• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

Als de Communie uitgedeeld is, nuttigt de priester zelf bij het altaar onmiddellijk en volledig de eventueel overgebleven geconsacreerde Wijn; de overgebleven geconsacreerde Hosties echter nuttigt hij bij het altaar of hij brengt ze naar de plaats die voor het bewaren van de Eucharistie bestemd is.

Wanneer de priester aan het altaar is teruggekeerd, verzamelt hij de eventuele partikels; dan reinigt hij, staande aan het altaar of aan de credenstafel, de pateen (of hostie schaal) ofwel de ciborie (of pyxis) boven de kelk; daarna reinigt hij de kelk, terwijl hij in stilte zegt: Heer, laat ons in een zuiver hart (Quod ore sumpsimus), en droogt hij de kelk met het kelkdoekje af. Als het vaatwerk aan het altaar gereinigd is, wordt het door een bedienaar naar de credenstafel gebracht. Men mag ook - vooral als er méér vaatwerk is - het vaatwerk dat gereinigd moet worden en dat op gepaste wijze is bedekt, op het altaar of op de credenstafel laten staan op het corporale en direct na de Mis reinigen, wanneer het volk is heengezonden.

Wanneer het uitreiken van de Communie beëindigd is, keert de diaken met de priester naar het altaar terug, verzamelt de eventuele partikels, brengt de kelk en de andere heilige vaten naar de credens, reinigt ze daar en brengt ze in orde op de gebruikelijke wijze, terwijl de priester naar zijn zetel terugkeert. Men mag ook het vaatwerk dat gereinigd moet worden en dat op gepaste wijze bedekt is, op de credenstafel laten staan op het corporale om ze direct na de Mis te reinigen, wanneer het volk is heengezonden.

Telkens als er een deeltje van de Hostie aan de vingers van de priester is achtergebleven, vooral na het breken of na de Communie van de gelovigen, dient hij zijn vingers boven de pateen af te vegen of, zo nodig, te wassen. Ook de deeltjes die eventueel naast de pateen gevallen zijn, dient hij daarop te verzamelen.
De heilige vaten worden gereinigd door de priester, de diaken of de aangestelde acoliet na de Communie of na de Mis, zoveel mogelijk aan de credenstafel. De reiniging van de kelk gebeurt met water of met wijn en water dat door degene die reinigt, genuttigd wordt. De pateen dient gewoonlijk met het kelkdoekje te worden afgeveegd.

Er dient op gelet te worden dat wat van het Bloed van Christus na het uitreiken van de Communie wellicht overblijft, direct volledig bij het altaar genuttigd wordt.

Als een Hostie of een partikel ervan op de grond is gevallen, wordt ze eerbiedig opgeraapt; als echter een weinig van het Bloed is gemorst, wordt de plaats waar het viel, met water gereinigd en wordt dit water later gegoten in het heilig putje (sacrarium) dat in de sacristie is aangebracht.

Document

Naam: INSTITUTIO GENERALIS MISSALIS ROMANI
Algemeen Statuut van het Romeins Missaal - Editio typica tertio 2002 / emendata 2008
Soort: Congregatie voor de Eredienst en de Sacramenten
Datum: 18 maart 2002
Copyrights: © 2004,Beleidssector Liturgie van de Nederlandse Bisschoppenconferentie / NRL
Liturgische Documentatie, dl. 3
Aanpassingen aan de versie "emendata (2008)": redactie
Bewerkt: 3 januari 2018

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
Trefwoordenlijst voor dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2018, Stg. InterKerk, Schiedam