• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

VASTEN: TIJD VAN BEZINNING EN SOLIDARITEIT
Pastorale brief van de Nederlandse bisschoppen Veertigdagentijd 2007

Aswoensdag: Joël 2, 12-18; Psalm 51; 2 Korintiërs 5, 20-6,2; Matteüs 6, 1-6 en 16-18
Eerste zondag van de vastentijd: Deuteronomium 26, 4-10; Romeinen 10, 8-13; Lucas 4, 1-13

Vasten is een tijd van inkeer. Veertig dagen lang bereiden we ons bezinnend voor op Pasen, het feest van de Opstanding van Jezus Christus. In de vastentijd maken we de balans op. Hoe spiritueel zijn wij? Hoe sober? Hoe solidair met anderen? Deze vragen dagen ons uit. De evangelist Lucas beschrijft ons de verleidingen waaraan Jezus tijdens zijn eigen vastenperiode in de woestijn (Lc. 4, 1-13) bloot stond. Durven we net als Jezus ‘nee’ te zeggen tegen de verleiding om van stenen brood te maken? ‘Nee’ te zeggen tegen de verleidingen om ons heen? ‘Nee’ tegen de bijzondere aantrekkingskracht van alsmaar meer willen, macht, rijkdom en roem? De vastentijd vraagt veel van ons. Vasten betekent dat we onze band met Jezus Christus vernieuwen. Die geloofsverdieping leidt tot bezinnen, matigen, delen met anderen. Vasten betekent dat we ons bekeren. Dat we afscheid nemen van ons egoïstische ‘ik’ en onszelf beheersen. Dat we ons onze fouten realiseren en boete doen. Dat we de Heer navolgen. In de Veertigdagentijd worden we opgeroepen ons in gebed tot God te richten en oog te hebben voor mensen in nood. Vasten is een oefenen in Godsliefde en naastenliefde.

Het voorbeeld van Jezus

Jezus laat zien hoe wij ons leven kunnen afstemmen op wat God wil. Het Evangelie beschrijft hoe hij zich laat raken door de medemensen in hun materiële en geestelijke noden (Lc. 8, 43-49). Jezus leeft ons Gods Verbond met de mensen voor. Hij raakt anderen aan die in nood zijn (Lc. 9, 38-43) en die hun land hebben moeten verlaten (Lc. 7, 1-10). Zó is Hij God in levenden lijve. Daarbij geeft Hij zichzelf weg als brood en wijn. Wij worden leerling van Jezus wanneer we Hem herkennen aan het delen van brood met anderen. In de Eucharistie worden de tekenen van brood en wijn tot het lichaam en bloed van Christus, is Jezus de Christus tegenwoordig. De Eucharistie verenigt ons als deelnemende gelovigen met de Heer en maakt ons zó tot Volk Gods. Eucharistie valt samen met echte broederschap en zusterschap, met zowel bemind worden alsook liefhebben. Eucharistie vertaalt zich in concrete beoefening van Godsliefde en naastenliefde. Eucharistie leidt tot breken en delen. Eucharistie komt vanuit Gods eeuwigheid – in God is geen tijd, geen verleden, heden, toekomst – altijd weer in ons midden. Daarom kunnen we zeggen: de Heer breekt en deelt zichzelf, opdat wij, in kracht van de Geest, onszelf delen en breken voor anderen.

Het Evangelie leert dat vasten en bidden oprecht moeten zijn. Jezus vraagt van ons er niet mee te koop te lopen. Hij roept ons op tot verinnerlijking. Vasten moet een verplichte keuze zijn rond ons eigen gedrag. Inkeer leidt tot omkeer. Elke kleine stap telt en draagt bij aan onze leefomgeving. Het gaat niet om grootse daden, maar om waarachtige daden.

Vasten en parochies

Wat betekent dit voor ons als parochies in de Veertigdagentijd? We kunnen het geloof vieren door aan de Eucharistie deel te nemen, door te bidden rond de maaltijden en door God te danken voor het slapen gaan. We kunnen ons solidair tonen met de armen, dichtbij en in de wereld. We kunnen bewust sober zijn met aandacht voor een duurzaam milieu. We kunnen ontmoetingen organiseren met buurtgenoten, met mensen die een ander geloof aanhangen, met mensen uit andere landen die bij ons een veilig heenkomen zoeken. We kunnen samen maaltijden organiseren. We kunnen meedoen met de jaarlijkse bisschoppelijke Vastenaktie, die in het teken staat van leven in eenvoud, onder de noemer: ‘De wereld groeit als we delen’.

Ontwikkeling is de nieuwe naam voor vrede

Veertig jaar geleden verscheen de Encycliek H. Paus Paulus VI - Encycliek
Populorum Progressio
Over de ontwikkeling van de volken
(26 maart 1967)
van paus Paulus VI over de ontwikkeling van de volken en de internationale solidariteit. In dit baanbrekende document over de ontwikkeling van de volken stelt hij het onrecht aan de kaak, dat voortkomt uit de tegenstellingen tussen arm en rijk. De paus roept de wereldburgers op tot een eerlijke verdeling van welvaart en noemt ontwikkeling het nieuwe woord voor vrede. Ontwikkeling van de hele menselijke persoon begint bij praktische solidariteit. Dat is het elkaar kansen geven op een beter leven, door te zorgen voor voedsel, kleding, een dak boven je hoofd. Als tweede stap is algemene ontwikkeling nodig omdat mensen daardoor in staat zijn zelf een beter leven op te bouwen. Volgens de paus zijn dit belangrijke voorwaarden om te komen tot een blijvende vrede tussen de volkeren. De kernwoorden in de encycliek zijn Justitia et Pax – gerechtigheid en vrede. Dat is ook de naam van de Pauselijke en Bisschoppelijke Commissies die sindsdien actief zijn. Door aan ontwikkeling te werken maken we onze liefde tot God en tot de naasten concreet, naar het voorbeeld dat Jezus ons gegeven heeft.

H. Paus Paulus VI - Encycliek
Populorum Progressio
Over de ontwikkeling van de volken
(26 maart 1967)
onderstreept de inzet van de Kerk rond het vertrouwen in de mens, de wetenschap, de samenleving en de mensenrechten. Uit de brief spreekt optimisme. De ontwikkeling van de enkele mens, van hele volken en van de mensheid ligt binnen de mogelijkheden van de menselijke inzet. Wij mensen zijn geroepen tot internationale solidariteit. Tegelijk weten wij van de dubbelzinnigheid van ons menselijk hart. Maar in kracht van Gods Geest zijn wij tot veel in staat.

Met solidariteit bedoelt paus Paulus VI de hulpverlening van de rijkere landen aan de armere landen. Solidariteit is de strijd tegen de honger. Het opbouwen van een wereld waarin iedereen, zonder onderscheid van ras, godsdienst of nationaliteit, een menswaardig leven kan leiden. Solidariteit betekent een stijging van de productie en het delen van overschotten. Solidariteit verwijst naar de uitbouw van hulpprogramma’s en de oprichting van een wereldfonds tot hulpverlening aan misdeelde volkeren. De paus verwijst naar bilaterale en multilaterale overeenkomsten, en een dialoog die leidt tot oplossing van de schuldenlast H. Paus Paulus VI, Encycliek, Over de ontwikkeling van de volken, Populorum Progressio (26 mrt 1967), 45-54.

De noden van onze tijd

En hoe staat we er nu voor? Veertig jaar na H. Paus Paulus VI - Encycliek
Populorum Progressio
Over de ontwikkeling van de volken
(26 maart 1967)
? In de afgelopen jaren hebben we veel gedaan aan missie en ontwikkelingshulp. We zijn daar dankbaar voor. Tegelijkertijd blijven de noden van de volken in deze wereld groot. Nog steeds ontbreekt het een groot deel van de mensheid aan de noodzakelijke bestaansvoorwaarden: vrede, voedsel, kleding, behuizing, werk, onderwijs, gezondheidszorg. De klacht en het lijden van al te veel mensen klinken als een hedendaags Kyrië op in een wereld, waarin nog veel aan humaniteit te winnen is.

De laatste zes jaren zijn in Nederland voedselbanken ontstaan. Ze brengen op schrijnende wijze het contrast tussen overvloed en gebrek in ons eigen land aan het licht. Overvloed is er in een economie op wereldschaal met overproductie aan voedsel. Gebrek is er bij mensen met te weinig bestaansmiddelen, zoals dit steeds meer in onze eigen omgeving voorkomt. We zien nu ook dicht bij huis wat er gebeurt als de verhouding tussen overvloed en gebrek, tussen rijk en arm scheefgroeit.

In de veertig jaar sinds H. Paus Paulus VI - Encycliek
Populorum Progressio
Over de ontwikkeling van de volken
(26 maart 1967)
zijn de verre wereldproblemen een stuk dichterbij gekomen. Grote groepen mensen uit ontwikkelingslanden zijn naar Nederland gekomen en de media confronteren ons dagelijks met de harde feiten van armoede en sociale uitsluiting. Wij zijn zelf veel gaan reizen. We raken er steeds meer van doordrongen dat het met die verschillen tussen rijk en arm zo niet langer kan. We moeten alles doen om barmhartig te zijn en om gerechtigheid en vrede tot stand te brengen.

Geloof als krachtbron

Christenen zien de wereld met gelovige ogen. Zij zien het visioen van het Koninkrijk van God, een rijk van recht en vrede, dat in de definitieve komst van Christus vervuld zal worden. Die belofte staat als verbond tussen God en mens. Jezus vraagt volgens de evangelist Lucas of wij er klaar voor zijn Vgl. Lc. 17, 20 e.v. . We komen voort uit Gods liefde, die ons heeft gewild als partners in het Verbond. Ons antwoord is wederliefde, tot God en tot de naaste. Wij zijn geroepen om tekens op te richten van het Koninkrijk van vrede en gerechtigheid. God is met zijn Geest onder ons werkzaam. In de kracht van die Geest kunnen wij onze medemensen liefhebben als onszelf. Het geloof geeft kracht en energie, het verlegt grenzen. Geloof geeft vertrouwen in wat een mens, groepen mensen, wij allemaal kunnen doen.

Ons geloof start bij het dubbelgebod: heb God lief en de medemens als uzelf Vgl. Mc. 12, 29-31 . De vertaling vinden we in de woorden barmhartigheid en gerechtigheid, die door de hele bijbel te lezen zijn. God is barmhartigheid en God is gerechtigheid. De dienst aan God, omgezet in de dienst aan mensen, leidt als vanzelf tot de vraag hoe wij barmhartig en rechtvaardig kunnen zijn.

Een mens is in de bijbelse zin barmhartig als hij met een warm hart een medemens in nood te hulp komt. Een mens is nooit een eiland maar leeft in verbondenheid met anderen. Steeds opnieuw geven wij aan en ontvangen wij van anderen. Menselijke verbondenheid heeft zijn fundament in Gods Verbond met ons. De God van het Verbond is trouw en barmhartig. Mensen mogen daarin God navolgen. In de Schrift hangen barmhartigheid en gerechtigheid nauw met elkaar samen. De barmhartige mens komt in actie in situaties van onrecht. Hij blijft volharden en doorzetten, ook waar anderen het laten afweten. Barmhartigheid is de wederzijdse daad tot hulp, die gerechtigheid oproept en bevordert: “Barmhartigheid wil Ik en geen offer” (Mt. 9, 13).

Barmhartigheid en gerechtigheid
Paus Benedictus XVI werkt in zijn eerste Encycliek Paus Benedictus XVI - Encycliek
Deus Caritas Est
God is Liefde
(25 december 2005)
– God is liefde – die band tussen barmhartigheid en gerechtigheid uit Paus Benedictus XVI, Encycliek, God is Liefde, Deus Caritas Est (25 dec 2005), 25. a en b. De liefde tot de naasten is verankerd in de liefde tot God. De diaconie is een wezenskenmerk van de Kerk, samen met de bediening van de sacramenten en de verkondiging van het woord. Die diaconie strekt zich over de grenzen van de Kerk heen uit tot allen die gebrek lijden. De politiek en de staat hebben de opdracht om de maatschappij rechtvaardig te structureren. De Kerk heeft de taak om zich in de strijd om de gerechtigheid te mengen langs de weg van de argumentatie. Gerechtigheid vraagt om offers en de Kerk bevordert het opwekken van de geestelijke en morele kracht die daarvoor nodig is. Daartoe inspireert de Kerk de gelovigen en roept ons op actief te zijn in het openbare leven. De Kerk stelt daartoe haar caritatieve organisaties ter beschikking Paus Benedictus XVI, Encycliek, God is Liefde, Deus Caritas Est (25 dec 2005), 28.29.

De werken van barmhartigheid behoren tot de oudste tradities van de Kerk. Het zijn daden die uit liefde tot de naaste en uit liefde tot God verricht worden. Daarom noemt de evangelist Matteüs ze ‘liefdewerken’ (Mt. 25, 31-46). De werken zijn concrete opdrachten: hongerigen voeden, dorstigen laven, vreemdelingen herbergen, naakten kleden, zieken bezoeken, gevangenen bezoeken en doden begraven.

We zijn thans in ons optimisme getemperd in vergelijking met de paus veertig jaar geleden over wat we kunnen bereiken. We zijn er meer van doordrongen dat naast moreel appèl tevens overleg en vooral daden nodig zijn. In 2000 hebben de regeringsleiders van 189 landen, waaronder Nederland, een aantal afspraken gemaakt: de ‘Millenniumdoelen’. Vóór 2015 zijn de belangrijkste wereldproblemen van extreme armoede en uitsluiting, epidemieën, milieubederf, gebrek aan voedsel, water, onderwijs en huisvesting aangepakt. Elk land heeft zich ethisch verplicht om zich op zijn manier in te zetten om die doelen in 2015 te bereiken. Paus Johannes Paulus II heeft het werken aan deze Millenniumdoelen van harte ondersteund als van groot belang voor de toekomst van de wereld. Veel geestelijk leiders zijn hem hierin sindsdien nagevolgd. Wij hebben in onze Voorleesbrief van 2005 deze Millenniumdoelen omschreven als de moderne variant van de werken van barmhartigheid, waarmee we onze naastenliefde op een menswaardige wijze wereldwijd in daden kunnen omzetten.

We halen de Millenniumdoelen niet als we niet bereid zijn te delen en offers te brengen. We zijn een rijk land, binnen de top tien van de wereld. Ieder jaar geven wij Nederlanders honderden miljoenen weg. Dat is veel, maar is het genoeg? Van ons totale nationaal inkomen geven wij maar enkele procenten aan ontwikkelingshulp en goede doelen. We realiseren ons dat de rijke westerse landen gedurende de komende jaren bewust moeten werken aan een ‘economie van genoeg’. Aan een tegengaan van de processen van verrijking aan de bovenkant en van verarming aan de onderkant van de samenleving. In Nederland, Europa en wereldwijd. Internationale spiritualiteit en solidariteit vragen om internationale soberheid. We kunnen grenzen stellen aan de eigen groei, voorspoed en welvaart. We zullen sober moeten zijn en meer moeten delen met anderen.

Ga heen en doe evenzo
We kunnen het geloof leven, voortleven, en doorgeven. De evangelist Lucas vertelt dat we met het geloof bergen kunnen verzetten (Lc. 10, 37). Paus Johannes XXIII noemt dit de sociale dimensie van het geloof. Hij geeft in zijn Encycliek H. Paus Johannes XXIII - Encycliek
Mater et Magistra
Moderne ontwikkeling van het sociale leven en de christelijke beginselen
(15 mei 1961)
H. Paus Johannes XXIII, Encycliek, Moderne ontwikkeling van het sociale leven en de christelijke beginselen, Mater et Magistra (15 mei 1961), 236 aan dat we daarvoor drie stappen kunnen zetten. “Het waarnemen van de feitelijke toestand. Deze beoordelen in het licht van wat er gedaan kan en moet worden. Deze principes in daden omzetten naar gelang de omstandigheden van tijd en plaats. Dit zijn drie fasen, die men gewoonlijk weergeeft met de woorden: zien, oordelen, handelen.”

Barmhartig zijn, gerechtigheid en vrede nastreven. We tillen zodoende de dialoog over waarden en normen naar een meer wezenlijk niveau dan alleen maar dat van ‘fatsoen moet je doen’. We praktiseren de deugden barmhartigheid en gerechtigheid dan van binnenuit. Deze deugden vragen erom dat we onszélf toetsen.

Vasten. We maken de balans op. Hoe spiritueel zijn wij? Hoe sober? Hoe solidair met anderen? Welke verantwoordelijkheid nemen wij? Laten we ons in deze Veertigdagentijd oefenen in gebed, in soberheid, in daadkracht. Laten we door het doen van de werken van barmhartigheid omzien naar hen die gebrek lijden en hen die aan de rand van de samenleving staan. Laten we meedoen met projecten van de Vastenaktie om gerechtigheid en vrede dichterbij te brengen. We zijn ervan overtuigd dat het geloof bergen kan verzetten. Moge deze vastentijd voor u vruchtbaar zijn als voorbereiding op het Paasfeest, waarin we Jezus als de levende Heer ontmoeten.

De bisschoppen van Nederland

Kardinaal Adrianus Simonis, aartsbisschop van Utrecht
Mgr. A.H. van Luyn s.d.b., bisschop van Rotterdam
Mgr. J.G.M. van Burgsteden s.s.s., hulpbisschop van Haarlem
Mgr. W.J. Eijk, bisschop van Groningen
Mgr. J.H.J. van den Hende, bisschop-coadjutor van Breda
Mgr. A.L.M. Hurkmans, bisschop van ‘s-Hertogenbosch
Mgr. E.J. de Jong, hulpbisschop van Roermond
Mgr. G.J.N. de Korte, hulpbisschop van Utrecht
Mgr. M.P.M. Muskens, bisschop van Breda
Mgr. J.M. Punt, bisschop van Haarlem
Mgr. F.J.M. Wiertz, bisschop van Roermond

Document

Naam: VASTEN: TIJD VAN BEZINNING EN SOLIDARITEIT
Pastorale brief van de Nederlandse bisschoppen Veertigdagentijd 2007
Soort: Nederland
Auteur: Nederlandse Bisschoppenconferentie
Datum: 21 februari 2007
Copyrights: © 2007, SRKK, Utrecht
Bewerkt: 7 november 2019

Referenties naar dit document

 
Geen documenten gevonden!
 
Geen dossiers gevonden!
 
Geen berichten gevonden!

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2020, Stg. InterKerk, Schiedam