• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

"DE HEER RICHT VOOR ALLE VOLKEN EEN FEESTMAAL AAN" (VGL. JES. 25, 6)
Boodschap voor de Veertigdagentijd 1999

Dierbare broeders en zusters

"De Heer richt voor alle volken een feestmaal aan" Vgl. Jes. 25, 6 .

Deze woorden waardoor de Vastenboodschap van dit jaar is geïnspireerd, doen ons in de eerste plaats stilstaan bij de genadige voorzienigheid van de hemelse Vader jegens alle mannen en vrouwen. Wij zien die voorzienigheid al in het scheppingswerk, toen God "alles bekeek wat Hij gemaakt had en zag dat het heel goed was" (Gen. 1, 31). Zij wordt vervolgens bevestigd in de bevoorrechte relatie met het volk Israël, dat God uitkiest tot zijn volk om het heilswerk mee te beginnen. Die genadige voorzienigheid bereikt ten slotte haar volheid in Jezus Christus: in Hem delen alle volken in de zegen van Abraham en door het geloof ontvangen wij de belofte van de Geest Vgl. Gal. 3, 14 .

De Vastentijd is bij uitstek een tijd om de Heer oprecht te danken voor de wonderbaarlijke dingen die Hij in iedere tijd voor de mensheid heeft gedaan, en vooral in de verlossing, toen Hij zelfs zijn eigen Zoon niet spaarde Vgl. Rom. 8, 32 .

De ontdekking van Gods verlossende tegenwoordigheid in de stroom van de menselijke ervaring spoort ons aan tot bekering. Zij doet ons beseffen dat God ons liefheeft en wekt ons op om Hem te loven en te verheerlijken. Met Paulus zeggen wij: "Gezegend is de God en Vader van onze Heer Jezus Christus, die ons in de hemelse regionen in Christus heeft gezegend met elke geestelijke zegen. Want in Hem heeft Hij ons uitgekozen, al voor de grondlegging van de wereld, om heilig en vlekkeloos voor Hem te staan in liefde" (Ef. 1, 3-4). God nodigt ons zelf uit om een reis van boetedoening en innerlijke loutering te ondernemen om zo ons geloof te vernieuwen. Hij roept ons onophoudelijk tot zich, en als wij de nederlaag ervaren die ons door de zonde wordt toegebracht, toont Hij ons de weg terug naar zijn huis, waar wij weer die unieke liefdevolle zorg vinden waarmee Hij ons in Christus heeft overstelpt. Ons hart is dan ook vervuld van dankbaarheid door de ervaring van de liefde waarmee de Vader ons omringt.

De reis van de vastentijd bereidt ons voor op de viering van het Pascha van Christus, het geheimenis van onze verlossing. Voorafgaand aan dit geheim houdt de Heer op Witte Donderdag een feestmaal met zijn leerlingen, waarbij Hij zichzelf geeft in de tekenen van brood en wijn. In de viering van de eucharistie is de verrezen Heer, zoals ik in de apostolische Brief H. Paus Johannes Paulus II - Apostolische Brief
Dies Domini
Over de heiliging van de zondag
(31 mei 1998)
al schreef, "werkelijk, substantieel en duurzaam aanwezig ... en het Levensbrood, dat het onderpand is van de heerlijkheid die zal komen". H. Paus Johannes Paulus II, Apostolische Brief, Over de heiliging van de zondag, Dies Domini (31 mei 1998), 39.

Het feestmaal is een teken van vreugde, omdat we daarin de diepe verbondenheid zien van allen die eraan deelnemen. De eucharistie is dan ook de realisatie van het feestmaal voor alle volken dat door de profeet Jesaja werd voorzegd Vgl. Jes. 25, 6 . De eschatologische betekenis ervan is onmiskenbaar. Door het geloof weten we dat het Paasgeheim reeds in Christus is volbracht; maar het moet zich ook nog volledig in ieder van ons voltrekken. In zijn dood en verrijzenis schenkt de Zoon van God ons het eeuwige leven, dat begint in het Paasgeheim, maar zijn definitieve vervulling zal vinden in het eeuwige Paasfeest in de hemel. Voor veel van onze broeders en zusters zijn hun omstandigheden van ellende, ontbering en ziekte alleen te dragen omdat zij er zeker van zijn dat zij op een dag tot het eeuwige feestmaal in de hemel zullen worden geroepen. De vastentijd richt onze blik dan ook achter onze eigen tijd, achter de geschiedenis, achter de horizon van deze wereld, op de volmaakte en eeuwige gemeenschap met de heilige Drie-eenheid.

De zegen die wij in Christus ontvangen, slecht voor ons de muur van de tijd en opent voor ons de deur die leidt naar een volledig deelhebben aan het leven van God. "Gelukkig zijn zij die uitgenodigd zijn voor het bruiloftsmaal van het lam" (Openb. 19, 9): we mogen niet vergeten dat ons leven in dit feestmaal - waarvan het sacrament van de eucharistie een voorafbeelding is - zijn definitieve bestemming vindt. Christus heeft voor ons niet alleen een nieuwe waardigheid in ons aardse leven verworven, maar bovenal de nieuwe waardigheid van de kinderen van God, die geroepen zijn om met Hem het eeuwige leven te delen. De vastentijd nodigt ons uit om weerstand te bieden aan de verleiding de realiteiten van deze wereld als definitief te beschouwen en om in te zien dat "ons vaderland in de hemel is" (Fil. 3, 20).

Als wij stilstaan bij deze wonderbare roeping die van de Vader in Christus tot ons komt, zien we vanzelf de liefde die de Vader voor ons heeft. Dit jaar van voorbereiding op het Grote Jubileum van het Jaar 2000 is bedoeld om ons te helpen bij de vernieuwing van ons besef dat God de Vader is die ons in zijn geliefde Zoon in zijn eigen leven laat delen. Van de heilsgeschiedenis die Hij met en voor ons voltrekt, leren wij met nieuw vuur een leven van naastenliefde leiden Vgl. 1 Joh. 4, 10 vv. - de theologische deugd met betrekking waartoe ik de mensen in mijn apostolische Brief H. Paus Johannes Paulus II - Apostolische Brief
Tertio millennio adveniente
Nu het derde millennium van de nieuwe tijd nadert
(10 november 1994)
heb aangespoord om die in 1999 diepgaander te verkennen.

De ervaring van de liefde van de Vader spoort christenen aan om zich aan anderen te geven, in dienstbaarheid, solidariteit en openheid ten opzichte van hun broeders en zusters. De verschillende terreinen waarop de kerk in de loop der eeuwen in woord en daad van Gods liefde heeft getuigd, zijn onafzienbaar. Toch zijn er nog altijd immense gebieden waarop Gods barmhartigheid in het werk van christenen tot uiting moet worden gebracht. Nieuwe vormen van armoede en de prangende vragen die vele harten bezighouden, vragen om een concreet en passend antwoord. Zij die eenzaam zijn, zij die aan de rand van de samenleving staan, de hongerigen, de slachtoffers van geweld en zij die geen hoop meer hebben, moeten in de liefdevolle zorg van de kerk de tedere liefde kunnen ervaren van de hemelse Vader, die vanaf het vroegste begin van de wereld ieder mens in zijn gedachten houdt om iedereen van zijn zegeningen te vervullen

Als we de Vastentijd doorbrengen met onze ogen gericht op de Vader, wordt het een unieke periode van naastenliefde, die tot uiting komt in onze geestelijke en lichamelijke werken van barmhartigheid. Onze gedachten gaan in het bijzonder uit naar hen die zijn uitgesloten van het feestmaal van het alledaagse consumentisme. Er zijn vele mensen als Lazarus, die aan de deur van de samenleving kloppen - allen die geen deel hebben aan de materiële voordelen die de vooruitgang heeft gebracht. Er zijn situaties van aanhoudende nood die het geweten van christenen niet onberoerd kunnen laten en hen herinneren aan hun plicht om zowel persoonlijk als in gemeenschapsverband iets aan deze situaties te doen.

Niet alleen individuele personen hebben de mogelijkheid om blijk te geven van hun bereidheid om de armen uit te nodigen te delen in hun voorspoed. Internationale instellingen, nationale regeringen en de centra die toezicht houden op de wereldeconomie, dienen allen moedige plannen en projecten ter hand te nemen om zo te komen tot een rechtvaardiger verdeling van de aardse goederen, zowel in afzonderlijke landen als tussen de landen onderling.

Dierbare broeders en zusters, aan het begin van onze reis van de vastentijd richt ik deze boodschap tot u om u aan te moedigen de weg van bekering te gaan. Een weg die leidt tot een steeds dieper inzicht in het geheim van de goedheid die God voor ons in petto heeft. Moge Maria, Moeder van Barmhartigheid, ons kracht geven op onze weg. Zij kende het liefdevolle plan van de Vader en was de eerste die het aanvaardde; zij geloofde en zij is "gezegend onder de vrouwen" (Lc. 1, 42). Zij was gehoorzaam in het lijden en deelde daarmee als eerste in de glorie van de kinderen van God.

Moge Maria ons troosten met haar aanwezigheid; moge zij "een lichtend teken van de vaste hoop" 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk in de wereld van deze tijd, Gaudium et Spes (7 dec 1965), 68 zijn en voorspraak voor ons doen bij God, dat de goddelijke genade opnieuw over ons mag worden uitgestort.

Vanuit het Vaticaan, 15 oktober 1998.

Paus Johannes Paulus II

Document

Naam: "DE HEER RICHT VOOR ALLE VOLKEN EEN FEESTMAAL AAN" (VGL. JES. 25, 6)
Boodschap voor de Veertigdagentijd 1999
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Boodschap
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 15 oktober 1998
Copyrights: © 1998, SRKK, Utrecht
Vert.: drs. P.C. de Die
Bewerkt: 26 maart 2015

Referenties naar dit document

 
Geen documenten gevonden!
 
Geen berichten gevonden!

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam