• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
Wanneer zijn uur gekomen is, bidt Jezus tot de Vader. Vgl. Joh. 17 Zijn gebed, het langste dat ons door het evangelie is overgeleverd, omvat de hele scheppings- en heilseconomie, net zo goed als zijn dood en verrijzenis dat doen. Het gebed van zijn Uur blijft zonder ophouden het gebed van Jezus zoals ook Pasen, dat "eens voor al" heeft plaatsgevonden, aanwezig blijft in de liturgie van zijn Kerk.
De christelijke traditie noemt dit gebed met recht het "hogepriesterlijke" gebed van Jezus. Het is het gebed van onze hogepriester, het is onafscheidelijk verbonden met zijn offer, met. zijn "doortocht" (Pasen) naar de Vader, waar Hij geheel en al "toegewijd" is aan de Vader. Vgl. Joh. 17, 11.13.19
In dat gebed van Pasen, gebed van het offer, wordt alles in Hem "onder een hoofd gebracht". Vgl. Ef. 1, 10 God en de wereld, het Woord en het vlees, het eeuwige leven en de tijd, de liefde die zich overlevert en de zonde die ze verraadt, de aanwezige leerlingen en zij die zullen geloven in Hem door hun verkondiging, de vernedering en de verheerlijking. Het is het gebed van de eenheid.
Jezus heeft alles van het werk van de Vader verwezenlijkt en zijn gebed strekt zich, net zo goed als zijn offer, uit tot aan de voltooiing van de tijd. Het gebed van het Uur vervult de eindtijd en brengt die tot voltooiing. Jezus, de Zoon aan wie de Vader alles gegeven heeft, heeft zich totaal overgegeven aan de Vader en, tegelijkertijd, drukt Hij zich uit met een koninklijke vrijheid Vgl. Joh. 17, 11.13.19.24 krachtens de macht die de Vader Hem gegeven heeft over al het vlees. De Zoon, die zich tot dienstknecht heeft gemaakt, is de Heer, de albeheerser (Pantokrator). Onze hogepriester die voor ons bidt, is ook degene die in ons bidt, en de God die ons verhoort.
Wanneer wij binnengaan in de heilige naam van de Heer Jezus kunnen wij van binnen uit het gebed ontvangen dat Hij ons leert: "Onze Vader!" Zijn hogepriesterlijk gebed is een innerlijke inspiratiebron voor de grote beden van het Onze Vader: de bezorgdheid om de naam van de Vader, Vgl. Joh. 17, 6.11.12.26 de hartstocht voor zijn rijk (de heerlijkheid), Vgl. Joh. 17, 1.5.10.24.23.26 de verwezenlijking van de wil van de Vader, van zijn heilsplan, Vgl. Joh. 17, 2.4.6.9.11.12.24 en de bevrijding van het kwaad. Vgl. Joh. 17, 15
Jezus openbaart ons en geeft ons, tenslotte, in dit gebed de niet te scheiden "kennis" van de Vader en die van de Zoon; Vgl. Joh. 17, 3.6-10.25 die het eigenlijke mysterie uitmaakt van het gebedsleven.

Document

Naam: CATECHISMUS VAN DE KATHOLIEKE KERK
Soort: Catechismus-Compendium
Datum: 15 augustus 1997
Copyrights: © 1997, Libreria Editrice Vaticana
waarin verwerkt niet officiële aanpassing aan de "editio typica"
Bewerkt: 7 november 2019

Referenties naar dit document

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
Trefwoordenlijst voor dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam