• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

H. PAUS LEO I "DE GROTE"
68e catechese in deze reeks

Beste broeders en zusters,

onze weg vervolgend door de Kerkvaders - ware sterren die van veraf schitteren - komen we vandaag bij de gestalte van een Paus die in 1754 door Benedictus XIV tot Kerkvader werd uitgeroepen: het gaat om de heilige Leo de Grote. Zoals de bijnaam die hem al gauw door de overlevering is gegeven al zegt, was hij echt een van de grootste Pausen die de zetel van Rome hebben geëerd en veel hebben bijgedragen aan de versterking van haar gezag en aanzien. Hij was de eerste bisschop van Rome die de naam Leo droeg, een naam die in het vervolg nog door twaalf andere Pausen werd aangenomen, en ook is hij de eerste Paus van wie ons de prediking heeft bereikt die door hem tot het volk gericht werd dat tijdens de vieringen op hem aandrong. Spontaan denkt men aan hem, ook in de context van de huidige algemene woensdagaudiënties, vaste bijeenkomsten die in de laatste decennia voor de Bisschop van Rome een gebruikelijke manier zijn geworden om de gelovigen te ontmoeten evenals de vele bezoekers uit alle delen van de wereld.

Leo was afkomstig uit Tuscia. Hij werd rond het jaar 430 diaken van de Kerk van Rome en mettertijd verwierf hij daarin een heel belangrijke positie. Die opvallende rol bracht in 440 Galla Placidia, die op dat moment het West - Rijk bestuurde ertoe om hem naar Gallië te sturen om een moeilijke situatie op te lossen. Maar in de zomer van dat jaar stierf paus Sixtus III - wiens naam verbonden is aan de prachtige mozaïeken van de Santa Maria Maggiore - en het was Leo die gekozen werd hem op te volgen en die daarvan bericht ontving terwijl hij bezig was zijn zending in Gallië ten uitvoer te brengen. Naar Rome teruggekeerd, werd hij tot de nieuwe Paus gewijd op 29 september 440. Zo begon hij aan zijn pontificaat dat ruim 21 jaar heeft geduurd en dat ongetwijfeld een van de belangrijkste is geweest in de geschiedenis van de Kerk. Na zijn dood op 10 november 461 werd de Paus begraven bij het graf van Sint Petrus. Zijn relieken worden ook vandaag nog in een van de altaren van de Vaticaanse Basiliek bewaard.

Het waren heel moeilijke tijden waarin Paus Leo leefde: de herhaaldelijke invasies van de barbaren, de voortschrijdende verzwakking van het keizerlijk gezag en een lange sociale crisis hadden de Bisschop van Rome ertoe gedwongen een opvallende rol op zich te nemen in het burgerlijke en politieke gebeuren, zoals dat zo’n anderhalve eeuw later met nog groter evidentie zou gebeuren tijdens het pontificaat van Gregorius de Grote. Uiteraard bracht dat met zich mee dat de belangrijkheid en het aanzien het aanzien van de Zetel van Rome nog toenam.

Beroemd geworden is vooral een gebeurtenis uit het leven van Leo. Deze gaat terug op het jaar 452, toen de Paus in Mantova, samen met een Romeinse delegatie, Attilla ontmoette, aanvoerder van de Hunnen, en hem afbracht van het voortzetten van de invasieoorlog waarmee hij al de noordwestelijke regio’s van Italië had verwoest. Zo redde hij de rest van het Schiereiland. Deze belangrijke gebeurtenis werd al snel een gedenkwaardige en blijft als het ware een symbolisch teken voor de vredesactiviteiten die de Paus ontplooide.

Helaas niet zo positief was drie jaar later de uitkomst van een ander pauselijk initiatief, ofschoon wel teken van een moed die ons nóg verbaast: in de lente van 455 lukte het Leo namelijk niet te voorkomen dat de Vandalen van Genserik, die de poorten van Rome hadden bereikt, de stad binnendrongen die onverdedigd bleef en die gedurende twee weken werd geplunderd. En toch, het gebaar van de Paus die ongewapend en omgeven door zijn geestelijkheid de indringer tegemoet ging om hem te bezweren dat hij zou stoppen, heeft op zijn minst verhinderd dat Rome in brand gestoken werd en verkreeg dat de basilieken van de heilige Petrus, de heilige Paulus en de heilige Johannes, waarin een groot deel van de geterroriseerde bevolking zijn toevlucht had gezocht, voor de plundering gespaard bleven.

Wij zijn goed op de hoogte van de werkzaamheid van Paus Leo, dak zij zijn prachtige preken - er zijn er zo’n honderd bewaard gebleven in een voortreffelijk en helder Latijn - en dank zij zijn brieven, zo’n honderd en vijftig. In deze teksten verschijnt de Paus in heel zijn grootsheid, gericht op de dienst van de waarheid in de liefde, door middel van een volhardende beoefening van de dienst van het Woord, waarin hij tegelijkertijd theoloog en herder blijkt te zijn. Voortdurend bekommerd om zijn gelovigen en het volk van Rome, maar ook om de communio tussen de verschillende Kerken en om hun noden, was Leo de Grote een aanhanger en onvermoeibare bevorderaar van het primaat van Rome, en toonde hij zich een authentieke erfgenaam van de apostel Petrus: de talrijke, grotendeels oosterse bisschoppen, verenigd in het Concilie van Chalcedon, toonden zich daarvan wel bewust te zijn.
Dit Concilie, gehouden in het jaar 451, was met de driehonderdvijftig Bisschoppen die er aan deelnamen de belangrijkste vergadering die tot dan toe in de geschiedenis van de Kerk was gevierd. Chalcedon vormt het veilige eindpunt van de christologie van de drie voorafgaande oecumenische Concilies: die van Nicea in 325, van Constantinopel in 381 en van Efeze in 431. Deze vier concilies, die het geloof van de Kerk van de Oudheid samenvatten, werden dan ook al in de VI-de eeuw vergeleken met de vier Evangelies: Gregorius de Grote stelt dat met evenzoveel woorden in een beroemde brief H. Paus Gregorius de Grote, Registrum Epistolae. I, 24, waarin hij verklaart “de vier Concilies te aanvaarden en te vereren als de vier boeken van het heilig Evangelie”, omdat daarop - zo legt Gregorius uit - “als op een vierkante rotsblok de structuur is opgericht van het heilig geloof”. Door de ketterij van Eutichès te verwerpen, die de ware menselijke natuur van de Zoon van God ontkende, bevestigde het Concilie van Chalcedon
Sessio V - Definitio de duabus naturis Christi
5e Zitting - Over de twee naturen in Christus
(22 oktober 451)
in diens unieke Persoon de eenheid zonder vermenging of scheiding van de twee naturen, de menselijke en de goddelijke.
Dit geloof in Jezus Christus als waarachtig God en waarachtig mens werd door de Paus bevestigd in een belangrijke leerstellige tekst die gericht was aan de Bisschop van Constantinopel, de zogenaamde H. Paus Leo I de Grote
Lectis dilectionis tuae - Tomus I Leonis
Over de Menswording van het Woord van God - Aan Bisschop Flavianus
(13 juni 449)
die, voorgelezen in Chalcedonië, door de aanwezige Bisschoppen met een veelzeggende acclamatie werd aanvaard, waarover een notitie bewaard is in de handelingen van het Concilie: “Petrus heeft gesproken bij monde van Leo” riepen de concilievaders eenstemmig. Vooral uit deze interventie, en uit andere die hij tijdens de christologische controverse van die jaren heeft gedaan, blijkt duidelijk hoe de Paus oog had voor de bijzondere urgentie van de verantwoordelijkheden van de Opvolger van Petrus, wiens rol uniek is in de Kerk, omdat “aan één apostel alleen is toevertrouwd wat aan alle apostelen is meegedeeld”, zoals Leo zegt in een van zijn preken voor het feest van Petrus en Paulus H. Paus Leo I de Grote, Sermones. 83, 2. En deze verantwoordelijkheden wist de Paus zowel in het Westen als in het Oosten uit te oefenen door in diverse omstandigheden met wijze voorzichtigheid, vastberadenheid en helderheid te interveniëren door zijn geschriften en door middel van zijn gezanten. Zo toonde hij hoe de uitoefening van het primaat van Rome destijds noodzakelijk was, zoals dat ook vandaag de dag het geval is, om daadwerkelijk de communio, de gemeenschap te dienen die kenmerkend is voor de ene en enige Kerk van Christus.
Zich bewust van het historisch moment waarin hij leefde en van de overgang die zich - in een periode van diepe crisis - aan het voltrekken was van het heidense naar het christelijke Rome, wist Leo de Grote het volk en de gelovigen nabij te zijn met zijn pastorale activiteit en zijn prediking. Hij stimuleerde de naastenliefde in een Rome dat beproefd werd door allerlei schaarsten, door de toestroom van vluchtelingen, door onrechtvaardigheden en door de armoede. Hij bestreed het heidense bijgeloof en de activiteiten van groepen manicheeën. Hij verbond de liturgie met het dagelijkse leven van de christenen: bijvoorbeeld door de praktijk van het vasten te verbinden met de naastenliefde en het geven van aalmoezen, vooral bij gelegenheid van de quatertemperdagen, die in de loop van het jaar de verandering van de seizoenen markeren.

In het bijzonder leerde Leo de Grote zijn gelovigen - en zijn woorden gelden vandaag de dag nog voor ons - dat de christelijke liturgie geen herinnering is aan gebeurtenissen uit het verleden, maar activering van onzichtbare werkelijkheden die in ieders leven werkzaam zijn. Dat onderstreept hij in een preek H. Paus Leo I de Grote, Sermones. 64, 1-2 bij gelegenheid van Pasen dat in elke tijd van het jaar is te vieren “niet zozeer als iets dat verleden tijd is, maar veeleer als een gebeurtenis in het heden”. Dit alles past in een nauwkeurig plan, benadrukt de heilige Paus: zoals immers de Schepper met zijn adem de mens die uit het slijk van de aarde was gevormd, bezield heeft met het redelijke leven zo heeft hij naar de eerste zonde zijn Zoon in de wereld gezonden om aan de mens zijn verloren waardigheid terug te geven en de heerschappij te vernietigen van de duivel door middel van het nieuwe leven van de genade.

Dit is het christologisch mysterie waaraan de heilige Leo de Grote met zijn brief aan het Concilie van Efeze een werkzame en wezenlijke bijdrage heeft geleverd door voor alle tijden door middel van dat Concilie te bevestigen wat de heilige Petrus in Caesarea van Filippus gezegd heeft. Met Petrus en als Petrus beleed hij: “Gij zijt de Christus, de Zoon van de levende God”, en daarom God en mens tegelijk, “niet vreemd aan de menselijke soort, maar vreemd aan de zonde” Vgl. H. Paus Leo I de Grote, Sermones. 64. In de kracht van dit christologisch geloof was hij groot in het brengen van de vrede en de liefde. Zo toont hij ons de weg: In het geloof leren we de liefde. Leren we daarom met de heilige Leo de Grote te geloven in Christus, waarachtig God en waarachtig mens, en dit geloof elke dag te verwezenlijken in de inzet voor de vrede en voor de liefde tot de naaste.

Document

Naam: H. PAUS LEO I "DE GROTE"
68e catechese in deze reeks
Soort: Paus Benedictus XVI - Audiëntie
Auteur: Paus Benedictus XVI
Datum: 5 maart 2008
Copyrights: © 2008, Libreria Editrice Vaticana
Vertaling uit het Italiaans, alineanummering en -verdeling: Past. Cr. van Buijtenen,pr.
Bewerkt: 26 maart 2015

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2017, Stg. InterKerk, Schiedam