinaat had zich reeds met een diepgaande vooruitblik in deze optiek geplaatst. Reeds in het begin van zijn H. Thomas van Aquino
Summa Theologiae ()
, waarin de verhouding tussen mens en God centraal staat, vat hij het plan van zijn verdere uiteenzettingen in de volgende gedrongen en heldere formule samen: “primo tractabimus de Deo: secundo de motu rationalis creaturae in Deum; tertio de Cristo, qui secundum quod homo, via est nobis tendendi in DeumH. Thomas van Aquino, Summa Theologiae. I, q. 2, prol.

De Engelachtige Leraar onderzoekt de werkelijkheid vanuit het standpunt van God, die is begin en einde van alle dingen Vgl. H. Thomas van Aquino, Summa Theologiae. I, 1, 7. Dit is een bijzonder interessant perspectief omdat het in staat stelt om door te dringen tot de diepte van het menselijke zijn om zo de wezenlijke dimensies eruit te halen. Hier ligt het specifieke van het thomistisch humanisme waardoor volgens vele kenners een passend begin en de daaruit volgende mogelijkheid tot steeds nieuwe ontwikkelingen verzekerd is. De opvatting van de Aquinaat integreert immers de drie dimensies van het probleem: de anthropologie, de ontologische en de theologische dimensie.

Jullie vragen zich in dezer dagen af -en dit is het onderwerp van jullie congres, illustere deelnemers- wat de specifieke bijdrage is die Sint-Thomas kan leveren tot het begrijpen en realiseren van het christelijk humenisme aan het begin van het nieuwe millennium. Indien het waar is dat het eerste deel van zijn groot werk, de H. Thomas van Aquino
Summa Theologiae ()
, gans gecentreerd is op God, dan is het ook waar dat het tweede deel, dat meer vernieuwend en uitgebreid is, zich bezig houdt met de lange weg van de mens naar God. De menselijke persoon wordt beschouwd als de protagonist van dit goddelijke plan en voor de realisering ervan is de menselijke persoon rijk begiftigd geworden met natuurlijke als ook bovennatuurlijke gaven. Dankzij deze gaven is het voor hem mogelijk om te antwoorden aan de verheven roeping welke voor hem voorbehouden is in Jezus Christus, waarlijk mens en waarlijk God. In het derde deel herinnert Sint-Thomas eraan dat het geïncarneerde Woord, precies omdat het waarlijk mens is, in zichzelf de waardigheid van elk menselijk schepsel openbaart en de weg constitueert voor de terugkeer van de gehele kosmos naar zijn principe, d.w.z. God.

Christus is dus de ware weg van de mens. In de proloog van het derde boek van de H. Thomas van Aquino
Sententia Libri Ethicorum ()
vat hij de weg van de mensheid in drie momenten (oorspronkelijk, historisch en eschatologisch) samen en hij bemerkt dat elk ding vanuit de handen van God, van waaruit stromen van goedheid opwellen, komt. Alles concentreert zich in de mens en op de eerste plaats in de God-mens Christus; alles moet terugkeren naar God door middel van Christus en de christenen. H. Thomas van Aquino, Sententia Libri Ethicorum. Libri III, Prol.
Het humanisme van Sint-Thomas ligt vervat in deze wezenlijke intuïtie: de mens komt van God en moet naar Hem terugkeren. De tijd is datgene waarin de mens deze nobele missie tot voltooiing kan brengen door de kansen die hem geboden worden op het niveau van de natuur en op het niveau van de genade aan te wenden.

Het staat vast dat enkel God Schepper is. Echter, Hij heeft aan zijn redelijke en vrije schepsels de taak om Zijn werk, doorheen de arbeid te voltooien, toevertrouwd. Wanneer de mens actief meewerkt met de genade, wordt hij “een nieuwe mens”, die vreugde schept uit de bovennatuurlijke roeping om zo beter te antwoorden op het project van God Vgl. Gen. 1, 26 . Terecht stelt Sint-Thomas daarom dat de waarheid van de menselijke natuur haar volmaakte realisering vindt door middel van de heiligmakende genade, in de zin dat zij is “perfectio naturae rationalis creataeH. Thomas van Aquino, Quaestiones de quodlibet. 4, 6.
Hoe verrijkend is deze waarheid niet voor de mens in het derde millenium, die voortdurend op zoek is naar de eigen zelfrealisering. In de encycliek H. Paus Johannes Paulus II - Encycliek
Fides et Ratio
Over de verhouding van Geloof en Rede
(14 september 1998)
heb ik de factoren geanaliseerd die obstakels vormen op de weg naar het humanisme. Onder de meest frequente dient men te noemen het verlies van het vertrouwen in de rede en in haar metafysische capaciteit, de verwerping van de transcendentie, het nihilisme, het realitivisme, de ontkenning van de waarde van het menselijke inzichtsvermogen op de zoektoch naar de waarheid, het vergeten van het zijn, de ontkenning van de ziel, het overwicht van het irrationele en van het gevoelen, de vrees voor de toekomst en de existentiële angst. Om te antwoorden op deze zeer zware uitdaging, die raakt aan het toekomstige lot van het humanisme, heb ik aangeduid op welke wijze het denken van Sint-Thomas ons de basiselementen en een geldig antwoord kan leveren omwille van zijn robuust vertrouwen in de rede en zijn heldere uitleg van natuur en genade. Het christelijk humanisme, zoals dit geïllustreerd werd door Sint-Thomas, bezit de mogelijkheid om de zin van de mens en zijn waardigheid te redden. Dit is de belangrijke taak vandaag voor zijn leerlingen.

De christen echter weet ook dat God, bewogen door de liefde die hij heeft voor de mens, hierbij de medewerking in de verbetering van de wereld vraagt, evenals in het bestuur van de gebeurtenissen in de geschieden. In dit moeilijke begin van het derde millennium benadrukken velen, op een heldere wijze zelfs tot aan het lijden, de noodzaak van meesters en getuigen die in staat zijn om geldige wegen aan te duiden die leiden naar een wereld, méér waardig voor de mens. Aan de gelovigen komt de historische taak toe om in Christus “de weg” voor te stellen waarop men vooruitgaat naar een nieuwe mensheid zoals deze in het plan van God besloten ligt. Het is daarom duidelijk dat een prioriteit van de nieuwe evangelisatie precies ligt in het hulp bieden aan de huidige mens om tot een persoonlijke ontmoeting met Hem te komen en om met en voor Hem te leven.

Alhoewel Sint-Thomas geworteld was in zijn tijd en in de middeleeuwse cultuur, heeft hij een leer ontwikkeld die de situatie van zijn tijd overstijgt en kan hij ook vandaag de fundamentele richtlijnen bieden voor het huidige denken. Zijn leer en zijn voorbeeld zijn een voorzienende herinnering de onveranderlijke en eeuwige waarheden die noodzakelijk zijn om een bestaan te bevorderen dat waardig is aan de mens.

In de hoop dat jullie uitwisseling van ideeën in de loop van de sessies van het congres vruchtbaar zullen zijn, roep alle deelnemers op om te volharden in het nadenken over de rijkdommen van de thomistische leer en, naar het voorbeeld van de schriftgeleerde uit het Evangelie, hieruit “nieuw en oud” te voorschijn te halen (Mt. 13, 52).

Aan de Maagd Maria, de Zetel der Wijsheid die Christus, de “nieuwe mens”, aan de wereld geschonken heeft, vertrouw ik de vruchten van jullie onderzoek toe en in het bijzonder deze van jullie internationaal congres. Aan allen zend ik van harte mijn zegen.

Vanuit Castel Gandolfo, 16 september 2003

Paus Johannes Paulus II

Document

Naam: AAN DE DEELNEMERS AAN HET INTERNATIONAAL THOMISTISCH CONGRES, 21-25 SEPTEMBER 2003
Castel Gandolfo (29 sept 2003 gepubliceerd)
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Boodschap
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 16 september 2003
Copyrights: © 2008, Vertaald: Drs. J. Vijgen
Bewerkt: 26 maart 2015

Referenties naar dit document

 
Geen documenten gevonden!
 
Geen berichten gevonden!

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2018, Stg. InterKerk, Schiedam