• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

Ik denk dat Augustinus hier heel nauwkeurig en op een nog steeds geldende wijze de werkelijke situatie van de mens beschrijft, waaruit al zijn innerlijke tegenspraak en al zijn hoop voortkomt. Wij zouden ergens het leven zelf willen, het eigenlijke, dat dan ook niet door de dood wordt aangetast; maar tegelijkertijd kennen wij niet datgene waartoe we ons gedrongen voelen. We kunnen niet ophouden ons ernaar uit te strekken en toch weten we dat alles wat we kunnen ervaren of tot stand brengen, niet datgene is waarnaar wij verlangen. Dit onbekende is de eigenlijke hoop die ons drijft, en tegelijkertijd is haar onbekend-zijn de oorzaak van alle vertwijfeling, evenals van alle zowel positieve als destructieve aanlooppogingen in de richting van de juiste wereld, de juiste mens. Het woord ‘eeuwig leven’ probeert dit onbekend-bekende een naam te geven. Noodzakelijkerwijs is het een irriterend, een ontoereikend woord. Want bij ‘eeuwig’ denken wij aan eindeloosheid, en die schrikt ons af; bij leven denken wij aan het door ons ervaren leven, waarvan wij houden en dat wij niet zouden willen verliezen, en dat voor ons toch tegelijkertijd steeds opnieuw meer last dan vervulling betekent, zodat wij het enerzijds verlangen en het tegelijkertijd toch niet willen. We kunnen alleen maar proberen vanuit de tijdelijkheid waarin wij gevangen zitten ons eruit denken en te vermoeden dat eeuwigheid niet een zich steeds voortzettende opeenvolging van kalenderdagen is, maar zoiets als het volledig vervulde ogenblik, waarin het geheel ons omvat en wij het geheel omvatten. Het zou het ogenblik zijn van de onderdompeling in de oceaan van oneindige liefde, waarin er geen tijd, geen vóór en na meer is. Wij kunnen slechts proberen te denken dat dit ogenblik het leven is in de volle zin: ons steeds opnieuw onderdompelen in de wijde ruimte van het zijn, waarin wij eenvoudig door vreugde overweldigd worden. Zo drukt Jezus het bij Johannes uit: “Ik zal u weerzien, (en) uw hart zal zich verheugen en uw vreugde zal niemand u kunnen ontnemen” (Joh. 16, 22). In deze richting moeten we denken als we willen verstaan waarop de christelijke hoop zich richt, wat wij verwachten van het geloof, van ons "bij Christus zijn". Vgl. Catechismus-Compendium, Catechismus van de Katholieke Kerk (15 aug 1997), 1025

Document

Naam: SPE SALVI
Liefde in Waarheid - Over de Christelijke hoop
Soort: Paus Benedictus XVI - Encycliek
Auteur: Paus Benedictus XVI
Datum: 30 november 2007
Copyrights: © 2007, Libreria Editrice Vaticana
Werkvertaling vanuit de Duitstalige grondversie, gecontroleerd met de officiële Italiaanse, Franse en Engelse vertalingen: Past. Chr. van Buijtenen, pr.
Bewerkt: 13 december 2017

Referenties naar dit document

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2018, Stg. InterKerk, Schiedam