• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
Wanneer de Eucharistie op een zondag hier of daar niet gevierd kan worden, zal men vooraf onderzoeken of de gelovigen in een nabijgelegen kerk aan het Eucharistisch mysterie deel kunnen nemen. Deze oplossing dient ook in onze dagen nog altijd aanbevolen, ja zelfs zoveel mogelijk gehandhaafd te worden; dat veronderstelt wel dat de gelovigen nauwkeurig onderricht worden over de volle betekenis van het samenkomen op de dag des Heren, zodat zij zich van harte aan de nieuwe omstandigheden aanpassen.

Ook als er geen Eucharistieviering is, blijft het wenselijk dat de rijkdom van de heilige Schrift en het gebed van de Kerk toegankelijk worden gemaakt voor de gelovigen die op zondag op verschillende wijzen samenkomen, zodat zij de lezingen die in de loop van het jaar in de Eucharistieviering voorkomen, noch de gebeden van de liturgische tijden moeten missen.

Onder de vormen die in de liturgische traditie voorkomen wanneer geen Eucharistie gevierd kan worden, verdient de viering van het Woord Gods een bijzondere aanbeveling. Vgl. 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de heilige liturgie, Sacrosanctum Concilium (4 dec 1963), 35. nr.4 Zo mogelijk wordt de viering met de eucharistische Communie besloten. Zo worden de gelovigen tegelijkertijd met het woord en met het lichaam van Christus gevoed. "Want zij die het Woord van God vernemen, erkennen ook dat de wonderdaden die verkondigd worden, een hoogtepunt vinden in het paasmysterie waarvan de gedachtenis op sacramentele wijze in de Eucharistie wordt gevierd en waaraan zij door de Communie deelhebben." Congregatie voor de Eredienst en de Sacramenten, De heilige Communie en de verering van de Eucharistie buiten de Mis, De sacra communione et de cultu mysterii eucharistici extra Missam (1 jan 1983), 26 Bovendien kan de viering van de dag des Heren in bepaalde omstandigheden goed samengaan met de viering van bepaalde Sacramenten, en vooral van bepaalde sacramentaliën, overeenkomstig de noden van iedere gemeenschap.

Het is nodig dat de gelovigen de vervangende aard van dergelijke vieringen duidelijk begrijpen, en deze niet beschouwen als de beste oplossing van de tegenwoordige moeilijkheden of als een toegeven aan gemakzucht. H. Paus Paulus VI, Toespraak, Tijdens het ad limina-bezoek van bisschoppen uit Centraal Frankrijk (26 mrt 1977). "Ga op voorzichtige wijze verder zonder dit soort bijeenkomsten te vermenigvuldigen, alsof dit de beste oplossing en de laatste kans is.” Vervangende zondagsvieringen mogen nooit plaatsvinden als de Eucharistie dezelfde dag ter plaatse al werd gevierd of nog gevierd zal worden, of als zij daar de voorafgaande avond al gevierd werd, ook al gebeurde dat in een verschillende taal; evenmin mag men deze niet-eucharistische viering herhalen.
Met zorg dient elke mogelijke verwarring te worden vermeden tussen een dergelijke viering en de Eucharistieviering. Een bijeenkomst van die aard moet bij de gelovigen het verlangen naar een Eucharistieviering niet wegnemen, maar veeleer bevorderen, en hen ook meer bereid maken er aan deel te nemen.

De gelovigen dienen te begrijpen dat het Eucharistisch offer zonder priester onmogelijk is, en dat de eucharistische Communie die zij in dergelijke bijeenkomsten kunnen ontvangen, heel nauw met het Eucharistisch offer is verbonden. Op grond hiervan kan duidelijk worden gemaakt hoe noodzakelijk het is te bidden dat "de bedienaren van Gods Sacramenten mogen toenemen in aantal en steeds in zijn liefde volharden." H. Paus Paulus VI, Apostolische Constitutie, ex Decr. Sacr. Oec. Conc. Vat. II instauratum, auctoritate Pauli PP. VI promulgatum, ed. typica, Missale Romanum (3 apr 1969). Voor diaken- en priesterroepingen, gebed over de gaven.

Het komt de diocesane bisschop toe, na de priesterraad te hebben gehoord, te beslissen of in zijn bisdom regelmatig bijeenkomsten op zondag moeten gehouden worden zonder Eucharistieviering, en daarvoor niet alleen algemene maar ook bijzondere normen vast te stellen, met inachtneming van plaatselijke en persoonlijke omstandigheden. Dergelijke bijeenkomsten worden dus niet ingevoerd, tenzij ze samengeroepen worden door de bisschop en ze plaatsvinden onder de verantwoordelijkheid van de pastoor van de parochie.
"Geen enkele christelijke gemeenschap wordt opgebouwd, als zij niet haar oorsprong en middelpunt heeft in de viering van de heilige Eucharistie". 2e Vaticaans Concilie, Decreet, Over het leven en dienst van de priester, Presbyterorum Ordinis (7 dec 1965), 6 Voordat een bisschop besluit tot bijeenkomsten op zondag zonder Eucharistieviering, zal men daarom, behoudens de situatie van de parochies (vgl. nr. 5), ook de mogelijkheid onderzoeken een beroep te doen op priesters (ook kloosterlingen) die niet direct in de zielzorg staan; bovendien zal men het aantal eucharistievieringen in de verschillende parochies en kerken nagaan. Congregatie voor de Riten, Over de Eredienst van de Eucharistie, Eucharisticum Mysterium (25 mei 1967), 26 De voorrang van de Eucharistieviering boven andere pastorale activiteiten dient gehandhaafd te blijven, vooral op zondag.
In een aangepaste catechese zal de bisschop zelf of iemand anders in zijn plaats, aan de diocesane gemeenschap de redenen uiteenzetten die tot deze maatregel hebben geleid, de noodzaak ervan aantonen, en de gelovigen oproepen tot medeverantwoordelijkheid en samenwerking. De bisschop zal daarbij iemand hiertoe afvaardigen of een speciale commissie aanstellen die erop toeziet dat de vieringen op correcte wijze gebeuren. Hij zal ook mensen uitkiezen die deze vieringen verder begeleiden en er tevens voor zorgen dat zij een aangepaste vorming ontvangen. Toch zal hij er altijd naar streven dat deze gelovigen verschillende malen per jaar aan een eucharistieviering kunnen deelnemen.
Het is de taak van de pastoor aan de bisschop de wenselijkheid te melden van dergelijke vieringen in het gebied waarvoor hij verantwoordelijkheid draagt, de gelovigen daarop voor te bereiden, hen intussen in de week te bezoeken, en op gepaste momenten voor hen de Sacramenten te vieren, vooral het Sacrament van Boete en Verzoening. Zo zal zijn gemeenschap werkelijk kunnen ervaren hoe zij op zondag niet bijeenkomt 'zonder priester', maar alleen 'in zijn afwezigheid', ja zelfs 'in afwachting van zijn komst'.
Wanneer geen Eucharistieviering mogelijk is, zal de pastoor ervoor zorgen dat de heilige Communie kan worden uitgereikt. Ook zal hij ervoor zorgen dat in iedere gemeenschap op de daartoe vastgestelde tijd een Eucharistieviering plaatsvindt. De geconsacreerde hosties zullen regelmatig vernieuwd worden en op een veilige plaats bewaard worden.
Als eerste helpers van de priesters worden de diakens uitgenodigd om dergelijke bijeenkomsten op zondag te leiden. Aangezien de diaken gewijd is om het volk van God te hoeden en het in aantal te doen toenemen, komt het hem toe het gebed te leiden, het Evangelie te verkondigen, de homilie te houden en de Communie uit te reiken. Vgl. H. Paus Paulus VI, Motu Proprio, Enkele normen ten aanzien van het diaconaat, Ad Pascendum (15 aug 1972), 1
Wanneer zowel een priester als een diaken ontbreken, zal de pastoor leken aanwijzen aan wie de zorg voor deze vieringen wordt toevertrouwd, dat wil zeggen de leiding bij het gebed, de bediening van het Woord en het uitreiken van de heilige Communie. Daartoe kiest hij allereerst acolieten en lectoren, die zijn aangesteld voor de dienst van het altaar en van het Woord Gods. Zijn ook die er niet, dan kunnen andere leken gekozen worden, mannen en vrouwen, om krachtens hun Doopsel en hun Vormsel deze taak op zich te nemen. Wetboek, Codex van het Canonieke recht, Codex Iuris Canonici (25 jan 1983), 230. par. 3 Daarbij zal men letten op de aard van hun levenswijze die met het evangelie moet overeenstemmen en door de gelovigen goed moet aanvaard worden. De aanwijzing zal gewoonlijk voor een bepaalde periode gelden en aan de gemeenschap publiek bekendgemaakt worden; het is passend in een of andere viering voor hen een bijzonder gebed uit te spreken. Congregatie voor de Eredienst en de Sacramenten, Over de zegeningen, De benedictionibus (1 jan 1984). Hoofdstuk IV, I B

De pastoor dient voor een aangepaste en voortdurende vorming van deze leken te zorgen en samen met hen waardige vieringen voor te bereiden vgl. Hoofdstuk 3.

De aangeduide leken zullen de hun toevertrouwde taak niet zozeer als een eer beschouwen, maar veeleer als een opdracht, en vooral als een dienst aan hun medegelovigen, onder leiding van de pastoor. De taak die zij vervullen, is niet eigen aan hen, maar heeft een vervangend karakter, daar "waar bij gebrek aan bedienaren, de nood van de Kerk dit wenselijk maakt". Wetboek, Codex van het Canonieke recht, Codex Iuris Canonici (25 jan 1983), 230. par. 3

"Iedereen moet uitsluitend en volledig datgene doen wat hem krachtens de aard van de zaak toekomt". 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de heilige liturgie, Sacrosanctum Concilium (4 dec 1963), 28 Zij moeten hun functie uitoefenen met die oprechte toewijding en nauwgezetheid die passen bij hun bediening en die het volk van God met recht van hen verwacht. Vgl. 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de heilige liturgie, Sacrosanctum Concilium (4 dec 1963), 29

Als op een zondag de viering van Gods Woord met het uitreiken van de heilige Communie onmogelijk is, wordt het de gelovigen ten zeerste aanbevolen "zich gedurende de nodige tijd aan het gebed te wijden, persoonlijk of in het gezin of bij gelegenheid in groepen van gezinnen". Wetboek, Codex van het Canonieke recht, Codex Iuris Canonici (25 jan 1983), 1248. par. 2 In deze gevallen kunnen ook uitzendingen van liturgische vieringen via radio of televisie hulp bieden.

Vooral zal men oog hebben voor de mogelijkheid om een of ander gedeelte van het getijdengebed te vieren, bijvoorbeeld het morgen- of het avondgebed, waarbij de lezingen van de betreffende zondag ingevoegd kunnen worden. Want wanneer "gelovigen voor de getijden worden uitgenodigd om eensgezind met hart en stem te zingen, maken zij de kerk zichtbaar die het mysterie van Christus viert". Congregatie voor de Eredienst en de Sacramenten, Liturgie van de Getijden volgens de Romeinse ritus (tweede standaarduitgave 1985), Algemene inleiding op het getijdengebed, Institutio Generalis de Liturgia Horarum (7 apr 1985), 22 Aan het slot van deze viering kan de heilige Communie worden uitgereikt (vgl. nr. 46).
"Hoe dan ook, de genade van de Verlosser ontbreekt de gelovigen of gemeenschappen niet, die vanwege vervolgingen of een gebrek aan priesters gedurende korte of ook langere tijd van de Eucharistieviering verstoken blijven. Want innig bezield door het verlangen naar dit Sacrament en in gebed met heel de Kerk verenigd, roepen zij de Heer aan, en verheffen zij hun hart tot Hem. Zo komen zij door de kracht van de heilige Geest tot gemeenschap met de Kerk, het levend lichaam van Christus, en met de Heer zelf... en ontvangen zij bijgevolg de vruchten van het Sacrament". Congregatie voor de Geloofsleer, Aan de Bisschoppen van de Katholieke Kerk over bepaalde vragen betreffende de bediening van de Eucharistie, Sacerdotium ministeriale (6 aug 1983), 11

Document

Naam: CHRISTI ECCLESIA
Directorium voor de viering van de zondagse eredienst zonder priester
Soort: Congregatie voor de Eredienst en de Sacramenten
Auteur: Paulus Augustinus Kardinaal Mayer o.s.b.
Datum: 2 juni 1988
Copyrights: © 1989, Vert.: Nationale Raad voor Liturgie, Zeist
Bewerkt: 4 mei 2020

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
Trefwoordenlijst voor dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2020, Stg. InterKerk, Schiedam