• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
De ervaring van het volk van het Verbond wordt vernieuwd in de ervaring van alle 'armen' die Jezus van Nazareth ontmoeten. Net als God 'die houdt van wat leeft' Vgl. Wijsh. 11, 26 Israël had gerustgesteld temidden van het gevaar, zo verkondigt de Zoon van God nu, aan allen die zich bedreigd en belaagd voelen, dat hun levens ook een goed zijn waaraan de liefde van de Vader betekenis en waarde geeft.

'Blinden zien, lammen lopen, melaatsen worden gereinigd, doven horen, doden staan op, aan de armen wordt de Blijde Boodschap verkondigd' (Lc. 7, 22). Met deze woorden van de profeet Jesaja Vgl. Jes. 35, 5-6 Vgl. Jes. 61, 1 , stelt Jezus de betekenis van zijn eigen zending voor: alwie lijden omdat hun bestaan op een of andere wijze 'verminderd' is, horen zo van Hem het goede nieuws van Gods bekommernis met hen en zij weten zeker dat ook hun leven een gave is, waarover zorgvuldig gewaakt wordt in de handen van de Vader Vgl. Mt. 6, 25-34 .

Bovenal zijn het de 'armen' tot wie Jezus spreekt in zijn verkondiging en in zijn daden. De menigten zieken en uitgestotenen, die Hem volgen en Hem zoeken Vgl. Mt. 4, 23-25 vinden in zijn woorden en daden geopenbaard dat hun leven grote waarde heeft en dat hun hoop op redding goed gefundeerd is.

Hetzelfde vindt vanaf het begin plaats in de zending van de Kerk. Wanneer de Kerk Jezus verkondigt als degene die 'weldoende rondging, allen genezend die onder de macht van de duivel stonden, want God was met Hem' (Hand. 10, 38), dan is zij er zich van bewust dat zij een boodschap van verlossing draagt die in al haar nieuwheid precies temidden van de ontberingen en de armoede van het menselijk leven weerklinkt. Petrus genas de kreupele die dagelijks aalmoezen vroeg bij de 'Schone Poort' van de tempel in Jeruzalem, met de woorden: 'Ik heb geen zilver en goud, maar wat ik heb geef ik je: in de Naam van Jezus Christus van Nazareth, wandel!' (Hand. 3, 6). Door het geloof in Jezus, 'de Leidsman ten leven' (Hand. 3, 15) herwint het leven dat verlaten ligt en om hulp roept, besef van eigenwaarde en volle waardigheid.

De woorden en daden van Jezus en van zijn Kerk zijn niet alleen bedoeld voor hen die ziek zijn en die lijden, of die op enigerlei wijze veronachtzaamd zijn door de maatschappij. Op een dieper vlak raken zij de ware betekenis van het leven van elke mens in zijn zedelijke en geestelijke dimensies. Alleen zij die erkennen dat hun leven getekend is door het kwaad van de zonde, kunnen in een ontmoeting met Jezus de Redder de waarheid en de authenticiteit van hun eigen bestaan ontdekken. Jezus zegt zelf: 'Zij die gezond zijn, hebben geen dokter nodig, maar de zieken; ik ben niet gekomen om de rechtvaardigen, maar de zondaars op te roepen tot berouw' (Lc. 5, 31-32).

Maar de mens die, zoals de rijke landeigenaar in de parabel, denkt dat hij zijn leven zeker kan stellen door het bezit van materiële goederen alleen, houdt zichzelf voor de gek. Het leven ontglipt hem, en hij zal het zeer spoedig verliezen, zonder zelfs zijn echte betekenis te hebben ingezien: 'Dwaas! Deze nacht wordt van jou je ziel opgeëist. En de dingen die je hebt bereid, van wie zullen die zijn?' (Lc. 12, 20).

Document

Naam: EVANGELIUM VITAE
Over de waarde en de onaantastbaarheid van het menselijk leven
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Encycliek
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 25 maart 1995
Copyrights: © 1995 Katholiek Nieuwsblad, Den Bosch
Bewerkt: 7 december 2020

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
Trefwoordenlijst voor dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2021, Stg. InterKerk, Schiedam