• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

Het gezag van de Bisschoppenconferentie en haar werkterrein staan in nauw verband met het gezag en handelen van de diocesane bisschop en van de met hem gelijkgestelde prelaten. De bisschoppen “besturen in de plaats van God de kudde waarvan zij de herders zijn, als verkondigers van de leer, priesters van de gewijde eredienst en bedienaars van het bestuur .... Krachtens goddelijke instelling zijn zij in de plaats van de apostelen getreden, als herders van de Kerk,” 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk, Lumen Gentium (21 nov 1964), 20 en zij “besturen de hun toevertrouwde particuliere Kerken als plaatsvervangers en afgezanten van Christus door hun raadgevingen, opwekkingen en voorbeelden, maar ook door hun gezag en hun gewijde macht …. Deze macht, waarmee zij in de naam van Christus persoonlijk bekleed zijn, is een eigen, gewone en onmiddellijke macht.” 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk, Lumen Gentium (21 nov 1964), 27 De uitoefening hiervan wordt geregeld door het hoogste gezag van de Kerk, hetgeen de noodzakelijke consequentie is van de relatie tussen de universele Kerk en de particuliere Kerk omdat deze slechts bestaat als deel van het volk van God “waarin de ene, heilige, katholieke en apostolische Kerk van Christus waarlijk aanwezig is en zich uitwerkt”. 2e Vaticaans Concilie, Decreet, Over het herderlijk ambt van de bisschoppen in de Kerk, Christus Dominus (28 okt 1965) Vgl. Wetboek, Codex van het Canonieke recht, Codex Iuris Canonici (25 jan 1983), 368 Immers, “het primaat van de bisschop van Rome en het Bisschoppencollege zijn kenmerken van de universele Kerk die ‘niet afgeleid zijn van het particuliere van de Kerken’, maar wel tot het wezen van iedere particuliere Kerk behoren”. Congregatie voor de Geloofsleer, Brief aan de Bisschoppen van de Katholieke Kerk over enkele aspecten van de Kerk als Communio., Communionis notio (28 mei 1992), 13 In het kader van een dergelijke reglementering kan de uitoefening van de gewijde macht van de bisschop onderworpen zijn aan bepaalde beperkingen met het oog op het welzijn van de Kerk of van de gelovigen, Vgl. 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk, Lumen Gentium (21 nov 1964), 27 en hierin is uitdrukkelijk voorzien door de normen van het Wetboek
Codex Iuris Canonici
Codex van het Canonieke recht
(25 januari 1983)
, waar staat: “Aan de diocesane bisschop komt in het hem toevertrouwde bisdom alle gewone, eigen en onmiddellijke macht toe, die voor de uitoefening van zijn herderlijke taak vereist is, uitgezonderd zaken die door het recht of door een decreet van de paus aan het hoogste of een ander kerkelijk gezag voorbehouden zijn.” Wetboek, Codex van het Canonieke recht, Codex Iuris Canonici (25 jan 1983), 381. § 1

Document

Naam: APOSTOLOS SUOS
Over de theologische en juridische natuur van Bisschoppenconferenties
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Motu Proprio
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 21 mei 1998
Copyrights: © 2005, SRKK, Utrecht
Vertaling: F. van Voorst tot Voorst s.j.
Bewerkt: 29 november 2017

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam