• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

Het is waar: op veel punten delen wij hetzelfde erfgoed. Opmerkelijk is ook de vooruitgang die er wordt gemaakt in het verstaan van elkaar, in de wederzijdse liefde en in het gemeenschappelijk gebed.

Maar met dat al kunnen wij – uit eerlijkheid, en uit trouw jegens onszelf en onze broeders – nog niet samen de Eucharistie van de Heer vieren. Die is immers sacrament van eenheid! Eucharistische communie en kerkelijke gemeenschap of „communio” in een en hetzelfde geloof, zijn niet van elkaar los te maken. Daarom moet ieder naargelang zijn verantwoordelijkheden binnen de Kerk met vurige ijver en in nederigheid het zijne bijdragen aan dit werk van de wederopbouw van de eenheid: hetzij op het niveau van het theologisch onderzoek, iets dat noodzakelijk is en waarin zoals bekend eerlijke en geduldige inspanningen verricht worden; hetzij op het vlak van het gebed en de naastenliefde, en terrein waar jullie je met name op inzetten.

Maar alle christenen moeten intussen „de zuivering en de vernieuwing” zoeken, opdat „het teken van Christus duidelijker van het gelaat van de Kerk afstaalt” 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk, Lumen Gentium (21 nov 1964), 15. Want de ziel van heel het oecumenisch streven wordt gevormd door de bekering van het hart en de heiligheid van leven, samen met het gebed Vgl. 2e Vaticaans Concilie, Decreet, Over de oecumene, Unitatis Redintegratio (21 nov 1964), 8. Het gaat daarbij immers niet over zomaar een of andere eenheid, maar om die eenheid die beantwoordt aan de wegen die door de Heer zelf bij het stichten van Zijn Kerk zijn aangewezen, en die door de Kerk in haar meest zuivere traditie ook bewandeld zijn. de ervaring die jullie op het ogenblik hier in Rome opdoen, kan jullie, wat dit aangaat, helpen om tot een beter begrip te komen.

Op de eerste plaats namelijk werd deze door Christus gegeven, door de christenen verstoorde en daarom onophoudelijk opnieuw weer op te bouwen eenheid van de Kerk in het bijzonder toevertrouwd aan de apostel Petrus. Van de oevers van het meer van Tiberias was hij naar de oevers van de Tiber gekomen om ten tijde van keizer Nero hier ter plaatse als martelaar te sterven. Het was niet aan Johannes, die grote contemplatieve godsschouwer, het was ook niet aan Paulus, die onvergelijkelijke theoloog en predikant, dat Christus de opdracht gaf om de andere apostelen, zijn broeders te sterken Vgl. Lc. 22, 31-32 , en de lammeren en schapen te weiden Vgl. Lc. 21, 15-17 . Die taak gaf Hij enkel en alleen aan Petrus.

Het is steeds opnieuw weer verhelderend, en tevens ontroerend, die evangelieteksten te bemediteren waarin de unieke en onherleidbare rol van Petrus in het college van de apostelen en in de beginnende Kerk ter sprake komt. Trouwens, ieder van ons spreekt het aan wanneer we zien hoe Christus heel Zijn vertrouwen in Petrus blijft stellen ondanks zijn moment van zwakheid. En Petrus van zijn kant nam zijn taak serieus op, tot aan dat uiterste getuigenis van het vergieten van zijn eigen bloed toe. Zijn eerste brief lijkt een duidelijk bewijs ervan vorm dat hij die wonderlijke woorden die Jezus tot hem gesproken heeft, diep heeft overwogen. Die brief biedt zicht op de persoonlijke spiritualiteit van degene die de taak ontvangen had de kudde van de ene Herder te verzamelen: „Weidt de kudde van God waarvan gij de herders zijt... met toewijding en niet uit winstbejag... Dan zult ge, als de Opperherder verschijnt, de nooit verwelkende krans van de heerlijkheid ontvangen” (1 Pt. 5, 2-4) Vgl. 1 Pt. 2, 25 . Petrus weet dat hij de rots is. Maar hij weet ook dat hij herder is. En wanneer hij de oudsten aanspoort hun herderlijke taak met toewijding te volbrengen, dan is dat omdat hem daarbij voor ogen staat hoe hij zijn eigen herderlijke taak kreeg als antwoord op een drievoudig getuigenis van liefde.

Het charisma van Sint Petrus ging over op zijn opvolgers. Dit is de reden waarom de kerk van Rome al heel vroeg een leidende rol speelde. Jullie zult zeker bekend zijn met enkele typische voorbeelden daarvan. Aan het eind van de eerste eeuw bijvoorbeeld grijpt de bisschop van Rome, de heilige Clemens, met gezag in de kerk van Korinthe in, juist om er de inwendige eenheid van te herstellen. Rond het jaar 110 schrijft de heilige Ignatius van Antiochië een brief naar de kerk van Rome en groet haar als de kerk die in de universele gemeenschap van liefde „voorzit”. Het beroemde grafschrift van Abercius – dat je in het Vaticaans Museum kunt zien, getuigt nog van de invloed van de Kerk van Rome rond het jaar 180. De heilige Ireneüs tenslotte, die tegen het eind van de tweede eeuw bisschop van Lyon was, verkondigt dat iedere Kerk die ernaar verlangt de apostolische traditie te bewaren, daarvoor slechts hoeft veilig te stellen dat zij in gemeenschap blijft met Rome.

Document

Naam: PELGRIMS OP WEG NAAR DE KERK
Europese Kerstontmoeting te Rome georganiseerd door de broeders van Taizé
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Toespraak
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 30 december 1980
Copyrights: © 1981, Stichting Verkondiging, Roermond nr. 7
alineanummering en -indeling door de redactie
Bewerkt: 26 maart 2015

Referenties naar dit document

 
Geen documenten gevonden!
 
Geen berichten gevonden!

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam