• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
De onrechtvaardigheden tegen de geestelijke rechten van de mens
Vervolgens zou ik uw aandacht willen vestigen op een tweede stelselmatige bedreiging van de mens in zijn onvervreemdbare rechten in de moderne wereld, een bedreiging welke niet minder dan de eerste een gevaar vormt voor de zaak van de vrede. Ik doel op de verschillende vormen van onrechtvaardigheid op het gebied van de geest.

De mens kan inderdaad worden gewond in zijn innerlijke verhouding tot de waarheid, in zijn geweten, in zijn meest persoonlijke geloof, in zijn wereldbeschouwing, in zijn godsdienstige geloof en in de sfeer van wat bekend staat als burgerlijke vrijheden. Beslissend voor deze laatsten is gelijkheid van rechten zonder discriminatie op grond van afkomst, ras, geslacht, nationaliteit, godsdienst, politieke overtuigingen en dergelijke. Gelijkheid van rechten betekent het uitsluiten van de verschillende vormen van bevoorrechting van sommigen en discriminatie tegen anderen, of zij nu mensen zijn die in hetzelfde land zijn geboren of mensen met een verschillende achtergrond wat betreft geschiedenis, nationaliteit, ras en ideologie. Eeuwen lang is de opmars van de beschaving in een richting gegaan: die waarbij aan het leven van individuele politieke samenlevingen een vorm werd gegeven waarin de objectieve rechten van de geest, van het menselijk geweten en van de menselijke creativiteit, met inbegrip van de verhouding van de mens tot God, ten volle werden gewaarborgd. Ondanks dat zien wij toch op dit gebied herhaaldelijk dreigingen en schendingen, dikwijls zonder de mogelijkheid zich op een hoger gezag te beroepen of een doeltreffend rechtsmiddel te verkrijgen.

Naast de aanvaarding van wettelijke formules om het beginsel van de vrijheid van de menselijke geest te waarborgen, zoals de vrijheid van denken en meningsuiting, godsdienstvrijheid, en vrijheid van geweten, bestaan er dikwijls structuren van sociaal leven waarin de praktische uitoefening van deze vrijheden de mens in feite, zo niet formeel veroordeelt een tweede- of derderangs burger te worden, en zijn kansen op maatschappelijke vooruitgang, zijn beroepscarrière of zijn toegang tot bepaalde verantwoordelijkheidsposten in gevaar te zien gebracht, en zelfs de mogelijkheid te verliezen zijn kinderen in vrijheid op te voeden. Het is een kwestie van het grootste belang dat in het binnenlandse sociale leven, alsook in het internationale leven, alle menselijke wezens in iedere natie en land in staat zouden zijn hun volle rechten daadwerkelijk te genieten onder ieder politiek regime of systeem.

Alleen het waarborgen van deze werkelijke totaliteit van rechten voor ieder menselijk wezen zonder discriminatie, kan de vrede tot in zijn wortels waarborgen.

Document

Naam: DE WAARDIGHEID VAN DE MENSELIJKE PERSOON ALS GRONDSLAG VOOR RECHTVAARDIGHEID EN VREDE
Tot de 34e Algemene Vergadering van de Verenigde Naties - New York
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Toespraak
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 2 oktober 1979
Copyrights: © 1980, Archief van Kerken 35e jrg, nr. 1 p. 27-40
Bewerkt: 7 november 2019

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2021, Stg. InterKerk, Schiedam