• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

Voor het juist situeren en beter begrijpen van de manier waarop de collegiale eenheid zichtbaar wordt in het gemeenschappelijk pastoraal handelen van de uit een bepaalde streek afkomstige bisschoppen is het nuttig, al is het maar in het kort, eraan te herinneren welke band er is tussen ieder van de bisschoppen in zijn gewone pastorale ambt en de universele Kerk. Men moet immers bedenken dat ten opzichte van de gehele Kerk het feit dat iedere bisschop tot het Bisschoppencollege behoort, niet alleen tot uiting komt in het reeds genoemde optreden als college, maar ook in de zorg voor de universele Kerk, een zorg die weliswaar niet uitgeoefend wordt door een daad van rechtsmacht maar die toch in hoge mate tot haar welzijn bijdraagt. Alle bisschoppen moeten immers de eenheid van het geloof en de voor de gehele Kerk geldende tucht bevorderen en beschermen, en alle activiteiten stimuleren die voor de gehele Kerk gemeenschappelijk zijn, met name door het geloof te doen groeien en het licht van de volle waarheid over alle mensen te doen opgaan. Vgl. 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk, Lumen Gentium (21 nov 1964), 23 “Het staat trouwens vast, dat zij, door hun eigen Kerk als een deel van de universele Kerk goed te besturen, krachtdadig bijdragen tot het welzijn van het gehele mystieke lichaam, dat tevens een corps van Kerken is.” 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk, Lumen Gentium (21 nov 1964), 23

De bisschoppen dragen bij tot het welzijn van de Kerk door het goed uitoefenen van het munus regendi in hun particuliere Kerken, maar ook door het uitoefenen van hun taak om te onderrichten en te heiligen.

Natuurlijk, als leermeesters van het geloof richten de verschillende bisschoppen zich niet tot de universele gemeenschap van de gelovigen tenzij door een handeling van het gehele Bisschoppencollege. In feite moeten alleen de gelovigen die aan de herderlijke zorg van een bepaalde bisschop zijn toevertrouwd, zich voegen naar diens oordeel dat in naam van Christus inzake geloof en zeden wordt gegeven, en in godsdienstige instemming van geest zich daaraan houden. Immers, “de bisschoppen die in gemeenschap met de paus van Rome onderricht geven, moeten door iedereen als getuigen van de goddelijke en katholieke waarheid geëerbiedigd worden” 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk, Lumen Gentium (21 nov 1964), 25 ; in zoverre in hun onderricht getrouw wordt overgedragen en duidelijk gemaakt hetgeen men dient te geloven en toe te passen op het leven is dit onderricht van groot nut voor de gehele Kerk.

Iedere bisschop is ook “de uitdeler van de genade van het hogepriesterschap” 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk, Lumen Gentium (21 nov 1964), 26 ; als zodanig draagt de uitoefening van zijn heiligingsopdracht in hoge mate bij aan het werk van de Kerk dat in dienst staat van de verheerlijking van God en de heiliging van de mens. Het is het werk van de gehele Kerk van Christus dat werkzaam is in iedere wettige liturgische viering die in gemeenschap met de bisschop en onder zijn leiding plaats vindt.

Document

Naam: APOSTOLOS SUOS
Over de theologische en juridische natuur van Bisschoppenconferenties
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Motu Proprio
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 21 mei 1998
Copyrights: © 2005, SRKK, Utrecht
Vertaling: F. van Voorst tot Voorst s.j.
Bewerkt: 29 november 2017

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam