• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

De Geest van kindschap heeft ons eerst in de tegenwoordigheid van God onze Vader gebracht om Hem te aanbidden, lief te hebben en te zegenen. Vervolgens laat deze Geest uit onze harten zeven beden opstijgen, zeven lofprijzingen. Bij de eerste drie, die veeleer theologaal van aard zijn, richten wij ons op de heerlijkheid van de Vader; de vier laatste zijn als het ware wegen tot Hem en daarin vertrouwen wij onze ellende aan zijn genade toe. "De ene afgrond roept de andere" (Ps. 42, 8).

De eerste reeks brengt ons tot Hem, omwille van Hemzelf: uw naam, uw rijk, uw wil! Het is eigen aan de liefde om eerst te denken aan wie wij liefhebben. In elk van deze drie beden gebruiken wij niet het woord "ons", maar worden wij gegrepen door "het vurige verlangen", ja zelfs door "de angst" van de welbeminde Zoon, waar het gaat om de heerlijkheid van zijn Vader. Vgl. Lc. 22, 14 Vgl. Lc. 12, 50 "Worde geheiligd (...) Kome (...) Geschiede (...)": deze drie smeekbeden worden al verhoord in het offer van Christus, de Heiland, maar van nu af worden ze ook vol verwachting gericht op hun uiteindelijke voltooiing, voor zover God nog niet alles in allen is. Vgl. 1 Kor. 15, 28

De tweede reeks beden volgt de beweging van bepaalde eucharistische epikleseformules: wij bieden onze verwachtingen aan en proberen de blik van de Vader van de barmhartigheid op ons te richten. Deze beden komen van ons en betreffen ons, hier en nu: "Geef ons (...) vergeef ons (...) leid ons niet (...) verlos ons". De vierde en vijfde bede hebben betrekking op ons leven als zodanig, hetzij om het te voeden, hetzij om het te genezen van de zonde; de laatste twee beden hebben betrekking op ons gevecht om het leven te laten zegevieren, op het gevecht zelf van het gebed.
Door de eerste drie beden worden wij bevestigd in het geloof, vervuld van hoop en ontvlamd in de liefde. Omdat wij schepsels en nog zondaars zijn, moeten wij voor onszelf bidden - een "ons" dat even ver reikt als de wereld en de geschiedenis-; dit "ons" dat wij aanbieden aan de mateloze liefde van onze God. Want onze Vader voltooit zijn heilsplan door de naam van Christus en het rijk van zijn heilige Geest, voor ons en voor de hele wereld.

Document

Naam: CATECHISMUS VAN DE KATHOLIEKE KERK
Soort: Catechismus-Compendium
Datum: 15 augustus 1997
Copyrights: © 1997, Libreria Editrice Vaticana
waarin verwerkt niet officiële aanpassing aan de "editio typica"
Bewerkt: 7 november 2019

Referenties naar dit document

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
Trefwoordenlijst voor dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam