• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
Het is eigen aan de liturgische traditie van de Romeinse en van de andere katholieke ritussen dat er in hun gebeden rekening wordt gehouden met een in zich coherent vocabulaire en vaste wijze van spreken, geheiligd door de boeken van de heilige Schrift en de kerkelijke traditie maar vooral door de geschriften van de kerkvaders. Daarom moet de wijze van vertalen van liturgische boeken de overeenkomst bevorderen tussen de bijbelse tekst zelf en de teksten van de hand van kerkelijke samenstellers die rijk zijn aan bijbelse woorden of die hiervan althans een impliciete uitdrukkingswijze zijn. Vgl. H. Paus Paulus VI, Apostolische Exhortatie, Over de vernieuwing van de Maria-verering in liturgie en persoonlijke beleving, Marialis Cultus (2 feb 1974), 30 Bij dit soort teksten dient de vertaler zich te laten leiden door de eigen manier van uitdrukken van de vertaling van de heilige Schrift zoals die al voor liturgisch gebruik is goedgekeurd in de gebieden waarvoor de vertaling bedoeld is. Tegelijkertijd moet men ervoor zorgen dat de tekst niet wordt afgezwakt, omdat men op een onhandige wijze de meer subtiele bijbelse betekenissen erin wil laten doorklinken.

Omdat de boeken van de Romeinse ritus veel woorden bevatten die fundamenteel zijn in de theologische en spirituele traditie van de Romeinse Kerk, moet men er terdege op bedacht zijn de betekenis van deze woorden te bewaren en er geen andere woorden voor in de plaats te stellen die ongebruikelijk zijn in de liturgie en de catechese van het volk Gods in die bepaalde culturele en kerkelijke context. Daarom moeten de volgende uitgangspunten bijzonder in acht genomen worden:

  1. Bij het vertalen van woorden die een zeer belangrijke theologische betekenis hebben, moet men proberen een passende coördinatie tot stand te brengen tussen de liturgische tekst en de goedgekeurde vertaling in de volkstaal van de Catechismus-Compendium
    Catechismus van de Katholieke Kerk
    (15 augustus 1997)
    , als die vertaling bestaat of vervaardigd wordt in de betreffende taal of in een zeer verwante taal.
  2. Eveneens wanneer het niet op zijn plaats is dat hetzelfde woord of dezelfde uitdrukking als in de Catechismus-Compendium
    Catechismus van de Katholieke Kerk
    (15 augustus 1997)
    in de liturgische tekst gehandhaafd wordt, moet de vertaler ervoor zorgen, dat de hele doctrinaire en theologische betekenis die in de woorden en in het geheel van de tekst besloten ligt, weergegeven wordt.
  3. Woorden die zich in een volkstaal hebben ontwikkeld en die geschikt zijn om de afzonderlijke liturgische bedienaren, het liturgisch vaatwerk, andere liturgische gebruiksvoorwerpen of kleding te onderscheiden van personen en zaken uit het gewone dagelijkse leven en het dagelijks gebruik, moeten bewaard blijven en mogen niet vervangen worden door woorden die een dergelijk sacraal karakter missen.
  4. Woorden van groot belang dienen in alle verschillende onderdelen van de Liturgie op dezelfde wijze vertaald te worden, op gepaste wijze rekening houdend met nr. 53.

Verder dient de verscheidenheid van woorden in de vertalingen te beantwoorden aan de verscheidenheid in de betreffende oorspronkelijke tekst. Bijvoorbeeld, het gebruik van steeds hetzelfde woord in de volkstaal om verschillende Latijnse werkwoorden weer te geven zoals ‘satiari’, ‘sumere’, ‘vegetari’ en ‘pasci’ aan de ene kant, of zelfstandige naamwoorden zoals ‘caritas’ en ‘dilectio’ aan de andere kant en ook woorden zoals ‘anima’, ‘animus’, ‘cor’, ‘mens’ en ‘spiritus’ kan, wanneer zij steeds herhaald worden de tekst afzwakken en sleets maken. Eveneens kan een gebrek aan afwisseling in de vertaling van de aansprekingen van God zoals ‘Domine’, ‘Deus’, ‘Omnipotens aeterne Deus’, ‘Pater’ enzovoorts. of van woorden die iets van smeken uitdrukken, een vertaling vervelend maken en de rijkdom verduisteren waarmee in de Latijnse tekst de verhouding tussen de gelovigen en God wordt aangegeven.

De vertaler dient ernaar te streven de ‘denotatie’ of de eerste betekenis van de woorden en de uitdrukkingen, die in de oorspronkelijke tekst staan te bewaren en tevens de ‘connotatie’ dat wil zeggen de kleine betekenis- en gevoelsnuances die erdoor worden opgeroepen om zo te bereiken dat de tekst open blijft voor andere lagen van betekenis die wellicht met opzet in de oorspronkelijke tekst zijn bedoeld.

Telkens wanneer een Latijns woord een belangrijke betekenis heeft die moeilijk in een moderne taal weer te geven is (zoals de woorden ‘munus’, ‘famulus’, ‘consubstantialis’, ‘propitius’, enzovoorts.) kan men in de vertaling verschillende methodes volgen. Men kan ofwel dit woord met één woord ofwel met meerdere woorden in de volkstaal weergeven, ofwel men kan een nieuw woord vormen, dat aangepast is of overgeschreven in de eigen schrijfwijze van de volkstaal rekening houdend met de oorspronkelijke tekst (vgl. boven nr. 21), of men kan een woord gebruiken dat reeds verschillende betekenissen heeft. Vgl. Congregatie voor de Eredienst en de Sacramenten, De Romeinse liturgie en de inculturatie
Vierde instructie voor de juiste toepassing van de Constitutie over de Liturgie van het Tweede Vaticaans Concilie (nrs. 37-40), Varietates legitimae (25 mrt 1994), 53

In vertalingen dient men de neiging tot psychologiseren te vermijden. Dat gebeurt vooral wanneer in plaats van termen die de theologische deugden betreffen, andere gezet worden die alleen maar een menselijke gemoedsbeweging aangeven. Wat betreft woorden en termen die de theologische idee van de eigen goddelijke oorzakelijkheid weergeven (bijv. uitgedrukt in de Latijnse woorden ‘praesta, ut...’), dient men te vermijden in hun plaats woorden of zegswijzen te gebruiken die alleen maar de betekenis hebben van hulp bieden in de uitwendige profane zin.
Sommige woorden, die in de Latijnse tekst op het eerste gezicht schijnbaar gebruikt worden vanwege het metrum of om andere literair technische redenen, hebben in werkelijkheid vaak een eigen theologische betekenis. Daarom moeten zij in vertalingen zo mogelijk bewaard blijven. Het is noodzakelijk om woorden die aspecten van de geloofsmysteries en de juiste houding van de christelijke geest weergeven, met de grootste nauwgezetheid te vertalen.
Bepaalde woorden die tot de schat van heel de vroege Kerk behoren of tot een groot deel ervan, en andere woorden die zijn gaan behoren tot het erfgoed van de mensheid, dienen voor zover mogelijk letterlijk bewaard te blijven, zoals de antwoorden van het volk “Et cum spiritu tuo” of de uitdrukking “mea culpa, mea culpa, mea maxima culpa” in de schuldbelijdenis van de Mis.

Document

Naam: LITURGIAM AUTHENTICAM
Het gebruik van de volkstaal in de uitgaven van de Romeinse Liturgie
Vijfde instructie "betreffende de juiste uitvoering van de Constitutie over de Liturgie van het Tweede Vaticaans Concilie" (bij art. 36)
Soort: Congregatie voor de Eredienst en de Sacramenten
Auteur: Georgius A. Kard. Medina Estévez
Datum: 28 maart 2001
Copyrights: © 2002, NRL, Zeist
Bewerkt: 7 november 2019

Referenties naar dit document

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam