• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
Het kind dat we met Kerstmis zien liggen in de kribbe, is geleidelijk groter geworden. Zoals jullie weten ging Hij, toen Hij twaalf jaar was, bij gelegenheid van het paasfeest voor de eerste keer met Maria en Jozef van Nazaret naar Jeruzalem. Temidden van de menigte van pelgrims raakte Hij zijn ouders kwijt en ging met de andere kinderen van zijn leeftijd luisteren naar de leraren van de tempel, een soort ‘catechismusles’ als het ware. De feesten waren namelijk een goede gelegenheid om aan kinderen van de leeftijd van Jezus het geloof door te geven.

Maar bj deze gelegenheid gebeurde het dat deze heel bijzondere knaap uit Nazaret het niet alleen maar liet bij het stellen van schrandere vragen, maar dat Hij ook diepzinnige antwoorden begon te geven aan zijn leermeesters. De tempelgeeerden verbaasden zich nog meer over deze antwoorden dan over de vragen die Hij stelde. Diezelfde verbazing zal er later zijn bij Jezus’ openbaar optreden: wat er in de tempel gebeurde was nog maar een begin, en als het ware een voorbode van wat enige jaren later zou gebeuren.

Lieve jongens en meisjes die nu even oud zijn als de twaalfjarige Jezus toen; moeten jullie hier niet denken aan de catechismuslessen die jullie krijgen in de parochie of op school? Ik zou jullie een paar vragen willen stellen. Wat denken jullie van die lessen? Doen jullie er even actief aan mee als de twaalfjarige Jezus in de tempel? Gaan jullie er op school of in de parochie regelmatig heen? Helpen jullie ouders je daarbij?

Toen Jezus twaalf jaar was, werd Hij zo door die catechese daar in de tempel van Jeruzalem geboeid dat Hij zijn ouders ouders er bijna door vergat. Maria en Jozef waren al met de andere pelgrims op de terugreis naar Nazaret toen ze merkten dat Hij weg was.

Lange tijd zochten ze naar Hem. Ze gingen weer terug en pas op de dede dag vonden zij Hem in Jeruzalem in de tempel. ‘’Kind, waarom hebt Ge ons dit aangedaan? Denk toch eens met wat een pijn uw vader en ik naar U hebben gezocht’’ (Lc. 2, 48). Wat een eigenaardig antwoord geeft Jezus, en wat geeft het ons te denken! ‘’Wat hebt ge toch naar Mij gezocht’’, zegt Hij; ‘’wist ge dan niet dat Ik in het huis van mijn Vader moest zijn?’’ (Lc. 2, 49). Het was niet makkelijk om zich bij dat antwoord eeer te leggen. De evangelist Lucas voegt er eenvoudig aan toe dat ‘’Maria alles wat er gebeurd was in haar hart bewaarde’’ (Lc. 2, 51).

Het was inderdaad een antwoord dat pas later, toen Jezus als volwassen man zou beginnen te prediken, te begrijpen zou zijn. Hij verklaarde toen dat Hij omwille van zijn Vader in de hemel bereid was alle lijden te ondergaan en zelfs te sterven aan het kruis. Vanuit Jeruzalem keerde Jezus met Maria en Jozef terug naar Nazaret en was hun onderdanig Vgl. Lc. 2, 51 . Over de tijd die aan zijn openbaar optreden voorafging zegt het evangelie enkel dat Hij ‘’met de jaren toenam in wijsheid en welwilligheid bij God en bij de mensen’’ (Lc. 2, 52).

Lieve kinderen, als jullie naar het kindje in de kribbe kijken, moeten jullie in Hem al de twaalfjarige knaapweten te ontdekken die in de tempel van Jeruzalem met de geleerden in gesprek is. Hij is dezelfde die later als volwassen man, toen Hij dertig jaar oud was, Gods woord zal gaan verkondigen; die de twaalf apostelen zal kiezen, en achter wie grote aantallen mensen zullen aanlopen die dorsten naar de waarheid.

Bij iedere stap die Hij zet, zal Hij zijn buitengewone leer bekrachtigen met de tekenen van goddelijke macht : blinden zal Hij weer doen zien. Zieken genezen en zelfs doden weer tot leven wekken. En een van de weer ten leven gewekte doden zal het twaalfjarige dochtertje van Jaïrus zijn, en ook de zoon van de weduwe van Naïm, die levend aan zijn diep bedroefde moeder wordt teruggegeven. Zó is dat alles gebeurt: als dit pasgeboren Kind eenmaal volwassen is geworden, zal Hij als Meester van de goddelijke Waarheid laten zien dat Hij bijzonder veel van kinderen houdt. Hij zal tegen de apostelen zeggen: ‘’laat die kinderen toch bij Mij komen en houdt ze niet tegen’’. En Hij zegt erbij: ‘’Want aan hen die zijn zoals zij behoort het Koninkrijk Gods’’ (Mc. 10, 14). Als bij een andere gelegenheid de apostelen de vraag bespreken wie van hen de voornaamste is, zal Hij een kind in hun midden plaatsen en zeggen: ‘’Als gij niet opnieuw wordt als de kleine kinderen, zult gij het Rijk der hemelen zeker niet binnengaan’’ (Mt. 18, 3). Bij diezelfde gelegenheid zal Hij ook streng waarschuwen: ‘’Als iemand een van deze kleinen die in Mij geloven aanstoot geeft, zou het beter voor hem zijn als men hem een molensteen om de hals hing en hem liet verdrinken in de diepste zee’’ (Mt. 18, 6) Wat zijn kinderen in Jezus’ ogen belangrijk! Men zou zelfs kunnen zeggen dat het evangelie vol is van de waarheid over kinderen. Men zou het hele evangelie zelfs kunnen lezen als ‘het evangelie van het kind’.

Wat is immers de betekenis van ‘’als ge niet opnieuw wordt als de kleine kinderen, zult ge het Rijk der hemelen zeker niet binnengaan’’? Is het niet dat Jezus het kind ook aan volwassenen ten voorbeeld stelt? Het kind heeft iets wat nooit mag ontbreken bij iemand die het Rijk der hemelen wil binnengaan. De hemel wordt beloofd aan allen die zo eenvoudig zijn als kinderen, aan allen die zoals zij, een ontspannen vertrouwen hebben, en door en door goed en zuiver zijn. Alleen zij kunnen in God een Vader vinden, en dankzij Jezus op hun beurt kinderen worden van God.

Is dat niet wat Kerstmis vooral wil zeggen? Wij lezen bij Johannes: ‘’het Woord is vlees gewordenen heeft onder ons gewoond’’ (Joh. 1, 14), en ook: ‘’aan allen die Hem aanvaardden gaf Hij het vermogen om kinderen van God te worden’’ (Joh. 1, 12). Een kind van God! Dierbare kinderen, jullie zijn de zoon of dochter van jullie ouders. En God wil dat we allemaal door de genade zijn aangenomen kinderen zijn. Dat is de echte bron voor de kerstvreugde, waarover ik jullie schrijf, nu het Jaar van het Gezin bijna is afgelopen. Weest verheugd over dit ‘evangelie van goddelijk kindschap’. Ik hoop dat door die vreugde de komende feestelijkheden rond Kerstmis in dit Jaar van het Gezin erg vruchtbaar zullen zijn!

Document

Naam: BRIEF AAN DE KINDEREN
In het kader van het Jaar van het Gezin
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Brief
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 13 december 1994
Copyrights: © 1995, SRKK, Utrecht
Bewerkt: 18 juli 2020

Referenties naar dit document

 
Geen berichten gevonden!

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2021, Stg. InterKerk, Schiedam