• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

SACRAM LITURGIAM
Over het van kracht worden van bepaalde voorschriften van de Constitutie over de Heilige Liturgie, door het Tweede Vaticaans Concilie goedgekeurd

De voortdurende zorg van de Kerk voor de liturgie

De heilige liturgie met zorg te bewaren, te ontwikkelen en, zo nodig, te vernieuwen is onze Voorgangers in het pausschap, ons zelf en de herders der Kerk altijd zeer ter harte gegaan. Dit blijkt duidelijk zowel uit de zeer vele documenten, die hieromtrent zijn verschenen en die iedereen kent, als uit de 2e Vaticaans Concilie - Constitutie
Sacrosanctum Concilium
Over de heilige liturgie
(4 december 1963)
over dit onderwerp, die het Tweede Vaticaans Oecumenisch Concilie in de plechtige zitting van 4 december 1963 met zeer grote bijval heeft goedgekeurd en die wij hebben laten promulgeren.

Dit vindt zijn reden hierin, dat

"wij in de aardse liturgie als door een voorsmaak deelhebben aan de hemelse liturgie, die gevierd wordt in de heilige stad Jerusalem, waarheen wij als pelgrims op weg zijn, waar Christus zetelt aan de rechterhand Gods als bedienaar van het heiligdom en de ware tabernakel; met heel de menigte van de hemelse legerscharen zingen wij een hymne van glorie voor de Heer; terwijl wij de gedachtenis vieren van de heiligen, verhopen wij een deelgenootschap en gemeenschap met hen; wij verwachten als Heiland onze Heer Jezus Christus, totdat Hij, ons leven, zelf verschijnt en wij met Hem zullen verschijnen in heerlijkheid". 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de heilige liturgie, Sacrosanctum Concilium (4 dec 1963), 8

Hierdoor zullen de gelovigen, die God, bron en grond van alle heiligheid, aldus vereren, getrokken en als het ware gedreven worden tot het verkrijgen van deze heiligheid, en zullen zij op deze aardse pelgrims tocht "wedijveren met het hemelse Sion". Uit de hymne van de lauden op het feest van Kerkwijding

Daarom zal het voor iedereen duidelijk zijn, hoezeer het ons ter harte gaat, dat de gelovigen, en allereerst de priesters, zich met alle ijver toeleggen op de studie van de genoemde 2e Vaticaans Concilie - Constitutie
Sacrosanctum Concilium
Over de heilige liturgie
(4 december 1963)
, en dat zij verder nu reeds bereid zijn, de voorschriften ervan zo getrouw mogelijk te onderhouden, wanneer deze van kracht worden. Omdat dus alles, wat betrekking heeft op de kennis en de verbreiding van de liturgische wetten, uiteraard aanstonds van kracht moet worden, sporen wij de bisschoppen dringend aan om met de hulp van de priesters, "belast met het beheer van Gods geheimen" Vgl. 1 Kor. 4, 1 , zonder uitstel er voor te werken, dat de hun toevertrouwde gelovigen, overeenkomstig ieders leeftijd, levensomstandigheden en ontwikkeling, de innerlijke aard en betekenis van de liturgie goed begrijpen en in diepe eerbied, met de geest en met het lichaam, aan de liturgische plechtigheden van de Kerk deelnemen. Vgl. 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de heilige liturgie, Sacrosanctum Concilium (4 dec 1963), 19

Gelijk algemeen bekend is, kunnen zeer vele voorschriften van de 2e Vaticaans Concilie - Constitutie
Sacrosanctum Concilium
Over de heilige liturgie
(4 december 1963)
niet op korte termijn in praktijk worden gebracht, omdat eerst bepaalde riten moeten worden herzien en nieuwe liturgische boeken moeten worden gemaakt. Om dit werk met de nodige wijsheid en voorzichtigheid te doen verrichten, stellen wij een bijzondere commissie in, die als voornaamste taak zal hebben, de voorschriften van de 2e Vaticaans Concilie - Constitutie
Sacrosanctum Concilium
Over de heilige liturgie
(4 december 1963)
stipt te doen uitvoeren.

Maar omdat bepaalde normen van de 2e Vaticaans Concilie - Constitutie
Sacrosanctum Concilium
Over de heilige liturgie
(4 december 1963)
nu reeds kunnen worden gepraktiseerd, verlangen wij, dat deze ook inderdaad zonder uitstel in praktijk worden gebracht, om de gelovigen niet langer verstoken te laten van de vruchten van genade, die men ervan verhoopt. Daarom bevelen en bepalen wij met ons apostolisch gezag en motu proprio, dat vanaf de eerste zondag van de vasten, dat is vanaf 16 februari van dit jaar 1964, wanneer nl. de vastgestelde termijn afloopt, de volgende punten van kracht worden.

Art. I - Het onderwijs in de liturgie

Wat betreft de voorschriften van artikel 2e Vaticaans Concilie - Constitutie
Sacrosanctum Concilium
Over de heilige liturgie
(4 december 1963)
, 2e Vaticaans Concilie - Constitutie
Sacrosanctum Concilium
Over de heilige liturgie
(4 december 1963)
en 2e Vaticaans Concilie - Constitutie
Sacrosanctum Concilium
Over de heilige liturgie
(4 december 1963)
omtrent het onderwijs in de liturgie op de seminaries, in de studiehuizen van de religieuzen en aan de theologische faculteiten, willen wij, dat in deze instellingen reeds nu het studieplan zó wordt opgesteld, dat deze voorschriften vanaf het eerstvolgende studiejaar systematisch en met zorg worden uitgevoerd.

Art. II - Commissies voor liturgie, gewijde muziek en gewijde kunst

Eveneens bepalen wij, dat, op grond van de voorschriften van artikel 2e Vaticaans Concilie - Constitutie
Sacrosanctum Concilium
Over de heilige liturgie
(4 december 1963)
en 2e Vaticaans Concilie - Constitutie
Sacrosanctum Concilium
Over de heilige liturgie
(4 december 1963)
, er in ieder bisdom een commissie moet zijn, met als taak om, onder leiding van de bisschop, de liturgie steeds beter te doen kennen en te bevorderen.

Het kan wenselijk zijn, dat meerdere bisdommen tot dit doel één gemeenschappelijke commissie instellen.

Bovendien moeten er in ieder bisdom, voorzover mogelijk, nog twee commissies zijn: een voor de gewijde muziek en een voor de gewijde kunst.

Het zal vaak nuttig zijn, deze drie commissies in een en hetzelfde bisdom tot één commissie samen te smelten.

Art. III - De verplicht homilie op zondagen en geboden feestdagen

Eveneens willen wij, dat vanaf de bovengenoemde datum het voorschrift van kracht wordt om op zondagen en geboden feestdagen onder de Missen een homilie te houden; overeenkomstig 2e Vaticaans Concilie - Constitutie
Sacrosanctum Concilium
Over de heilige liturgie
(4 december 1963)
.

Art. IV - Het toedienen van het Vormsel onder de heilige Mis

Wij bepalen, dat het gedeelte van 2e Vaticaans Concilie - Constitutie
Sacrosanctum Concilium
Over de heilige liturgie
(4 december 1963)
, krachtens hetwelk het Sacrament van het Vormsel, naar gelang van de omstandigheden, tijdens de Mis, na de lezing van het Evangelie en de homilie, kan worden toegediend, aanstonds in werking treedt.

Art. V - De viering van het Huwelijk tijdens en buiten de Mis

Wat 2e Vaticaans Concilie - Constitutie
Sacrosanctum Concilium
Over de heilige liturgie
(4 december 1963)
betreft: het Sacrament van het Huwelijk moet in de regel tijdens de Mis gevierd worden, na de lezing van het Evangelie en het houden van de homilie.

Wordt het Huwelijk zonder Mis gevierd, dan moet, zolang heel de ritus van dit Sacrament nog niet is herzien, het volgende worden onderhouden: bij het begin van deze plechtigheid worden, na een korte aansporing Vgl. 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de heilige liturgie, Sacrosanctum Concilium (4 dec 1963), 35. par. 3, het epistel en het Evangelie uit de huwelijksmis in de volkstaal gelezen; en daarna wordt aan het bruidspaar altijd de zegen gegeven, die in het Rituale Romanum staat onder tit. VIII, cap. III.

Art. VI - Inkorting van het breviergebed

Ofschoon de structuur van het goddelijk officie nog niet is herzien en vernieuwd volgens 2e Vaticaans Concilie - Constitutie
Sacrosanctum Concilium
Over de heilige liturgie
(4 december 1963)
, geven wij toch nu reeds aan hen, die niet tot het koorgebed verplicht zijn, verlof om vanaf de bovengenoemde datum de prime te laten vervallen en uit de overige Kleine Uren er één te kiezen, dat het beste aansluit bij de tijd van de dag.

Bij het geven van dit verlof vertrouwen wij, dat de priesters hun innerlijke godsvrucht zó bewaren, dat zij bij het ijverig vervullen van de plichten van hun priesterlijk ambt, uitsluitend ter liefde Gods, heel de dag doorbrengen in vereniging met Hem.

Art. VII - De dispensatie of commutatie van het brevier

Wat eveneens het goddelijk officie betreft: de ordinarii kunnen hun onderhorigen, in afzonderlijke gevallen en om een rechtmatige reden, geheel of gedeeltelijk vrijstellen van de verplichting om het officie te bidden of deze verplichting door een andere vervangen. Vgl. 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de heilige liturgie, Sacrosanctum Concilium (4 dec 1963), 97

Art. VIII - Het officie van de religieuzen als publiek gebed

Wat het bidden van het goddelijk officie aangaat, verklaren wij nog: de religieuzen van ieder instituut, die krachtens hun regel ofwel gedeelten van het goddelijk officie bidden ofwel een of ander klein officie, op dezelfde wijze samengesteld aIs het goddelijk officie en officieel goedgekeurd, verrichten het publieke gebed van de Kerk. Vgl. 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de heilige liturgie, Sacrosanctum Concilium (4 dec 1963), 98

Art. IX - Het gebruik van de volkstaal bij het brevier

Omdat krachtens de Constitutie, 2e Vaticaans Concilie - Constitutie
Sacrosanctum Concilium
Over de heilige liturgie
(4 december 1963)
, aan hen, die tot het bidden van het goddelijk officie verplicht zijn, de mogelijkheid wordt gegeven, naar gelang van de verschillende gevallen, in plaats van het Latijn de volkstaal te gebruiken, achten wij het opportuun, te verklaren, dat deze verschillende vertalingen in de volkstaal door het bevoegde territoriaal kerkelijk gezag moeten worden vervaardigd en goedgekeurd, overeenkomstig 2e Vaticaans Concilie - Constitutie
Sacrosanctum Concilium
Over de heilige liturgie
(4 december 1963)
; en dat de akten van dit gezag, overeenkomstig hetzelfde 2e Vaticaans Concilie - Constitutie
Sacrosanctum Concilium
Over de heilige liturgie
(4 december 1963)
, door de Apostolische Stoel officieel moeten worden goedgekeurd of bekrachtigd. Wij schrijven voor, dat deze bepaling onderhouden moet worden, telkens als een liturgische Latijnse tekst door het genoemde wettige gezag in de volkstaal vertaald wordt.

Art. X - De bisschoppenconferenties

Omdat krachtens deze Constitutie Vgl. 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de heilige liturgie, Sacrosanctum Concilium (4 dec 1963), 22. par. 2 de regeling van de liturgie binnen bepaalde grenzen ook toekomt aan de verschillende bevoegde territoriale bisschoppenconferenties, die wettig zijn opgericht, bepalen wij, dat deze conferenties tot nadere regeling nationaal moeten zijn. In deze nationale conferenties hebben krachtens het recht, naast de residerende bisschoppen, zitting en stemrecht degenen, over wie Wetboek
Codex Iuris Canonici (1917) (27 mei 1917)
van het kerkelijk wetboek spreekt; maar tot deze conferenties kunnen ook de bisschoppen-coadjutoren en de wijbisschoppen hulpbisschoppen worden uitgenodigd.

In deze conferenties worden voor de rechtsgeldigheid van de decreten twee derde van de geheime stemmen vereist.

Art. XI - De bevoegde instanties op het gebied van de liturgie

Tenslotte willen wij er op wijzen, dat, afgezien van hetgeen wij door deze apostolische brief op liturgisch gebied hebben veranderd of waarvan wij de uitvoering hebben vervroegd, de regeling van de heilige liturgie uitsluitend berust bij het gezag van de Kerk, dat is: bij deze apostolische Stoel en, volgens de normen van het recht, bij de bisschop; en dat derhalve volstrekt niemand anders, zelfs niet een priester, op liturgisch gebied iets mag toevoegen, weglaten of veranderen. Vgl. 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de heilige liturgie, Sacrosanctum Concilium (4 dec 1963), 22. par. 1 en 3

Slot

Alles, wat wij door dit Motu Proprio hebben bepaald, moet als geldig en rechtskrachtig beschouwd worden, ondanks alles wat er mee in strijd mocht zijn.

Gegeven te Rome, bij Sint-Pieter, op 25 januari 1964, feest van de bekering van de heilige apostel Paulus, in het eerste jaar van ons pontificaat.

Paus Paulus VI

Document

Naam: SACRAM LITURGIAM
Over het van kracht worden van bepaalde voorschriften van de Constitutie over de Heilige Liturgie, door het Tweede Vaticaans Concilie goedgekeurd
Soort: H. Paus Paulus VI - Motu Proprio
Auteur: H. Paus Paulus VI
Datum: 25 januari 1964
Copyrights: © 1964, Ecclesia Docens 0707, Uitg. Gooi & Sticht, Hilversum
Bewerkt: 12 november 2018

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam