• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
De gelaatstrekken van de verwachte Messias beginnen zich af te tekenen in het Immanuël-boek Vgl. Jes. 6-12 ("Toen Jesaja de glorie van Christus zag": (Joh. 12, 41)), in het bijzonder in Jes. 11,1-2:
Een twijg ontspruit aan de stronk van Isaï,
een telg ontbloeit aan zijn wortel.
De geest van Jahwe rust op hem,
een geest van wijsheid en inzicht,
een geest van beleid en sterkte,
een geest van kennis en ontzag voor Jahwe. (Jes. 11, 1-2)
De trekken van de Messias worden vooral in de gezangen over de Dienaar b:Jes. 42, 1-9; Mt. 12, 18-21; Joh. 1, 32-34; vervolgens Jes. 49,1-6; vgl. Mt. 3, 17; Lc. 2, 32, tenslotte Jes. 50,4-10 en Jes. 52,13-53 geopenbaard. Deze liederen kondigen de betekenis van het lijden van Jezus aan en geven zo aan hoe Hij zijn heilige Geest zal uitstorten om de menigte te bezielen: niet van buiten af, maar door ons "bestaan van een slaaf" (Fil. 2, 7) aan te nemen. Door onze dood op zich te nemen kan Hij ons laten delen in zijn eigen Geest van leven.
Daarom luidt Christus de verkondiging van de Blijde Boodschap in door de volgende passage uit Jesaja tot de zijne te maken (Lc. 4, 18-19): Vgl. Jes. 61, 1-2
De Geest des Heren is over mij gekomen,
omdat Hij mij gezalfd heeft.
Hij heeft mij gezonden om aan armen de Blijde Boodschap te brengen,
aan gevangenen hun vrijlating bekend te maken
en aan blinden dat zij zullen zien;
om verdrukten te laten gaan in vrijheid,
om een genadejaar af te kondigen van de Heer.
De profetische teksten die direct verwijzen naar het zenden van de heilige Geest, zijn woorden waarmee God zich tot het hart van zijn volk richt in de taal van de belofte, met de nadruk op "de liefde en de trouw", Vgl. Ez. 11, 19 Vgl. Ez. 36, 25-28 Vgl. Ez. 37, 1-14 Vgl. Jer. 31, 31-34 waarvan de heilige Petrus de vervulling zal verkondigen op Pinkstermorgen. Vgl. Hand. 2, 17.21 Overeenkomstig deze beloften zal de Geest van de Heer in de "eindtijd" het hart van de mensen vernieuwen door er een nieuwe wet in te griffen; Hij zal de verstrooide en verdeelde volken weer verzamelen en met elkaar verzoenen; Hij zal de eerste schepping veranderen en God zal er met de mensen in vrede wonen.
Om de komst van Christus voor te bereiden gedurende de tijd van de beloften is het volk van de "armen", Vgl. Sef. 2, 3. enz. Vgl. Ps. 22, 27. enz. Vgl. Ps. 34, 3. enz. Vgl. Jes. 49, 13. enz. Vgl. Jes. 61, 1. enz. de nederigen en de zachtmoedigen, die zich geheel en al overgeven aan de mysterievolle heilsbeschikkingen van hun God, zij die op de gerechtigheid wachten en niet op die van de mensen, dit volk is uiteindelijk het grote werk van de verborgen zending van de heilige Geest. Het is de gesteldheid van hun hart, gezuiverd en verlicht door de Geest, die in de psalmen tot uitdrukking komt. Uit deze armen vormt de Geest voor de Heer "een welbereid volk". Vgl. Lc. 1, 17

Document

Naam: CATECHISMUS VAN DE KATHOLIEKE KERK
Soort: Catechismus-Compendium
Datum: 15 augustus 1997
Copyrights: © 1997, Libreria Editrice Vaticana
waarin verwerkt niet officiële aanpassing aan de "editio typica"
Bewerkt: 5 januari 2020

Referenties naar dit document

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
Trefwoordenlijst voor dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2020, Stg. InterKerk, Schiedam