• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
Ter afsluiting van deze overwegingen spreken wij dan ook woorden van bemoediging tot verschillende groepen in het bijzonder. Kerkelijke leiders, pastores en pastoraal werkenden, leerkrachten, ouders en met name jongeren.

Tot kerkelijke leiders: Mensen in leidinggevende posities binnen alle sectoren van de Kerk moeten kennis van de media krijgen, en die toepassen bij het opzetten van pastorale plannen voor de sociale communicatie Vgl. Pauselijke Raad voor de Sociale Communicatiemiddelen, Pastorale instructie, twintig jaar na Communio et Progressio, Aetatis Novae (22 feb 1992), 23-32 via concreet beleid en programma’s op dit gebied en adequaat gebruik van de media. Waar nodig zouden ze zelf mediacursussen moeten volgen. Eigenlijk "zou de Kerk er zeer mee gediend zijn als er meer ambtsdragers en anderen die in haar naam optreden communicatietraining zouden krijgen". Pauselijke Raad voor de Sociale Communicatiemiddelen, Wereld Communicatie Dag, Jubileum van de Journalisten tijdens het Heilig Jaar 2000, Ethiek in de communicatie (4 juni 2000), 26

Dit geldt zowel voor internet als voor de andere media. Kerkelijke leiders zijn verplicht "het volledige potentieel van het ‘computertijdperk’ te gebruiken om de menselijke en bovennatuurlijke roeping te dienen van eenieder en zo de Vader eer te brengen van wie alle goeds afkomstig is".45 Zij zouden deze opmerkelijke technologie moeten aanwenden bij vele verschillende aspecten van de opdracht van de Kerk en nieuwe mogelijkheden verkennen voor oecumenische en interreligieuze samenwerking. Een speciaal aspect van internet, zoals we hebben gezien, betreft de soms verwarrende verspreiding van onofficiële websites met het predikaat ‘katholiek’. Een systeem van vrijwillige certificering, op lokaal en nationaal niveau, onder supervisie van vertegenwoordigers van het Leergezag zou kunnen helpen als het gaat om materiaal van specifieke leerstellige of catechetische aard. Het idee is niet censuur op te leggen maar internetgebruikers een betrouwbare gids te bieden voor wat het authentieke standpunt van de Kerk leert.

Tot pastores en pastoraal werkenden: Priesters, diakens, religieuzen en leken in het pastoraat zouden een mediaopleiding moeten krijgen. Dit om hun inzicht te vergroten in de invloed van sociale communicatie op individu en maatschappij en hen aan een communicatievorm te helpen die mensen in een mediacultuur aanspreekt op hun ontvankelijkheid en interessen. Tegenwoordig betekent dat duidelijk ook internettraining, mede voor gebruik in hun werk. Zij kunnen ook baat hebben bij websites met de nieuwste theologische stand van zaken en pastorale aanbevelingen.

Wat betreft kerkelijk personeel dat direct bij de media betrokken is spreekt het welhaast vanzelf dat zij professionele training nodig hebben. Maar ook catechetische en geestelijke vorming, omdat "om van Christus te getuigen men Hem ook zelf moet ontmoeten en een persoonlijke relatie met Hem opbouwen door het gebed, de eucharistie en sacramentele verzoening, door het lezen en overdenken van Gods woord, de bestudering van de christelijke leer en dienstbetoon aan anderen". H. Paus Johannes Paulus II, Boodschap, Boodschap voor de 34ste Wereldcommunicatiedag 2000, Christus verkondigen in de media aan het begin van het nieuwe millennium (24 jan 2000)

Tot leerkrachten en catechisten: De pastorale Instructie Pauselijke Commissie voor de Sociale Communicatiemiddelen
Communio et Progressio
Pastorale Instructie, in opdracht van het Tweede Vaticaans Concilie, over de middelen van sociale communicatie
(23 mei 1971)
sprak van de "urgente taak" van katholieke scholen om de deelnemers aan sociale communicatie te onderrichten in belangrijke christelijke uitgangspunten. Pauselijke Commissie voor de Sociale Communicatiemiddelen, Pastorale Instructie, in opdracht van het Tweede Vaticaans Concilie, over de middelen van sociale communicatie, Communio et Progressio (23 mei 1971), 107 Dezelfde boodschap is vele keren herhaald. In het tijdperk van internet, met zijn enorme reikwijdte en invloed is de behoefte hieraan dringender dan ooit.

Katholieke universiteiten, opleidingen, scholen en onderwijscentra op alle niveaus zouden cursussen voor verschillende groepen moeten aanbieden: "Seminaristen, priesters, religieuzen, lekenleiders ... leraren, ouders en studenten." Pauselijke Raad voor de Sociale Communicatiemiddelen, Pastorale instructie, twintig jaar na Communio et Progressio, Aetatis Novae (22 feb 1992), 28 Maar ook opleidingen op hoger niveau in communicatietechnologie, management, ethiek en beleidsvraagstukken voor personen ter voorbereiding op professioneel mediawerk of beleidsbepaling, inclusief degenen die voor de Kerk op gebied van sociale communicatie werkzaam zijn. Verder brengen we voornoemde problemen en vraagstukken onder de aandacht van academici en onderzoekers op de betreffende terreinen binnen katholieke instellingen voor hoger onderwijs. Tot ouders: Zowel omwille van de kinderen als henzelf moeten ouders "leren en in praktijk brengen hoe zij kritische kijkers, luisteraars en lezers kunnen worden en het voorbeeld geven van verstandig gebruik van de media thuis". Pauselijke Raad voor de Sociale Communicatiemiddelen, Wereld Communicatie Dag, Jubileum van de Journalisten tijdens het Heilig Jaar 2000, Ethiek in de communicatie (4 juni 2000), 25 Als het om internet gaat is de jeugd daar veel vertrouwder mee dan hun ouders, maar ouders behouden toch de serieuze taak hun kinderen bij dit gebruik te begeleiden en erop toe te zien. H. Paus Johannes Paulus II, Postsynodale Apostolische Exhortatie, Over de taken van het christelijk gezin in de wereld van deze tijd, Familiaris Consortio (22 nov 1981), 76 Als dat betekent dat zij meer over internet te weten komen dan tot nu toe, is dat alleen maar goed.

Ouderlijk toezicht zou ook voor gebruik van filtertechnieken moeten zorgen in door kinderen gebruikte computers, als dat financieel en technisch kan. Zo worden zij zoveel mogelijk beschermd tegen pornografie, seksuele valstrikken en andere bedreigingen. Het zonder toezicht internetten zou niet moeten worden toegestaan. Het is goed als ouders met hun kinderen praten over wat zij gezien en ervaren hebben op internet, evenals met andere gezinnen met dezelfde opvattingen en zorgen. De fundamentele ouderplicht is hier kinderen te helpen kritische en verantwoordelijke internetgebruikers te worden en geen verslaafden die het contact met leeftijdgenoten en de natuur zelf verwaarlozen.

Tot de jeugd: Internet geeft toegang tot een schitterende en spannende wereld met een sterk vormende invloed. Maar niet alles daarbinnen is veilig, heilzaam en waarachtig. "De jeugd moet willen leren met de media om te gaan en weerstand te bieden aan de gemakkelijke weg van kritiekloze passiviteit, aan druk van leeftijdgenoten en aan commerciële uitbuiting." Pauselijke Raad voor de Sociale Communicatiemiddelen, Wereld Communicatie Dag, Jubileum van de Journalisten tijdens het Heilig Jaar 2000, Ethiek in de communicatie (4 juni 2000), 25 Jongeren zijn het aan zichzelf verplicht, en aan hun ouders, familie, vrienden, pastores, leraren en uiteindelijk aan God, om internet goed te gebruiken.

Internet brengt voor de jeugd op ongewoon jonge leeftijd een immens potentieel binnen bereik. Daarmee kunnen ze goed doen en schade berokkenen, aan zichzelf en aan anderen. Het kan hun leven meer verrijken dan vroegere generaties konden dromen en hen in staat stellen op hun beurt het leven van anderen te verrijken. Het kan hen ook meesleuren in consumptisme, pornografische en geweldsfantasieën en een pathologisch isolement.

Zoals vaak gezegd wordt is de jeugd de toekomst, zowel van de maatschappij als van de Kerk. Goed gebruik van internet kan hen helpen zich voor te bereiden op hun verantwoordelijkheden in beide. Dat zal echter niet vanzelf gaan. Internet is niet louter een middel tot vermaak van de gebruiker. Het is een instrument om nuttig werk mee te doen, en jongeren moeten leren het zo te zien en te gebruiken. In cyberspace, minstens zozeer als ergens anders, kunnen zij geroepen worden om stroomopwaarts te roeien, tegen de heersende cultuur in te gaan en zelfs vervolging te verdragen omwille van het goede en de waarheid.

Document

Naam: DE KERK EN INTERNET
Soort: Pauselijke Raad voor de Sociale Communicatiemiddelen
Auteur: Msgr. John P. Foley
Datum: 22 februari 2002
Copyrights: © rkkerk.nl
Vert.:H. Lohman
Bewerkt: 7 november 2019

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2021, Stg. InterKerk, Schiedam