• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
De herlezing van H. Paus Paulus VI - Encycliek
Populorum Progressio
Over de ontwikkeling van de volken
(26 maart 1967)
meer dan veertig jaar na de publicatie ervan zet ertoe aan trouw te blijven aan de boodschap van liefde en waarheid die in deze Encycliek wordt verkondigd en deze te beschouwen in de context van de specifieke leer van Paus Paulus VI en, meer algemeen, binnen de traditie van de sociale leer van de Kerk. Vervolgens moet worden overwogen hoezeer de omstandigheden waaronder het probleem van de ontwikkeling zich vandaag de dag voordoet, verschillen van die van toen. Het juiste gezichtspunt is dus dat van de overlevering van het apostolische geloof, Vgl. Paus Benedictus XVI, Toespraak, Opening van de 5e Algemene Vergadering van Bisschoppen van Latijns-Amerika en het Caraïbisch Gebied (13 mei 2007) van het oude en het nieuwe erfgoed, waarbuiten H. Paus Paulus VI - Encycliek
Populorum Progressio
Over de ontwikkeling van de volken
(26 maart 1967)
een document zonder wortels zou zijn en de vragen over de ontwikkeling gereduceerd zouden worden tot sociologische gegevens.
De publicatie van H. Paus Paulus VI - Encycliek
Populorum Progressio
Over de ontwikkeling van de volken
(26 maart 1967)
vond plaats onmiddellijk na de afsluiting van het Tweede Vaticaans Concilie. De Encycliek zelf verwijst in de eerste alinea’s naar de nauwe band met het Concilie. Vgl. H. Paus Paulus VI, Encycliek, Over de ontwikkeling van de volken, Populorum Progressio (26 mrt 1967), 3-5 Paus Johannes Paulus II onderstreepte twintig jaar later in H. Paus Johannes Paulus II - Encycliek
Sollicitudo Rei Socialis
De ontwikkeling van de mens en de samenlevingTwintig jaar na Populorum Progressio van Paus Paulus VI
(30 december 1987)
van zijn kant de vruchtbare band van deze Encycliek met het Concilie, in het bijzonder met de Pastorale Constitutie 2e Vaticaans Concilie - Constitutie
Gaudium et Spes
Over de Kerk in de wereld van deze tijd
(7 december 1965)
. Vgl. H. Paus Johannes Paulus II, Encycliek, De ontwikkeling van de mens en de samenleving
Twintig jaar na Populorum Progressio van Paus Paulus VI, Sollicitudo Rei Socialis (30 dec 1987), 6-7
Ook ik wil hier herinneren aan de betekenis van het Tweede Vaticaans Concilie voor de Encycliek van Paus Paulus VI en voor het gehele volgende leergezag van de pausen met betrekking tot sociale vraagstukken. Het Concilie verdiepte wat van oudsher tot de waarheid van het geloof behoort, namelijk dat de Kerk, omdat zij in dienst van God staat, met betrekking tot liefde en waarheid in dienst van de wereld staat. Juist van deze visie ging Paus Paulus VI uit, om ons twee grote waarheden over te brengen. De eerste is dat de gehele Kerk, als zij verkondigt, als zij Eucharistie viert en als zij in liefde handelt, erop gericht is de integrale ontwikkeling van de mens te bevorderen. Zij heeft een publieke rol, die zich niet beperkt tot haar inzet voor zorg en onderwijs, doch al haar bijzondere krachten in dienst van het vooruit helpen van de mens en de wereldwijde broederschap toont, als zij in vrijheid kan opereren. In niet weinig gevallen wordt die vrijheid belemmerd door verboden en vervolgingen of ook ingeperkt als de officiële aanwezigheid van de Kerk wordt gelimiteerd tot slechts haar liefdadige activiteiten. De tweede waarheid is dat de ware ontwikkeling van de mens de gehele persoon in al zijn dimensies betreft. Vgl. H. Paus Paulus VI, Encycliek, Over de ontwikkeling van de volken, Populorum Progressio (26 mrt 1967), 14 Zonder uitzicht op een eeuwig leven ontbeert de menselijke vooruitgang in deze wereld het uiteindelijke perspectief. Als de vooruitgang opgesloten blijft binnen de geschiedenis, loopt die het gevaar beperkt te worden tot een toename van bezit; zo verliest de mensheid de moed open te staan voor een hoger goed, voor grote en onbaatzuchtige initiatieven, waartoe de universele naastenliefde aanspoort. De mens ontwikkelt zich niet alleen op eigen kracht en de ontwikkeling kan hem ook niet eenvoudigweg van buitenaf gegeven worden. In de loop van de geschiedenis heeft men dikwijls gedacht dat het scheppen van instellingen genoeg zou zijn om de mensheid de vervulling van het recht op ontwikkeling te garanderen. Helaas heeft men in zulke instellingen een overdreven vertrouwen gesteld, alsof ze het verlangde doel automatisch zouden kunnen bereiken. In werkelijkheid zijn de instellingen alleen onvoldoende, want de integrale ontwikkeling van de mens is vóór alles een roeping en vereist bijgevolg van allen een vrije en solidaire aanvaarding van verantwoordelijkheid. Bovendien vereist zo’n ontwikkeling een transcendente kijk op de persoon, die God nodig heeft: zonder Hem wordt de ontwikkeling ofwel geweigerd, ofwel alleen aan de hand van de mens toevertrouwd, die zich zelfverlossing gaat aanmatigen en ten slotte een ontmenselijkte ontwikkeling bevordert. Overigens stelt alleen de ontmoeting met God ons in staat, “in de ander niet alleen de ander te zien”, Paus Benedictus XVI, Encycliek, God is Liefde, Deus Caritas Est (25 dec 2005), 18 doch in hem het goddelijke beeld te herkennen en er zo toe te komen de ander werkelijk te ontdekken en een liefde te laten rijpen die “zorg om en voor de ander” Paus Benedictus XVI, Encycliek, God is Liefde, Deus Caritas Est (25 dec 2005), 6 wordt.
De band tussen H. Paus Paulus VI - Encycliek
Populorum Progressio
Over de ontwikkeling van de volken
(26 maart 1967)
en het Tweede Vaticaans Concilie betekent geenszins een breuk tussen het leergezag van Paus Paulus VI met betrekking tot sociale vragen en dat van zijn voorgangers op de Stoel van Petrus, want het Concilie is een verdieping van deze leer in de continuïteit van het leven van de Kerk. Vgl. Paus Benedictus XVI, Toespraak, Expergiscere homo - Tot de Romeinse Curie bij gelegenheid van het uitwisselen van de Kerstwensen 2005 (22 dec 2005), 6-10 In dit opzicht dragen bepaalde abstracte onderverdelingen van de moderne sociale leer van de Kerk, die de sociale uitspraken van de pausen indelen in categorieën die daaraan vreemd zijn, niet bij tot verheldering. Er zijn niet twee typologieën van sociale leer, een preconciliaire en een postconciliaire, doch er is slechts één enige coherente en tegelijk steeds nieuwe leer. Vgl. H. Paus Johannes Paulus II, Encycliek, De ontwikkeling van de mens en de samenleving
Twintig jaar na Populorum Progressio van Paus Paulus VI, Sollicitudo Rei Socialis (30 dec 1987), 3
Het is goed als de bijzonderheden van de een of andere Encycliek, de leer van de een of andere paus, worden geaccentueerd, maar men mag daarbij nooit de coherentie van het gehele corpus van de leer uit het oog verliezen. Vgl. H. Paus Johannes Paulus II, Encycliek, De ontwikkeling van de mens en de samenleving
Twintig jaar na Populorum Progressio van Paus Paulus VI, Sollicitudo Rei Socialis (30 dec 1987), 1
Coherentie betekent geen gesloten systeem, maar veeleer dynamische trouw aan het ontvangen Licht. De sociale leer van de Kerk belicht de steeds weer opduikende nieuwe problemen met een Licht dat niet verandert. Vgl. H. Paus Johannes Paulus II, Encycliek, De ontwikkeling van de mens en de samenleving
Twintig jaar na Populorum Progressio van Paus Paulus VI, Sollicitudo Rei Socialis (30 dec 1987), 3
Dat garandeert zowel het altijd actuele als het historische karakter van het leerstellige “erfgoed”, Vgl. H. Paus Johannes Paulus II, Encycliek, Op de negentigste verjaardag van de encycliek Rerum Novarum, Laborem Exercens (14 sept 1981), 3 dat met zijn specifieke kenmerken deel uitmaakt van de altijd levende overlevering van de Kerk. Vgl. H. Paus Johannes Paulus II, Encycliek, Ter gelegenheid van de honderdste verjaardag van de encycliek Rerum Novarum, Centesimus Annus (1 mei 1991), 3 De sociale leer van de Kerk is gebouwd op het fundament dat de apostelen hebben doorgegeven aan de kerkvaders en dat dan door de grote christelijke leermeesters is opgenomen en verdiept. Deze leer grijpt uiteindelijk terug op de nieuwe mens, op de “laatste Adam”, die “een levendmakende geest” werd (1 Kor. 15, 45) en de oorsprong is van de liefde die “nimmer vergaat” (1 Kor. 13, 8). De heiligen en allen die op het terrein van gerechtigheid en vrede hun leven voor Christus, de Verlosser, hebben gegeven, getuigen ervan. Hierin komt de profetische opgave van de pausen tot uitdrukking, om de Kerk van Christus apostolisch te leiden en de telkens nieuwe eisen van de evangelisatie te herkennen. Daarom heeft de in de grote stroom van de overlevering ingebedde Encycliek H. Paus Paulus VI - Encycliek
Populorum Progressio
Over de ontwikkeling van de volken
(26 maart 1967)
ons vandaag de dag nog iets te zeggen.
Afgezien van de belangrijke band met de gehele sociale leer van de Kerk is de Encycliek H. Paus Paulus VI - Encycliek
Populorum Progressio
Over de ontwikkeling van de volken
(26 maart 1967)
nauw verbonden met het gehele leergezag van Paus Paulus VI en in het bijzonder met zijn leergezag wat betreft sociale vragen. Zijn onderricht over dit thema was van groot belang: hij beklemtoonde de absoluut noodzakelijke rol van het evangelie voor de opbouw van een samenleving wat betreft vrijheid en gerechtigheid, in het geestelijk en historisch perspectief van een door liefde geïnspireerde beschaving. Paus Paulus VI besefte duidelijk dat de sociale kwestie wereldomvattend geworden was, Vgl. H. Paus Paulus VI, Encycliek, Over de ontwikkeling van de volken, Populorum Progressio (26 mrt 1967), 3 en zag de innerlijke overeenkomst tussen de drang te komen tot een vereniging van de mensheid en het christelijke ideaal van één enkele in algemene broederschap solidaire familie van de volkeren. Hij duidde de menselijk en christelijk begrepen ontwikkeling aan als het hart van de christelijke sociale leer en stelde de christelijke liefde voor als de voornaamste kracht in dienst van de ontwikkeling daarvan. Bewogen door de wens de liefde van Christus voor de mens van vandaag geheel zichtbaar te maken, stelde Paus Paulus VI vastberaden belangrijke ethische vragen aan de orde, zonder toe te geven aan de culturele zwakheden van zijn tijd.
Met de Apostolische Brief H. Paus Paulus VI - Apostolische Brief
Octogesima Adveniens
Aan Maurice Kardinaal Roy, bij gelegenheid van de 80ste verjaardag van Rerum Novarum
(14 mei 1971)
van 1971 stelde Paus Paulus VI dan de bedoeling van de politiek aan de orde, en het gevaar van utopische en ideologische visioenen, die de ethische en menselijke kwaliteiten daarvan in gevaar brengen. Het gaat om argumenten die nauw verbonden zijn met de ontwikkeling. Helaas blijven de negatieve ideologieën bloeien. Voor de technocratische ideologie, die vandaag de dag wijdverbreid is, heeft Paus Paulus VI al gewaarschuwd, Vgl. H. Paus Paulus VI, Encycliek, Over de ontwikkeling van de volken, Populorum Progressio (26 mrt 1967), 34 wel wetend dat het heel gevaarlijk is het integrale ontwikkelingsproces alleen aan de techniek over te laten, want op die manier zou dit proces geen oriëntatie hebben. Techniek, op zich genomen, is ambivalent. Terwijl vandaag de dag enerzijds de neiging bestaat aan de techniek het genoemde ontwikkelingsproces volledig toe te vertrouwen, zien we anderzijds de opkomst van ideologieën die het nut van ontwikkeling helemaal loochenen, omdat zij die fundamenteel antimenselijk vinden en menen dat die tot algemeen verval zal leiden. Zo veroordeelt men uiteindelijk niet alleen de verwrongen en onjuiste wijze waarop de mensen soms richting geven aan de vooruitgang, maar ook de wetenschappelijke ontdekkingen zelf, die daarentegen, als ze goed gebruikt worden, voor allen een kans vormen om te groeien. Het idee van een wereld zonder ontwikkeling drukt wantrouwen jegens de mens en jegens God uit. Het is dan ook een ernstige vergissing de menselijke mogelijkheden te geringschatten om de uitwassen van de ontwikkeling onder controle te houden, of zelfs voorbij te zien aan het feit dat de mens van nature streeft naar “meer zijn”. Het ideologisch verabsoluteren van de technische vooruitgang of de utopie van een mensheid die is teruggekeerd naar de oorspronkelijke natuurlijke toestand, zijn twee tegengestelde manieren om de vooruitgang te scheiden van de morele beoordeling, en daarmee van onze verantwoordelijkheid.
Twee andere documenten van Paus Paulus VI, die niet direct samenhangen met de sociale leer – de Encycliek H. Paus Paulus VI - Encycliek
Humanae Vitae
Het menselijk leven en geboorteregelingen
(25 juli 1968)
van 25 juli 1968 en de Apostolische Exhortatie H. Paus Paulus VI - Postsynodale Apostolische Exhortatie
Evangelii Nuntiandi
Over de Evangelisatie in de Moderne Wereld
(8 december 1975)
van 8 december 1975 – zijn zeer belangrijk voor de beschrijving van het volkomen menselijke gehalte van de door de Kerk voorgestelde ontwikkeling. Het is dan ook zinvol deze beide teksten in verband met H. Paus Paulus VI - Encycliek
Populorum Progressio
Over de ontwikkeling van de volken
(26 maart 1967)
te lezen.

De Encycliek H. Paus Paulus VI - Encycliek
Humanae Vitae
Het menselijk leven en geboorteregelingen
(25 juli 1968)
onderstreept de dubbele betekenis van seksualiteit als middel tot vereniging en tot voortplanting en baseert daarmee de samenleving op het fundament van het echtpaar, man en vrouw, die elkaar aanvaarden in hun verschillend zijn en in hun complementariteit, een paar dat dus open staat voor het leven. Vgl. H. Paus Paulus VI, Encycliek, Het menselijk leven en geboorteregelingen, Humanae Vitae (25 juli 1968), 8-9 Vgl. Paus Benedictus XVI, Toespraak, Tot deelnemers aan het internationale congres gepromoot door de Pauselijke Universiteit van Lateranen bij de 40e verjaardag van de Encycliek "Humanae Vitae", Bekrachtiging van "Humanae vitae" (10 mei 2008) Dit is geen kwestie van alleen individuele moraal: H. Paus Paulus VI - Encycliek
Humanae Vitae
Het menselijk leven en geboorteregelingen
(25 juli 1968)
toont de sterke samenhang die er bestaat tussen de ethiek van het leven en de sociale ethiek en heeft daarmee het begin gemarkeerd van een thematiek van het leergezag, die langzamerhand in verscheidene documenten vorm heeft gekregen, het laatst in de Encycliek H. Paus Johannes Paulus II - Encycliek
Evangelium Vitae
Over de waarde en de onaantastbaarheid van het menselijk leven
(25 maart 1995)
van Paus Johannes Paulus II. Vgl. H. Paus Johannes Paulus II, Encycliek, Over de waarde en de onaantastbaarheid van het menselijk leven, Evangelium Vitae (25 mrt 1995), 93 De Kerk legt de nadruk op deze samenhang tussen de ethiek van het leven en de sociale ethiek, want zij weet: “Een samenleving kan geen zekere grondvesten hebben wanneer zij aan de ene kant waarden zoals de waardigheid van de persoon, gerechtigheid en vrede handhaaft, maar zichzelf aan de andere kant fundamenteel tegenspreekt door allerlei vormen van minachting en schending van het menselijk leven te accepteren of te dulden, met name als het om zwak of gemarginaliseerd leven gaat”. Vgl. H. Paus Johannes Paulus II, Encycliek, Over de waarde en de onaantastbaarheid van het menselijk leven, Evangelium Vitae (25 mrt 1995), 101

De Apostolische Exhortatie H. Paus Paulus VI - Postsynodale Apostolische Exhortatie
Evangelii Nuntiandi
Over de Evangelisatie in de Moderne Wereld
(8 december 1975)
is zeer nauw verbonden met de ontwikkeling, want “de evangelisatie zou niet volkomen zijn”, zo schreef Paus Paulus VI, “als zij er geen rekening mee zou houden dat in de loop van de tijd het evangelie en het concrete, persoonlijke en gemeenschappelijke leven van de mens elkaar wederzijds uitdagen”. H. Paus Paulus VI, Postsynodale Apostolische Exhortatie, Over de Evangelisatie in de Moderne Wereld, Evangelii Nuntiandi (8 dec 1975), 29 “Tussen evangelisatie en menselijke vooruitgang – ontwikkeling en bevrijding – bestaan inderdaad nauwe banden”: Vgl. H. Paus Paulus VI, Postsynodale Apostolische Exhortatie, Over de Evangelisatie in de Moderne Wereld, Evangelii Nuntiandi (8 dec 1975), 31 Uitgaande van dit inzicht zette Paus Paulus VI de relatie tussen de verkondiging van Christus en de vooruitgang van de mens in de samenleving duidelijk uiteen. Het getuigenis voor de liefde van Christus door werken van gerechtigheid, van vrede en van ontwikkeling behoort tot de evangelisatie, want Jezus Christus, Die ons liefheeft, is begaan met de gehele mens. Op deze belangrijke leerstukken berust het missionaire aspect Vgl. H. Paus Johannes Paulus II, Encycliek, De ontwikkeling van de mens en de samenleving
Twintig jaar na Populorum Progressio van Paus Paulus VI, Sollicitudo Rei Socialis (30 dec 1987), 41
van de sociale leer van de Kerk, als wezenlijk element van de evangelisatie. Vgl. H. Paus Johannes Paulus II, Encycliek, De ontwikkeling van de mens en de samenleving
Twintig jaar na Populorum Progressio van Paus Paulus VI, Sollicitudo Rei Socialis (30 dec 1987), 41
Vgl. H. Paus Johannes Paulus II, Encycliek, Ter gelegenheid van de honderdste verjaardag van de encycliek Rerum Novarum, Centesimus Annus (1 mei 1991), 5.54 De sociale leer van de Kerk is geloofsverkondiging en getuigenis van het geloof. Zij is instrument en onmisbare plaats voor geloofsopvoeding.
In de Encycliek H. Paus Paulus VI - Encycliek
Populorum Progressio
Over de ontwikkeling van de volken
(26 maart 1967)
wilde Paus Paulus VI ons bovenal zeggen dat vooruitgang in oorsprong en zijn wezen een roeping is: “Volgens Gods plan is iedere mens geroepen om zichzelf te ontwikkelen, omdat God aan het leven van iedere mens een bepaalde roeping heeft meegegeven”. H. Paus Paulus VI, Encycliek, Over de ontwikkeling van de volken, Populorum Progressio (26 mrt 1967), 15 Precies dit feit rechtvaardigt het ingrijpen van de Kerk in de problematiek van de ontwikkeling. Als het alleen om technische aspecten van het menselijk leven zou gaan en de mens noch aan de zin van zijn vordering door de geschiedenis samen met zijn medemensen, noch aan het doel van deze weg, aandacht zou schenken, dan zou de Kerk geen recht hebben over deze dingen te spreken. Paus Paulus VI was zich – zoals ook reeds zijn voorganger Paus Leo XIII, in de Encycliek Paus Leo XIII - Encycliek
Rerum Novarum
Over kapitaal en arbeid
(15 mei 1891)
Vgl. H. Paus Paulus VI, Encycliek, Over de ontwikkeling van de volken, Populorum Progressio (26 mrt 1967), 2 Vgl. Paus Leo XIII, Encycliek, Over kapitaal en arbeid, Rerum Novarum (15 mei 1891) Vgl. H. Paus Johannes Paulus II, Encycliek, De ontwikkeling van de mens en de samenleving
Twintig jaar na Populorum Progressio van Paus Paulus VI, Sollicitudo Rei Socialis (30 dec 1987), 8
Vgl. H. Paus Johannes Paulus II, Encycliek, Ter gelegenheid van de honderdste verjaardag van de encycliek Rerum Novarum, Centesimus Annus (1 mei 1991), 5 – ervan bewust dat hij een plicht vervulde die aan zijn ambt eigen was, door het Licht van het evangelie over de sociale vraagstukken van zijn tijd te laten schijnen. Vgl. H. Paus Paulus VI, Encycliek, Over de ontwikkeling van de volken, Populorum Progressio (26 mrt 1967), 2.13

Als men zegt dat ontwikkeling een roeping is, dan betekent dat van de ene kant de erkenning dat deze roeping voortkomt uit een transcendente roep en van de andere kant dat deze niet in staat is zichzelf uiteindelijke zin te geven. Niet zonder reden komt het woord “roeping” ook op een andere plaats in de Encycliek voor, waar we lezen: “Er bestaat dus geen echt humanisme dan dat wat op God gericht is, en wat de verantwoordelijkheid erkent waartoe wij zijn geroepen en waardoor het menselijk leven eerst werkelijk zin krijgt”. H. Paus Paulus VI, Encycliek, Over de ontwikkeling van de volken, Populorum Progressio (26 mrt 1967), 42 Deze kijk op ontwikkeling is het hart van H. Paus Paulus VI - Encycliek
Populorum Progressio
Over de ontwikkeling van de volken
(26 maart 1967)
en is de motivatie voor alle overwegingen van Paus Paulus VI over de vrijheid, de waarheid en de liefde in de ontwikkeling. Dat is ook de voornaamste reden waarom deze Encycliek in onze dagen nog steeds actueel is.
Een roeping is een appel die een vrij en verantwoordelijk antwoord vraagt. De integrale menselijke ontwikkeling vooronderstelt de verantwoordelijke vrijheid van de persoon en van de volken: geen structuur die de menselijke verantwoordelijkheid negeert of zich daar boven stelt kan deze ontwikkeling garanderen. “Heilsverwachtingen” Red.: Messianismen, die rijk zijn aan “mooie maar misleidende beloften” van een droomwereld, H. Paus Paulus VI, Encycliek, Over de ontwikkeling van de volken, Populorum Progressio (26 mrt 1967), 11 H. Paus Johannes Paulus II, Encycliek, Ter gelegenheid van de honderdste verjaardag van de encycliek Rerum Novarum, Centesimus Annus (1 mei 1991), 25 baseren hun eigen voorstellen altijd op de ontkenning van de transcendente dimensie van de ontwikkeling, in de zekerheid dat deze hun geheel ter beschikking staat. Deze valse zekerheid verandert in zwakte, omdat die leidt tot de onderdrukking van de mens, die wordt gereduceerd tot een middel voor de ontwikkeling, terwijl de nederigheid van degene die een roeping aanneemt wordt omgevormd tot ware autonomie, omdat deze de mens vrij maakt. Paus Paulus VI betwijfelt niet dat obstakels en bepaalde feiten de ontwikkeling remmen, maar hij is er ook zeker van dat “iedereen zelf de voornaamste verantwoordelijkheid voor zijn persoonlijk welslagen of falen (behoudt), hoe groot ook de invloeden zijn die van buitenaf op hem inwerken”. H. Paus Paulus VI, Encycliek, Over de ontwikkeling van de volken, Populorum Progressio (26 mrt 1967), 15 Deze vrijheid betreft de ontwikkeling waarover wij het hebben, maar ook situaties van onderontwikkeling die niet het gevolg zijn van toeval of een historische noodzaak, maar van menselijke verantwoordelijkheid. Daarom doen “de hongerende volken vandaag een dramatisch beroep op de volken die in overvloed leven”. H. Paus Paulus VI, Encycliek, Over de ontwikkeling van de volken, Populorum Progressio (26 mrt 1967), 3 Ook dat is roeping, een appel van vrije mensen gericht tot vrije mensen om gezamenlijk verantwoordelijkheid te nemen. Paus Paulus VI had een sterk besef van het belang van economische structuren en instellingen, maar hij had een even sterk besef van het feit dat ze in wezen werktuigen van de menselijke vrijheid zijn. De ontwikkeling kan alleen geheel menselijk zijn, als deze vrij is; alleen in verhoudingen van verantwoordelijke vrijheid kan de ontwikkeling op passende wijze groeien.

Behalve de aanspraak op vrijheid vereist de integrale menselijke ontwikkeling als roeping ook dat de waarheid ervan geëerbiedigd wordt. De roeping tot vooruitgang spoort de mens aan tot “meer doen, leren, bezitten, om daardoor meer te zijn”. H. Paus Paulus VI, Encycliek, Over de ontwikkeling van de volken, Populorum Progressio (26 mrt 1967), 6 Maar dan stelt zich de vraag: wat wil dat zeggen: “meer zijn”? Op die vraag antwoordt Paus Paulus VI door te verwijzen naar het essentiële kenmerk van de “authentieke ontwikkeling”; die moet “integraal zijn, dat wil zeggen: bijdragen tot de ontwikkeling van iedere mens en van heel de mens”. H. Paus Paulus VI, Encycliek, Over de ontwikkeling van de volken, Populorum Progressio (26 mrt 1967), 14 In de concurrentiestrijd tussen de verschillende opvattingen over de mens, waarvan er in de huidige samenleving nog meer zijn dan ten tijde van Paus Paulus VI, heeft de christelijke zienswijze de bijzondere eigenschap de onvervreemdbare waarde van de mens en de betekenis van zijn groei te bekrachtigen en te rechtvaardigen. Paus Paulus VI schrijft: “Wat voor ons telt, is de mens, iedere mens, iedere groep van mensen, en de mensheid in haar geheel”. H. Paus Paulus VI, Encycliek, Over de ontwikkeling van de volken, Populorum Progressio (26 mrt 1967), 14 Vgl. H. Paus Johannes Paulus II, Encycliek, Ter gelegenheid van de honderdste verjaardag van de encycliek Rerum Novarum, Centesimus Annus (1 mei 1991), 53-62 Vgl. H. Paus Johannes Paulus II, Encycliek, De Verlosser van de mensen, Redemptor Hominis (4 mrt 1979), 13-14 Het christelijk geloof bekommert zich om ontwikkeling zonder te vertrouwen op privileges of machtsposities, en zelfs niet op de verdiensten van Christenen, ook al zijn die er geweest en zijn ze er nu ook nog – hoewel er ook menselijke fouten worden gemaakt. Vgl. H. Paus Paulus VI, Encycliek, Over de ontwikkeling van de volken, Populorum Progressio (26 mrt 1967), 12 Het geloof steunt eerder alleen op Christus, op Wie iedere echte roeping tot integrale menselijke ontwikkeling is terug te voeren. Het Evangelie is fundamenteel voor ontwikkeling, want daarin maakt Christus “door de openbaring van het mysterie van de Vader en Diens liefde de mens voor zichzelf duidelijk”. 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk in de wereld van deze tijd, Gaudium et Spes (7 dec 1965), 22 Onderwezen door haar Heer onderzoekt de Kerk de tekenen van de tijd, legt ze uit en biedt de wereld “wat haar uniek eigendom is: een alomvattende visie op de mens en de menselijke situatie”. H. Paus Paulus VI, Encycliek, Over de ontwikkeling van de volken, Populorum Progressio (26 mrt 1967), 13 Juist omdat God het grote “Ja” tegen de mens spreekt, Vgl. Paus Benedictus XVI, Toespraak, Tot de deelnemers aan het vierde algemene vergadering van de Italiaanse Kerkprovincie - Jaarbeurshal te Verona, Het getuigenis van de verrezen Christus - Over de aanwezigheid van de Kerk in de samenleving (19 okt 2006) kan de mens er niet van afzien zich te openen voor de goddelijke roeping om de eigen ontwikkeling te verwerkelijken. De waarheid van de ontwikkeling bestaat in de volkomenheid ervan: als ontwikkeling niet de gehele mensheid en iedere mens betreft is er geen sprake van ware ontwikkeling. Dat is de centrale boodschap van H. Paus Paulus VI - Encycliek
Populorum Progressio
Over de ontwikkeling van de volken
(26 maart 1967)
, die vandaag en altijd geldt. De integrale ontwikkeling van de mens op het natuurlijke vlak als antwoord op een roeping van God de Schepper Vgl. H. Paus Paulus VI, Encycliek, Over de ontwikkeling van de volken, Populorum Progressio (26 mrt 1967), 16 vraagt om een verwerkelijking in een “humanisme, dat (de) natuur (van de mens) overstijgt en dat hem de hoogste volheid van leven verleent; en dat is het uiteindelijke doel van de persoonlijke ontwikkeling”. H. Paus Paulus VI, Encycliek, Over de ontwikkeling van de volken, Populorum Progressio (26 mrt 1967), 16 De christelijke roeping tot deze ontwikkeling betreft zowel het natuurlijke als ook het bovennatuurlijke vlak; daarom geldt: “Als God wordt verduisterd, verdwijnt geleidelijk aan ons vermogen de natuurlijke orde, het doel daarvan en het ‘goede’ te herkennen”. Paus Benedictus XVI, Toespraak, Barangaroo, East Darling Harbour Sydney, Tot de jongeren bij de welkomstceremonie van de 23e WYD (gedeeltelijk Nederlands) (17 juli 2008)

Tenslotte vereist de kijk op ontwikkeling als roeping dat de liefde centraal staat. Paus Paulus VI stelde in de Encycliek H. Paus Paulus VI - Encycliek
Populorum Progressio
Over de ontwikkeling van de volken
(26 maart 1967)
vast dat de oorzaken van onderontwikkeling niet op de eerste plaats van materiële aard zijn. Hij heeft ons opgeroepen deze in andere dimensies van het mens-zijn te zoeken: bovenal in de wil, die de plichten van de solidariteit dikwijls verwaarloost; op de tweede plaats in het denken, dat de wil niet altijd op de juiste wijze richting geeft. Daarom zou de ontwikkeling begeleid moeten worden door “wijze en scherp denkende mensen, op zoek naar een nieuw humanisme dat de moderne mens in staat moet stellen zichzelf terug te vinden”. H. Paus Paulus VI, Encycliek, Over de ontwikkeling van de volken, Populorum Progressio (26 mrt 1967), 20 Maar dat is niet alles. De onderontwikkeling heeft een oorzaak die nog belangrijker is dan de ontoereikendheid van het denken: “het feit dat het ontbreekt aan broederschap tussen de mensen en tussen de volkeren”. H. Paus Paulus VI, Encycliek, Over de ontwikkeling van de volken, Populorum Progressio (26 mrt 1967), 66 Kunnen de mensen een dergelijke broederschap ooit op eigen kracht bereiken? De steeds meer geglobaliseerde samenleving maakt ons tot buren, maar niet tot broeders en zusters. De rede is op zichzelf in staat de gelijkheid onder de mensen te vatten en een burgermaatschappij te vestigen, maar de rede kan geen broederlijkheid tot stand brengen. De oorsprong daarvan ligt namelijk in een transcendente roeping door God de Vader, Die ons het eerst heeft liefgehad en ons door de Zoon leert wat broederlijke liefde is. In zijn weergave van de verschillende niveaus van het ontwikkelingsproces van de mens vermeldt Paus Paulus VI eerst het geloof, en daarna stelt hij voorop “de eenheid in de liefde van Christus, die ons roept om als kinderen deel te hebben aan het leven van de levende God, Vader van alle mensen”. H. Paus Paulus VI, Encycliek, Over de ontwikkeling van de volken, Populorum Progressio (26 mrt 1967), 21
Deze door H. Paus Paulus VI - Encycliek
Populorum Progressio
Over de ontwikkeling van de volken
(26 maart 1967)
geopende perspectieven blijven fundamenteel om onze inzet voor de ontwikkeling van de volken elan en richting te verlenen. De Encycliek onderstreept daarnaast steeds opnieuw de urgentie van hervormingen Vgl. H. Paus Paulus VI, Encycliek, Over de ontwikkeling van de volken, Populorum Progressio (26 mrt 1967), 3.29.32 en roept dan op, met het oog op de grote problemen van onrecht in de ontwikkeling van de volken, moedig en zonder aarzelen te handelen. Ook de liefde in waarheid schrijft deze urgentie voor. Het is de liefde van Christus die ons geen rust laat: “caritas Christi urget nos” (2 Kor. 5, 14). De urgentie wordt niet alleen veroorzaakt door de omstandigheden en volgt niet alleen uit het feit dat de gebeurtenissen en problemen elkaar razendsnel opvolgen, maar ook uit datgene wat op het spel staat: de verwezenlijking van een echte broederlijkheid. Dit doel is zo belangrijk dat het onze ontvankelijkheid eist, opdat wij het ten diepste begrijpen en ons concreet en “van ganser harte” ervoor inzetten dat de huidige economische en sociale processen tot werkelijk menselijke resultaten leiden.

Document

Naam: CARITAS IN VERITATE
Liefde in Waarheid - Over de integrale ontwikkeling van de mens in liefde en waarheid
Soort: Paus Benedictus XVI - Encycliek
Auteur: Paus Benedictus XVI
Datum: 29 juni 2009
Copyrights: © 2009, Libreria Editrice Vaticana / RKKerk.nl
Vert.: Dr. N. Stienstra met medewerking van drs. N. Schnell, pr.
Op enkele punten bewerkt voor deze site door redactie
Bewerkt: 7 november 2019

Referenties naar dit document

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam