• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

H. CYRILLUS VAN JERUZALEM
(43e catechese in deze reeks)

Beste broeders en zusters,

Onze aandacht concentreert zich vandaag op de Heilige Cyrillus van Jeruzalem. Zijn leven laat een vervlochtenheid zien van twee dimensies: van de ene kant de pastorale zorg en van de andere kant de verwikkeling - zijns ondanks - in de ontstane controversen waaronder de Kerk van het Oosten toen leed.

Geboren rond jet jaar 315 in Jeruzalem of in de omgeving daarvan, ontving Cyrillus een uitstekende literaire vorming; deze was de basis van zijn geestelijke cultuur, gecentreerd rond de studie van de Bijbel. Priester gewijd door Bisschop Maximus, werd hij, toen deze stierf of werd afgezet, tot Bisschop gewijd door Acacius, de invloedrijke Metropoliet van Caesarea in Palestina en sympathisant van de Arianen, die er van overtuigd was in hem een bondgenoot te hebben. Hij werd er daarom van verdacht de bisschopsbenoeming te hebben verkregen door concessies te doen aan het Arianisme.

In werkelijk kwam Cyrillus al gauw in aanvaring met Acacius op leerstellig gebied, maar ook op dat van de jurisdictie, want Cyrillus eiste de autonomie van zijn eigen zetel op met betrekking tot de metropolitaanse zetel van Caesarea. In de loop van zo'n twintig jaar kende Cyrillus drie ballingschappen: de eerste in 357, voorafgaand aan een afzetting van de kant van een Synode van Jeruzalem, in 360 gevolgd door een tweede ballingschap die het werk was van Acacius, en tenslotte door een derde, de langste - zij duurde elf jaar - in 367 op initiatief van keizer Valentinianus die aan de kant van de Arianen stond. Pas in 378, na de dood van de keizer, kon Cyrillus definitief zijn zetel weer in bezit nemen, en onder de gelovigen de eenheid en de vrede herstellen.
Voor zijn orthodoxie, door sommige bronnen uit die tijd in twijfel getrokken, pleiten andere, even oude bronnen. De meest gezagvolle daarvan is de synodale brief van 382, na het tweede oecumenisch Concilie van Constantinopel (381), waaraan Cyrillus had deelgenomen. In die brief, gestuurd aan de Paus van Rome, erkennen de oosterse Bisschoppen officieel de volstrekte orthodoxie van Cyrillus, de wettigheid van zijn bisschopswijding en de verdiensten van zijn dienstwerk als herder, waaraan zijn dood in 387 een einde maakte.
Wij bewaren van hem vierentwintig beroemde catechesen, die hij als bisschop tegen het jaar 350 gehouden heeft. Ingeleid door een H. Cyrillus van Jeruzalem
Pro-catechese ()
als verwelkoming, zijn de eerste achttien daarvan gericht aan de catechumenen, of photizomenoi, dat is: degenen die verlicht moeten worden. Ze werden gehouden in de Basiliek van het Heilig Graf. De eerste (1-5) handelen elk respectievelijk over de gesteltenissen die voorafgaan aan het Doopsel, over de bekering vanuit de heidense gewoonten, over het sacrament van het Doopsel en over de tien dogmatische waarheden die vervat zijn in het Credo of Symbolum (samenvatting) van het geloof. De volgende (6-18) vormen een doorlopende catechese over het Symbolum van Jeruzalem, in anti-ariaanse toonzetting. Van de laatste vijf (19-23), de "mystagogische" genaamd, ontwikkelen de eerste twee een commentaar op de riten van het Doopsel, en gaan de laatste drie over het chrisma, over het Lichaam en Bloed van Christus en over de eucharistische liturgie. Daarin is de uitleg opgenomen van het Onze Vader (Oratio dominica): die vormt de basis van een initiatie in het gebed, die parallel verloopt aan de initiatie in de drie sacramenten van het Doopsel, het Vormsel en de Eucharistie.

Dit basisonderricht over het christelijk geloof gebeurde ook in functie van de polemiek met de heidenen, de joodse christenen en de manicheeën. De argumentatie was gefundeerd op de vervulling van de beloften van het Oude Testament, in een beeldrijke taal. De catechese was een belangrijk moment dat was ingevoegd in de hele context van het leven van de christelijke gemeenschap, in het bijzonder van het liturgische leven. In haar moederschoot voltrok zich, begeleid door het gebed en het getuigenis van de broeders, de draagtijd van de toekomstige gelovige. In hun geheel vormen de preken van Cyrillus een systematische catechese over de nieuwe geboorte van de christen door middel van het Doopsel. Tegen de catechumeen zegt hij:

"Je bent in de netten gevallen van de Kerk Vgl. Mt. 13, 47 . Laat je dus levend vangen; vlucht niet, opdat Jezus je aan zijn haak slaat, niet om je de dood, maar om je de verrijzenis na de dood te geven. Je moet inderdaad sterven en verrijzen Vgl. Rom. 6, 11.14 ... Sterf aan de zonde, en leef vanaf vandaag voor de gerechtigheid" H. Cyrillus van Jeruzalem, Pro-catechese. 5.

Wat leerstellig gezichtspunt becommentarieert Cyrillus het Symbolum van Jeruzalem, daarbij steunend op de typologie van de Schriften die, in een "symfonische" relatie tussen de beide Testamenten, uitmondt bij Christus die het middelpunt is van het universum. Treffend zal deze typologie later door Augustinus van Hippo worden beschreven: "In het Oude Testament wordt het nieuwe verhuld, in het Nieuwe het Oude onthuld" H. Augustinus, De catechizandis rudibus. 4, 8 Wat betreft de morele catechese: deze is, door een diepe eenheid ermee, verankerd in de leerstellige catechese. Zij is erop gericht het dogma geleidelijk te doen neerdalen in de zielen, die zo worden aangespoord hun heidense gedrag om te vormen op basis van het nieuwe leven in Christus, dat een gave is van het Doopsel. De "mystagogische" catechese tenslotte, vormde het hoogtepunt van het onderricht dat Cyrillus tijdens de paasweek gaf, nu niet langer aan de catechumenen maar aan de nieuwgedoopten of neofieten. Deze {catechese} hielp hen om, onder de doopriten van de Paaswake, de geheimen te ontdekken die er in vervat lagen maar nog niet waren onthuld. Verlicht door het licht van een uit kracht van het Doopsel dieper geworden geloof, waren de neofieten eindelijk in staat ze beter te begrijpen, nu ze er de riten van hadden gevierd.

Zo sprak Cyrillus bijvoorbeeld bij de neofieten van Griekse afkomst het gezichtsvermogen aan dat hun van nature zo eigen is. Om de overgang te maken van de rite naar het mysterie, benutte hij het psychologisch effect van de verrassing en van hetgeen in de paasnacht was ervaren. Hier volgt een tekst die het mysterie van het Doopsel uitlegt:

"Tot drie keer toe zijn jullie ondergedompeld in het water en elk van de drie keer bent u er weer uit boven gekomen, om de drie dagen te symboliseren dat Christus begraven is geweest, dat wil zeggen om met deze rite onze Redder na te volgen die drie dagen en drie nachten in de schoot van de aarde heeft doorgebracht Vgl. Mt. 12, 40 . Met het eerste bovenkomen uit het water hebben jullie de herinnering gevierd aan de eerste dag die Christus in het graf heeft doorgebracht, zoals je met de eerste onderdompeling getuigd hebt van de eerste nacht die hij in het graf doorgebracht heeft: zoals wie zich in de nacht bevindt, niks ziet en wie zich daarentegen in de dag is, het licht geniet, zo is het ook met jullie. Zoals jullie eerst ondergedompeld waren in de nacht en niks zagen, zo merkte je toen je eruit boven kwam, dat je in het volle daglicht stond. Als een mysterie van sterven en geboren worden, zo is dit water van heil voor jullie graf en moeder geweest... Voor jullie... viel het moment van sterven samen met het moment van geboren worden: in een één en hetzelfde moment werden beiden gebeurtenissen tot werkelijkheid" H. Cyrillus van Jeruzalem, Tweede mystagogische catechese. 4.

Het mysterie waar het om gaat, is het plan van God, dat zich door het heilshandelen van Christus in de Kerk verwezenlijkt. Bij de mystagogische dimensie voegt zich op haar beurt die van de symbolen, die de uitdrukking zijn van hetgeen geestelijk wordt beleefd, wat juist door deze symbolen met overweldigende kracht tot stand wordt gebracht, tot "explosie" komt. Zo loopt de catechese van Cyrillus op basis van de drie beschreven onderdelen - de leerstellige, de morele en de mystagogische - uit op een alomvattende catechese in de Geest. De mystagogische dimensie brengt de synthese tot stand van de eerste twee, door deze op de sacramentele viering te richten waarin het heil van heel de mens zich verwerkelijkt.
Het gaat tenslotte om een integrale catechese die - omdat zij lichaam, ziel en geest erin betrekt - ook voor de catechetische vorming van de hedendaagse christenen emblematisch blijft.

Document

Naam: H. CYRILLUS VAN JERUZALEM
(43e catechese in deze reeks)
Soort: Paus Benedictus XVI - Audiëntie
Auteur: Paus Benedictus XVI
Datum: 27 juni 2007
Copyrights: © 2007, Libreria Editrice Vaticana
Vertaling uit het Italiaans, alineanummering en -indeling: Past. Chr. van Buijtenen, pr.
Bewerkt: 30 augustus 2013

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2017, Stg. InterKerk, Schiedam