• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

In het bijzonder: systematisch genomen besluiten waarin men zijn toevlucht neemt tot kortzichtige oplossingen dienen vermeden te worden, zoals een ondoordachte vervanging van woorden, een verandering van het enkelvoud naar het meervoud, de splitsing van een enkelvoudig woord dat een gemeenschappelijke betekenis uitdrukt, in een mannelijk en vrouwelijk deel, of de invoering van onpersoonlijke of abstracte woorden. Dit alles kan er toe leiden dat niet de volle betekenis van een woord of zegswijze van de oorspronkelijke tekst wordt uitgedrukt. Zulke oplossingen brengen het gevaar met zich mee dat er theologische en antropologische moeilijkheden in de vertalingen ingebracht worden. Hier volgen enkele bijzondere normen:

  1. Wanneer het gaat over de almachtige God of over de afzonderlijke personen van de heilige Drie-eenheid dienen de waarheid van de traditie en de vaste gewoonten van iedere taal betreffende het gebruik van het geslacht gehandhaafd te blijven.
  2. Bijzondere zorg moet daaraan besteed worden dat de woordverbinding “Filius hominis” (Mensenzoon) getrouw en zorgvuldig vertaald wordt. Het grote christologische en typologische belang van deze zegswijze vraagt ook dat voor het geheel van de vertaling een taalregel (een vaste zegswijze) wordt aangewend die ervoor zorgt dat deze woordverbintenis begrepen kan worden in de context van heel de vertaling.
  3. Het woord “patres” (vaders) dat op vele plaatsen in de bijbel en in liturgische teksten van kerkelijke hand wordt gevonden dient in de volkstalen vertaald te worden met een overeenkomend mannelijk woord, voor zover men in de context meent dat dat woord verwijst hetzij naar de aartsvaders of de koningen van het uitverkoren volk in het Oude Testament, hetzij naar de kerkvaders.
  4. Wanneer naar de Kerk verwezen wordt, dient men zoveel mogelijk in een volkstaal het gebruik van het vrouwelijk voornaamwoord te handhaven liever dan van het onzijdig.
  5. De woorden die een familiaire verwantschap of andere relaties uitdrukken, zoals “frater”, “soror”, etc., die volgens de samenhang duidelijk of mannelijk of vrouwelijk zijn, dienen in de vertaling aangehouden te worden.
  6. Het grammaticale geslacht van engelen, duivels, heidense goden en godinnen dient zoveel mogelijk in de volkstaal behouden te blijven overeenkomstig de oorspronkelijke tekst.
  7. In al deze gevallen is het noodzakelijk te letten op de uitgangspunten die boven bij de nrs. 27 en 29 zijn uiteengezet.

Document

Naam: LITURGIAM AUTHENTICAM
Het gebruik van de volkstaal in de uitgaven van de Romeinse Liturgie
Vijfde instructie "betreffende de juiste uitvoering van de Constitutie over de Liturgie van het Tweede Vaticaans Concilie" (bij art. 36)
Soort: Congregatie voor de Eredienst en de Sacramenten
Auteur: Georgius A. Kard. Medina Estévez
Datum: 28 maart 2001
Copyrights: © 2002, NRL, Zeist
Bewerkt: 7 november 2019

Referenties naar dit document

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2020, Stg. InterKerk, Schiedam