• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

OOK WIJ ZULLEN IN CHRISTUS VERRIJZEN
Toespraak voorafgaand aan de zegen "Urbi et Orbi", Pasen 1968

Broeders, kinderen en vrienden!

Gij weet hoe onze boodschap van vandaag luidt: Christus is verrezen! En het antwoord daarop: ook wij zullen, in Christus, verrijzen.

Wát deze uitroep en dit antwoord in werkelijkheid betekenen, het is onze plicht en onze vreugde tegelijkertijd om dat te overwegen. Deze woorden mogen niet zo maar zonder meer langs ons heen gaan, wij moeten ze opnemen in onze geest en in ons hart, zodat wij worden doordrongen van het feit, dat zij een volkomen omwenteling teweegbrengen in de natuurlijke gang van zaken en een geweldige en schitterende vernieuwing invoeren in onze wijze van leven en denken tot nu toe. Een christelijke vernieuwing, namelijk het nieuwe goddelijke leven dat stroomt in de aderen van de verloste mens. Het overwegen van dit verheven gebeuren gaat haast vanzelf, evenals er bij het zingen van het Alleluja spontaan in ons ontwaakt een weten dat alle menselijk begrip te boven gaat, maar tegelijkertijd alle onzekerheid uitsluit. De Paastijd die wij vandaag hebben ingeluid, is vol van deze geestelijke verrukking.

Op één aspect van dit feit van de verrijzenis van Christus en onze verrijzenis willen wij u in het bijzonder wijzen: op het aspect van de goddelijke almacht. Dit feit kan immers niet berusten op natuurlijke grondslagen, deze zijn niet in staat er ook maar enige kans van waarschijnlijkheid aan te geven. De dood is zo onontkoombaar en oefent een zo rampzalige heerschappij uit, dat het absurd schijnt om te veronderstellen, dat hij zou kunnen worden overwonnen. En toch is dit gebeurd in Jezus Christus. Hij is gestorven, begraven en vervolgens in de vroege ochtend van de derde dag glorievol verrezen. Zo zal het ook met ons gebeuren, wanneer wij in Hem, in het geloof, met behulp van de genade en door ons eerlijk streven ons sterfelijk leven hebben geënt op zijn onsterfelijkheid. Dan zal de vijand, onze grootste vijand, tenslotte worden overwonnen Vgl. 1 Kor. 15, 26 .

De overwinning van de Zoon Gods over de dood

Dit wonder, dat reeds in Christus is voltrokken en waarvan zijn allerheiligste moeder al deelgenote is gemaakt, dat aan ons in zijn volledige werkelijkheid in het vooruitzicht is gesteld en waarvan wij op het ogenblik reeds de mystieke en zedelijk werkende kracht ondervinden, dit wonder schenkt de wereld, ook de profane wereld, het besef van de mogelijke overwinning op gebied van het onmogelijk, het wekt de hoop op nieuwe gebeurtenissen die de geschiedenis van het mensdom wederom zouden kunnen doen opbloeien. Het ligt niet op onze weg om hierbij te denken aan de verbazing wekkende veranderingen die de steeds dieper gaande kennis van de natuur en het nooit aflatend streven om uit deze kennis zoveel mogelijk voordelen te putten in onze eeuw nog teweeg kunnen brengen; het rijk van de aardse dingen behoort niet tot ons werkterrein. Wij denken aan het rijk van de geest; wij denken aan de wereld van het hart, waar het vaak wel een ijdel pogen lijkt om waarlijk vruchtbare en vernieuwende gedachten ingang te doen vinden waardoor de natuurlijke geneigdheid van de mens tot zijn aangeboren zwakheden, tot zijn steeds weer de kop opstekende boosheden, tot zijn overgeërfde en moderne misvormingen van de werkelijke opvattingen over het leven en zijn hogere bestemming zouden kunnen worden overwonnen. Wij denken aan een voortdurende en steeds betere wedergeboorte van de mens. Wij hebben een onoverwinnelijk vertrouwen in zijn vermogen tot vervolmaking.

Bijdrage van licht, getuigenis van waarheid

De verrijzenis van Christus, waarmee Hij ons heeft verlost en waarmee Hijzelf zegevierend zijn koninkrijk is ingegaan, geeft ons het recht om te hopen, dat de moderne mens, wiens streven zo kenmerkend is gericht op de onderwerping van de wereld van het geschapene Vgl. Gen. 1, 28 , van bovenaf, dat wil zeggen vanuit dat koninkrijk van Christus, hoewel niet van deze wereld, een bijdrage van licht en een getuigenis van waarheid Vgl. Joh. 18, 37 zal ontvangen om hem in zijn vaak moeizame arbeid te steunen, hem voor dwalen te behoeden en hem te helpen zonder ophouden te streven naar de werkelijke vervolmaking van de mens. Wij hopen, met andere woorden, dat de kracht van de verrijzenis van Christus ook enigermate door zal werken in de tijdelijke orde van het vergankelijke menselijk bestaan.

Denkt niet, dat dit een vreemde gedachte is, of dat wij hiermee iets onwerkelijks bedoelen, want u kunt heel gemakkelijk raden waarheen onze gedachten op dit moment uitgaan. Wij denken aan datgene waarop de wensen van de wereld op het ogenblik zijn gericht: aan de vrede, de moeilijke vrede in die verre uithoek van de Aziatische wereld, waar aan de oorlog maar geen einde schijnt te kunnen komen en waar het treffen van de grote machten de wereld vol spanning de adem doet inhouden uit angst voor een reusachtig conflict waarin we allen worden bedreigd met een verschrikkelijke ondergang.

Serieuze gedachten over militaire wapenstilstand en eerĀ­volle en rechtvaardige onderhandelingen

Welnu, moge het ons zijn gegeven, in deze dagen van leven en hoop, in de naam van de verrezen Christus de nachtmerrie van deze aanhoudende dreiging te verjagen; moge het ons zijn toegestaan alle betrokken partijen te bezweren serieus te gaan denken over een wapenstilstand en eervolle en loyale onderhandelingen. Vol verlangen zien wij en u allen met ons uit naar hoopgevende aanwijzingen voor een aanstaande overeenkomst tussen de strijdende partijen en wij voegen daaraan een wens toe, die des te overtuigender is, omdat zij voortkomt uit onze absolute onpartijdigheid en onze vurige genegenheid voor alle betreffende volkeren en in het bijzonder voor allen die door het leed van deze oorlog worden getroffen, de wens, dat deze eerste stappen spoedig mogen voeren tot een goed einde. Moge de krachtmeting veranderen in een wedstrijd in edelmoedigheid, moge niet het zogenaamde recht van de wapenen zegevieren, maar de ware gerechtigheid van het wederzijdse recht op vrijheid en de gemeenschappelijke behoefte aan arbeid en vrede, mogen de gevoelens van na-ijver en haat veranderen in vergevingsgezindheid en broederliefde. Het streven naar de opbouw van een wereldomspannende eensgezindheid is door de recente conflicten in het Verre Oosten en het Nabije Oosten zowel als in Afrika ernstig geschokt: moge echter het grote ideaal van een geordende en vreedzame organisatie van de gehele wereld wederom opbloeien en niet het scepticisme triomferen dat zich vastbijt in de idee, dat de mens van nature onbekwaam is om de echte vrijheid te genieten, om werkelijke rechtvaardigheid te beoefenen en een blijvende vrede te handhaven. Moge daarentegen de hoop zegevieren en mét de hoop de oplossing van de huidige conflicten en de vastbeslotenheid in de toekomst nieuwe te voorkomen.

Nadrukkelijke bekrachtiging van de rechten van de mens

Nog een andere wens - onder de vele die het welzijn van de mensheid ons ingeeft - willen wij door de speciale genade van Pasen verlevendigen, de wens én het vertrouwen, dat de rechten van de mens, waaraan de wereld dit jaar speciaal en plechtig aandacht gaat besteden, de meest duidelijke, meest gezagvolle en meest doeltreffende bekrachtiging zullen ontvangen. Na die noodlottige, maar waarschuwende moord waardoor de gehele wereld werd geschokt, zou het voortreffelijk zijn, wanneer de grote collectieve, in zichzelf opgesloten vormen van egoïsme, zoals de rassenhaat, het nationalisme, de klassenhaat, de overheersing door bevoorrechte volkeren van zwakkere, zich eindelijk zouden openstellen voor het stoutmoedige en grootmoedige avontuur van de universele liefde.

Met welk gezag durven wij deze wensen uitspreken? Met het gezag van iemand die bemint en die gelooft. Het Paasfeest legt ons dit vertrouwen in het hart en het bekrachtigt de wensen die wij aan u allen hier aanwezig, aan hen die lijden tengevolge van de nog steeds woedende strijd, aan degenen die werken om de hangende wereldproblemen tot een goede oplossing te brengen en aan de gehele mensheid, in naam van de verrezen Christus, tezamen met onze zegen, aanbieden.

Hierna sprak de paus in verschillende talen een Paaswens uit.

Document

Naam: OOK WIJ ZULLEN IN CHRISTUS VERRIJZEN
Toespraak voorafgaand aan de zegen "Urbi et Orbi", Pasen 1968
Soort: H. Paus Paulus VI - Urbi et Orbi
Auteur: H. Paus Paulus VI
Datum: 14 april 1968
Copyrights: © 1968, Katholiek Archief jrg. 23 nr. 19
Bewerkt: 12 november 2018

Referenties naar dit document

 
Geen documenten gevonden!
 
Geen berichten gevonden!

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam