• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

Hier op aarde is de nieuwe of evangelische wet de vervolmaking van de goddelijke wet, zowel van de natuurwet als van de geopenbaarde wet. De nieuwe wet is het werk van Christus en ze komt vooral tot uitdrukking in de bergrede. Deze wet is ook het werk van de Heilige Geest en daardoor wordt ze de innerlijke wet van de liefde: "Ik zal met het huis van Israël een nieuw verbond sluiten (...) mijn wetten prent Ik in hun geest en Ik grif ze in hun hart: Ik zal hun God zijn en zij zullen mijn volk zijn" (Heb. 8,8-10). Vgl. Jer. 31,31-34

De nieuwe wet is de genade van de Heilige Geest die aan de gelovigen geschonken wordt door het geloof in Christus. Deze wet is werkzaam door de liefde, ze maakt gebruik van de bergrede om ons te leren wat er te doen staat en van de sacramenten om ons de genade te schenken dit alles in feite te volbrengen:

Wie met aandacht en inzicht de bergrede van onze Heer wil overwegen, zoals wij die in het evangelie volgens Matteüs lezen, zal er beslist de volmaakte grondwet van het christelijk leven vinden. (...) De bergrede bevat alle voorschriften die nodig zijn voor het christelijk leven. H. Augustinus, Sermones. Dom. 1,1

De evangelische wet "vervult", Vgl. Mt. 5,17-19 verfijnt, overstijgt en leidt de oude wet zelfs naar de volmaaktheid. In de zaligsprekingen vervult ze de goddelijke beloften door ze te verheffen en te richten op het "rijk der hemelen". De evangelische wet is bedoeld voor diegenen die bereid zijn deze nieuwe hoop met geloof te ontvangen: de armen, de nederigen, de bedroefden, de zuiveren van hart, zij die vervolgd worden omwille van Christus. Zo toont zij de verrassende wegen van het Koninkrijk.

De evangelische wet vervult de geboden van de wet. De bergrede betekent in geen geval de afschaffing of ontkrachting van de oude wet. Zij brengt daarentegen de verborgen kracht ervan aan het licht en laat nieuwe eisen zien: ze openbaart heel de goddelijke en menselijke waarheid van de wet. De nieuwe wet voegt geen nieuwe uiterlijke voorschriften toe, maar ze vernieuwt de mens tot in zijn hart, de wortel van het handelen, waar hij kiest tussen wat zuiver en wat onzuiver is, Vgl. Mt. 15,18-19 waar het geloof, de hoop en de liefde en samen met hen de overige deugden gevormd worden. Het evangelie brengt zo de oude wet tot haar voltooiing door de navolging van de volmaaktheid van de hemelse Vader, Vgl. Mt. 5,48 door het schenken van vergeving aan de vijanden en door het gebed voor de vervolgers, dit alles met de goddelijke mildheid als voorbeeld. Vgl. Mt. 5,44

De nieuwe wet beoefent de daden van de godsdienst : de aalmoes, het gebed en het vasten door deze te richten op de "Vader die in het verborgene ziet", tegen het verlangen in "om door de mensen gezien te worden". Vgl. Mt. 6,1-6.16-18 Het gebed van de nieuwe wet is het Onze Vader. (Mt. 6,9-13)

De evangelische wet houdt de beslissende keuze in tussen de "twee wegen" Vgl. Mt. 7,13-14 en het in praktijk brengen van de woorden van de Heer.' Vgl. Mt. 7,21-27 ze wordt samengevat in de gulden regel: "Alles wat gij wilt dat de mensen voor u doen, doet dat ook voor hen. Dit is wet en Profeten" (Mt. 7,12). Vgl. Lc. 6,31

Heel de evangelische Wet ligt vervat in het "nieuwe gebod " van Jezus (Joh. 13,34) dat wij elkaar moeten liefhebben zoals Hij ons heeft liefgehad. Vgl. Joh. 15,12

Bij de bergrede van de Heer moet de morele catechese van de apostolische onderrichting gevoegd worden, zoals Rom. 12-15; 1 Kor. 12-13; Kol. 3-4; Ef. 4-5 enz. In deze leer wordt het onderricht van de Heer doorgegeven met apostolisch gezag, vooral door de uiteenzetting van de deugden die voortvloeien uit het geloof in Christus en die bezield worden door de liefde, de voornaamste gave: (...) Bemint elkander van de Heilige Geest. "Uw liefde moet ongeveinsd zijn hartelijk met broederlijke genegenheid (...) Laat de hoop u blij maken, houdt stand in de verdrukking, volhardt in het gebed. Draagt bij voor de noden van de heiligen, beoefent de gastvrijheid" (Rom. 12,9-13). Deze catechese leert ons ook gewetensproblemen te behandelen in het licht van onze relatie met Christus en de Kerk. Vgl. Rom. 14

De nieuwe wet wordt een wet van liefde genoemd, omdat ze daden doet stellen vanuit de liefde die door de heilige Geest wordt ingestort, eerder dan uit vrees; een wet van genade , omdat ze de genade en de kracht geeft om te handelen door middel van het geloof en de sacramenten; een wet van vrijheid Vgl. Jak. 1,25 Vgl. Jak. 2,12 omdat ze ons bevrijdt van de rituele en juridische verplichtingen van de oude wet en ons aanzet om spontaan onder impuls van de liefde te handelen. Zij doet ons tenslotte overgaan van de staat van dienaar "die niet weet wat zijn Meester doet" naar de staat van vriend van Christus, want "Ik heb u alles meegedeeld wat ik van de Vader heb gehoord" (Joh. 15,15) of ook tot de staat van erfgenaam. Vgl. Gal. 4,1-7.21-31 Vgl. Rom. 8,15

De nieuwe wet omvat behalve haar geboden ook de evangelische raden . Het traditionele onderscheid tussen de geboden van God en de evangelische raden steunt op de samenhang met de liefde, de vervolmaking van het christelijke leven. De geboden zijn er om te verwijderen want niet strookt met de liefde. De raden beogen te verwijderen wat een belemmering kan zijn voor de ontwikkeling van de liefde, zelfs als dit op zichzelf niet strijdig met de liefde zou zijn. Vgl. H. Thomas van Aquino, Summa Theologiae. II-II,184,3

De evangelische raden openbaren de levende volheid van de liefde, die nooit voldaan is als ze niet steeds méér kan geven. De raden bewijzen de dynamiek van de liefde en stimuleren ons geestelijk elan. De volmaaktheid van de nieuwe wet bestaat wezenlijk in de geboden van de liefde tot God en tot de naaste. De raden tonen meer directe wegen en meer bruikbare middelen. Ze moeten beoefend worden volgens ieders roeping:

[God] wil niet dat iedereen alle raden onderhoudt, maar enkel de raden die in aanmerking komen volgens de verscheidenheid van personen, tijden, gelegenheden en krachten, zoals de liefde het vraagt; want zij is het die, als koningin van de deugden, van alle geboden, van alle raden en tenslotte van alle wetten en van alle christelijke daden, aan allen de rang, de orde, de tijd en de waarde geeft. H. Franciscus van Sales, Verhandeling over de Liefde van God, Traite de l'Amour de Dieu. 8,6

Document

Naam: CATECHISMUS VAN DE KATHOLIEKE KERK
Soort: Catechismus-Compendium
Datum: 15 augustus 1997
Copyrights: © 1997, Libreria Editrice Vaticana
waarin verwerkt niet officiële aanpassing aan de "editio typica"
Bewerkt: 14 november 2018

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
Trefwoordenlijst voor dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2018, Stg. InterKerk, Schiedam