• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

EPIFANIE: “HET BEGIN VAN EEN BEWEGING DIE TEGENGESTELD IS AAN DIE VAN BABEL”
Epifanie 2008

Lezingen op het Hoogfeest van Epifanie:

eerste lezing: Jes. 60, 1 - 6;
antwoordpsalm: Ps. 72;
tweede lezing: Ef. 3, 2 - 3a + 5 - 6;
Evangelielezing: Mt. 2, 1 - 12

Beste broeders en zusters,

wij vieren vandaag Christus als het Licht der wereld en zijn openbaring aan de volkeren. Op Kerstdag luidde de boodschap van de liturgie aldus: “Hodie descendit lux Magna super terram - Heden daalde een groot licht op aarde neer” Romeins Missaal, in het Alleluia-vers voorafgaand aan het Evangelie. In Betlehem verscheen dit licht aan een kleine groep personen, een minuscule “rest van Israël”: de Maagd Maria, haar bruidegom Jozef en enkele herders. Een bescheiden licht, een licht in de stijl van de ware God; een vlammetje ontstoken in de nacht: een kwetsbare pasgeborene, die schreit terwijl de wereld stil is... Maar die verborgen en onbekende geboorte werd begeleid door de lofzang van de hemelse scharen, die heerlijkheid en vrede zongen Vgl. Lc. 2, 13-14 .

Zo projecteerde zich dit licht, hoewel bescheiden bij zijn verschijnen op aarde, met macht aan de hemel: de geboorte van de Koning der Joden was aangekondigd in het opkomen van een ster, van heel ver af al zichtbaar. Dit was het getuigenis van “enkele Wijzen”, uit het Oosten naar Jeruzalem gekomen, kort na de geboorte van Jezus, ten tijde van koning Herodes Vgl. Mt. 2, 1-2 . Weer eens herinneren zich en beantwoorden elkaar hemel en aarde, de kosmos en de geschiedenis. De oude profetieën vinden hun weerklank in de taal van de sterren: “een ster komt op uit Jakob, een scepter rijst op uit Israël” (Num. 24, 17) had de heidense ziener Bileam aangekondigd, die geroepen was om het volk Israël te vervloeken, maar die het in plaats daarvan zegende, want – had God Hem geopenbaard – “dat volk (...) is gezegend” (Num. 22, 12). Paus Benedictus XVI - Audiëntie
H. Chromatius van Aquileia
61e catechese in de reeks: Christus en Zijn Kerk
(5 december 2007)
schrijft in zijn H. Chromatius van Aquileia
Commentaar bij het Evangelie volgens Matteus ()
, waar hij Bileam in verband brengt met de Wijzen: “Gene profeteerde dat Christus zou komen; dezen ontwaarden Hem met de ogen van het geloof”. En hij voegt er een belangrijke bemerking aan toe: “De ster werd door allen opgemerkt, maar niet allen begrepen er de betekenis van. Op dezelfde manier is onze Heer en Redder voor allen geboren, maar niet allen hebben Hem aanvaard” H. Chromatius van Aquileia, Commentaar bij het Evangelie volgens Matteus. 4, 1-2. Hier wordt de betekenis duidelijk, in historisch perspectief, van het symbool van het licht, toegepast op de geboorte van Christus: het drukt de bijzondere zegen uit van God over Abrahams nakomelingschap, een zegen die bestemd is zich uit te strekken tot alle volkeren der aarde.
De evangelische gebeurtenis die wij met Epifanie gedenken – het bezoek van de Wijzen aan het Kind Jezus te Betlehem – brengt ons zo terug bij het begin van de geschiedenis van het volk van God, bij de roeping namelijk van Abraham. We zijn dan bij het 12de hoofdstuk van het boek Genesis. De eerste 11 hoofdstukken zijn als grote fresco’s die op enkele fundamentele vragen van de mensheid antwoorden: van wat voor oorsprong is het heelal en het menselijk geslacht? Waar komt het kwaad vandaan? Waarom zijn er verschillende talen en culturen? Tussen de beginverhalen van de Bijbel verschijnt een eerste “verbond”, door God gevestigd met Noach, na de zondvloed. Het gaat om een universeel verbond dat heel de mensheid aangaat: het nieuwe verbond met Noach en zijn gezin is tegelijkertijd een verbond met “alle vlees”. Vervolgens, nog vóór de roeping van Abraham, treffen we een ander groot fresco aan dat heel belangrijk is voor het verstaan van Epifanie: dat van de toren van Babel. De heilige tekst bevestigd dat oorspronkelijk “alle mensen op aarde éénzelfde tal spraken en dezelfde woorden gebruikten" Vgl. Gen. 11, 1 . Toen zeiden de mensen “Kom (...) laten we een stad bouwen met een toren, waarvan de spits tot in de hemel reikt; dan krijgen wij een naam en worden niet over de aardbodem verspreid” (Gen. 11, 3.4). Het gevolg van deze zonde van hoogmoed, vergelijkbaar met die van Adam en Eva, was de verwarring in taal en de verstrooiing van de mensheid over heel de aarde Vgl. Gen. 11, 7-8 . Dit is de betekenis van Babel, en het was een soort van vervloeking, gelijk aan de verdrijving uit het aards paradijs.
Op dit punt begint de geschiedenis van de zegening, met de roeping van Abraham: hier begint het grote plan van God om van de mensheid een familie te maken, door middel van het verband met een nieuw volk, door Hem gekozen opdat het een zegen zal zijn temidden van alle volkeren Vgl. Gen. 12, 1-3 . Dit goddelijk plan loopt nog steeds en heeft zijn hoogtepunt gehad in het mysterie van Christus. Van toen af zijn de “laatste tijden” begonnen, in de zin dat het plan ten volle is geopenbaard en gerealiseerd in Christus, maar vraagt om aanvaard te worden door de menselijke geschiedenis, die steeds een geschiedenis blijft van trouw van Gods kant en helaas ook van ontrouw van de kant van ons, mensen. De Kerk zelf, waaraan de zegeningen in beheer gegeven zijn, is heilig en samengesteld uit zondaars, getekend door de spanning tussen het “reeds” en het “nog niet”. In de volheid van de tijd is Jezus Christus gekomen om het verbond tot vervulling te brengen: Hijzelf, ware God en waarachtig mens, is het Sacrament van de trouw van God aan zijn plan van heil voor heel de mensheid, voor ons allemaal.

De aankomst van de Wijzen uit het oosten te Betlehem, om de pasgeboren Messias te aanbidden, is het teken van de openbaring van de universele Koning aan de volkeren en aan alle mensen die de waarheid zoeken. Het is het begin van een beweging die tegengesteld is aan die van Babel: van de verwarring naar het verstaan, van de verstrooiing naar de verzoening. Zo ontdekken we een band tussen Epifanie en Pinksteren: als de Geboorte van Christus, die het Hoofd is, ook de Geboorte is van de Kerk, zijn lichaam, dan zien wij in de Wijzen de volkeren die zich bij de rest van Israël aansluiten, als een vooraankondiging van het grote teken van de “veeltalige Kerk”, dat bewerkt werd door de Heilige Geest, vijftig dagen na Pasen: de trouwe en vasthoudende liefde van God die nooit afbreuk doet aan zijn Verbond van geslacht op geslacht. Het is het mysterie waarover de heilige Paulus spreekt in zijn brieven, ook in de passage uit de brief aan de Efeziërs die zojuist is voorgelezen: de Apostel bevestigt dat hem dat mysterie “door openbaring (...) is meegedeeld" (Ef. 3, 2) en dat hem is opgedragen het bekend te maken.

Dit mysterie van de trouw van God vormt de hoop van de geschiedenis. Zeker het staat in contrast met de druk van verdeeldheid en overweldiging, die de mensheid verscheurt tengevolge van de zonde en de botsing van egoïsmen. De Kerk staat in de geschiedenis ten dienste van de “mysterie” van zegening voor heel de mensheid. In dit mysterie van de trouw van God vervult de Kerk haar zending alleen dan ten volle, wanneer zij in zichzelf het licht zelf van Christus, de Heer, weerspiegelt, en zo is zij de volkeren behulpzaam op de weg van de vrede en van de authentieke vooruitgang. Het woord van God blijft immers gelden zoals dat is geopenbaard door middel van de profeet Jesaja:

“Duisternis bedekt de aarde,
het donker de volkeren,
maar over u gaat de Heer op en zijn glorie is boven u verschenen" (Jes. 60, 2).

Wat de profeet aan Jeruzalem verkondigt, vervult zich in de Kerk van Christus: “Volkeren zullen wandelen in uw licht, en koningen in de luister van uw opkomst" (Jes. 60, 3 volgens de Vulgaatversie).

Met Jezus Christus heeft zich de zegening van Abraham uitgestrekt tot alle volkeren, tot de universele Kerk als tot een nieuw Israël dat in haar schoot heel de mensheid ontvangt. Ook vandaag blijft in veel betekenissen waar wat de profeet zei: “donkerte bedekt de volkeren” en onze geschiedenis. Men kan immers niet zeggen dat de globalisering synoniem staat met wereldorde, integendeel. De conflicten om de economische suprematie en om de verwerving van de voorraden aan energie, water en grondstoffen, bemoeilijken het werk van degenen die op allerlei niveau zich inspannen om een rechtvaardiger en meer solidaire wereld te bouwen.

Er is nood aan een hoop die groter is, die het mogelijk maakt de voorkeur te geven aan het algemeen welzijn van allen boven de luxe van weinigen en de ellende van velen. “Deze grote hoop kan alleen God zijn (...) niet een of andere God, maar de God die een menselijk gelaat heeft” Paus Benedictus XVI, Encycliek, Liefde in Waarheid - Over de Christelijke hoop, Spe Salvi (30 nov 2007), 31: de God die zich geopenbaard heeft in het Kind van Betlehem en in de Gekruisigde die Verrezen is. Als er een grote hoop is, kan men volharden in de soberheid. Als de ware hoop ontbreekt, zoekt men het geluk in de bedwelming, in de overvloed, in de buitensporigheden, en richt men zichzelf en de wereld te gronde. De matiging is dan niet alleen maar een ascetische richtlijn, maar ook een heilsweg voor de mensheid. Het is zo langzamerhand overduidelijk dat alleen door een sobere levensstijl aan te nemen, die gepaard gaat met een serieuze inspanning tot een gelijke verdeling van de rijkdommen, het mogelijk zal zijn een ordening in te stellen van een rechtvaardige en houdbare ontwikkeling. Daarom zijn er mensen nodig die een grote hoop koesteren en daarom veel moed bezitten. De moed van de Wijzen die een lange reis ondernamen terwijl ze een ster volgden en die neer wisten te knielen voor een Kind en Hem kostbare geschenken wisten aan te bieden. Allemaal hebben wij deze moed nodig, verankerd in een gedegen hoop. Mogen Maria ons die verkrijgen, en ons op onze aardse pelgrimstocht met haar moederlijke bescherming begeleiden.

Amen!

Document

Naam: EPIFANIE: “HET BEGIN VAN EEN BEWEGING DIE TEGENGESTELD IS AAN DIE VAN BABEL”
Epifanie 2008
Soort: Paus Benedictus XVI - Homilie
Auteur: Paus Benedictus XVI
Datum: 6 januari 2008
Copyrights: © 2008, Libreria Editrice Vaticana
Vertaling uit het Italiaans, alineanummering en -verdeling: Past. Chr. van Buijtenen, pr.
Bewerkt: 29 november 2017

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam