• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

BIJ DE SLUITING VAN DE 7E BISSCHOPPENSYNODE (OVER HET GEZIN)

Wij hebben zo juist gehoord, hoe de heilige apostel Paulus God dank zegt voor de Kerk van Korinte, 'want in Christus, zijt ge rijk begiftigd met alle gaven van woord en kennis.' Vgl. 1 Kor. 1, 5 Ook wij voelen ons juist op dit uur gedreven om op de eerste plaats dank te zeggen aan de Vader en de Zoon en de Heilige Geest, voordat wij deze bisschoppensynode besluiten; om dit te vieren zijn wij, hetzij als leden van deze bijeenkomst hetzij als medewerkers ervan, verenigd in het mysterie van de hoogste eenheid die de allerheiligste Drie-eenheid eigen is. Haar brengen wij dan ook onze dankbare gevoelens tot uitdrukking, dat wij de synode hebben voleind, welke een treffend teken is van levenskracht en grote betekenis heeft voor het leven van de Kerk.

Want - om de woorden van het concilie te gebruiken, naar wens waarvan Paus Paulus VI deze instelde - daar de bisschoppensynode 'geheel het, katholiek episcopaat tot op zekere hoogte vertegenwoordigt, brengt zij tevens tot uitdrukking, dat alle bisschoppen die in hiërarchische gemeenschap leven deel hebben aan de zorg voor de gehele Kerk.' 2e Vaticaans Concilie, Decreet, Over het herderlijk ambt van de bisschoppen in de Kerk, Christus Dominus (28 okt 1965), 5

Ook danken wij voor deze vier weken waarin wij hebben gewerkt. Die periode heeft, nog voordat de uiteindelijke uitspraken, dat wil zeggen de boodschap en de voorstellen, werden uitgesproken, in onszelf reeds vrucht gedragen, in zoverre men de waarheid en de liefde in onze harten met de dagen en weken meer en meer kon zien rijpen.

Deze vooruitgang moet ongetwijfeld in het licht worden gesteld en ook de kenmerken ervan, waardoor zij zich onderscheidde, moeten in het kort worden beschreven; daardoor wordt duidelijk hoe juist en oprecht daarin de vrijheid en verantwoordelijkheid werden gemanifesteerd ten aanzien van het onderwerp dat werd behandeld. Wij willen vandaag vooraf dank brengen aan Hem 'die in het verborgene ziet' (Mt. 6, 4) en als 'de verborgen God' werkt, omdat Hij onze gedachten en harten en gewetens heeft geleid en ons verleende, dat wij in broederlijke vrede en geestelijke vreugde ons met ijver van het werk hebben gekweten; dat was immers zodanig dat wij de inspanning en vermoeidheid nauwelijks voelden. Niettemin, hoe groot in werkelijkheid was de vermoeidheid! Toch hebt u geen moeite gespaard.

Wij moeten ook elkaar bedanken. Vooral moet echter dit worden gezegd: deze vooruitgang waardoor wij geleidelijk rijper wordend 'de waarheid zochten in de liefde' moeten wij allen toeschrijven aan de dringende gebeden die de gehele Kerk welke ons als het ware omringde, in deze tijd heeft gestort. Dit gebed is namelijk verricht voor de synode en voor de gezinnen: voor de synode in zoverre zij zich met de gezinnen bezighield, en voor de gezinnen met het oog op de functies, welke door hen in de Kerk en in de hedendaagse wereld moeten worden vervuld. Van deze gebeden heeft de synode in zekere, ja in heel bijzondere zin geprofiteerd. Met aanhoudende en overvloedige gebeden werd God gesmeekt: dat was vooral het geval op twaalf oktober, toen de echtgenoten, die de gezinnen van de hele wereld vertegenwoordigden, in de basiliek van de heilige Petrus bijeenkwamen om samen met ons de heilige plechtigheden te vieren en te bidden.

Maar indien wij elkaar wederzijds moeten danken, moet deze plicht tevens bewezen worden aan zovele onbekende weldoeners die in heel de wereld ons met hun gebeden hebben geholpen en die ook hun lijden voor de zaak de synode aan God hebben opgedragen.

Met name zijn wij nu gekomen tot een wederzijdse dankzegging waarbij wij allen willen betrekken die aan het houden van deze vergadering hebben meegewerkt; dat zijn de voorzitters, de algemene secretaris, de algemene relator, de leden zelf en wel heel bijzonder, de bijzondere secretaris en zijn helpers, de waarnemers, de waarneemsters, de medewerkers van de communicatiemedia, de dicasteria van de Romeinse curie en vooral de Raad voor het gezin en nog anderen, zoals de plaatstoewijzers, en zo zou ik nog een hele rij kunnen noemen, tot de technici en typografen en dergelijken.

Allen zijn wij dankbaar, dat wij deze synode hebben kunnen houden: ze was een bijzonder blijk van de collegiale zorg van de bisschoppen in de hele wereld voor de Kerk. Wij zijn dankbaar omdat wij het gezin konden waarnemen zoals dat in werkelijkheid is in de Kerk en in de wereld van deze tijd, door onze aandacht te vestigen op de veelsoortige en verschillende omstandigheden waarin het verkeert, op de tradities die, voortkomend uit verschillende cultuurvormen, het gezin raken, op de elementen ook van het meer ontwikkelde leven waarvan het afhankelijk is en die het raken, en op andere dergelijke zaken. Wij zijn dankbaar dat wij met de gehoorzaamheid van het geloof opnieuw het eeuwige plan van God ten aanzien van het gezin konden onderzoeken, zoals het geopenbaard is in het mysterie van de schepping en bevestigd door het bloed van de Verlosser, de Bruidegom van de kerk; en tenslotte dat wij volgens de eeuwige ordening aangaande het leven en de liefde de functies van het gezin in de Kerk en in de hedendaagse wereld hebben kunnen bepalen.

Een vrucht echter, die deze synode van het jaar 1980 al direct en terstond opleverde, ligt vervat in de voorstellen die door de vergadering aanvaard werden, waarvan het eerste luidt: 'Het kennen van de wil van God op de pelgrimstocht van het volk van God. De geloofszin ', Deze rijke schat van voorstellen, 43 in getal, nemen wij nu aan als de bijzonder kostbare vrucht van de werkzaamheden van de synode.

Tegelijk echter geven wij onze vreugde te kennen, dat de vergadering zelf bij het uitspreken van haar boodschap de hele Kerk heeft toegesproken: deze boodschap zal de algemene secretaris met behulp van de instellingen van de Apostolische Stoel en ook door middel van de bisschoppenconferenties aan allen wie het aangaat doen toekomen.

Wat de synode van dit jaar 1980 ijverig heeft nagegaan en in deze voorstellen heeft uitgesproken, heeft ongetwijfeld tot gevolg dat wij de christelijke en apostolische taken van het gezin in de hedendaagse wereld duidelijk inzien en die als het ware opdiepen uit de hele overvloed van zaken welke het Tweede Vaticaans Concilie heeft geleerd. Zo gaan wij doeltreffend voort op de weg die ertoe moet leiden dat deze synode haar leerstellige en pastorale voorstellen werkelijk kan uitvoeren.

Wat dit betreft is de synode van dit jaar nauw verbonden met de vorige synoden en is zij er de voortzetting van - wij spreken over de synoden die in 1971 en vooral in 1974 en 1977 zijn gevierd - die dienden en blijvend moeten dienen om Tweede Vaticaans Concilie in de praktijk van het leven tot resultaat te brengen. Deze synoden bevorderen het streven dat erop gericht is dat de Kerk werkelijk zo optreedt als zij in de omstandigheden van onze tijd moet doen.

Onder de werkzaamheden van deze synode moet van het hoogste belang worden beschouwd het nauwkeurig onderzoek van de leerstellige en pastorale kwesties die dit bijzonder vereisten, alsook bijgevolg het zekere en duidelijke oordeel over deze kwesties afzonderlijk.

Bij de overvloed van interventies, verslagen en besluiten van deze synode, welke vooral onze bewondering wekte - die als het ware om deze twee kernen draaide, namelijk de getrouwheid aan het plan van God met het gezin en de pastorale benadering waaraan een barmhartige liefde en eerbied eigen is jegens de mensen en hen geheel omvat ten aanzien van hun 'zijn' en hun 'leven' bij heel deze overvloed, herhalen wij, zijn er enkele onderdelen die bijzonder de aandacht van de synodevaders trokken, omdat zij zich bewust waren de vertolkers te zijn van de verwachtingen en hoop van vele echtgenoten en gezinnen.

Het is dus goed bij de werkzaamheden van de synode deze kwesties in herinnering te brengen, alsook het diepgaand onderzoek dat door haar is verricht als zeer nuttig te erkennen; het gaat namelijk om een leerstellig en pastoraal onderzoek van kwesties die, hoewel het niet de enige waren die in de discussies van de synode zijn behandeld, daar toch een bijzondere plaats innamen, in zover daarover op heel oprechte en vrije wijze is beraadslaagd. Daaruit blijkt het grote belang dat moet worden toegekend aan de meningen welke de synode helder en moedig over deze kwesties naar voren bracht, maar waarbij zij tevens vasthield aan de christelijke zienswijze waardoor huwelijk en gezin beschouwd worden als gaven van de goddelijke liefde.

Derhalve heeft de synode, sprekend over de pastorale bediening voor zover het hen betreft die na een scheiding een nieuwe verbintenis aangingen, met verdiende lof die echtgenoten geprezen, die ofschoon in grote moeilijkheden verkerend, toch in hun eigen leven getuigenis afleggen van de onontbindbaarheid van het huwelijk; en merkt in hun leven de blijde boodschap van trouw op aan de liefde die in Christus haar kracht en grondslag vindt. Bovendien sporen de synodevaders, terwijl zij opnieuw de onontbindbaarheid van het huwelijk en de praktijk van de Kerk bevestigen om hen die door een echtscheiding gescheiden zijn en tegen de regel in opnieuw een huwelijk hebben trachten aan te gaan, niet tot de eucharistische communie toe te laten, de pastores en heel de christelijke gemeenschap aan deze broeders en zusters te helpen, en die zij niet als van de Kerk gescheiden beschouwen, daar zij krachtens het doopsel aan het leven van de Kerk kunnen en moeten deel hebben door te bidden, het woord te aanhoren, de viering van de eucharistie van de gemeenschap bij te wonen, en de liefde en de rechtvaardigheid te bevorderen. Ofschoon niet ontkend kan worden dat dergelijke personen, als het geval zich voordoet, tot het Sacrament van de biecht kunnen worden toegelaten en vervolgens tot de eucharistische communie, wanneer zij zich met oprecht hart openstellen voor een levenswijze die niet met de onontbindbaarheid van het huwelijk in strijd is, wanneer namelijk zo'n man of vrouw, die de verplichting tot uiteengaan niet kunnen vervolbrengen, de verplichting op zich nemen om volledig in onthouding te leven, namelijk zich te onthouden van handelingen die alleen aan echtgenoten toekomen, en tevens aanstoot afwezig is, toch ontslaat het ontbreken van de sacramentele verzoening met God hen allerminst van de volharding in het gebed, van de beoefening van de boetvaardigheid en de liefde, om zo tenslotte de genade van bekering en heil te verkrijgen.

De Kerk moet zich echter door voor hen te bidden en hen in het geloof en de hoop te sterken een barmhartige moeder tonen.

De synodevaders stonden in hun geest en gemoed niet vreemd tegenover de grote moeilijkheden die vele echtgenoten in hun geweten voelen aangaande de morele wetten die betrekking hebben op het doorgeven van het leven en het beschermen van het menselijk leven. Wel wetend dat ieder goddelijk gebod een belofte en een genade met zich brengt, hebben zij openlijk de geldigheid en onwrikbare waarheid bevestigd van de profetische en diepzinnige en op de hedendaagse situatie betrekking hebbende boodschap welke in de encycliek H. Paus Paulus VI - Encycliek
Humanae Vitae
Het menselijk leven en geboorteregelingen
(25 juli 1968)
vervat ligt. Deze zelfde synode heeft de theologen aangespoord al hun krachten te verenigen met de inspanning van het hiërarchisch leergezag om de Bijbelse grondslagen en de zogenaamde 'personalistische' gronden van deze leer in steeds duidelijker licht te stellen, met het doel dat heel de leer van de Kerk voor alle mensen van goede wil toegankelijk wordt en het begrip ervan zich met de dag in hen verdiept.

Hun aandacht richtend op hen die zich van hun pastorale bediening kwijten ten bate van de echtgenoten en gezinnen, verwierpen de synodevaders van de synode elke tweedeling of 'dichotomie' tussen een pedagogie die rekening houdt met een zekere geleidelijkheid bij het uitvoeren van het plan van God, en de door de Kerk voorgehouden leer met alle gevolgtrekkingen waarin het gebod is vervat om volgens die leer te leven. Hierbij gaat het niet om het verlangen de wet louter als een 'ideaal' te onderhouden dat, zoals volks wordt gezegd, in de toekomst moet worden bereikt, maar om het gebod van Christus de Heer de moeilijkheden voortdurend te overwinnen. In feite, kan echter een 'proces van geleidelijkheid', zoals dat heet, niet plaats vinden, indien iemand niet oprecht gehoorzaamt aan de goddelijke wet en de goederen nastreeft die door diezelfde wet worden beschermd en bevorderd. Want de zogenaamde 'wet van de geleidelijkheid' of van de geleidelijke vooruitgang kan niet gelijkgesteld worden met 'geleidelijkheid van de wet', alsof er in de goddelijke wet verschillende graden of vormen van gebod zijn voor verschillende mensen en situaties. Alle echtgenoten zijn volgens Gods plan in het huwelijk tot heiligheid geroepen; en de voortreffelijkheid van deze roeping wordt tot voltooiing gebracht voor zover ge menselijke persoon aan het gebod van God weet te beantwoorden in oprecht vertrouwen op de goddelijke genade en met eigen wil. Daarom zal het voor de echtgenoten, als zij beiden niet door dezelfde godsdienstige overtuiging met elkaar zijn verbonden, niet voldoende zijn zich op passieve wijze en gemakkelijk te voegen naar deze situatie, maar moeten zij zich inspannen om met geduld en welwillendheid tot een gemeenschappelijke wil te komen tot trouw aan de plichten van het christelijk huwelijk.

De synodevaders hebben een diepere kennis en bewustzijn gekregen van de rijkdommen die in de verschillende cultuurvormen van de volkeren worden aangetroffen, alsook van de goederen die elke cultuurvorm met zich brengt om het ondoorgrondelijk mysterie van Christus vollediger te begrijpen. Bovendien erkenden zij, dat er ook binnen de grenzen van het huwelijk en het gezin een onmetelijk terrein open ligt voor theologisch en pastoraal onderzoek, opdat de aanpassing van de evangelische boodschap aan de aard van ieder volk meer wordt bevorderd en opdat wordt begrepen op welke wijze de gewoonten, de voortreffelijkheden. de zin van het leven en de bijzonder innerlijke inspiratie van een bepaalde menselijke cultuur in overeenstemming zijn te brengen met datgene waaruit de goddelijke openbaring kenbaar wordt. Vgl. 2e Vaticaans Concilie, Decreet, Over de missie-activiteit van de Kerk, Ad Gentes Divinitus (7 dec 1965), 22 Wanneer dit onderzoek wordt, ingesteld volgens het beginsel van de gemeenschap van de universele Kerk en onder aanmoediging van de plaatselijke bisschoppen - die onderling en met de zetel van de heilige Petrus, die 'het voorzitterschap over heel de liefdesgemeenschap waarneemt' 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk, Lumen Gentium (21 nov 1964), 13 zijn verbonden - zal het zijn vruchten dragen voor de gezinnen.
In passende en overtuigende woorden heeft de synode met eerbied en grote dankbaarheid van geest gesproken over de vrouw, namelijk over haar waardigheid en roeping als dochter van God, als echtgenote en moeder. Terwijl zij elke schending van haar menselijke waardigheid afkeurde, heeft de synode de waardigheid van de moeder in het licht gesteld. Daarom heeft zij terecht uitgesproken, dat de menselijke samenleving zo moet worden ingericht, dat vrouwen niet worden gedwongen tot werk buitenshuis dat eigen is aan een bepaalde werkkring of, zoals men zegt, aan een beroep, maar dat het gezin behoorlijk moet kunnen leven, ook wanneer de moeder zich volledig wijdt aan het gezin.
Wanneer wij deze voornaamste kwesties hebben vermeld en de antwoorden welke de synode daarop heeft gegeven, willen wij toch de anderen waarover de synode handelde niet minder waarderen; want zoals uit de vele interventies gedurende deze nuttige en vruchtbare weken is gebleken, gaat het over kwesties die in het leerambt en in de pastorale bediening van de Kerk met grote eerbied en liefde, vol barmhartigheid verdienen te worden verklaard, tegenover de mannen en vrouwen, onze broeders en zusters, die hun toevlucht nemen tot de Kerk om woorden van geloof en hoop te vernemen. Mogen de pastores, een voorbeeld nemend aan de synode, met dezelfde zorg en vaste wil deze problemen benaderen, zoals ze werkelijk liggen in het huwelijks- en gezinsleven en wel met die g3zindheid, dat wij allen 'de waarheid doen in liefde'.

Wij willen hier nu iets aan toevoegen als vrucht van de inspanningen die wij ons meer dan vier weken hebben getroost: namelijk, dat niemand de liefde kan beoefenen dan in de waarheid. Moge dit beginsel worden toegepast op het leven van elk gezin, niet minder dan op het leven en werk van de pastores die de gezinnen werkelijk willen dienen.

De vrucht van deze zitting van de synode ligt dus vooral hierin, dat de functies van het christelijk gezin, waarvan de liefde zelf als het ware het hart is, slechts volgens de volle waarheid kunnen worden vervuld. Allen nu die in de Kerk aangesteld voornemens zijn zich voor deze functies in te zetten - of het nu leken zijn of geestelijken of religieuzen van beiderlei geslacht - kunnen dat niet anders doen dan in de waarheid. Want het is de waarheid die vrij maakt; het is de waarheid die ordent; de waarheid baant de weg voor heiligheid en rechtvaardigheid. Ons is uiteengezet, hoe de liefde van Christus, hoe de liefde aan allen die welke gezin ook in de Kerk en in de wereld vormen, wordt aangeboden: niet alleen aan de mannen en vrouwen die door het huwelijk zijn verbonden, maar ook aan de jongens en meisjes en de jongeren, ook aan de weduwen en wezen, aan de grootouders en aan allen die op enigerlei wijze aan het gezinsleven deelnemen. Voor al dezen wil de Kerk van Christus zijn en blijven de getuige en als het ware de toegang tot die volheid van leven, waarover de heilige Paulus tot de Korintiërs spreekt met de woorden die wij in het begin hebben aangehaald: want in Christus zijn wij rijk begiftigd met alle gaven van woord en kennis.' Vgl. 1 Kor. 1, 5

Na deze woorden delen wij u mede dat wij, om het algemeen secretariaat van de bisschoppensynode te helpen hebben besloten aan de twaalf door u gekozen leden van dat secretariaat, drie voorzitters, waarvan de benoeming aan de Paus toekomt, toe te voegen.

Dat zijn: Ladislaus kardinaal Rubin, prefect van de heilige congregatie voor de oosterse kerken;
Paulus Tzadua, aartsbisschop van Addis Abeba;
Carolus Maria Martini, aartsbisschop van Milaan.

Tenslotte wensen wij u allen het beste in de Heer.

Document

Naam: BIJ DE SLUITING VAN DE 7E BISSCHOPPENSYNODE (OVER HET GEZIN)
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Homilie
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 25 oktober 1980
Copyrights: © 1981, Archief van Kerken, jrg. 36, n. 2, p. 138-143
Vert.: Secretariaat R.K. Kerkprovincie, Utrecht
Bewerkt: 26 maart 2015

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam