• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
Bij de opbouw van de Kerk is het gewijde ambt van grote, ja wezenlijke betekenis. De zorg voor goede ambtsdragers is daarom een belangrijke opdracht voor de gehele geloofsgemeenschap. In de Latijnse katholieke Kerk worden slechts tot de priesterwijding toegelaten zij die man zijn, een degelijke opleiding hebben genoten en bereid zijn tot het onderhouden van het celibaat. Men spreekt van de drie toelatingscriteria tot het gewijde ambt. In de volgende alinea’s zullen wij onze visie hierop geven. Zoals zal blijken staan wij positief tegenover de geldende criteria van toelating tot het gewijde ambt, omdat zij van bijzondere spirituele, theologische en pastorale betekenis zijn. We worden in onze opvattingen bevestigd door Vaticanum II, dat de criteria heeft onderstreept. Wij stellen vast dat de brochure Kerk & Ambt deze criteria ten onrechte niet aanvaardt (vgl. blz. 31-37). Recente belangrijke documenten als de Wetboek
Codex Iuris Canonici
Codex van het Canonieke recht
(25 januari 1983)
en de Catechismus-Compendium
Catechismus van de Katholieke Kerk
(15 augustus 1997)
spreken duidelijke taal ten gunste van de geldende criteria. Ook recente gezagvolle kerkelijke organen als Bisschoppensynodes willen er aan vasthouden en hebben de criteria bevestigd. Als bisschoppen van Nederland realiseren we ons dat door sommigen in ons land wordt gepleit voor verruiming van de toelatingsnormen voor de gewijde ambten. In verbondenheid met de wereldkerk willen wij echter bewust vasthouden aan de geldende regelingen. Verschillende aspecten van dit thema hebben we behandeld in de brief Nederland
In Christus naam
Herderlijk schrijven over woord, sacrament, ambt en wijding (1 januari 1992)
. Wij verwijzen naar deze brief en naar andere kerkelijke teksten voor een uitvoerige behandeling van de thematiek van de toelatingscriteria.
Wij beperken ons hier tot het volgende: In de Latijnse Kerk zijn de bisschops- en priesterwijding verbonden met het charisma van het celibaat. Dat wil zeggen met de plicht, ongehuwd en in volkomen kuisheid te leven. Het gaat om een vrijwillig ongehuwd-zijn “omwille van het Rijk der hemelen” Vgl. Mt. 19, 12 . Het is een bijzonder teken van de navolging van Jezus, die zelf ongehuwd leefde, en een teken van de volkomen beschikbaarheid voor God en de mensen. Het celibaat is eveneens een eschatologisch teken omdat het de overtuiging levend houdt, dat “de wereld die wij zien voorbijgaat” (1 Kor. 7, 31) en het Rijk Gods op komst is. Het is van existentiële betekenis omdat het aan betrokkene als het ware telkens vraagt of het Rijk Gods echt die parel is, waarvoor hij al het andere heeft prijsgegeven Vgl. Mt. 13, 44-46 . Het is voorts een teken van solidariteit, want het celibaat maakt de priester vrij voor de totale dienst aan “de zaak des Heren” (1 Kor. 7, 32). Vaticanum II heeft de celibaatsverplichting voor kandidaten voor het priesterschap opnieuw goedgekeurd en bekrachtigd. Het 2e Vaticaans Concilie - Decreet
Presbyterorum Ordinis
Over het leven en dienst van de priester
(7 december 1965)
stelt, dat het celibaat “om meerdere redenen past bij het priesterschap” 2e Vaticaans Concilie, Decreet, Over het leven en dienst van de priester, Presbyterorum Ordinis (7 dec 1965), 16. Wij zijn ervan overtuigd dat het huidige priestergebrek een symptoom is van een diepere en bredere crisis, die niet geïsoleerd en apart opgelost kan worden door een uiterlijke verandering van een wet. Het gegeven dat niet alleen de ongehuwde staat, maar ook huwelijk en gezin in een crisis verkeren lijkt onze visie te bevestigen. Een verlevendiging van het geloof van de gedoopten en een intensivering van het zoeken naar het Rijk Gods, dienen bij het gesprek over de ambtsproblematiek op de eerste plaats te komen.
Het thema ‘vrouw en priesterschap’ heeft in de voorbije decennia veel pennen en tongen in beweging gebracht. De R.-K. Kerk verwerpt iedere vorm van discriminatie van de vrouw, maar is er ten diepste van overtuigd dat het priesterschap niet behoort tot het domein van de rechten van de menselijke persoon en in die zin opeisbaar zou zijn. Het behoort tot een andere orde, die van de heilseconomie, en kan slechts vanuit een diep inzicht in de heilseconomie juist verstaan worden. Met betrekking tot het genoemde thema doet de Congregatie voor de Geloofsleer in 1976 in de verklaring Congregatie voor de Geloofsleer
Inter Insigniores
Verklaring aangaande de vraag over het toelaten van vrouwen tot het ambtelijk priesterschap
(15 oktober 1976)
belangrijke uitspraken. Zij concludeert dat de Kerk “zichzelf niet beschouwt als het gezag dat vrouwen toe kan laten tot de priesterwijding”. Als argumenten worden onder meer genoemd: het in het Nieuwe Testament gegeven voorbeeld van Christus die alleen mannen tot apostel koos en de constante praktijk van de Kerk die in navolging van Christus alleen mannen heeft gekozen. De Romeinse verklaring stelt, dat de praxis van Jezus en de oerkerk niet is ingegeven door de socio-culturele context van die tijd en dat zij van normatieve betekenis is voor de latere Kerk. Van groot belang voor het thema vrouw en priesterschap is H. Paus Johannes Paulus II - Apostolische Brief
Ordinatio Sacerdotalis
Priesterwijding voorbehouden aan mannen
(22 mei 1994)
, apostolische Brief over de priesterwijding die exclusief aan mannen is voorbehouden, die in 1994 verscheen. Paus Johannes Paulus II besluit dit korte schrijven met: “Teneinde iedere twijfel over een kwestie van groot belang, die de goddelijke constitutie van de Kerk betreft, weg te nemen, verklaar ik op grond van mijn taak om mijn broeders te bevestigen Vgl. Lc. 22, 32 , dat de Kerk op geen enkele manier bevoegd is om aan vrouwen de priesterwijding te verlenen en dat alle gelovigen van de Kerk zich aan dit standpunt dienen te houden als zijnde definitief.” H. Paus Johannes Paulus II, Apostolische Brief, Priesterwijding voorbehouden aan mannen, Ordinatio Sacerdotalis (22 mei 1994), 4
Wij herhalen wat we geschreven hebben in de brief Nederland
In Christus naam
Herderlijk schrijven over woord, sacrament, ambt en wijding (1 januari 1992)
: “De bisschoppen vinden dat vermeden moet worden dat de kwestie van de toelating van de vrouw tot het priesterschap gebruikt wordt als instrument in een emancipatiestrijd. Zij hopen dat het thema niet de aandacht afleidt van de maatschappelijke en kerkelijke terreinen waar het ontbreekt aan erkenning van de volwaardige plaats van de vrouw en zij wijzen hun geloofsgemeenschap op de noodzaak solidair te zijn met de kerkelijke traditie van zoveel eeuwen en zoveel plaatsen” (blz. 30). Wij bisschoppen houden vast aan de geldende toelatingscriteria. En de afname van het aantal priesters dan? Op het belang van roepingenpastoraat en het creëren van een gunstig klimaat waarin roepingen tot het gewijde ambt kunnen ontluiken en groeien en met vertrouwen beantwoord kunnen worden, komen we in het volgende hoofdstuk terug.

Document

Naam: KERK, EUCHARISTIE EN PRIESTERSCHAP
Soort: Nederland
Auteur: Nederlandse Bisschoppenconferentie
Datum: 8 april 2008
Copyrights: © 2008, SRKK, Utrecht
Alineaverdeling en -nummering:redactie
Bewerkt: 7 november 2019

Referenties naar dit document

 
Geen documenten gevonden!
 
Geen dossiers gevonden!

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2021, Stg. InterKerk, Schiedam