• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
De vrede
De Heer Jezus herinnert ons aan het gebod: "Gij zult niet doden" (Mt. 5, 21). Hij bidt hiermee om vrede voor het hart en veroordeelt de dodelijke gramschap en de haat als immoreel: Gramschap is een verlangen zich te wreken. "Wraakzucht omwille van het kwaad van iemand die men moet straffen, is ongeoorloofd". maar het is lovenswaardig een straf op te leggen "ter bestrijding van de ondeugd en het handhaven van de rechtsorde". H. Thomas van Aquino, Summa Theologiae. II-II,158,1 ad 3 Als de gramschap zo ver gaat dat men bewust wenst zijn naaste te doden of zwaar te verwonden, dan is dit een ernstig vergrijp tegen de naastenliefde en betekent het een doodzonde: de Heer zegt: "Al wie vertoornd is op zijn broeder, zal strafbaar zijn voor het gerecht" (Mt. 5, 22).
De opzettelijk gewilde haat is in strijd met de liefde. De naaste haten is een zonde, wanneer men hem opzettelijk kwaad wenst te berokkenen. De naaste haten is een zware zonde, wanneer men hem opzettelijk zwaar kwaad wil berokkenen. "Welnu ik zeg u: bemint uw vijanden en bidt voor wie u vervolgen, opdat gij kinderen moogt worden van uw vader in de hemel..." (Mt. 5,44-45).
Vrede is nodig om de eerbied voor het menselijk leven en de groei ervan mogelijk te maken. Vrede betekent niet slechts afwezigheid van oorlog en beperkt zich niet tot het in stand houden van het evenwicht tussen tegenovergestelde machtsblokken. Vrede op aarde kan niet tot stand komen zonder de bescherming van het persoonlijk eigendom, de vrije communicatie tussen de mensen, de eerbied voor de menselijke waardigheid van personen en volkeren, en van de toegewijde beoefening van de broederlijkheid. Zij is de 'tranquillitas ordinis', H. Augustinus, Civ. 19,13 'de rust van de orde'. Zij is het werk van de gerechtigheid Vgl. Jes 32, 17 en de vrucht van de naastenliefde. Vgl. 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk in de wereld van deze tijd, Gaudium et Spes (7 dec 1965), 78. § 1-2

De aardse vrede is beeld en vrucht van de vrede van Christus , de Messiaanse "vredevorst" (Jes. 9, 5). Door zijn bloed, op het kruis vergoten, heeft Hij "in zijn eigen vlees de vijandschap gedood" (Ef. 2, 16)). Vgl. Kol. 1,20-22 Hij heeft de mensheid met God verzoend en van zijn kerk het sacrament van eenheid van de mensheid en van de vereniging met God gemaakt. "Hij is onze vrede" (Ef. 2,14). Hij heeft hen "die vrede stichten" zalig verklaard (Mt. 5,9).

Zij die afzien van gewapend geweld en bloedvergieten en bij de verdediging van de rechten van de mens hun toevlucht nemen tot verdedigingsmiddelen die binnen het bereik van de zwaksten liggen, getuigen op die manier van de evangelische liefde, mits dit kan geschieden zonder inbreuk te plegen op de rechten en verplichtingen van anderen of van de gemeenschap. Ze leggen op legitieme wijze getuigenis af van de ernstige fysieke en morele risico's, die het wapengeweld veroorzaakt met zijn verwoestingen en zijn doden. Vgl. 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk in de wereld van deze tijd, Gaudium et Spes (7 dec 1965), 78. § 5
Het vermijden van de oorlog
Het vijfde gebod verbiedt de opzettelijke vernietiging van het menselijk leven. Omwille van de rampen en de ongerechtigheden die elke oorlog met zich meebrengt, vraagt de kerk met aandrang aan iedereen te bidden en zich in te zetten, opdat God in zijn goedheid ons moge bevrijden van de oude slavernij van de oorlog. Vgl. 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk in de wereld van deze tijd, Gaudium et Spes (7 dec 1965), 81. § 4
Alle burgers en alle bestuurders moeten zich inspannen om oorlogen te vermijden. Maar "zolang het oorlogsgevaar nog zal bestaan en er nog geen internationale autoriteit is met eigen competentie en passende uitrusting, zal men de regeringen het recht niet kunnen ontzeggen om zich wettig te verdedigen, indien alle mogelijkheden van vreedzame onderhandelingen zijn uitgeput". 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk in de wereld van deze tijd, Gaudium et Spes (7 dec 1965), 79. § 4
De strenge voorwaarden om tot wettige zelfverdediging door de militaire macht te kunnen overgaan, moeten nauwgezet in acht genomen worden. De zwaarwichtigheid van een dergelijke beslissing brengt mee, dat ze aan strenge voorwaarden van morele toelaatbaarheid gebonden is. Gelijktijdig zijn vereist:
- dat de schade die door de aanvaller aan het volk of de volkerengemeenschap wordt toegebracht van blijvende aard is, dat ze belangrijk is en met zekerheid vaststaat;
- dat alle andere middelen om de schade een halt toe te roepen onuitvoerbaar of ondoeltreffend gebleken zijn;
- dat er een serieus vooruitzicht is op een gunstig resultaat;
- dat het gebruik van wapengeweld geen grotere kwalen en meer wanorde teweegbrengt dan het kwaad dat men wil uitschakelen. De vernietigende kracht van de moderne wapens moet zeer zwaar wegen bij de beoordeling van deze laatste voorwaarde.
Dit zijn de traditionele elementen die opgesomd worden in de leer over de zogenaamde "rechtvaardige oorlog".
De beoordeling van deze voorwaarden voor morele gewettigdheid komt toe aan het prudente oordeel van hen, die voor het algemeen welzijn verantwoordelijk zijn.

In het voorkomend geval heeft de overheid het recht en de plicht aan de burgers de verplichtingen op te leggen die nodig zijn voor de nationale verdediging. Wie zich als militairen ten dienste stellen van het vaderland, zijn dienaren van de veiligheid en de vrijheid der volkeren. Als zij hun taak plichtsgetrouw vervullen, leveren zij werkelijk een bijdrage tot het welzijn van de natie en de handhaving van de vrede. Vgl. 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk in de wereld van deze tijd, Gaudium et Spes (7 dec 1965), 79. § 5

De overheid moet een billijke regeling treffen voor hen die vanwege gewetensbezwaren het gebruik van wapenen weigeren. Zij moeten niettemin een andere vorm van dienst aan de menselijke samenleving op zich nemen. Vgl. 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk in de wereld van deze tijd, Gaudium et Spes (7 dec 1965), 79. § 3

Zowel de Kerk als de menselijke rede verklaren dat de morele wet blijft gelden gedurende de gewapende conflicten. "Het pure feit dat de oorlog ongelukkigerwijze is uitgebroken, betekent niet dat tussen de strijdende partijen plotseling alles geoorloofd is". 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk in de wereld van deze tijd, Gaudium et Spes (7 dec 1965), 79. § 4

Niet-strijdende burgers, gewonde soldaten en krijgsgevangenen moeten met respect en menselijkheid behandeld worden. Zowel de handelingen die duidelijk in strijd zijn met het volkerenrecht en zijn universele beginselen als de bevelen die deze handelingen zouden opleggen, zijn misdaden. Blinde gehoorzaamheid is geen voldoende excuus voor hen die zich eraan onderwerpen. Uitmoording van een volk, van een natie of van een etnische minderheid moet als een doodzonde veroordeeld worden. Men is moreel verplicht, zich te verzetten tegen bevelen die een genocide opleggen.

"Elke oorlogshandeling die zonder onderscheid is gericht op de verwoesting van hele steden of grote gebieden met hun inwoners, is een misdaad jegens God en de mens zelf, die met kracht en zonder aarzelen veroordeeld dient te worden". 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk in de wereld van deze tijd, Gaudium et Spes (7 dec 1965), 80. § 4 Een gevaar van de moderne oorlog is dat men aan degenen die technisch ontwikkelde wapens bezitten - vooral atoomwapens, biologische of chemische wapens - de gelegenheid geeft dergelijke misdaden te begaan.
De opeenhoping van wapens lijkt voor velen een paradoxaal middel om eventuele vijanden af te schrikken. Ze zien er het meest werkzame middel in om de vrede tussen de volkeren te verzekeren. Maar dit middel ter afschrikking vraagt om een ernstig moreel voorbehoud. De bewapeningswedloop waarborgt de vrede niet. In plaats van de oorzaken van de oorlog weg te nemen, loopt men het gevaar die nog te vergroten. Het verkwisten van onmetelijke rijkdommen, die nodig zijn voor het vervaardigen van steeds maar nieuwe wapens, belemmert de hulp aan noodlijdende bevolkingen; Vgl. H. Paus Paulus VI, Encycliek, Over de ontwikkeling van de volken, Populorum Progressio (26 mrt 1967), 53 het staat de ontwikkeling van de volkeren in de weg. De overbewapening vermenigvuldigt de oorzaken voor een conflict en verhoogt het gevaar dat een oorlog zich uitbreidt.
De wapenproductie en de wapenhandel raken het algemeen welzijn van de volkeren en van de internationale gemeenschap. Daarom heeft de publieke overheid het recht en de plicht ze aan regels te binden. De jacht op persoonlijk of collectief gewin op korte termijn kan geen rechtvaardiging inhouden voor de activiteit van ondernemingen, die het geweld en de conflicten tussen de volkeren aanwakkeren en de internationale rechtsorde in gevaar brengen.
De onrechtvaardigheden, de overdreven ongelijkheid op economisch af sociaal vlak, de afgunst, de achterdocht en de hoogmoed die zowel tussen mensen als tussen volkeren bestaan, vormen een voortdurende bedreiging voor de vrede en zijn oorzaak van oorlogen. Alles wat ondernomen wordt om deze wanorde te overwinnen draagt bij tot het stichten van vrede en het vermijden van oorlogen:
Voor zover de mensen zondaars zijn, dreigt het gevaar van oorlog; dit zal zo zijn tot aan de komst van Christus; maar voor zover zij, in liefde verbonden, de zonde overwinnen, wordt ook het geweld overwonnen, totdat het woord wordt vervuld: "Dan smeden zij hun zwaarden om tot ploegscharen, en hun lansen tot sikkels; geen volk trekt zijn zwaard meer tegen een ander, en niemand oefent zich voor de strijd" (Jes. 2, 4). 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk in de wereld van deze tijd, Gaudium et Spes (7 dec 1965), 78. § 6

Document

Naam: CATECHISMUS VAN DE KATHOLIEKE KERK
Soort: Catechismus-Compendium
Datum: 15 augustus 1997
Copyrights: © 1997, Libreria Editrice Vaticana
waarin verwerkt niet officiële aanpassing aan de "editio typica"
Bewerkt: 7 november 2019

Referenties naar dit document

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
Trefwoordenlijst voor dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam